Je spijsvertering, wat is dat eigenlijk? Iedere dag is je spijsvertering voor je aan het werk. Het woord spijsvertering betekent ‘het verteren van spijs’, dat is dus je eten. Het is het afbreken van je eten in kleine nuttige stofjes voor je lichaam. Deze nuttige stofjes geven jou energie, zodat jij een potje kan voetballen of je goed kan concentreren op een lastige rekenvraag. Het is belangrijk om goed voor je spijsvertering te zorgen.
Je spijsvertering betekent dus het afbreken van je eten tot hele kleine stofjes (voedingsstoffen) die je lichaam opneemt en gebruikt. Deze voedingsstoffen geven je energie en het zijn bouwstoffen. Die bouwstoffen zijn nodig om te groeien of kapotte cellen in je lichaam te vernieuwen. Het stukje brood dat je hebt gegeten wordt zo klein gemaakt dat je lichaam het kan opnemen. Zo gaat het als voedingsstof naar de plek in je lichaam waar het op dat moment nodig is. Nadat de voedingsstoffen uit je eten zijn gehaald, wordt wat je niet gebruikt in je darmen tot poep gekneed. En dat poep je binnen 24 tot 48 uur uit.
De hele reis van eten door je spijsvertering duurt dus 24 tot 48 uur. Dit hangt af van wat je precies eet en hoe makkelijk dat af te breken is door je lichaam. Maar wat je ook eet of drinkt, je spijsvertering weet er wel raad mee. Je spijsvertering is onmisbaar en superslim. Het is een goed georganiseerd team van organen. Samen willen die organen je lichaam heel graag gezond houden. Maar je spijsvertering kan het niet alleen. Als jij je spijsverteringsteam flink helpt, kan het zijn werk extra goed doen. Weet je hoe je kan helpen? Door gezond te eten, met onder andere veel groente, fruit en volkorenproducten.
Het spijsverteringskanaal is een kanaal van ongeveer 9 meter lengte. Het begint in de mond en eindigt na de anus. Het bestaat uit de mond, slokdarm, maag, dunne darm, dikke darm en anus. Na de eerste hap is je eten nog ongeveer 8 meter onderweg door je lichaam. Wat? 8 meter!? Dat is best lang hè. En misschien ook een raar idee dat dit allemaal in jouw lichaam zit. Onderweg komt het eten verschillende organen tegen. Het begint bij de mond en komt daarna langs je slokdarm, je maag, je dunne darm, dikke darm en endeldarm. Er zijn ook nog andere organen die meewerken bij de spijsvertering. Dat zijn je alvleesklier, galblaas en lever.
Het Spijsverteringsproces: Van Mond Tot Anus
De Mond: Het Begin van de Spijsvertering
Spijsvertering begint in de mond waar de tanden en kiezen de voeding verkleinen. Je neemt een hap. In je mond kauw je die hap eten fijn met je tanden en kiezen en komt er speeksel bij. Als het klein genoeg is slik je het door. Speeksel verzacht en bedekt de voedingsdelen met enzymen (ptyalin en amylase) die de koolhydraten (zetmeel en suikers) afbreken. Speeksel bevat ook enzymen zoals lysozyme dat bacteriën aanvalt. Dit is de eerste verdediging van het lichaam tegen parasieten en vreemde ongewenste indringers. Wist je dat je spijsvertering al begint voordat je iets eet? Als we aan eten denken komt er al speeksel vrij. Het speeksel past zich aan op de soort voeding en kan dun en waterig zijn, maar ook slijmerig. Speeksel maakt het voedsel glibberig waardoor het gemakkelijker is om door te slikken. Maar dat is niet alles. In speeksel zit het enzym amylase.
De Slokdarm: Een Snelle Doorgang
De slokdarm is een (ongeveer) 25 centimeter lange gespierde buis aan de binnenkant bekleed met slijm producerende cellen. Dit slijm helpt de passage van de voedselbrij. Je slokdarm duwt het eten naar je maag. Binnen 3-5 seconden is het al in je maag. De golvende bewegingen in de slokdarm (peristaltische bewegingen) brengen de brij naar beneden voorbij de lagere slokdarm klep. Deze klep sluit de maag af van de slokdarm. Vloeibare voeding doorloopt de slokdarm erg snel. Vast voedsel wordt door het samentrekken van kringspieren in de slokdarm voortgestuwd naar de maag. Daarvoor moet het eten nog wel door een sluitspiertje, de slokdarmsfincter.
De Maag: Een Mengtank
In de maag wordt eigenlijk maar weinig opgenomen door het lichaam. In essentie is de maag een tank die de voedselbrij opvangt en mengt. Je maag is heel gespierd. Jouw eigen krachtpatser. De belangrijkste functie is opslag en de eerste vertering. De maag is een soort blender die mengt en de voedselbrij vloeibaar maakt. Een goed functionerende maag produceert 5 belangrijke substanties; slijm, zoutzuur, een voorloper van het spijsverteringsenzym pepsine, een hormoon dat de zuurproduktie reguleert, gastrine.
Het maagslijm vlies beschermt de maagwand tegen het zoutzuur in de maag. De aanmaak van maagsap wordt al gestimuleerd als de voeding in de mond is. Daarnaast zitten er verschillende verteringsenzymen in maagsap. Namelijk: maaglipase en pepsine. Pepsine wordt als inactief pepsinogeen geactiveerd door een zuur milieu met een pH rond de 2. Het breekt complete eiwitten af tot peptiden.
De verblijfsduur van de voeding in de maag is afhankelijk van de samenstelling van de voeding en de activiteit van de darmen. Eiwitrijke voeding blijft langer in de maag dan koolhydraatrijke voeding. Vetten vertragen de maagbeweging en maagontlediging. De voeding wordt vermengd met speeksel, maagsap en zoutzuur en verandert daarmee in een brij. Deze wordt chymus genoemd. De maagspieren duwen de chymus naar de maagportier. In kleine hoeveelheden komt de zure maaginhoud in het duodenum. Dit proces noemen we de maagontlediging. Zodra de zure chymus in het duodenum komt sluit het maagportier. Pas als de zure chymus geneutraliseerd is door alvleeskliersap, opent de maagportier zich weer.
De Dunne Darm: Het Belangrijkste Spijsverteringsorgaan
90% van de voedingsstoffen wordt opgenomen in de dunne darm, het belangrijkste spijsverteringsorgaan in het lichaam. De dunne darm lijkt op een opgerolde slang van ongeveer 6 meter lengte. Hier wordt de meeste voeding verteerd en opgenomen. De dunne darm bevat cellen die verschillende functies vervullen: sommige produceren darmslijm, sommige maken enzymen, sommige nemen nutriënten op en weer andere bestrijden bacteriën. De cellen zijn opgevouwen zodat de maagbrij langzamer beweegt en compleet kan worden afgebroken. Het eten is inmiddels al zo klein dat het uit miljoenen stukjes bestaat. De lengte van 8 meter is leuk, maar je dunne darm spant de kroon. Je dunne darm heeft namelijk een heel groot oppervlakte, namelijk 200m2. Dit is net zo groot als een tennisveld! De dunne darm is zo groot door zijn bijzondere darmwand. De binnenkant heeft allemaal plooien, daarmee vergroot de dunne darm zijn oppervlakte.
De vouwen in de dunne darm vergroten het oppervlak van het mucosa, de dunne slijmvlieslaag die de darmwand bedekt. De dunne darm bestaat uit drie delen: duodenum (twaalfvingerige darm), jejunum (nuchtere darm) en ileum (kronkeldarm). In het duodenum bevinden zich de kliertjes van Brunner en Lieberkühn die een deel van het darmsap leveren. Daarnaast komen er in dit deel van de darmen verteringssappen van de lever en alvleesklier bij. Het grootste deel van de voedselvertering en opname vindt in dit deel van de darmen plaats. Eiwitten, vetten en koolhydraten worden hier verder afgebroken tot opneembare stoffen. Gal wordt gemaakt door de lever.
De Dikke Darm: Wateropname en Afvalverwerking
Het laatste orgaan waar de voedsel resten passeren is de dikke darm. De dikke darm is ongeveer 1,5 meter lang en bestaat uit drie gedeelten; caecum (de blindedarm), de colon (karteldarm) en het rectum (endeldarm). De dikke darm zorgt ervoor dat van het overgebleven eten poep wordt gemaakt. Daarna wordt het doorgestuurd naar je endeldarm.
In de dikke darm worden geen spijsverteringssappen meer afgescheiden, maar wel veel slijm. De resten van de spijsvertering worden gemengd met dit slijm en de bacteriën, terwijl water en zouten worden onttrokken en opgenomen. Gaat dit te snel en wordt er te weinig vocht uit de poep gehaald, dan krijg je last van diarree. Deze ingedikte restant, ook wel feces genoemd, bestaat uiteindelijk uit vezels, water, slijm, bacteriën, afgestorven darmwandcellen, bilirubine en zouten. De feces komt in de endeldarm. Als deze vol is gaat er een seintje naar de hersenen waarna je naar het toilet moet.
De Rol van Bacteriën en het Microbioom
Het spijsverteringssysteem van een volwassene bevat 100 triljoen bacteriën, schimmels en microben. Toch snel 1-3 kilo. Een mens heeft meer bacteriën in zijn spijsvertingssysteem als cellen in zijn lichaam. Bacteriën leven in de mens van mond tot anus, maar de meeste bacteriën leven in de dikke darm. De maag is zo zuur dat daar nauwelijks bacteriën kunnen leven. In de dikke darm is het echt ontzettend druk. Er wonen namelijk veel beestjes, zoals bacteriën en schimmels. Al deze beestjes samen wordt het microbioom (of microben) genoemd. Totaal draag je zo’n 1,5 kilo aan microben met je mee. Deze beestje vinden het superfijn in je dikke darm. Ze gebruiken je dikke darm als een all-inclusive resort! Het is er lekker warm (37°C), er is genoeg water en het meest luxe van alles: het eten komt vanzelf langs. Zo’n all-inclusive resort trekt vele gasten en daarom leven er zoveel bacteriën in onze darm.
Er zijn zowel ‘goede’ als ‘slechte’ bacteriën. De goede bacteriën doen veel voor ons. Zo helpen ze mee om het eten te verteren, versterken ze ons afweersysteem en zorgen ze voor het gevoel dat je vol zit. In ruil daarvoor geeft je darm ze eten en onderdak. Helaas heb je ook slechte bacteriën. Daar kan je ziek van worden of ze zorgen voor een rotgevoel. Je darm wil deze bacteriën niet, maar kan ze helaas niet wegjagen.
Een gezond microbioom bestaat uit veel bacteriën van veel verschillende soorten. Welke bacteriesoorten er in iemands darm leven, verschilt per persoon. Iedereen heeft een ander microbioom. Je microbioom en afweersysteem zijn een topteam. Ze werken veel samen en dat is maar goed ook. Ongeveer 70% van je afweersysteem zit in je dikke darm en hier zit ook het grootste gedeelte van je microbioom. Het microbioom helpt de cellen die ziekten tegenhouden (afweercellen) om te groeien en te vermeerderen. Deze afweercellen komen in actie als er indringers het lichaam binnenkomen. Zo helpt jouw microbioom mee om een groot en sterk leger paraat te hebben om ziekteverwekkers tegen te gaan. Wanneer je microbioom in balans is, helpt het je afweer versterken en zo dus ook je gezondheid. Een goede afweer kan ervoor zorgen dat je minder snel ziek wordt, dat je minder erg ziek bent en dat je sneller beter wordt.
Factoren die de Transit-Tijd Beïnvloeden
De transit-tijd, de tijd die het lichaam nodig heeft om eten te veranderen in ontlasting duurt in een ideale situatie minder als 24 uur. De transit-tijd wordt sterk beïnvloedt door lichaamsbeweging en voldoende consumptie van vezels.
Vezels
Vezels zijn plantendeeltjes die vooral zitten in volkorengraanproducten zoals volkorenbrood en volkorenpasta. En ze zitten ook groente en fruit, peulvruchten, aardappelen en noten en zaden. Vezels zijn heel gezond voor je. En wist dat de goede bacteriën in je darm vezels het lekkerste vinden wat er is?!
Voedingsmiddelen zoals groenten, fruit, volle granen en peulvruchten bevatten deze vezels, die soms onverteerd in de ontlasting kunnen verschijnen. Fermenteerbare voedingsvezels worden niet verteerd door het menselijk lichaam, maar gefermenteerd door de bacteriën in de darm. Niet fermenteerbare vezels komen met name voor in tarwe (volkoren graanproducten) en groenten.
Wanneer er onverteerde groentestukjes in de ontlasting te zien zijn, gebeurt dit doordat sommige vezels niet of moeilijker te fermenteren zijn dan andere. Bijvoorbeeld, de vezels in de schil van fruit of de vezelrijke stengels van groenten kunnen intact blijven tijdens de spijsvertering en onverteerd door het lichaam worden uitgescheiden. Het is echter belangrijk om ook deze niet-verteerbare vezels te eten, deze helpen namelijk bij een goede stoelgang, maar ook bij andere zaken zoals een gezond gewicht en het stabieler houden van de bloedsuikers. Goed voor je darmen en voor jou! Groente die we rauw consumeren bevatten vezels die moeilijker te fermenteren zijn dan gekookte groenten.
Vocht
Je lichaam heeft iedere dag voldoende vocht nodig om al zijn taken uit te kunnen voeren. Zo helpt vocht onder andere bij het transport van voedings- en afvalstoffen. Belangrijk dus dat je voldoende drinkt. Ook in combinatie met vezels is vocht belangrijk. Vezels gebruiken vocht. Ze nemen vocht op als een soort spons en zorgen ervoor dat je poep soepel wordt.
Tips voor een Gezonde Spijsvertering
Voor een goede spijsvertering is belangrijk dat je kiest voor gezond eten en dat je veel varieert (afwisselt). Gezond eten wil zeggen producten eten die zo min mogelijk bewerkt zijn, zoals groente, maar ook volkorenbrood. Bewerkte producten zijn bijvoorbeeld koekjes of frisdrank. Bij bewerkt eten zijn vaak kleur- en smaakstoffen toegevoegd die niet goed voor je zijn. Door voldoende te variëren met voeding zorg je ervoor dat je alle belangrijke stoffen binnenkrijgt die je nodig hebt. Zo is het goed om te variëren in je ontbijt. De ene keer een boterham met appelstroop en de andere keer neem je een bakje met yoghurt, muesli en fruit.
Eet veel vezels. Er zitten onder andere veel vezels in volkorenproducten, groente en fruit. Zorg voor een volwaardige voeding met voldoende variatie. De Schijf van Vijf is daarvoor een richtlijn. Goed kauwen helpt om het eten beter te verteren. Verzorg daarom je tanden en kiezen. Eet regelmatig en sla geen maaltijden over. Voor sommige mensen werkt het goed om 3 hoofdmaaltijden per dag te eten met enkele tussendoortjes. Laat niet zomaar bepaalde voedingsmiddelen weg. Dat kan klachten juist in stand houden of zelfs verergeren. Als je denkt dat bepaalde klachten veroorzaakt worden door een bepaald voedingsmiddel, bespreek dit dan met je huisarts of met een diëtist. Zij kunnen helpen te achterhalen of een voedingsmiddel werkelijk de oorzaak is van bepaalde klachten. Bij overgewicht kan afvallen een gunstig effect hebben op de klachten.
Wanneer Medische Hulp Zoeken?
Soms heb je weleens last van je buik. Dan heb je misschien buikpijn of het poepen gaat ineens moeilijk. Een keertje buikpijn hebben is niet zo erg. Maar als je hier vaak last van hebt is dit natuurlijk niet goed en erg vervelend. Bij sommige mensen werkt de spijsvetering niet zo goed. Deze mensen hebben bijvoorbeeld vaak diarree, of hebben juist veel last van verstopping, of buikpijn. De spijsvertering kan ook heel erg in de war zijn door bijvoorbeeld een darmontsteking, zoals bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa. Of dat iemand geen gluten kan eten door coeliakie. Dit geeft zeer vervelende klachten en de ontstekingen maken het ook lastig voor je darm om de voedingstoffen uit het eten te halen.
Wanneer de ontlasting een afwijkende kleur heeft van licht tot bijna zwart, eventueel slijm en bloed aantoonbaar zijn en de ontlasting een sterke onaangename geur heeft, kan er sprake zijn van een darmontsteking zijn zoals colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn.
Het vinden van onverteerd voedsel in de ontlasting is in de meeste gevallen niet verontrustend, maar in het geval van vetdiarree kan het een symptoom zijn van verschillende onderliggende problemen. Raadpleeg in dit geval altijd een zorgverlener voor een nauwkeurige diagnose en gepaste behandelingsopties.
labels:
Zie ook:
- Hoe lang ongepaneerde schnitzel bakken: Perfecte baktijd & tips
- Recepten voor een Fit Leven: Gezond & Lekker Eten!
- Boontjes Koken: De Perfecte Kooktijd & Tips
- Nieuwe Aardappelen Koken: Hoe Lang voor de Perfecte Garing?
- Plissé Plakken op Raam: Eenvoudig & Stijlvol
- Paastaart Recepten: Verras met een Heerlijke Taart tijdens Pasen - Inspiratie & Tips!




