Het bewaren van restjes eten is natuurlijk heel duurzaam, maar hoe veilig is het opnieuw opwarmen van voedsel eigenlijk? Hierover gaan nogal wat verhalen rond. De één zegt dat bepaalde voedingsmiddelen absoluut niet opnieuw verhit mogen worden, terwijl de ander dit soort opmerkingen naar het land der fabelen verwijst.

Nitraat in groenten

Bieten, spinazie en andijvie: zomaar wat voorbeelden van groenten die veel nitraat bevatten. Nitraat komt van nature voor in dit soort groenten en wordt lange tijd gezien als een giftige stof. Uit nitraat kan nitriet ontstaan, wat ook lange tijd wordt gezien als een giftig bestandsdeel. Nitraat en nitriet hebben van oudsher dus geen goede reputatie, waardoor sommige mensen wat huiverig zijn om nitraathoudende producten opnieuw te verwarmen.

Het omzetten van nitraat naar nitriet zou sneller gaan door verhitting, is het idee. Deze argwaan is echter niet nodig, weet het Voedingscentrum. Uit een onderzoek van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid blijkt dat het eten van nitraat- of nitriethoudende groenten geen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt.

Champignons opnieuw opwarmen

Niet iedereen is gek op opnieuw verwarmde champignons, maar slecht voor de gezondheid is het zeker niet. Er gaan verhalen dat deze etenswaar opnieuw opwarmen voor spijsverteringsproblemen zou worden, maar dat is volgens het Voedingscentrum niet waar.

Wat wél waar is, is dat u beter geen heel doosje rauwe champignons kunt eten.

Aardappelen en botulisme

Botulisme is een zeer ernstige vorm van voedselvergiftiging die in Nederland maar weinig voorkomt. Mensen kunnen het onder meer krijgen door verkeerd ingemaakt, bewaard of bereid voedsel. Hoewel sommigen botulisme hebben gekregen na het eten van gebakken aardappelen, is het onjuist dat aardappelen helemaal niet opgewarmd mogen worden. Restjes kunnen gewoon opnieuw verwarmd worden.

Bent u toch wantrouwig? Weet dan dat de botulisme-veroorzaker botulinumtoxine geïnactiveerd wordt als u iets gedurende 5 minuten op minimaal 85 graden verhit.

Rijst en pasta

Ook het opnieuw opwarmen van rijst- en pastagerecht is volgens verschillende nieuwsbronnen iets wat men beter niet kan doen. Als dit soort gerechten te lang of niet koel genoeg bewaard worden en daarna in de magnetron of pan belanden, kan het zijn dat iemand de bacillus cereus bacterie binnenkrijgt. Bacillus cereus is één van de veroorzakers van een voedselvergiftiging.

Het Voedingscentrum adviseert daarom op rijst- en pastagerecht na de eerste bereiding snel af te kolen tot 4 graden en daarna niet langer dan 2 dagen te bewaren in de koelkast. Als u het binnen dat tijdsbestek opnieuw verwarmd en opeet is er meestal niets aan de hand.

Afhaalmaaltijden en magnetrons

Heeft u iets over van een afhaalmaaltijd? Het is niet altijd verstandig om dit te bewaren en opnieuw op te eten. De meeste mensen die iets willen opwarmen doen dit in de magnetron. Op zich niets mis mee, maar de magnetron warmt eten niet altijd gelijkmatig op.

Plastic bakjes in de magnetron

Veel mensen gebruiken plastic bakjes om iets op te warmen in de magnetron. Er wordt weleens gezegd dat deze bakjes giftige stoffen afgeven aan het eten, maar dat is niet waar. In 2016 buigt Jaap Seidell, hoogleraar Voeding en Gezondheid aan de VU in Amsterdam, zich al eens over dit onderwerp in het MAX-programma Tijd voor MAX.

Voedselverspilling en houdbaarheid

Nederlanders verspillen thuis gemiddeld 33,4 kilo eten per persoon per jaar aan vast voedsel. Vooral bij brood, groente, fruit, aardappelen en zuivel is veel winst te behalen. De hoeveelheid voedselverspilling thuis daalde sterk sinds 2013. Kopen wat je nodig hebt, precies op maat koken en eten en drinken op de juiste plek en bij de juiste temperatuur bewaren, helpt om voedselverspilling tegen te gaan. Hiermee kunnen consumenten hun milieu-impact verlagen. Door geen voedsel te verspillen kun je zo’n € 138 per persoon per jaar besparen.

Het verminderen van voedselverspilling is één van de belangrijkste aandachtspunten om klimaatverandering tegen te gaan en de groeiende wereldbevolking te kunnen voeden. Al ons voedsel is geproduceerd, verwerkt, vervoerd, verpakt en bereid. Hiervoor zijn grondstoffen, arbeid en energie nodig. Wanneer voedsel wordt verspild, zijn deze investeringen voor niks geweest. Op deze manier heeft voedselverspilling een impact op milieu, economie en sociale aspecten.

We hebben het over voedselverspilling als: voedsel dat is geproduceerd voor menselijke consumptie hier niet voor wordt gebruikt. Er is geen onderscheid tussen voedsel dat voor of na de houdbaarheidsdatum wordt weggegooid. Niet eetbare delen worden niet meegerekend.

De totale hoeveelheid verspilling in Nederland in de hele keten lag in 2019 tussen de minimaal 1.51 en maximaal 2.38 kiloton. Omgerekend per inwoner is dat tussen de 88 en 138 kilo per persoon. Als de verspilling van vast voedsel in huishoudens (exclusief dranken) nu geschat wordt op 33,4 kilo, betekent het dat huishoudens een aandeel hebben van zo’n 24 tot 38% van de totale verspilling in de keten. De vijf meest verspilde productgroepen zijn brood en deegwaren (6,2 kilo), groente (4,4 kilo), fruit (4,3 kilo), aardappelen (2,8 kilo) en zuivel (2,8 kilo).

Voedselverspilling in Nederland

Productgroep Verspilling (kilo per jaar)
Brood en deegwaren 6,2
Groente 4,4
Fruit 4,3
Aardappelen 2,8
Zuivel 2,8

In 2022 werd 8,9% van de totaal gekochte hoeveelheid voedsel verspild. We verspillen meer dranken dan in 2019: 64,4 liter per jaar in 2022 in plaats van 45,5 liter per jaar in 2019. We zijn meer koffie en thee gaan verspillen thuis.

Het verminderen van voedselverspilling is een van de belangrijkste aandachtspunten om klimaatverandering tegen te gaan en de groeiende wereldbevolking te kunnen voeden. Op dit moment zijn we halverwege de periode om dit doel te realiseren en is een vermindering van 23% gerealiseerd ten opzichte van 2015. Waar de geschatte hoeveelheid verspilling van vast voedsel in 2015 nog 43,3 kilo was, is dat in 2022 33,4 kilo. De sterke daling die sinds 2013 zichtbaar was, lijkt te stagneren. De gevonden hoeveelheid verspild voedsel was in 2022 slechts 0,9 kilo lager dan in 2019. Als er inderdaad sprake is van stagnatie en deze zet door in 2025, dan wordt de kans om het doel van 50% vermindering in 2030 te halen erg klein.

Iedereen verspilt voedsel. De een wat meer dan de ander. Maar bij ieder huishouden wordt wel een klein beetje voedselverspilling gevonden. Niet iedere consument is daarvan overtuigd. Ze denken dat het vooral een probleem is van een ander. Iets waar de buren vooral verantwoordelijk voor zijn. Verspilling komt het meest voor bij huishoudens met (jonge) gezinnen. Ook jongere consumenten verspillen relatief veel. Of je werkt lijkt ook gerelateerd aan voedselverspilling. Toch is er nog veel onduidelijk als het gaat om wie de grote verspillers zijn. Zo wordt er in huishoudens met (jonge) gezinnen relatief veel verspild, maar lijken ze per persoon minder te verspillen dan kleinere huishoudens.

Hoewel iedereen wel een beetje voedsel verspilt, wil niemand echt voedsel verspillen. Zo geeft 94% van Nederland aan hun best te doen om minder voedsel te verspillen. En vindt 95% het belangrijk om zo min mogelijk voedsel te verspillen. We willen dus wel degelijk voedselverspilling voorkomen.

Tips om voedselverspilling te voorkomen

  • Controleer je voorraad voor je boodschappen doet.
  • Bewaar restjes en open verpakkingen op een vaste plek.
  • Zet producten die als eerste op moeten vóór de andere producten.
  • Maak een menu voor de hele week en schrijf een boodschappenlijstje.
  • Kook precies genoeg.
  • Bewaar je eten op de juiste plek.
  • Eet producten voor het verstrijken van de datum op.
  • Houd wekelijks een kliekjesdag/donder-niet-weg-dag.

Houdbaarheidsdatums

Het is belangrijk om voedselverspilling te voorkomen, maar je kunt voedsel niet altijd meer veilig eten. Wanneer producten zijn bedorven kun je er een voedselvergiftiging van krijgen. Hoe lang een product houdbaar is, moet op de verpakking te vinden zijn. De houdbaarheidsdatum geldt zolang de verpakking niet is geopend.

  • ‘Ten minste houdbaar tot’-datum (THT): kijk, ruik en proef na de datum of het nog lekker is.
  • ‘Te gebruiken tot’-datum (TGT): gebruik of vries in voor of op de datum.

Consumenten vergeten bijvoorbeeld dat ze een product in huis hebben. De THT-datum verstrijkt en ze denken dan dat ze het voedsel niet meer kunnen consumeren. Maar de meeste producten met een verstreken THT-datum kunnen vaak nog dagen na de datum veilig worden gebruikt. Door te kijken, ruiken en proeven kan de kwaliteit van het product worden beoordeeld. Producten met een TGT-datum kunnen na de datum niet meer veilig worden gebruikt.

Het etiket kan helpen om voedselverspilling te voorkomen. Op het etiket staat een houdbaarheidsdatum. Producten met een verlopen THT-datum (kwaliteit gegarandeerd) kunnen mensen vaak nog eten zonder ziek te worden. Sommige producenten hebben ook iconen op de verpakking die duidelijker aangeven of het gaat om een THT- of TGT-datum. Ook helpt het consumenten te beoordelen of ze het product nog kunt eten of niet wanneer de datum is verstreken.

Invriezen en gekoeld bewaren

Invriezen of gekoeld bewaren is een belangrijke maatregel tegen verspilling. Door producten in te vriezen blijven ze langer goed. Bijna alles is in te vriezen. Bijvoorbeeld brood, maaltijdrestjes en vlees. Producten zoals groente, fruit en aardappelen kun je na wat bewerking invriezen. Kijk in de Bewaarwijzer hoe je dat per product het beste doet.

Gekoeld bewaren is belangrijk bij onder andere zuivel, vlees en groenten. Volg voor bewaaradviezen de instructies op de verpakking of gebruik de Bewaarwijzer. Een verpakking helpt om het product thuis en in de winkel langer vers te houden.

Wanneer we het hebben over voedselverspilling, dan gaat het om de eetbare delen van een product. Soms zijn er veiligheidsrisico's wanneer mensen minder willen verspillen en daarom niet-eetbare delen toch eten. Dit is bijvoorbeeld het geval als mensen schillen eten die daarvoor niet zijn bedoeld.

Wanneer voedsel wordt verspild, heeft er al impact plaatsgevonden op het milieu. Dit gebeurde tijdens elke stap van de productie, het vervoer, de verpakking en bereiding thuis. Naarmate voedsel later in de keten wordt weggegooid, zijn de milieueffecten relatief groter. Er is dan al veel energie gestoken in bewerking, transport, verpakking en bereiding. De geschatte broeikasgasuitstoot die gepaard gaat met het gehele proces dat aan verspilling bij de consument thuis voorafging, is 99 kilo CO2-equivalent per persoon per jaar. Daarnaast wordt het land dat nodig was voor productie van dit verspilde voedsel geschat op 70 m2 per persoon per jaar. Het water dat is verbruikt gedurende het hele proces van de verspilde producten, is geschat op 3 m3 per persoon per jaar. Voor heel Nederland komt dit op jaarbasis neer op gemiddeld 1.7 miljard kilo CO2-equivalent, 1.2 miljard m2 landgebruik en 50.4 miljoen m3 waterverbruik.

Verspilling van vlees en vleeswaren zorgt voor ongeveer 1/3 van de broeikasgasuitstoot en landgebruik dat voor niks is geweest voor de productie van het verspilde voedsel. Voor waterverbruik speelt de verspilling van fruit de grootste rol: bijna de helft van het waterverbruik dat nodig is geweest voor het verspilde voedsel. De verspilling van koffie en thee en zuiveldranken hebben ook een grote milieu-impact. Dierlijke producten zoals vlees, zuivel, kaas en zuiveldranken hebben een relatief hoge milieu-impact.

Het Voedingscentrum biedt informatie en tools om het tegengaan van voedselverspilling makkelijker te maken. Simpele oplossingen zijn bijvoorbeeld het gebruiken van een boodschappenlijstje, een maatbeker ( Eetmaatje) om de juiste porties te bepalen en weten welke producten je waar en hoe bewaart ( Bewaarwijzer). Met de Receptenapp slim Koken en de koelkaststicker zet het Voedingscentrum zich in om verspilling te verminderen bij consumenten thuis.

Het Voedingscentrum is kartrekker van de Actielijn Consumenten van de Stichting Samen Tegen Voedselverspilling.

labels: #Aardappel

Zie ook: