Soukous is een populaire dansmuziek uit Congo, die later ook in andere delen van Centraal- en Oost-Afrika populair werd. Dit genre is, zoals veel Afrikaanse muziek, een mix van verschillende mondiale muzikale stijlen: Congolese volksmuziek, Amerikaanse rock-‘n-roll, soul, vermengd met Latijns-Amerikaanse en Caribische jazz.
Kenmerkend voor dit muzikale genre is de gesyncopeerde ritmegitaar, polyritmische percussie en de gitaar arpeggio’s. Dit klinkt ingewikkeld, maar het betekent dat met de ritmegitaar bepaalde accenten worden gelegd en er diverse ritmes door elkaar heen worden gespeeld. Verder is de hoofdrol weggelegd voor harpachtige gitaar die door de muziek heen stroomt en in vrijwel elk lied lange solo’s speelt. De tonen zijn hierbij relatief hoog, het ritme snel, er zijn veel herhalingen en is de muziek vrolijk waarbij de majeur akkoorden de boventoon voeren.
In soukous bands worden over het algemeen bas, gitaar, accordeon, saxofoon en klarinet bespeeld. Voor het ritme zorgen de conga’s en maraca’s. En de basis van het nummer wordt verzorgd door de drums.
De term soukous is afkomstig van ‘secouer’ en dat is het Franse woord voor ‘schudden’. Hoogstwaarschijnlijk is de term een knipoog naar de bewegingen die dit genre aanmoedigt. Soms wordt het ook geschreven als sukus of soukouss. In andere delen van Afrika wordt het Lingala-muziek genoemd, want Lingala is de Bantu-taal waarin in veel soukous-liederen worden gezongen. Echter, in sommige landen, zoals Zambia en Zimbabwe, wordt soukous nog steeds Congolese rumba, rumba Lingala of Afrikaanse rumba genoemd. Verder houden West-Afrikanen het simpel en noemen soukous ‘congomuziek’.
De Geschiedenis van Soukous
De geschiedenis van de soukous start met de slavernij. Het begint in de 14de eeuw, toen slavenhandelaars Congolezen naar Cuba verscheepten om ze daar als slaven op de plantages te laten werken. De slaven moesten alles achterlaten, maar ze namen hun cultuur en hun muziek wel mee naar Cuba. Aan het begin van de 20ste eeuw keerden namelijk een aantal afstammelingen van Caribische slaven terug in Afrika en vestigden zich in onder meer Congo. De muziek van de slaven die de oceaan waren overgestoken, kwam daar mee vele jaren later weer terug naar het land van herkomst. En van die Cubaanse muziek waren de Congolezen zeer gecharmeerd.
Op de radiostations in Congo en met name in de stad Léopoldville, tegenwoordig Kinshasa, werden de Afro-Cubaanse muziekgroepen die deze ‘son Cubano’ speelden, steeds populairder. Ook de rumba deed het destijds goed in Congo. Overigens komt het woord ‘rumba’ uit Spanje en betekent letterlijk ´feest´. Bizar is het dat de rumba die oorspronkelijk uit Afrika komt, door de slavenhandel op Cuba werd geïntroduceerd. Deze Afrikaanse rumba vermengde zich op Cuba met de Europese muziek en eind jaren ’30 keerde deze inmiddels Afrikaans-Cubaans rumba terug naar Congo. Daarmee werd Congo opnieuw het land van de rumba.
Ry-Co Jazz was was een van de toonaangevende rumba bands in de jaren ’60. De band werd in 1958 in Congo opgericht. De naam van de band is een samentrekking van Rythmes Congolais en hun muziek werd zelfs in Frankrijk opgemerkt. De band werd behoorlijk populair en tussen 1961 en 1966 bracht Ry-Co Jazz maar liefst 25 platen uit vol aanstekelijke Afro-Latin sounds voor het Franse Disques Vogue label.
In de 60’er jaren werd de Congolese rumba echt mega populair. Dat kwam door het nummer Indépendance Cha Cha, uitgevoerd door Joseph Kabasele die vooral bekendheid genoot onder zijn artiestennaam Le Grand Kallé. Hij trad samen op met de groep L’African Jazz. Indépendance Cha Cha groeide uit tot het volkslied van de Congolese onafhankelijkheid en het Congolese nationalisme. Die rumba-populariteit begon vlak voordat Congo in 1960, onafhankelijk werd.
Er vonden allerlei politieke en diplomatieke voorbesprekingen plaats en Kabasele en zijn band L’African Jazz, werden uitgenodigd om mee te gaan naar Brussel. Daar vond de Congolese Ronde Tafel Conferentie plaats waar de onafhankelijkheid verder werd uitgestippeld. Kabasele en de bandleden zaten aan de onderhandelingstafel. En daar schreef Kabasele op 20 januari 1960 een nummer over de onafhankelijkheid. Slechts een week later op, 27 januari 1960, speelde Le Grand Kallé & ‘L’African Jazz dit kersverse nummer in Hotel Plaza in Brussel.
Indépendance cha-cha, tozoui e (Independence, cha-cha, we hebben het gewonnen)
Oh! Kimpwanza cha-cha, tubakidi (Oh! Independence cha-cha, we hebben het bereikt)
Oh! Table Ronde cha-cha, ba gagné o (Oh! De ronde tafel cha-cha, we hebben het gered)
Oh!
De rumba was helemaal hip en trendy in Congo. En dit genre stond niet stil. Het veranderde en groeide en bracht verschillende muzikanten voort die aan de basis stonden van een nieuw genre: de soukous. Antoine Kolosoy was zo’n artiest die helemaal gek van soukous was. Overigens kennen we hem betere onder zijn artiestennaam Papa Wendo. Ook bigbands van de eerder genoemde Grand Kallé en African Jazz en OK Jazz, dat later werd omgedoopt tot TPOK Jazz, waren grote namen in dit genre. Daarnaast was er de held Franco. Hij zorgde ervoor dat de gitaar hét instrument van de soukous-muziek werd.
Verder zijn er Dr. Nico Kasanda en Tabu Ley Rochereau die in 1963 de band African Fiesta vormden. Dit was een van de eerste bands het nieuwe, energieke geluid van de Congolese soukous speelde. Ook andere muzikanten verspreiden het soukous-evangelie. Zo was er Zaiko Langa Langa, met daarin de zanger Papa Wemba. En natuurlijk African Jazz-alumnus Pepe Kalle en Empire Bakuba, de band Wenge Musica en zanger Koffi Olomide.
Door de politieke onrust in Congo in de jaren ’70 verkasten veel soukous-bands naar buurlanden als Tanzania, Kenia en Oeganda, Maar ze settelden zich ook in Colombia, Parijs en Brussel. In de buurlanden was men ook gek op de soukous sound en vermengde zich met highlife en Keniaanse bengamuziek. Zo ontstond er een nieuwe soukous-variant, namelijk de ‘Swahili-sound’. Een reeks soukous-albums die het Britse Virgin Records uitbracht, zorgde voor een grotere belangstelling voor dit genre wat weer leidde opkomst van soukous-scènes in Parijs en andere Europese locaties.
Het genre blijft nieuwe varianten produceren. Gevestigde soukous-spelers, zoals Papa Wemba, begonnen op te treden in Europa, terwijl nieuwe soukous-muzikanten als Yondo Sister en Mbilia Bel daar bekendheid verwierven. En er was zelfs Japanse soukous.
Soukous werd een onderdeel van de nationale identiteit van Congo. En Papa Wemba was een van de bekendste vertolkers van deze muziekstijl. Hij werd ook wel de “koning van de Congolese rumba” genoemd.
De stijl werd zo groot dat op 14 december 2021 de Congolese rumba werd bijgeschreven op de lijst van immaterieel cultureel erfgoed van Unesco. Overigens werd in 2016 de Cubaanse rumbavariant al opgenomen in de lijst van immaterieel werelderfgoed.
Kenmerken van Soukous
Soukous wordt door iedere muzikant weer anders geïnterpreteerd. Toch is er een aantal vaste kenmerken aan te wijzen.
- Een eerste kenmerk zijn de grote bands. Soukous-bands bestaan doorgaans uit een veel muzikanten en dit aantal kon wel oplopen tot 20 muzikanten. Zij bespeelden een westerse en traditionele Latijns-Amerikaanse instrumenten. In een dergelijk orkest is een belangrijke rol weggelegd voor de elektrische gitaar. Daarnaast worden bas en koperblazers, zoals de saxofoon en trompet bespeeld. Verder zijn er conga’s, maracas, guiro (het kalebasvormige percussie-instrument dat een krassend geluid creëert) en houtblazers waaronder de fluit of klarinet. Pas in de jaren ’80 kreeg het toetsenbord en de synthesizer een prominente rol.
- Een tweede kenmerk is de mix van traditionele muziek met muziek uit Cuba, waaronder de Afro-Cubaanse son en jazz. De eerste Congolese rumba tracks waren in feite niet veel meer dan covers van Afro-Cubaanse liedjes die in fonetisch Spaans werden gezongen. Ook de moderne soukous kent nog steeds Caribische invloeden zoals zouk en Europese pop- en dansmuziek.
- Ten derde kent soukous een eigen ritme waarbij de slaggitaar bepaalde accenten legt en er diverse ritmes door elkaar heen worden gespeeld. Daarnaast bouwen de nummers zich vaak langzaam op naar een vrolijke uptempo middensectie genaamd de ‘sebene’. Dit is een instrumentale brug waarin de gitaristen gaan soleren en kunnen pronken met hun improvisatievaardigheden.
Top Soukous Muzikanten
De top soukous muzikanten zijn Papa Wendo, Yondo Sister, Rigo Star, Koffi O lomidé en Lea Lignanzi. Maar er zijn er nog veel meer.
Allereerst is er Franco. Eigenlijk heette hij François Luambo Makiadi en werd ook wel de ’tovenaar van de gitaar’ genoemd. Hij was een van de belangrijkste architecten van soukous-muziek. Als leider van OK Jazz (later omgedoopt tot TPOK Jazz) heeft Makiadi er in meer dan drie decennia, aan bijgedragen dat de gitaar de hoofdrol kreeg toebedeeld in de soukous.
Ook is er Sam Mangwana. Hij is een van de grote zangers in de soukous-muziek en speelde bij de meest invloedrijke Congolese bands: TPOK Jazz en African Fiesta. Ook had hij een succesvolle solocarrière. Mangwana leidde bovendien de African All-Stars (later Les Quatre Étoiles), die Congolese en West-Afrikaanse klanken samenvoegden.
Een derde top-artiest is Papa Wemba. Hij wordt soms de King of Rumba genoemd en dat is niet voor niks. Hij is namelijk een van de oprichters van de invloedrijke soukous-rockband Zaiko Langa Langa die in de jaren ’70 en ’80 grote populariteit genoot in Congo. In 1977 startte hij de band Viva La Musica. Hier begonnen veel soukous muzikanten hun carrière. In de tachtiger jaren had hij ook een succesvolle solocarrière en kreeg internationale bekendheid. Dat kwam omdat hij tijdens een tournee producer Peter Gabriel ontmoette. Die was onder de indruk van zijn talent, met als gevolg dat hij bij de platenmaatschappij van Gabriel, Real World, drie albums uitbracht.
Dr. Jimi Hendrix wilde hem maar al te graag ontmoeten: Nicolas Kasanda wa Mikalay beter bekend als Dr. Nico. Dr. Nico was een van de uitvinders van de soukous. Hij startte zijn loopbaan als rumba gitarist en was gitarist bij de band L’African Jazz en speelde mee op het onafhankelijkheidsnummer Indépendance Cha Cha. In de jaren ’70 en ’80 legde Dr. Nico de basis voor soukous. Hij is daarmee een heel belangrijke figuur in dit genre.
Een andere soukous held is Pascal-Emmanuel Sinamoyi Tabu. Je kent hem waarschijnlijk beter als Tabu Ley Rochereau. Hij dankt zijn bijnaam aan de gelijknamige Franse veldheer uit de negentiende eeuw. Samen met gitarist Dr. Nico mixte hij Afro-Cubaanse, Caribische en Congolese muziek tot de soukous zoals we die vandaag de dag kennen. Met zijn bands African Fiesta en African Fiesta Flash, schreef hij ongeveer 3000 nummers en nam hij 250 albums op. Hij was ook een talentscout. Zo ontdekte hij midden jaren tachtig ’80 de zangeres M’Bilia Bel.
Rochereau en M’bilia Bel trouwden en kregen een kind. Mongali is een nummer dat Rochereau in 1976 uitbracht. Het nummer gaat over een man die verliefd is op een vrouw genaamd Mongali en alles doet om haar hart te winnen.
Mbilia Bel was in haar jeugd al gek van muziek. Toen ze in 1976 hoorde Mbilia Bel dat zangeres Abeti Masikini op zoek was naar achtergrondzangers, greep ze kans met beide handen aan. na wat omzwervingen kwam ze Michel Sax tegen. Hij was saxofonist in de band Afrisa. Dat was de band van Tabu Ley Rochereau en die band was juist op zoek naar een zangeres. Het eerste nummer waarop Bel te horen is, is Mpeve Ya Longo. Het nummer gaat over huiselijk geweld. Later scoort ze als solozangeres nog veel meer hits en is inmiddels een van de grote soukoussterren van Congo.
Soukous Variant
Soukous is geen statisch genre en door onder meer nieuwe inzichten en invloeden van buitenaf ontstonden er steeds nieuwe varianten. Een van die varianten was de kwassa kwassa. En die stijl begon weer in de jaren ’80 met een dans die bedacht was door Jeanora, een monteur uit Kinshasa. Tijdens de dans deed hij net of hij een versnellingspook bediende. Deze dans werd nog populairder toen de in Parijs gevestigde zangeres Kanda Bongo Man er muziek op maakte.
Muzikanten luisterden ook goed naar de zouk uit het Franse West-Indië. Veel percussie en lekker veel energie. Door soukous te vermengen met zouk, ontstond de ndombolo. Deze snellere variant werd populair, maar viel niet altijd in goede aarde. Dat kwam door de zwoele dansbewegingen. In Europa en Afrikaanse landen als Mali en Kenia vond men deze dans obsceen. Populaire ndombolo-artiesten zijn Awilo Longomba, Koffi Olomide, J.B.
Soukous in Parijs
In de jaren tachtig werd soukous ook populair in Europa. Zaïko Langa Langa kent internationaal succes - niet enkel bij de Congolese diaspora in Europa - en treedt geregeld op in Brussel en Parijs.
Rochereau was een belangrijke innovator van de rumba, met name door drums te gebruiken. Hij is ook de eerste Afrikaanse artiest die optrad in de iconische Olympia-concertzaal in Parijs.
Voordat hij een extravagante superster werd die tientallen videocasettes van zijn concerten uitbracht, op een Rolls Royce poseerde in poloshirt, een van zijn zonen Saint James Rolls noemde en twee jaar voorwaardelijk kreeg voor de verkrachting van een minderjarige, was Koffi Olomide niets meer dan een ambitieuze artiest.
Magic System, een Ivoriaanse band die in 1996 ontstond, is door hun franstalige muziek ook populair in het Caribisch gebied en heeft samengewerkt met artiesten als Alpha Blondy. Asalfo, Goudé, Tino en Manadja verkochten tot nu toe ruim 1,5 miljoen legale cd’s in Afrika alleen.
| Artiest | Bekend van |
|---|---|
| Franco | Leider van OK Jazz (later TPOK Jazz), gitaarvirtuoos |
| Sam Mangwana | Zanger bij TPOK Jazz en African Fiesta, solo carrière |
| Papa Wemba | Oprichter van Zaiko Langa Langa en Viva La Musica, "King of Rumba" |
| Dr. Nico Kasanda | Rumba gitarist, L’African Jazz, pionier van soukous |
| Tabu Ley Rochereau | African Fiesta en African Fiesta Flash, talentscout (Mbilia Bel) |
| Koffi Olomide | Soloartiest, bekend om zijn ndombolo-stijl |
labels:
Zie ook:
- Steak en frites in Parijs: De beste restaurants voor een klassieke maaltijd!
- Bakkerij Paris Breda: Heerlijk Brood & Gebak in Breda
- Paris Brest gebak zelf maken? Het ultieme recept!
- Ontdek Het Ultieme Doritos Kip Recept: Krokant, Glutenvrij & Overheerlijk!
- Ontdek Knorr Wereldgerechten Gnocchi di Patate: Authentieke Smaken uit Verona!




