Kleine kinderen zijn vaak dol op liedjes. Op het kinderdagverblijf en de peuterspeelzaal hebben de kindjes meestal een vast ritueel als ze aan tafel gaan om te eten. Zo worden er vaak eetliedjes gezongen voordat de kinderen mogen beginnen aan hun boterham of stukje fruit. Door te beginnen met een liedje weten kinderen waar ze aan toe zijn en wat er gaat gebeuren. Daarnaast kunnen liedjes vormgeven aan een overgangsmoment tussen bijvoorbeeld spelen en eten. Die overgang zal door middel van een liedje dan soepel en rustig verlopen.

Het is ook hartstikke leuk om dit soort liedjes thuis te gebruiken, want je kindje zal het dan herkennen van het kinderdagverblijf of de peuterspeelzaal!

Voorbeelden van Eetliedjes

Wil je graag weten welke liedjes je zou kunnen zingen als jullie aan tafel gaan om te eten? Hieronder vind je een leuk overzicht van eetliedjes!

Hoe Dek je de Tafel?

Hoe dek je de tafel?
Hoe doe je dat?
Er moet iets op tafel
Maar wat?

Hoe dek je de tafel?
Hoe doe je dat?
Er moet iets op tafel
Maar wat?

Pak een bordje, zet het neer.
Ben je klaar of moet er meer?
Een lepel voor de appelsap.
Ja, goed gedaan.

Hoe dek je de tafel?
Met wat?

Hoe dek je de tafel?
Hoe doe je dat?
Er moet iets op tafel
Maar wat?

Andere Populaire Kinderliedjes

Naast specifieke eetliedjes zijn er natuurlijk nog veel meer leuke kinderliedjes die je met je kind kunt zingen. Hier zijn enkele voorbeelden:

  • In Holland staat een huis

    In Holland staat een huis, in Holland staat een huis.
    In Holland staat een huis ja ja, van je singela singela hop sa sa.
    In Holland staat een huis, in Holland staat een huis.

    En dat huis dat heeft een raam, En dat huis dat heeft een raam.
    En dat huis dat heeft een raam, ja ja, van je singela singela hop sa sa.
    En dat huis dat heeft een raam, En dat huis dat heeft een raam.

    En dat huis dat heeft een deur, En dat huis dat heeft een deur.
    En dat huis dat heeft een deur, ja ja, van je singela singela hop sa sa.

  • De Wielen van de Bus

    De wielen van de bus gaan rond en rond, rond en rond, rond en rond!
    De wielen van de bus gaan rond en rond, als de bus gaat rijden!

    2e couplet: de deuren van de bus gaan open en dicht
    3e couplet: de lampen van de bus gaan aan en uit
    4e couplet: de toeter van de bus zegt toet, toet, toet!
    5e couplet: de wissers van de bus gaan heen en weer
    6e couplet: de motor van de bus doet vroem, vroem, vroem
    7e couplet: de chauffeur van de bus zwaait dag, dag dag

labels:

Zie ook: