De ooievaar, een onmiskenbare grote zwart-witte vogel met rode snavel en poten, is een graag geziene gast in het Nederlandse landschap. In veel volksverhalen figureert de ooievaar als brenger van geluk en nieuw leven.
De Terugkeer van de Ooievaar in Nederland
Midden jaren '70 was de ooievaar zo goed als verdwenen uit Nederland. Samen met veel vrijwilligers heeft Vogelbescherming via een reddingsprogramma met ooievaarstations voorkomen dat de soort als broedvogel in Nederland uitstierf. Dat er weer ooievaars in Nederland rondvliegen, is vooral te danken aan de vrijwilligers die sinds 1969 hebben gewerkt aan de herintroductie van de soort, via twaalf buitenstations van waaruit de jongen van gefokte vogels weer de volledige vrijheid kregen.
Steeds meer van de vogels die zo zijn uitgezet, gaan in de winter op trek naar tropisch Afrika. In veel steden en dorpen broeden weer ooievaars, zoals in het Amsterdamse stadspark Frankendael. Oost-Europa en Spanje herbergen de grootste aantallen ooievaars. In Polen zijn ooievaars bijvoorbeeld een echt karakteristiek onderdeel van het landschap.
Het Leefgebied van de Ooievaar
Het ideale leefgebied van de ooievaar is een half open tot open landschap met veel afwisseling in grondgebruik en begroeiing. In ieder geval moet er op geringe afstand van het nest volop vochtig ruig grasland aanwezig zijn. Van oudsher waren dat de hooilanden die in Drenthe te vinden waren in de beekdalen en de veenweidegebieden.
Door de intensivering van de landbouw, het toenemend gebruik van pesticiden en de verlaging van de grondwaterstand, werd het leefgebied van de ooievaar drastisch ingeperkt. De Stichting Het Drentse Landschap zet zich in voor verbetering van het leefgebied van de ooievaar en van de weidevogels in het algemeen.
Wat geldt voor alle vogels, geldt natuurlijk ook voor de ooievaar: voldoende en gevarieerde voeding is van levensbelang. Het voedsel van de ooievaar is gevarieerd: het bestaat uit kikkers, muizen, mollen en insecten en wordt vooral gezocht in weilanden en hooilanden.
Het Nest van de Ooievaar
Zo snel als hierboven geschetst gaat het niet, maar vaststaat dat ooievaars meesters zijn in het aanslepen van grote hoeveelheden nestmateriaal. De basis bestaat uit veel grote en kleinere takken en voor de verdere stoffering gebruiken ze gras, hooi en allerlei fijn plantenmateriaal zoals bv.
Bouwden ooievaars oorspronkelijk hun nest gewoon in bomen, de afgelopen eeuwen zien we dat ze vooral ook gebruik maken van daken, torens en vooral veel paalnesten die de mensen speciaal voor de ooievaars plaatsen. Als de ‘ruwbouw’ van het nest afgerond is, beginnen de ooievaars gras, hooi, mos en ander zacht materiaal aan te slepen voor de binnenbekleding van het nest.
Ooievaars zijn van nature boombroeders, maar de boomkruin (of een ver naar buiten uitstekend takkenstelsel) moet wel stevig en afgeplat zijn. Ooievaars bouwen hun nest het liefst op een vlakke ondergrond. In De Lokkerij maken de ooievaars gebruik van bomen, het dak van de boerderij en door de mens gemaakte paalnesten.
Wanneer in het voorjaar de ooievaars terugkeren uit hun overwinteringsgebieden is de veronderstelling dat het veelal de mannetjes zijn die het eerst terugkeren in het broedgebied. Direct na aankomst zoekt hij een geschikte broedplaats en zodra dan ook het vrouwtje aankomt probeert hij de aandacht te trekken met typisch baltsgedrag. Luid klepperend en vaak de snavel helemaal achterover in de nek en met gespreide vleugels lukt dat meestal wondersnel, zodat er vaak enige uren na het eerste contact al gepaard wordt.
De Eieren en het Broedproces
Zodra het nest af is, legt het vrouwtje haar eerste ei. Zij legt twee tot zeven eieren, onder normale omstandigheden maximaal twee dagen na elkaar. Meestal legt de ooievaar 4 eieren. Nesten met 5 en 6 eieren zijn echter geen uitzondering en komen regelmatig voor evenals nesten met maar 2 of 3 eieren.
De eieren zijn wit, vrij dof en iets groter dan een kippenei, ongeveer 7 cm groot. Ooievaars hebben één legsel per jaar in april, met per nest 3-5 eieren die 33-34 dagen worden bebroed. Nadat de eerste twee eieren zijn gelegd, begint het broeden.Dit duurt minimaal tweeëndertig dagen per ei; daarbij broeden het mannetje en vrouwtje om de beurt.
De Jongen
Na tweeëndertig dagen komt het eerste ei uit. Aan de stompe zijde van het ei pikt het jong met de scherpe, harde eitand op de voorzijde van de snavel een gat in het ei. Met behulp van zijn poten duwt het jong zich verder uit het ei. De jongen worden geboren met grijze donsveren, zwarte snavel en poten. Het grijzige jong heeft nog geen lange rode snavel. Hij weegt 40-90 gram en heeft enkel donsveren.
De ouders voeren hun jongen met regenwormen, kevers, sprinkhanen en andere insecten die ze vangen in het weiland in de omgeving. Een van de ouders blijft gedurende de eerste weken constant op het nest terwijl de andere voedsel zoekt. Als de jongen vier of vijf weken oud zijn en meer voedsel nodig hebben gaan beide ouders voedsel halen.
De jongen zijn ‘vliegvlug’ als ze 60-80 dagen oud zijn. Hun donsveren hebben dan plaats gemaakt voor een mooi zwart-wit verenkleed. Na 2 maanden zijn de jongen volgroeid en vliegen ze uit. Ze zijn dan nog wel te herkennen aan hun snavel en poten welke nog zwart zijn en niet rood zoals bij hun ouders.
Hieronder een overzicht van de ontwikkeling van jonge ooievaars:
| Leeftijd | Kenmerken |
|---|---|
| Pasgeboren | Grijs dons, zwarte snavel en poten, gewicht 40-90 gram |
| 4-5 weken | Beide ouders zoeken voedsel, meer voedsel nodig |
| 60-80 dagen | Vliegvlug, zwart-wit verenkleed |
Gedrag en Levenswijze
Ooievaars leven in de nabijheid van de mens. Ze nestelen bij voorkeur op menselijke bouwsels. Ooievaars leven in modderig gebied. Als de modder opdroogt valt het grootste deel er af, zeker als ze even flink met de vleugels wapperen. Een flinke regenbui helpt ook. Ooievaars steken veel tijd in het verzorgen van hun veren.
De Nederlandse ooievaars trekken deels weg, maar minstens een vijfde overwintert in eigen land, veelal afkomstig uit het herintroductieprogramma. De trekvogels keren vanaf februari terug en vertrekken weer vanaf augustus. De vliegroutes van de ooievaars worden goed in de gaten gehouden.
Ooievaars kunnen vrij oud worden. De leeftijd van ruim 30 jaar komt voor. Ooievaars zijn niet hun hele leven lang trouw aan elkaar. Dat jaar na jaar meestal hetzelfde paar op hetzelfde nest te vinden is, komt eerder doordat ze trouw zijn aan het nest.
Bescherming van de Ooievaar
De ooievaar is een beschermde inheemse vogelsoort. Net als alle andere vogels die van nature in het wild in Nederland voorkomen, zijn ooievaars beschermd op grond van de Europese Vogelrichtlijn. De wet biedt bescherming aan alle in gebruik zijnde nesten en rustplaatsen van vogels, inclusief de functionele omgeving om het broeden succesvol te laten zijn.
De drastische achteruitgang van de ooievaar vanaf de jaren '40 van de vorige eeuw is onder meer veroorzaakt door zowel droogte in de Sahel, verhoogde sterfte van jonge ooievaars tijdens de trek én door intensivering van de landbouw in Nederland, waardoor het leefgebied minder voedsel opleverde.
Vogelbescherming propageert leefgebiedherstel voor de ooievaar. Daarnaast staat Vogelbescherming voor goede monitoring en onderzoek van de ooievaars in Nederland. En verder stimuleren we effectief agrarisch natuurbeheer. Daar profiteert ook de ooievaar van.
labels: #Ei
Zie ook:
- BBQ Groot Stuk Vlees: Tips & Recepten voor de Perfecte Bereiding
- Grote Kamado BBQ Kopen? Topmerken
- Bakkerij De Groot Marum: Vers Brood en Gebak
- Ontdek de Verbazingwekkende Voedingswaarde van Aardappel versus Zoete Aardappel!
- Ontdek Hoe Lang Champignons Houdbaar Zijn en Leer Ze Perfect te Beoordelen!




