Niet iedere paardeneigenaar weet dat zijn of haar paard gechipt moet zijn om op pad te mogen. In Nederland is het verplicht om paarden te chippen, zodat ze snel en gemakkelijk geïdentificeerd kunnen worden, bij zowel aan- en verkoop als tijdens het houden en vervoeren. Alle paardachtigen (paard, pony, ezel, zebra, etc.) in Nederland moeten zonder al te veel moeite geïdentificeerd kunnen worden bij een controle tijdens het vervoeren, op keuringen, wedstrijden en bij aan- of verkoop.

De identificatie en registratie (I&R) van paardachtigen is een Europese verplichting die geldt voor paarden die zowel hobbymatig als professioneel worden gehouden. Per 21 april 2021 is er een aanscherping van het I&R beleid.

Waarom een Chip?

De chip zorgt voor een effectieve controle, welke als het goed is éénmalig geplaatst wordt en dan levenslang actief is. De chip, die als het goed is maar éénmalig geplaatst hoeft te worden, zorgt voor een effectieve controle.

Regels omtrent Chippen en Registreren

Maar welke andere regels zijn er nog meer met betrekking tot het chippen en registreren van onze geliefde viervoeter? En hoe zit het bijvoorbeeld met het chippen van veulens?

Paard zonder Chip?

Stel je hebt een nieuw paard op het oog, maar deze blijkt bij controle door de dierenarts nog niet gechipt. Doordat het paard niet gechipt is, mag het officieel niet vervoerd worden. Er zal bij een paspoortuitgevende instantie (stamboek of KNHS) een aanvraag gedaan moeten worden voor een paspoort of voor de registratie van een chip in een bestaand paspoort. Deze dierenarts controleert in eerste instantie of het paard al een chip in de hals heeft zitten.Bij het ontbreken van een chip zal er eerst gezocht worden naar klinische tekenen van een verwijdering van een chip uit de hals van het paard. Zijn er geen tekenen van verwijdering of van eerdere plaatsing van een transponder, dan zal de dierenarts het paard onderzoeken op andere identificatie-indicatoren zoals een brandmerk.

Bij zowel een verwijdering van de transponder als bij het hebben van een brandmerk, wordt op het I&R formulier aangegeven dat er een vervangend paardenpaspoort uitgegeven moet worden.

Wel een Paspoort maar geen Chip

Blijkt het paard bij aankoop wél een paspoort te hebben maar geen chip, dan moet alsnog een chip worden geplaatst en zal het paspoort naar de bijbehorende instantie opgestuurd moeten worden, in combinatie met het juist ingevulde I&R aanvraagformulier. De instantie zal dan bekijken of het paard reeds bij hen ingeschreven staat en het paspoort aanpassen of, indien nodig, vervangen.

Dat wil zeggen, alle paarden moeten in combinatie met het bijbehorende paspoort worden gehouden of vervoerd. Staat het paard nu thuis, op een pensionstal of op een manege; het paspoort moet te allen tijde bij het paard aanwezig zijn. De eigendomspapieren mogen thuis bewaard worden.

Hoe gaat het chippen van paarden in zijn werk?

Voor het plaatsen van de transponder zal de dierenarts controleren of de gegevens van de microchip gelijk zijn aan de gegevens op de stickers die bij de transponder geleverd zijn. Kloppen deze gegevens, dan zal de dierenarts de plaats voor het implanteren bepalen. Wanneer de plaats voor de chip is bepaald, wordt de vacht op de gekozen plaats weggeschoren. Voordat de transponder in de spier wordt geïmplanteerd wordt de huid op deze plek gereinigd en gedesinfecteerd.

Het kan zijn dat implantatie op de gekozen plek niet mogelijk is door bijvoorbeeld een wond of vetbult. De dierenarts zal in dat geval licht afwijken van die gewenste plaats. Wanneer een paard in Nederland is geboren en wél een paspoort heeft maar géén chip, is het verboden om dit dier voor de slacht aan te bieden. Doorgaans vergelijkt men het chipnummer met het nummer in het paardenpaspoort, waardoor men zich ervan kan verzekeren dat het paspoort bij het betreffende paard hoort.

Zwevende Chip

Er zijn gevallen gemeld waarbij de transponder op een andere plaats in de hals werd waargenomen dan in eerste instantie gebruikelijk is voor implantatie. Dit wordt ook wel een ‘zwevende chip’ genoemd. Dit zweven in de hals van het paard is tegenwoordig in feite uitgesloten. Het kunststof omhulsel dat in het spierweefsel wordt gezet, wordt net zo gehecht in het spierweefsel als het spierweefsel aan het skelet. Het wondje, veroorzaakt door plaatsing, sluit zich binnen 24 uur. Het weefsel hecht zich aan de transponder welke daarna geheel vast zit.

Veulens en Chippen

Bij veulens gelden iets andere regels. Voor veulens moet de eigenaar tussen 6 weken en 6 maanden na de geboorte een paspoort aanvragen. Binnen deze 6 maanden mag het veulen ongechipt met zijn of haar moeder meereizen naar bijvoorbeeld keuringen of nieuwe huisvestingen binnen de grenzen van Nederland. Ook bij veulens geldt dat na het plaatsen van de transponder het aanvraagformulier binnen 7 dagen opgestuurd moet worden naar de paspoortuitgevende instantie.

Alternatieven voor het Chippen

Voor 1 juli 2009 werd er door het Productschap Vee, Vlees en Eieren een alternatief voor het chippen aangeboden. Eigenaren konden een ontheffing aanvragen waarmee het paard ongechipt door Nederland kon reizen. De enige manier om in dat geval de identiteit van het paard te koppelen aan het paspoort was door middel van een DNA-test, wat bij elke controle veel tijd en geld kostte. Vanaf juli 2009 worden deze ontheffingen niet meer uitgegeven en zijn alle paarden verplicht om gechipt te worden.

Paardenpaspoort

In Nederland is het verplicht om paarden te chippen, zodat ze snel en gemakkelijk geïdentificeerd kunnen worden, bij zowel aan- en verkoop als tijdens het houden en vervoeren.

Paardenpaspoort kwijt, wat nu?

Bij verlies van een paspoort kan een duplicaat opgevraagd worden bij de paspoortuitgevende instantie. Hiervoor moet het aanvraagformulier en een vragenlijst ingevuld en opgestuurd worden. Ongeveer 8 weken na het aanvragen van een duplicaatpaspoort wordt door de instantie besloten of het duplicaat daadwerkelijk wordt afgegeven.

De paspoortuitgevende instantie zal voor de periode zonder paspoort een vervangende bijlage uitgeven, zoals beschreven in bijlage II van het Besluit voorschriften aanvraag tot uitgifte van duplicaatpaspoorten en vervangende paspoorten en afgifte van tijdelijke documenten voor paardachtigen (PVE, 2009). In het nieuwe (duplicaat)paspoort staat duidelijk vermeld dat het gaat om een duplicaatpaspoort.

Geldigheid van het paardenpaspoort

Het paspoort, dat je van de paspoort uitgevende instelling ontvangt, is alleen geldig als deze overeenkomt met het paard. Dit houdt in dat het chipnummer overeenkomt met het paspoort, evenals het levensnummer en alle overige gegevens van het paard. Ten tweede is het paspoort alleen geldig als het voorzien is van het hoofdstuk ‘Medische behandelingen’, waarin vermeld staat of het paard bestemd is voor menselijke consumptie of niet. Wanneer bij de medische behandeling niets is ingevuld, is het paard automatisch bestemd voor de slacht.

Dit besluit zorgt ervoor dat de dierenarts bij het toedienen van diergeneesmiddelen rekening houdt met de middelen die een paard niet in het lichaam mag hebben in geval het bestemd is voor de slacht voor menselijke consumptie.

Het paardenpaspoort is een identiteitsbewijs voor paarden en geen eigendomsbewijs. Een paspoort is alleen geldig als het is uitgegeven door een erkende paspoort uitgevende instantie. De meeste stamboeken en de KNHS zijn erkende instanties.

Paspoort van overleden paard

Mocht een paard komen te overlijden, dan wordt de eigenaar geacht het paspoort binnen 30 dagen terug te sturen naar de paspoort uitgevende instantie.

Identificatie en Registratie (I&R) Beleid

Per 21 april 2021 is er een aanscherping van het I&R beleid. Je vindt hier de informatie over hoe paarden en locaties waar paarden gehouden worden, geregistreerd moeten zijn:

Registreren van het paard

Het registreren van paarden gebeurt via het chippen in combinatie met het aanvragen van een paspoort bij een paard. Dat verloopt via paspoort uitgevende instanties (ppi). Zij mogen dit namens RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) uitgeven en registreren de gegevens van het paard in hun database. Ook zorgen zij dat de gegevens in de Nederlandse centrale database komen.

Wil je nagaan of jouw paard in de Nederlandse database geregistreerd staat? In deze zoekfunctie op mijn.rvo.nl kun je het chipnummer of levensnummer van een paard intypen om te zien welke gegevens bekend zijn. Staat uw paard niet geregistreerd? Neem dan contact op met een van de instanties die RVO heeft aangewezen om paspoorten te mogen uitgeven. Deze zijn hier te vinden.

Let op! Het levensnummer wil nog wel eens afwijken in het systeem door punten of streepjes. RVO is inmiddels bezig om daar een oplossing voor te bedenken. Registreer daarom uw paard zoveel mogelijk op het chipnummer. De gegevens kunnen dan soms afwijken van wat in het paspoort staat. RVO zal daar met de paspoortuitgevende instanties een oplossing voor zoeken. U mag uw paard als correct geregistreerd beschouwen.

Registreren paarden met buitenlands paspoort

Paarden met een buitenlands paspoort moeten binnen 30 dagen na uitgifte of binnen 30 dagen nadat het paard in Nederland is gekomen, geregistreerd worden in de Nederlandse database. Dat kan geregeld worden via één van de 34 Nederlandse paspoortuitgevende instanties (PPI).

  1. Registreren via paardenpaspoort uitgevende instantie
    Het registreren van een buitenlands paard in Nederland kan plaatsvinden via een Nederlandse paardenpaspoort uitgevende instantie (ppi). Het voordeel van het registreren via een ppi is dat het paspoort gecontroleerd wordt. Daarmee weet je of het paspoort voldoet aan de eisen. Daarnaast kan een ppi alle gegevens over het paard melden, onder andere of het dier geschikt of ongeschikt is voor slacht. De ppi geeft na controle de identificatiegegevens door aan de Nederlandse database. Kosten voor het registreren via een ppi variëren tussen de €35,- en €60,-.
  2. Registreren via houder van de locatie
    Een tweede manier waarop je een paard met een buitenlands paspoort in Nederland kunt registreren, is via de houder van de locatie waar het paard gehouden wordt. De houder van de locatie heeft daarvoor nodig:
    • De gegevens van zijn locatie (UBN)
    • De ID-code (UELN-levensnummer of chipnummer) van het dier
    • De importdatum (dit is 1-1-2021 indien datum onbekend is)
    De houder van de locatie waar het paard gehouden wordt, kan vervolgens een melding op 2 manieren doorgeven:
    • Via een importmelding op Paarden melden op mijn.rvo.nl.
    • Via een Bedrijfsmanagementsysteem (BMS) die gegevens direct doorgeeft aan de Nederlandse database. (Met een BMS worden softwarebedrijven bedrijf bedoeld die gekoppeld zijn aan de Nederlandse database)
    Een houder van een locatie kan kosten in rekening brengen om de registratie van een paard met een buitenlands paspoort in orde te maken.

NB: Voor paarden die tijdelijk in Nederland zijn in het kader van import en export gelden aparte regels. U vraagt een UBN aan op mijn.rvo.nl. Heeft u al een UBN? En wilt u de diersoort paardachtigen toevoegen? Dat doet u ook op mijn.rvo.nl. U vindt daar een handleiding waarin we uitleggen hoe u dit makkelijk doet.

Wie is verantwoordelijk voor de registratie?

De verantwoordelijkheid voor de registratie is verdeeld:

  • De houder van het paard: Verantwoordelijk voor de registratie van het paard. De houder van het paard is degene die de dagelijkse besluitvorming heeft over het paard. In de meeste gevallen is dat de eigenaar van het paard.
  • De houder van de locatie: Verantwoordelijk voor de registratie van de locatie waar paarden gehouden worden. De houder van een locatie is de eigenaar, de huurder of de bruiklener van een locatie.

Verhuur je een locatie of geef je een locatie in bruikleen dan draag je daarmee de feitelijke macht over aan een ander. Gebruikt de huurder of bruiklener vervolgens de locatie om paarden te houden (van hemzelf of een ander) dan is hij de daarmee de houder van de locatie.

Verhuurt een verhuurder zijn locatie aan meerdere huurders, of geeft men zijn locatie aan meerdere gebruikers in bruikleen, dan gaat voorgaande niet op. Een locatie heeft één houder waardoor bij meerdere huurders of gebruikers de houder degene wordt die locatie verhuurd of in bruikleen geeft.

Nieuwe Registratieplicht vanaf 21 April 2021

Vanaf 21 april 2021 moeten alle paarden in Nederland gehouden verplicht geregistreerd worden op de locatie waar zij gehouden worden. De nieuwe registratieplicht staat in de Europese Diergezondheidsverordening. Voor geiten, schapen en varkens geldt dit al langer. De registratie van paarden is belangrijk om snel te kunnen handelen bij een dierziekte, of bij problemen voor de volksgezondheid.

De nieuwe registratieplicht staat in de Europese Diergezondheidsverordening. Deze verordening gaat voor alle 27 lidstaten van de Europese Unie gelden. Dit betekent dat in al deze landen precies dezelfde regels gelden rondom de I&R van dieren. Paarden moeten geregistreerd worden zodat inzichtelijk is waar paarden staan of waar ze gestaan hebben. Dat is belangrijk om snel te kunnen handelen bij een uitbraak van een dierziekte.

De houder van de locatie is verantwoordelijk voor het registreren van de paarden op zijn/haar locatie in een centrale, door RVO beheerde, database. In veel gevallen is dit de eigenaar of bedrijfsleider van de locatie, maar dit kan ook een pachter of huurder van een locatie zijn.

De locatiehouder zorgt voor registratie bij RVO van zijn/haar locatie waar paarden worden gehouden door het aanvragen van een Uniek Bedrijfsnummer (UBN) of het uitbreiden van een al bestaand UBN nummer met paardachtigen. Dit geldt voor alle locaties waar paarden langer dan 30 dagen worden gehouden. Dit geldt dus niet alleen voor bedrijven, maar ook voor particuliere locaties en weilanden, ongeacht de eigendomsvorm.

Een locatie heeft een eigen adres en toegangsweg of is een stuk grond waarop een paard kan lopen. Een locatie heeft maar één UBN-nummer. Wanneer er dus een deel van een locatie verhuurd wordt, moeten er goede afspraken gemaakt worden wie het UBN-nummer aanvraagt. Er kunnen wel meerdere locaties op een UBN-nummer geregistreerd worden. Dit kan bijvoorbeeld wanneer er op meerdere percelen paarden worden gehouden. Het is echter raadzaam voor bedrijven met meerdere vestigingen om voor elke locatie een eigen UBN-nummer aan te vragen.

De houder van de locatie zorgt er vervolgens voor dat de paarden op zijn locatie op zijn UBN-nummer geregistreerd worden. De locatiehouder mag dit uitbesteden aan bijvoorbeeld een medewerker, maar de locatiehouder blijft wel verantwoordelijk voor de juiste registratie.

Voor de registratie heeft de locatiehouder de unieke codes (chipnummers) van alle paarden nodig die langer dan 30 dagen op de locatie verblijven. Paarden die langer dan 30 dagen de locatie verlaten moeten via RVO afgemeld worden op het UBN-nummer van de vertrekkende locatie en aangemeld worden op de nieuwe locatie. De locatiehouders van beide locaties zijn hier zelf verantwoordelijk voor. Een paard wordt niet automatisch afgemeld zodra deze op een andere locatie wordt aangemeld. Een paard dat overlijdt moet ook op de betreffende locatie worden afgemeld.

Weet een locatiehouder door bijvoorbeeld een conflict niet waar het paard heengaat? Er geldt een uitzondering voor paarden die voor fokkerijdoeleinden verplaatst worden.

Locaties waar paarden bijeengebracht, zoals een evenemententerrein voor een wedstrijd of keuring hebben ook een UBN-nummer nodig.

Lokale Administratie

De houder van een locatie moet naast de registratie bij RVO ook een lokale administratie bijhouden van paarden die tijdelijk aan- of afwezig zijn. Dit kan middels een eigen gekozen softwareprogramma of in een map of schrift op de locatie zelf. In deze lokale administratie moeten verplaatsingen geregistreerd worden van paarden die langer dan 24 uur de locatie verlaten. Hiervoor moet het chipnummer, locatie van herkomst of bestemming (UBN) en datum van verplaatsing vermeld worden. Het UBN-nummer van een andere locatie is via RVO te vinden indien u de adresgegevens (postcode, huisnummer) invult. Een buitenrit of eendaags concours hoeven dus niet vermeld te worden in de lokale administratie. Een UBN-nummer kan nu al aangevraagd worden.

Maak als locatiehouder inzichtelijk welke extra locaties of percelen je gebruikt om paarden te houden. Overleg met (ver)huurders of er al een UBN-nummer beschikbaar is en wie er anders verantwoordelijk is voor het aanvragen van het UBN-nummer op de locatie(s). Indien je al schapen of geiten houdt, heb je al een UBN-nummer. Het is belangrijk te benadrukken dat de locatiehouder uiteindelijk verantwoordelijk is voor de juiste registratie van de paarden op zijn/haar locatie.

Heb je bijvoorbeeld een pension-, trainings- of opfokstal en veel paarden van andere mensen op jouw locatie? Zorg er dan voor dat je jouw klanten tijdig informeert over deze regelgeving.

Samenvatting Verantwoordelijkheden

Bent je houder van een locatie, bijvoorbeeld als eigenaar of bedrijfsleider van een pension-, trainings- of opfokstal? Dan heb je hoogstwaarschijnlijk paarden van anderen op jouw bedrijf gestald staan. Het is dan belangrijk dat jouw klanten goed geïnformeerd zijn over de juiste registratie van hun paard. Welke verantwoordelijkheden brengt dit voor de houder van het paard, maar ook de houder van de locatie met zich mee?

Belangrijke Punten om te Onthouden

  • Alle paarden, pony’s, ezels en zebra’s (paardachtigen) moeten een paspoort en een chip hebben en geregistreerd zijn.
  • Ook moeten de verblijfplaats en de meldingen worden bijgehouden in het systeem voor identificatie en registratie (I&R).
  • Sinds 1 maart rekenen wij ook voor de diersoort paardachtigen een bedrag per UBN per jaar.

Het paardenpaspoort moet altijd bij het paard zijn. Ook als het paard niet bij de eigenaar zelf gestald is. Een kopie van het paspoort wordt niet gezien als een geldig identiteitsbewijs. Een houder van een paard is zelf verantwoordelijk voor het aanvragen van het paspoort en dat dit goed geregeld is.

Heb je het paspoort eenmaal ontvangen? Zorg dan dat het up to date blijft. De houder van het paard is verantwoordelijk voor de identificatie van het paard. Dit is een persoon die verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken rondom het paard. Dit kan de eigenaar zijn, maar ook, indien zo afgesproken, een huurder, ruiter of andere verantwoordelijke.

De paspoortuitgevende instantie moet binnen een vastgestelde termijn van drie maanden het identificatiedocument uitgeven.

Handige Links

Telefoonnummer RVO (werkdagen 08:30 tot 17:00 uur)

  • 088- 042 42 42 (bedrijf, instelling of overheid)
  • 088- 042 47 47 (particulier)

Veelgestelde Vragen

Bij de partijen uit de Sectorraad Paarden zijn veel (praktijk)vragen binnengekomen over de identificatie en registratie van paarden. Via onderstaande link vindt u een lijst met veel gestelde vragen, opgedeeld in meerdere categorieën. Deze lijst met vragen en antwoorden wordt regelmatig aangevuld of gewijzigd.

Ga naar: vraag en antwoord I&R

Staat uw vraag hier niet tussen? Laat uw paard chippen en vraag een paardenpaspoort aan. Bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) moet gemeld worden waar uw paard verblijft. Dit is verplicht.

labels:

Zie ook: