De maand mei is begonnen en daarmee komt ook de bekende uitspraak weer naar boven: 'In mei leggen alle vogels een ei, behalve de koekoek en de griet, die leggen in de meimaand niet.' Maar is dit wel zo? Deze vraag wordt beantwoord door vogelexpert Erik Bloeming en boswachter Maurice Kruk.

De oorsprong en onjuistheid van de uitspraak

Bloeming legt uit dat de uitspraak waarschijnlijk gewoon lekker bekte, maar dat deze niet klopt. Veel vogelsoorten in Nederland broeden in een andere maand. Zo leggen bosuilen soms al in december eieren, terwijl de meeste vogels, zoals de mees, merel en mus, hun eerste eieren in april leggen.

Kruk voegt hieraan toe dat het broedseizoen bij sommige vogels eerder in het jaar begint, waarschijnlijk door de opwarming van de aarde. Bloeming geeft het voorbeeld van de mezen, die hun eieren leggen als de bomen beginnen te bloeien, omdat er dan rupsen zijn voor de kuikens. Omdat de bomen eerder bloeien, leggen de mezen ook eerder hun eieren.

Trekvogels en latere broeders

De zomervogels (trekvogels), zoals de bosrietzanger of de wielewaal, leggen pas tussen mei en juli hun eerste ei. Deze vogels overwinteren in warme landen en komen pas eind april terug, aldus Bloeming.

Kruk merkt op dat sommige vogels, zoals de merel of het roodborstje, meerdere eieren per jaar kunnen leggen. Als hun eerste poging mislukt, proberen ze het soms in mei opnieuw.

De complexiteit van het eieren leggen

Kruk legt uit dat vogels niet alle eieren tegelijk leggen. In de eierstokken van vogelvrouwen liggen een heleboel eieren opgeslagen, die minuscuul klein zijn. De eieren die gelegd gaan worden in het nest, worden stukje bij beetje ontwikkeld in de eileider. Het meest ontwikkelde ei wordt als eerste gelegd, waarna de wachtende eieren opschuiven richting de uitgang.

De eieren zitten in de vogel zonder schaal eromheen. Die wordt pas als laatste gemaakt, om te voorkomen dat alle eieren stuk gaan als de vogel ergens tegenaan vliegt. Eerst wordt de dooier gevormd, met daarin vetten en andere voedingsstoffen. Daarna wordt het eiwit gemaakt, dat dient als drinkwater voor het kuiken. Ten slotte komt de eischaal, een kalkpantser om het kuiken te beschermen. Vogels die te weinig kalk krijgen, leggen windeieren zonder schaal.

De reden dat vogels eieren leggen in plaats van de jongen in het lichaam te houden, is dat vogels zo lichter blijven en beter kunnen vliegen. Het extra gewicht van jonge vogels in het lichaam zou het opstijgen bemoeilijken.

Vroege en late broeders

Er zijn vogelsoorten die al vroeg in het jaar beginnen met broeden, zoals de bosuil, roek, aalscholver, boomkruiper en kruisbek. Tussen eind januari en eind maart kunnen deze soorten al op de eieren zitten. Andere soorten, zoals de gierzwaluw, bosrietzanger en spotvogel, beginnen pas ergens in mei met broeden.

De merel als voorbeeld

Een paartje merels heeft een territorium en een nest, waarin 4 tot 5 eieren worden gelegd die 11 tot 15 dagen bebroed worden. De jongen in het nest worden 12 tot 15 dagen gevoerd en dan verlaten ze het nest. De merelman zoekt dan nog 2 tot 3 weken voedsel voor de uitgevlogen jongen, terwijl hij ook alweer paart met het vrouwtje, zodat zij vast weer eieren legt.

De sterfte onder jonge merels is vrij hoog, maar dit wordt gecompenseerd doordat een vogel veel eieren legt en meerdere keren broedt. Er is een balans in de natuur, waarbij onder de juiste omstandigheden voldoende dieren overleven, ondanks tegenslagen zoals het weer of ziekte.

De invloed van de stad

Merels in de stad kunnen heel kort op elkaar zitten, omdat de territoria daar klein zijn. Ook beginnen merels in de stad vroeger te broeden en zingen ze vroeger op de dag, vanwege het lawaai van het verkeer.

De koekoek en de griet

Het langere rijmpje "In mei leggen alle vogels een ei, behalve de koekoek en de griet, die leggen in de meimaand niet" is ook niet helemaal waar. De koekoek legt wel eieren vanaf mei, maar laat het broeden en opvoeden over aan andere vogels. De griet, die vaak wordt gezien als de grutto of de kwartelkoning, legt eieren in de periode van maart tot juni, dus ook in mei.

De grutto als nationale vogel

De grutto, in 2015 gekozen als onze nationale vogel, legt zijn eieren in de periode van maart tot zelfs juni. De kuikens verlaten na circa 24 dagen het nest en moeten zelf zorgen voor hun voedsel, maar mogen 's avonds wel weer de warmte opzoeken in het nest bij hun ouders. Na circa 24 dagen kunnen ze al vliegen en twee weken later vliegen ze terug naar West-Afrika.

Helaas gaat het niet goed met de grutto, door de intensieve landbouw. Er wordt hard gewerkt aan herstel van de natuur in Nederland, waar 90% van de grutto’s broeden.

De diversiteit van broedseizoenen

In tegenstelling tot het gezegde leggen lang niet alle vogels hun eieren in mei. De natuur is veel gevarieerder, met nesten die van januari tot augustus worden gebouwd, eieren die worden gelegd en gebroed. Iedere vogelsoort kent zijn eigen cyclus en zijn eigen wijze van het opvoeden van de jongen.

Vogelspotten

Er zijn veel verschillende vogelsoorten in Nederland die het hele jaar door of alleen in bepaalde seizoenen komen broeden. De meeste vogels die in de lente naar Nederland trekken om te broeden, leggen hun eieren in mei. Dit geldt bijvoorbeeld voor de koolmees, pimpelmees, merel en de huismus. Maar doordat het steeds vroeger in het jaar warmer is, gebeurt het ook steeds vroeger in het jaar.

Zo zijn er vogels die al in april beginnen met broeden, zoals de grutto en de tureluur. De weilanden en boerderijen zijn goede broedplekken voor vogels, want hier kunnen ze zich makkelijk voeden met de zaden, insecten en kleine dieren die daar te vinden zijn. Maar ook de schuren en stallen zijn niet veilig, want dit is de favoriete broedplek van de boerenzwaluw en de huismus.

Maar er zijn ook vogels die later in het jaar eieren leggen, bijvoorbeeld de ooievaar en de houtduif. Zij beginnen vaak pas in juni met broeden. Er zijn ook vogels die helemaal niet broeden in Nederland, zoals de flamingo en de pelikaan. Zij komen wel naar Nederland om te rusten of te overwinteren, maar gaan ergens anders broeden.

Het spreekwoord of gezegde "in mei leggen alle vogels een ei" is waarschijnlijk ontstaan omdat in de maand mei veel vogelsoorten beginnen met broeden en het leggen van eieren. In deze periode van het jaar zijn de omstandigheden voor vogels vaak gunstig: het weer is warmer en er is meer voedsel beschikbaar, waardoor vogels beter in staat zijn om hun jongen groot te brengen.

Dus nee, het is duidelijk dat niet alle vogels in mei een ei leggen.

labels: #Ei

Zie ook: