Deze tekst behandelt diverse onderwerpen, van chocoladewinkels tot de fokkerij van paarden. Hieronder volgt een overzicht van de verschillende thema's.
De Zoete Wereld van Jamin
Jamin is een bekende naam in de wereld van zoetwaren. In 1918 telde het bedrijf al 100 winkels, en dit aantal is meer dan verdubbeld tot ongeveer 300. Op een gegeven moment waren er zelfs meer dan 600 Jamin-winkels.
Het bedrijf raakte later echter in de problemen. Om een faillissement te voorkomen, werden de winkels en fabrieken gesplitst en afzonderlijk voortgezet in 1985. Een voorbeeld van een latere ontwikkeling is de Verwenwinkel (1988).
Door de jaren heen zijn veel Jamin-filialen gemoderniseerd, waardoor er maar weinig winkels zijn die nog origineel zijn. Veel van de oorspronkelijke panden zijn gesloopt en vervangen door nieuwbouw.
Hieronder een impressie van locaties waar Jamin filialen gevestigd waren:
- Almelo - Grotestraat 10 en Ootmarsumsestraat
- Amsterdam - Burgemeester
- Nunspeet - Dorpsstraat
- Schiedam - Mgr.
- Vlaardingen - v. Voorstraat west nz-86
De Opkomst van het Belgisch Warmbloedpaard (BWP)
De evolutie van het kweken, houden en gebruiken van paarden in België leidde tot de oprichting van BWP (Belgisch Warmbloedpaard), dat staat voor het fokken en veredelen van paarden. Vroeger waren vooral trek- en strijdpaarden populair, ook in de streek Moerbeke.
In België was de paardenfokkerij en handel in paarden een belangrijke bron van inkomsten, waarbij het Belgisch trekpaard een prominente rol speelde. Veel paarden werden ingezet voor werk op het platteland, in steden, havens en mijnen.
Kanunnik De Mey nam in 1937 het initiatief om de Landelijke Ruiterij Vereniging (LRV) in Boezinge op te starten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden veel paarden opgeëist door de Duitsers.
Vanaf 1946 werden cursussen in rij- en paardenkunde gegeven, eerst in Kortrijk en later in de ruiterschool van Oud-Heverlee. De LRV begon de vele lokale fokkerij-initiatieven te centraliseren, omdat de steeds beter geoefende ruiters (+/- 2000 LRV ruiters) vragende partij waren voor een lichter paard.
Hoewel deelname in het begin belangrijker was dan winnen, veranderde dit rond 1950 en werd alles competitiever. Het verbod op competities werd in 1954 opgeheven, en op 28 maart 1955 werd de Nationale Fokvereniging van het Landbouwrijpaard opgericht, opnieuw op initiatief van kanunnik De Mey.
In de beginjaren voldeden de zware boerenpaarden nog voor de ruiterij, maar geleidelijk werden deze op het bedrijf vervangen door tractoren. Lichtere paarden boden nog wel een meerwaarde voor minder zwaar werk en de landelijke ruiterij.
Er werden steeds meer keuringen en prijskampen georganiseerd. De ruiterschool in Oud-Heverlee dateert van 1959 en was voor veel LRV ruiters, ook uit het Gewest Moerbeke, de plaats om opgeleid te worden en het brevet van instructeur te behalen.
In 1960 werd begonnen met de bedrijfsproeven voor hengsten. De paarden werden gekeurd op exterieur, maar moesten ook een trekproef, dressuurproef en springproef afleggen. Initieel moest men buiten onze grenzen op zoek naar het beste genetisch materiaal om te komen tot een beter sportpaard. Eerst werden er ter veredeling vooral veel hengsten en fokmerries uit Gelderland geïmporteerd.
Maar al gauw richtten de fokkers hun blik op Normandië en het Selle Français paard. Ook hengsten uit Hannover en later Holstein kwamen de Belgische fokkerij verrijken. Uit Frankrijk kwamen er initieel vooral zonen van Ibrahim, uit Hannover eerst Flügel en later Lugano.
Midden jaren '70 stond het Belgisch warmbloedpaard op de wereldkaart. De eerste veiling van warmbloedpaarden te Mechelen dateert al van 1986. Veel beloftevolle Belgische sportpaarden worden eerst in LRV gereden om ervaring op te doen en hun kwaliteiten te illustreren.
In 1997 werd een nieuw model van paspoort bij registratie van veulen of paard ingevoerd, gekoppeld aan een exterieurkeuring. Eveneens in 1997 werd vermeld dat men gezonde prestatiepaarden wilde fokken met een correct en functioneel exterieur. Via provinciale wedstrijden kon men aan de nationale keuring deelnemen.
Waar vroeger de hengstenboer met zijn hengsten rondtrok, gebruikt men nu kunstmatige inseminatie en embryotransplantatie. België staat dus niet alleen bekend om zijn chocolade, bier, diamant en duiven, maar ook om zijn springpaarden.
De drie stamvaders, Flügel, Lugano en Codex, boekten al successen tijdens de Olympische Spelen van Montreal in 1976. Een van hun nakomelingen is de legendarische Darco (1980-2006). Dit paard werd na zijn rijke sportieve carrière fulltime dekhengst en zorgde voor duizenden nazaten.
In 2014 telde het BWP Gewest Moerbeke 245 leden, waarvan 227 als bezitter van paarden. Het Gewest besteedt veel aandacht aan de fokkers en organiseert jaarlijks een evenement vrij springen. Er wonen in het Gewest opvallend veel fokkers van kwaliteitsvolle paarden, zoals Mumbai VD Moerhoeve, Gazelle Ter Elzen en Killer Queen VDM.
Vanaf 2017 begon het aantal prijskampen in Vlaanderen af te nemen en werden de provinciale keuringen afgeschaft. De daaropvolgende eerste BWP-Elite Foal Auction was een voltreffer.
BWP Gewest Moerbeke: Kerncijfers en Evenementen
Hieronder een overzicht van enkele belangrijke momenten en cijfers in de geschiedenis van het BWP Gewest Moerbeke:
| Jaar | Gebeurtenis/Cijfer |
|---|---|
| 1975 | August Plasschaert gehuldigd, Herman Tollenaere neemt voorzitterschap over |
| 2005 | Willy Cortvriendt wordt voorzitter |
| 2014 | 245 leden, waarvan 227 paardenbezitters |
| Jaarlijks | Organisatie van evenement vrij springen |
labels:




