Vind je kind maar weinig lekker en schuift die het bord weg zodra het op tafel staat? Of zegt die na 1 hap al: ‘Ik zit vol!’? Dit is een bekend probleem voor veel ouders. Er zijn verschillende oorzaken voor kieskeurig eetgedrag.

Waar ligt het aan?

Het kan voorkomen dat een lichamelijk probleem, zoals een allergie, darmprobleem of een afwijking aan de slokdarm, de reden is dat je peuter niet goed eet. Bij de meeste peuters heeft het moeilijke eten echter te maken met de leeftijdsfase. Vanaf ongeveer twee jaar ontdekken peuters dat ze een eigen individu zijn en willen ze het liefst alles zélf bepalen. Hierdoor kan je peuter opstandig worden en zijn mond stijf dichthouden wanneer je een hapje heerlijke worteltjes wilt geven.

Kinderen hebben soms een slechte dag. Laat los hoeveel er gegeten wordt of dat er iets nieuws geproefd moet worden. Kinderen vinden het niet leuk als ze hun bord niet kunnen leegeten. Door een kleine portie op te scheppen voelt je kind een overwinning als het lukt om alles op te eten. Er kan altijd meer opgeschept worden.

Is je kind zo lekker, verdrietig, erg afgeleid of vindt je kind iets spannend? Dat kan allemaal invloed hebben op hoeveel jouw kind eet en hoe het eetmoment verloopt.

Eet je kind weinig en twijfel je of die wel goed groeit? Neem dan contact op met het consultatiebureau om dit te bespreken. Wil je weten hoeveel voeding kinderen vanaf 1 jaar ongeveer nodig hebben? Vul dan onze 'Schijf van Vijf voor jou-tool' in.

Tips om met moeilijke eters om te gaan

Een moeilijke eter kan erg frustrerend zijn voor jou als ouder. Gelukkig zijn er een aantal tips om hier op een goede manier mee om te gaan:

  1. Maak er geen machtsstrijd van: Dwing je kind niet om iets te eten. Dat levert voor zowel je kleintje als jezelf alleen maar frustraties op. Bovendien kan het zijn dat hij al vol zit, maar dit nog niet zo goed kan aangeven. Jij bepaalt wat hij eet en je peuter bepaalt hoeveel hij eet.
  2. Houd het gezellig aan tafel: Samen eten is leuk! Maak van de maaltijd een gezellig moment: een positieve sfeer zorgt ervoor dat je peuter het eten gaat associëren met gezelligheid. Eet zoveel mogelijk met het hele gezin tegelijk. Neem de tijd om rustig te eten, maar tafel niet te lang. Peuters kunnen niet zo lang stilzitten.
  3. Houd de porties klein: Geef je peuter niet te grote hoeveelheden. Zo hoeft hij niet tegen een berg eten aan te kijken en kan hij makkelijker zijn bordje leegeten. En dat geeft je kleine deugniet een trots gevoel.
  4. Wees creatief: Maak het bord eens op een leuke manier op. Een grappig gezicht dat uit gezonde groentes bestaat, smaakt dan opeens véél lekkerder…
  5. Verstop groentes: Zijn het vooral de groene onderdelen op het bord, die je peuter doen steigeren? Probeer de groente dan eens te verstoppen in de maaltijd, bekijk de 10 tips om je kindje meer groente te laten eten.

Door maaltijdmomenten te observeren kun je veel leren over het gedrag van je kind en de oorzaak van het eetgedrag. Schrijf alles op wat je opvalt, zoals het tijdstip waarop jullie eten, wat jullie eten en waar jullie eten. Maar let ook op de signalen van je kind.

De signalen van geen zin hebben in eten gaan vaak vooraf aan het moment dat het ‘mis’ gaat. Noteer vanaf welk moment het ‘mis’ gaat en wat er dan precies gebeurt. Het is belangrijk om signalen van je kind te herkennen, zodat je weet welke tips je het best kunt toepassen voor jouw situatie.

Zie jij een patroon bij je kind? Bijvoorbeeld: op elke dinsdag is je kind erg moe van twee lange dagen opvang of school achter elkaar? Zorg dan dat je iets klaarmaakt op de dinsdagen wat je kind lekker vindt.

Zelfstandigheid stimuleren

Ieder kind ontwikkelt de behoefte om dingen zelf te doen. Dat hoort bij het proces van zelfstandig worden. Sommige kinderen voelen die behoefte al heel vroeg of heel sterk. Andere kinderen vinden het wel makkelijk als anderen alles voor ze doen. Als jouw kind alles graag zelf wil doen, geldt dat waarschijnlijk ook voor het eten. Je kind wil dan veel helpen tijdens het koken, het opscheppen en zelf eten. Ook als dat nog niet altijd lukt of goed gaat. Zodra jij het overneemt kan er strijd ontstaan. Zorg dat je kind gedurende de dag veel kans krijgt om dingen zelf te doen. Dan wordt het makkelijker voor je kind om het soms ook los te laten. Je kunt je kind op allerlei manieren controle geven, binnen jouw kaders. Probeer wat werkt voor jullie.

Voedselneofobie

Kinderen kunnen van nature voorzichtiger en soms angstiger zijn waardoor ze niet meer alles in de mond stoppen. Tafel is dat alleen wat minder handig, want kinderen kunnen echt bang zijn voor onbekend eten, ook wel voedselneofobie genoemd. Timing is belangrijk: iets nieuws proeven lukt alleen als je kind positieve signalen laat zien.

Bied altijd iets aan bij de maaltijd dat bekend is en veilig voelt. Bied niets anders aan als je kind daarom vraagt of niet veel wil eten. Werk met kleine stappen: elke aanraking met eten is van belang. Denk aan kijken, ruiken, likken en een knuffel voeren. Laat je kind het tempo bepalen. Schep kleine porties op, dat ziet er overzichtelijk uit voor je kind. Gebruik een vakjesbord. Kinderen kunnen angstig worden als ze niet precies zien wat er op hun bord ligt.

Geef controle aan je kind binnen jouw kaders: laat zelf bestek vasthouden, zelf een bordje uitkiezen, zelf bepalen op welke dag er iets nieuws geproefd wordt en hoeveel hapjes. Wees duidelijk en consequent: hierdoor weet je kind waar het aan toe is. Een vaste routine helpt hierbij. Voorspelbaarheid betekent minder angst.

Wat te doen als je kind niets wil proeven?

Voeren jullie elke avond een strijd aan tafel omdat je kind niet wil eten? Elke ouder vindt het belangrijk dat z’n kind voldoende en gezond eet. Maar wat te doen als je kind maar weinig lust en niets wil proeven? Zeker bij peuters kan een nieuwe manier van bereiden of een andere textuur van een bepaald product al ‘onbekend’ aanvoelen, waardoor je kind vastberaden is dat het dit niet lust. Herkenbaar?

Het is namelijk zo dat de meeste kinderen vrij makkelijk nieuwe voedingsmiddelen accepteren tot de leeftijd van 1.5 à 2 jaar. Daarna zie je vaak dat kinderen selectiever worden in hun eetgedrag. Vanaf het tweede levensjaar kunnen kinderen een zekere angst ontwikkelen voor nieuwe en onbekende voedingsmiddelen en willen ze alleen maar eten wat ze (her)kennen. Deze angst voor nieuwe of onbekende voedingsmiddelen wordt ook wel ‘voedselneofobie’ genoemd.

Wat voor veel ouders met een moeilijke eter in huis een belangrijke valkuil is, is om na verloop van tijd enkel nog voedingsmiddelen op tafel te zetten waarvan je weet dat je kind het lust. Wist je dat kinderen een bepaald product zo’n 10 keer moeten proeven om überhaupt aan de smaak te wennen?

Tips om nieuwe smaken te introduceren

  • Wat kan helpen, is om twee soorten groenten aan te bieden; één om te eten en één om te proeven.
  • Zoals hierboven reeds vermeld hebben kinderen gemiddeld zo’n 10 keer proeven nodig om een nieuwe smaak te leren herkennen en waarderen.
  • Soms kan het ook helpen om een bepaald product eens op een andere manier te bereiden en aan te bieden. Houd je kindje bijvoorbeeld niet van gekookte bloemkool, wortels of broccoli? Bereid het dan eens in de oven, zodat het meer knapperig blijft.
  • Sommige groenten kun je ook makkelijk verwerken in een pastasaus of soep. Zoals bijvoorbeeld courgette, pompoen en paprika.
  • Goed om te weten; proeven doe je als kind met al je zintuigen! Laat je kind dus rustig begaan als het de nieuwe groente eerst goed wil bekijken, voelen, ruiken, … Voor je kind hoort het allemaal bij de ontdekkingstocht.
  • Nieuwe dingen leren eten gaat met stapjes. Maak bijvoorbeeld de regel dat er minstens één hapje geproefd wordt van alles wat op tafel komt. Wat je kind echt niet lekker vindt, hoeft het niet op te eten, maar er wordt wél geproefd.

Het allerbelangrijkste bij al deze tips is dat je zelf als ouder(s) rustig, duidelijk en consequent blijft. Zorg dat je als ouder op één lijn zit wat betreft de regels/afspraken rondom het eten en blijf deze dan ook herhalen richting je kind. Een andere afspraak om consequent na te leven is dat er geen ander eten geserveerd wordt als je je avondeten niet lust.

Aanvullende tips

  • Geef geen ander eten als daarom gevraagd wordt. Kinderen onthouden dit en zullen dat later opnieuw vragen.
  • Eet ’s avonds niet te laat. De meeste kleine kinderen hebben rond zes uur echt zin in eten. Als je veel langer wacht met het avondeten, dan raakt hij misschien over zijn honger heen. Bovendien is het niet lekker om met een volle maag te gaan slapen. Het is dus prettiger als hij zijn avondeten nog even kan verteren voordat hij naar bed gaat.
  • Maak van de maaltijden een feestje! Grote kans dat als het gezellig is aan tafel dat jouw dreumes meer eet. Je kunt het eten op een leuke manier presenteren. Maak bijvoorbeeld een gezichtje van de aardappelen, vlees en groenten. De twee aardappelen zijn de ogen, het stukje vlees is de neus en de groenten vormen een grote glimlach.
  • Respecteer de voorkeuren van je kind en hou er zo veel mogelijk rekening mee. Je hoeft niet apart voor hem te koken, maar als je weet dat hij niets van spinazie moet hebben, terwijl broccoli er zonder pardon ingaat, dan kun je in een periode dat hij al wat moeilijker met eten is, beter geen spinazie voorschotelen. Je kunt het hem wel zo nu en dan aanbieden, want de smaak van kinderen verandert nog. Wat hij nu niet lust, is straks misschien zijn lievelingskostje!
  • Laat je kind voor het eten niet te veel drinken. Dan zit zijn of haar buikje namelijk al vol en heb je kans dat er geen hap meer bij komt.

Wanneer moet je je zorgen maken?

Een belangrijke aanwijzing dat je kind voeding tekort komt, is een afbuigende lijn in de groeicurve. Verder kan je peuter zich minder levendig en vrolijk gedragen. Als je kindje niet genoeg vocht binnenkrijgt, merk je dat hij minder gaat plassen en dat zijn ontlasting steviger wordt of moeizaam komt. Geef in dat geval je peuter wat extra vocht, het liefst water of thee zonder suiker.

labels:

Zie ook: