De zoute zee speelt al eeuwenlang een cruciale rol in ons leven. Vroeger werd het zout vooral uit de zee gewonnen, hoewel het tegenwoordig ook uit de grond wordt gehaald. Zout wordt al sinds de oudheid gebruikt, vooral voor het conserveren van vlees en vis, waardoor die zonder koeling langer houdbaar bleven. Zout was een schaars en daardoor kostbaar product.

Zeezout: Een Geschenk van de Natuur

Zeezout is zout dat ontstaat door verdamping van zeewater. Het wordt gebruikt als smaakmaker in voedsel, koken, cosmetica en voor het conserveren van voedsel. Het wordt ook laurierzout, zonnezout of gewoon zout genoemd. Het natuurlijke zout Nin, uit de regio Dalmatië in Kroatië, is een geschenk van de Adriatische Zee, de zon en de wind van de hellingen van de berg Velebit. Zout wordt al 1500 jaar met liefde geproduceerd, op traditionele wijze en in harmonie met de natuur. Het zout wordt geproduceerd door zon, zee en wind. Bio Zeezout Nin is ecologisch, door mensenhanden geoogst, volledig natuurlijk en biodynamisch.

Verzilting: Een Toenemend Probleem

Als zeewater via het oppervlaktewater het watersysteem binnendringt noemen we dat externe verzilting. Het zeewater kan binnendringen via open riviermondingen en estuaria, maar ook via schut- en spuisluizen of vispassages op ‘gesloten’ zoet-zoutovergangen. Zout water is zwaarder dan zoet water doordat zout water een hogere dichtheid heeft dan zoetwater. Van nature wil het zoute water hierdoor een waterlaag (zouttong) vormen onder de zoete waterlaag. In sommige watersystemen zie je dit ook gebeuren. Dit noemen we gestratificeerde (gelaagde) systemen.

In andere watersystemen is er veel menging (bijv. door getij, wind of scheepvaart) waardoor de chloride concentratie vrij constant blijft over de diepte. In estuaria, ofwel bij open verbindingen tussen rivier en zee is de mate van zoutindringing onder andere afhankelijk van de waterstanden (combinatie van getij en windopzet) en de rivierafvoer. Als het zoetwatersysteem niet in directe verbinding staat met de zee is er sprake van een gesloten systemen. Er is bij deze systemen over het algemeen sprake van een sterke zoet-zout scheiding. Denk bijvoorbeeld aan de Afsluitdijk. Deze vormt een scheiding tussen de Waddenzee en het zoete IJsselmeer. In gesloten systemen is er vaak sprake van zoutindringing bij de schut- en spuisluizen.

De mate van zoutindringing bij schutsluizen is o.a. afhankelijk van het aantal schuttingen en de hoeveelheid zout die binnenkomt per schutting. Externe verzilting neemt toe door klimaatverandering. Droge zomers met lage rivierafvoeren zullen steeds vaker voorkomen. Ook de zeespiegel stijgt.

Interne verzilting ontstaat wanneer zout of brak grondwater als kwelwater omhoog komt. Het komt daardoor terecht in de bodem, in het grondwater en in het oppervlaktewater. In de kustgebieden kan de interne verzilting toenemen bij stijging van de zeespiegel en toenemende onttrekkingen, bijvoorbeeld in droge zomers. Ook verder landinwaarts komt interne verzilting voor. Dit gebeurt vooral in de laaggelegen delen van Nederland, zoals diepe poldergebieden en droogmakerijen. Dit is een gevolg van ontwatering en bodemdaling.

Naast geleidelijke verzilting van het grondwater, kunnen daarbij ook wellen ontstaan, verbindingen tussen het diepe zoute grondwater en het oppervlaktewater. Verdergaande bodemdaling en toenemende onttrekkingen zorgen voor meer verzilting. Ook zoet water in rivieren en meren bevat opgeloste zouten van natuurlijke oorsprong en als gevolg van lozingen door bijvoorbeeld industrie en rioolwaterzuiveringen. De concentraties van deze zouten zijn lager dan die van zeewater. Wanneer verdamping van open water toeneemt of rivierafvoeren afnemen, nemen de zoutconcentraties toe. Tijdens perioden van droogte kunnen de concentraties van chloride de richtwaarden voor gebruik van oppervlaktewater als drinkwaterbron hierdoor overschrijden.

In sommige situaties wordt verzilting bewust geaccepteerd voor andere functies zoals scheepvaart en natuur. In deze situaties is er sprake van actieve verzilting. Dit gebeurt bijvoorbeeld door visvriendelijk spui- of sluisbeheer op een zoet-zoutovergang en het aanleggen van brakke zones. Dit is positief voor ecologie, maar kan wel voor meer verzilting zorgen. Een ander voorbeeld is het verdiepen van een watergang.

De Gevolgen van Verzilting

Verzilt water is niet of minder goed bruikbaar voor drinkwaterbereiding, land- en tuinbouw en industrieën. Daarnaast kan verzilting de natuur beschadigen. Toch hoeft verzilting niet altijd negatieve gevolgen te hebben. De meeste land- en tuinbouwgewassen hebben zoet water nodig om goed te groeien. Schade kan ontstaan wanneer het zoutgehalte van het beregeningswater of in het grondwater in de wortelzone te hoog is voor het specifieke gewas. Vooral teelten als bloembollen, fruit en bomen zijn erg gevoelig voor te veel zout.

Soms kan verzilting ook kansen bieden voor de landbouwsector. Denk bijvoorbeeld aan zilte proefbedrijven. In de natuur is verzilting vooral een probleem voor gebieden die afhankelijk zijn van zoetwater. Veel planten en dieren kunnen een bepaalde variatie in zoutgehalte aan, maar sommige soorten zijn gevoeliger dan andere. Als de chloride concentraties te hoog oplopen kunnen verschillende dier- en plantensoorten verdwijnen. In gebieden die ooit zijn afgesloten van zout water kunnen door verzilting juist ook kansen ontstaan voor het terugkeren van verdwenen habitats en soorten. Water en natuurbeheerders treffen in verschillende gebieden maatregelen om zoet-zoutovergangen (gedeeltelijk) te herstellen.

Verzilting vormt een probleem als het water wordt gebruikt voor de drinkwaterproductie. Verhoogde chlorideconcentraties in het drinkwater zijn nadelig voor de smaak. Bovendien is chloride een indicator voor andere zouten in het drinkwater die de kwaliteit nadelig kunnen beïnvloeden. De industrie en de energiesector maken veel gebruik van water in hun processen en als koelwater. Net als bij leidingwater geldt voor proces- en koelwater dat een verhoogd zoutgehalte zorgt voor sterkere corrosie en slijtage van technische installaties.

De waterbeheerder moet er naar beste vermogen voor zorgen dat de chloride-concentratie op diverse locaties (waaronder drinkwaterwinlocaties) niet boven de wettelijke norm uitkomt. De normen voor drinkwater staan in bijlage V bij het Besluit kwaliteit leefomgeving. Het drinkwaterbedrijf moet drinkwater leveren volgens de kwaliteitseisen van het Drinkwaterbesluit. Vooral in droge periodes vereist dat van beide partijen extra inspanning. Omdat drinkwaternormen over jaargemiddelde waarden gaan, hebben drinkwaterbedrijven, waterbeheerders en inspectie een handleiding opgesteld.

De overheid heeft een uitgebreid monitoringsnetwerk waarbij verschillende parameters worden gemeten. Op basis van geleidbaarheid en temperatuurdata wordt op veel locaties chloride berekend. Hierdoor is er altijd een actueel beeld van de huidige verziltingssituatie en kunnen er maatregelen worden getroffen wanneer nodig. Maatregelen tegen verzilting kunnen preventief zijn, mitigerend (verzachtend) of compenserend.

Beleid en Maatregelen

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is het probleem van verzilting meerdere keren genoemd. Ook is een kaart opgenomen waarop verziltingsgevoelige gebieden staan. Daarnaast kunnen ook provincies en gemeenten in hun omgevingsvisie beleid opnemen om verzilting tegen te gaan. Het beleid dat in de omgevingsvisies staat, is de basis voor het nemen van verdere maatregelen en voor het vaststellen van bindende regelgeving.

Verzilting neemt toe door klimaatverandering en intensiever (grond)watergebruik. Een toekomstbestendige zoetwatervoorziening vereist daarom een klimaatbestendig land- en watergebruik. Voldoende zoetwater van goede kwaliteit is niet altijd en overal mogelijk voor alle gebruikers en sectoren. Uitgangspunt van het gezamenlijk beleid (Deltaprogramma Zoetwater) is om de vraag naar water af te stemmen op de beschikbaarheid van water. Dit kan door bij de toedeling van watervragende functies aan gebieden rekening te houden met de waterbeschikbaarheid in die gebieden. Daarbij is het belangrijk dat watervragende functies zuinig omgaan met water. De vervolgstap om een tekort aan water te voorkomen, is het slimmer verdelen van water over de watervragende functies in een gebied.

De Herkomst van de Naam Zoutelande

Diverse schrijvers hebben in verschillende boekjes een poging gedaan de herkomst van de naam Zoutelande te verklaren. Maar die verschillende schrijvers komen steeds met dezelfde verklaringen. Eén van de meest gebruikte stellingen is natuurlijk die van Zoute-landen. Ook wel: bezoute landen, door zout water bevloeide landen. De Latijnse benaming voor Zoutelande ‘Salsa Terra’ lijkt deze naamsverklaring nog te versterken. Echter op oude landkaarten komt men de naam Zoutelande niet tegen, daarop staat Soutelande dat men uitspreekt zoals de inwoners dit in het dialect nog steeds doen, Zoetelande.

De naam Salsa Terra kan ook makkelijk ontstaan zijn uit een foute interpretatie van de naam Soutelande. Men heeft dan de naam Soutelande foutief vertaald naar Salsa Terra en hieruit is de naam Zoutelande ontstaan. Als u deze tekst leest heeft u waarschijnlijk ook de neiging steeds Soutelande te lezen in plaats van Soetelande. Dan zijn er nog de minder gebruikelijke verklaringen van Zoo-te-lande, waarmee men bedoelde dat het dorp direct aan zee lag, of het zou de uitspraak van een drenkeling zijn geweest.

Erg serieus klinkt dit niet omdat Zoutelande vroeger verder van zee lag en ook de uitspraak in dialect hier niet in overeenstemming mee is. De uitspraak in het dialect als ‘Zoetelande’ gebruikt men wel in verklaring van de naam als zou het gaan om het land van Zoete. Hiervoor is geen bewijs gevonden dat een vrouw met de naam Zoete een belangrijke rol heeft gehad in de geschiedenis van Zoutelande. Veelvuldig worden deze naamsverklaringen van het ene naar het andere boekje overgeschreven, m.i.

In een VVV gidsje uit 1937 schrijft Abraham Jobse een stukje over de geschiedenis van Zoutelande. Op een plattegrond zien we dat ten noorden van Zoutelande de St. Janskerkse sprink loopt. Hier volgt een citaat uit het manuscript dat hij over de Soute-ee schrijft: "Wel bevond zich in deze gemeente een geul, doch een jongere en van zeer bescheiden afmetingen, waarvan de Soute-Ee of St. Janskerksche sprink het overblijfsel is."

De aanwezigheid van een watertje, de Soute Ee en de benaming Soute-lande komen wel heel dicht bij elkaar. Volgens mij is de uitspraak van een bepaalde naam ook veel ouder en minder aan verandering onderhevig dan de schrijfwijze. Je ziet dit ook bij de schrijfwijze van achternamen door de eeuwen heen, op het gehoor klinkt het allemaal hetzelfde maar het wordt telkens anders geschreven. De juiste benaming is volgens mij dan ook Sout-ee-Land(e) maar daarmee kan men nog twee kanten op.

Waarom de Zee Zout Is

Het is een vraag die veel mensen zichzelf wel eens hebben gesteld: waarom is het water in de zee eigenlijk zout? Het antwoord begint bij het land. Regenwater dat op het aardoppervlak valt, is licht zuur door koolstofdioxide uit de lucht. Wanneer dit regenwater over rotsen en bodems stroomt, neemt het kleine hoeveelheden mineralen en zouten op, voornamelijk natrium en chloride. Deze zouten komen via rivieren en beken uiteindelijk in de oceaan terecht.

Gemiddeld bevat zeewater ongeveer 3,5% zout. Dit betekent dat in 1 liter zeewater zo’n 35 gram zout zit. De exacte hoeveelheid kan verschillen per regio en diepte. De Dode Zee is bijvoorbeeld een extreem voorbeeld waar het zoutgehalte veel hoger is: rond de 30%, waardoor mensen er gemakkelijk op blijven drijven.

Een logische vervolgvraag is waarom regenwater, dat afkomstig is van verdampt zeewater, niet zout is. Het antwoord is eenvoudig: wanneer water verdampt, blijven de zouten achter. Alleen het pure water stijgt op in de vorm van damp en vormt vervolgens wolken. Tijdens het condenseren en neerdalen als regen blijft het water dus vrij van zout.

De Functies en Voordelen van Zout Water

Jazeker, zout water heeft meerdere functies en voordelen. Voor het mariene ecosysteem is het essentieel. Veel zeedieren zijn volledig aangepast aan het leven in zout water en kunnen zelfs niet overleven in zoet water. Daarnaast heeft zout water een conserverende werking en bevat het veel mineralen die belangrijk zijn voor het leven in zee.

Taalkundige Beschouwing van "Zee"

De naam "Zee" is een unieke en ongebruikelijke naam in het Nederlands, en het is waarschijnlijk dat het geen traditionele voornaam is met een diepgewortelde etymologie. Het woord "zee" zelf verwijst naar een groot, zout waterlichaam. Als voornaam zou het mogelijk kunnen worden gezien als een symbolische naam, verwijzend naar de uitgestrektheid, diepte en kracht van de zee. Het zou kunnen worden gebruikt als een moderne, creatieve naam, wellicht met een connectie naar de natuur of een bepaalde symbolische betekenis die de ouders eraan hechten.

Voorbeelden van het gebruik van de naam Zee in het dagelijks leven
Voorbeeld
Zee, vergeet alsjeblieft niet de boodschappen te halen voor het avondeten vanavond in Amsterdam, lieverd....
Zee en haar broer, Lucas, planden een verrassingsreis naar Parijs voor hun ouders' trouwdag....
Kijk, dat is kleine Zee, ze lacht altijd als je haar kietelt, wat een schatje....
Zee, wil je alsjeblieft je kamer opruimen voordat je met je vrienden naar het strand van Scheveningen gaat?...
Zee vertelde haar moeder over haar droom om ooit een boek te schrijven over de Waddeneilanden....

Oude Woorden voor de Zee

Overvloedig in zeemansspraak is onze taal. Veel uitdrukkingen die men daags en onbewust gebruikt stammen uit de beste tijd van zeilen en masten en golven. Hoe kan het dan dat onze taal maar anderhalf woord voor ‘zee’ kent? Er is zee en er is meer, welk zijn oude deelbetekenis ‘zee’ thans nagenoeg heeft verloren. Er is uiteraard nog oceaan, maar dat is, hoe mooi een woord het ook mag zijn, niet eigen.

Maar vele eeuwen geleden was de taal minder arm. In het Oudnederlands bestond niet alleen sēo (dat is zee), niet alleen meri (dat is meer), maar ook haf. Als we ter vergelijking nog twee zeer nauw aan het Oudnederlands verwante talen beschouwen, het Oudsaksisch en het Oudengels, dan hebben we genoeg reden te geloven dat er lang geleden nog een vierde woord voor ‘zee’ bestond in de taal onzer voorouders.

In het Middelnederlands bestond namelijk het vrouwelijke woord wage, dat niet zozeer als ‘zee’ werd geduid, maar als ‘bewogen water, hoge golven of vloed; hoge golf, stroom’. In het Gronings bestaat het nog in het vaste meervoud de wagen ‘de golven’.

labels:

Zie ook: