Petjel, ook bekend als petjil of pecel, is een gezonde groentesalade uit Indonesië. Het is een gerecht dat vaak wordt verward met gado-gado. Dat is niet zo verwonderlijk, want beide gerechten lijken veel op elkaar. Petjel is de Oost-Javaanse versie van gado-gado en is ook een mix van geblancheerde groenten, die koud of lauwwarm worden geserveerd.
Het fijne van gerechten als petjel is dat je het zo bont kunt maken als je zelf wil. Geen lontong in dit groentegerecht trouwens, wél een heel scala aan geblancheerde groenten dus. Deze frisse Indische groentesalade is heerlijk veelzijdig: als bijgerecht bij een rijsttafel, als lichte lunch, of gewoon als hoofdgerecht met wat witte rijst ernaast.
De combinatie van knapperige groenten met een geurige, volle pindasaus maakt petjil zoo lekker. En het mooiste? Op het eerste gezicht doet petjil misschien denken aan gado gado. Beide gerechten combineren groenten met pindasaus, maar de smaak is echt wel anders. Petjil is frisser, lichter en de saus wordt vaak net iets pittiger gemaakt.
Waar gado gado meestal ook warme groenten bevat, mag petjil gerust lauwwarm of zelfs koud gegeten worden. Wat petjil ook aantrekkelijk maakt, is de vrijheid die je hebt met de groente-keuze. Zelf kies ik graag voor een combinatie van komkommer, sperziebonen en spitskool. Soms vervang ik de spitskool door Chinese kool, of gebruik ik babyspinazie als ik dat toevallig in huis heb. Komkommer en boontjes zijn voor mij wel onmisbaar, vanwege hun structuur en frisse smaak.
Petjel kan in combinatie met andere gerechten worden geserveerd, maar ook met rijst als volledig hoofdgerecht. Dit gerecht is erg geliefd bij vegetariërs.
Het Verschil Tussen Gado-Gado en Petjel
Op het eerste gezicht lijkt petjel misschien op gado-gado. Beide gerechten combineren groenten met pindasaus, maar de smaak is echt wel anders. Het grootste verschil zit ‘m in de saus. Die heeft - net als die van gado gado - pinda’s als basis, maar daar houdt de vergelijking verder mee op.
De saus voor petjel is frisser en ook wat pittiger dan die voor Gado-gado. In de pindasaus zit verder naast de bekende smaakmakers namelijk ook trassi (pasta van gedroogde garnalen) en kentjoer (een wortel verwant aan gember).
Petjel saus smaakt meer pedis (pittig) dan gado gado saus. En petjel saus smaakt wat kruidiger met name door de toevoeging van trassi en kentjoer.
Ingrediënten en Variaties
Wat groentes betreft het je het dus voor het uitzoeken, de saus vraagt alleen wat meer aandacht. In veel Indische families wordt gezegd dat je kentjoer nooit kunt vervangen - en daar zit wat in.
De pindasaus is natuurlijk het hart van dit gerecht. De smaak staat of valt met de boemboe - de basispasta - die je maakt van sjalotten, knoflook, rode peper, trassi (optioneel), gula djawa, zonnebloemolie én kentjoer in de hakmolen. Kentjoer, ook wel kencur genoemd, is een wortel uit de gemberfamilie en wordt veel gebruikt in de Indische keuken. Het is dat ene ingrediënt dat petjil, net als in de tjarantjam salade, zijn karakter geeft.
Je kunt de groenten uiteraard van tevoren voorbereiden, bij een rijsttafel scheelt dat stress, maar ik zou het wel op de dag zelf doen, niet eerder. De salade hoort lauw of lauwwarm te zijn. Koud heeft zij minder smaak. Uiteraard kun je met de saus variëren en ingrediënten vervangen met wat je toevallig in huis hebt.
De variaties op de groenten zijn uiteraard ook eindeloos. Ik meng mijn petjel vaak met wat plukjes gare kip (tahu of tempeh kan ook) en serveer het met een gekookte eitje en rijst als maaltijd.
Voor deze verse gebruikte ik kouseband, kangkung, paksoi, Chinese kool en taugé. Ook het ingrediënt kangung kwam ik voor het eerst tegen tijdens het maken van De Smaak van Verlangen. Kangkung, of kangkoeng wordt ook moerasspinazie of waterspinazie genoemd. Het is wat milder van smaak dan de Hollandse spinazie.
Variaties in de saus
- Limoen, citroen of tamarinde ipv djeroek limo.
- Geen trassi en petis maar een schepje gelebonensaus voor een vegetarische petjelsaus.
- Een schep sambal oelek als je geen pepers in huis hebt.
- Amandelen of cashewnoten in plaats van pinda’s.
- Uitjes rauw gebruiken of zelf bakken.
- Of toch gewoon zo’n sausmix gebruiken en zelf een beetje pimpen.
Petjel in Suriname
Petjel is erg populair in Suriname, waar het recept ooit door de Javanen mee naar toe werd genomen. Vast onderdeel van de Surinaamse petjel is dagoeblad (waterspinazie).
Hoe Maak Je Petjelsaus?
Zelf maken is helemaal niet moeilijk, maar er zijn ook instant petjelsaus mixen op de markt waarvan de ingrediënten niet veel anders zijn dan wanneer je het zelf maakt. Voor de instant petjelsaus roer je de korrels met wat water (verhouding 60ml water op 100g korrels) in een pannetje op een zacht vuurtje tot een egale saus.
Begin altijd met wat minder korrels dan je nodig denkt te hebben zodat je de saus wat dikker kunt maken als die te dun is geworden. Je wilt een wat dikkige saus, want samen met de geblancheerde groenten verwatert het vaak nog een beetje. Ook al gebruik je een kant-en-klare saus, wat extra limoensap of sambal is altijd lekker.
Serveer de afgekoelde saus naast of over de salade of meng hem er alvast doorheen. Restjes petjelsaus kun je gewoon invriezen voor een volgende keer.
Bak de pinda’s in wat olie of rooster ze 15 minuten in een oven van 160°C tot ze wat bruiner zijn (het verschil tussen wel of niet bakken zie je hier). Ik snijd altijd eerst de chilipepers fijn, rasp de kentjoer, knoflook en schil van de limo(en) om zeker te zijn dat ze goed verdeeld worden in de saus, maar normale mensen laten de keukenmachine gewoon al het werk doen.
Hou wat pinda’s achter zodat je de saus dikker kunt maken als die te dun uitvalt. Draai van alle ingrediënten een mooie, niet te dikke, niet te gladde pindasaus. Gemengd met de geblancheerde groenten verwatert de saus vaak nog wat.
Recept: Petjel (salade met pittige pindasaus)
Dit gerecht is een van mijn favorieten. Je neemt een schaal vol lekkere groenten en maakt hier samen met een pittige pindasaus een heerlijke salade van.
Ingrediënten:
- 1 ui, grof gesneden
- 2 tenen knoflook, gehalveerd
- halve tot hele eetlepel sambal oelek
- halve theelepel gemalen kentjoer
- 4 eetlepels pure pindakaas (zonder toegevoegde suiker)
- 1 theelepel suiker (optioneel)
- 1 theelepel trassi (optioneel)
- halve citroen (het sap)
- zout naar smaak
- klein bakje taugé, schoongemaakt
- 500 gram (diepvries) sperziebonen
- 200 gram verse spinazie
- halve spitskool, in dunne reepjes gesneden
- halve komkommer, in halve maantjes gesneden
- 150-200 milliliter water
- kroepoek of emping
- gebakken uitjes
- 1 eetlepel olie
- 2 liter water om de groenten in te blancheren
Bereiding:
- Snijd 1 ui en 2 tenen knoflook in grove stukken. Doe dit samen in een hakmolentje samen met een halve tot hele eetlepel sambal oelek, 1 theelepel trassi (optioneel), 1 theelepel suiker en een halve theelepel gemalen kentjoer. Je kunt ook een staafmixer gebruiken om de boemboe te pureren.
- Verhit een eetlepel olie in een steelpan en fruit de boemboe hierin aan voor 2 minuten. Als de boemboe is aangefruit doe je deze terug in het hakmolentje (of beker van de staafmixer) en voeg je 4 eetlepels pindakaas toe. Pureer dit tot een papje.
- Doe vervolgens het pindakaas papje in de steelpan en voeg 150 tot 200 milliliter water toe. Maak de saus zo dik of dun zoals je zelf wilt. Proef de saus en breng op smaak met zout en het sap van een halve citroen. Zet de saus apart tot gebruik.
- Nu ga je de groenten snijden en een aantal groenten blancheren/beetgaar koken. Zet alvast een grote pan water met een snufje zout op en breng het water aan de kook. Snijd een halve komkommer in halve maantjes. Was 200 gram spinazie en doe dit samen in een grote schaal.
- Snijd een halve spitskool in dunne reepjes en haal 500 gram sperziebonen uit de vriezer. Doe de sperziebonen in de pan kokend water en kook ze beetgaar in ongeveer 4 minuten. Schep ze met een schuimspaan uit de pan en spoel ze af onder de koude kraan. Doe ze in de schaal bij de komkommer en spinazie.
- In dezelfde pan water blancheer je nu de gesneden spitskool. Dit hoeft maar 2 minuutjes. Schep de kool eruit met de schuimspaan en laat goed uitlekken. Doe dit er ook bij in de schaal.
- Spoel de taugé goed af en maak deze schoon. Haal de schilletjes en de staartjes eraf. Dip ze een paar seconden in het warme water en doe dit er ook bij in de schaal.
- Nu zijn de voorbereidingen klaar en kun je de salade gaan opmaken. Verwarm de saus (verdun deze iets indien nodig) en voeg deze bij de schaal met de groenten. Schep alles goed om met behulp van slabestek.
- Verdeel de salade op borden of serveer het op een grote schaal. Je kunt dit goed van tevoren voorbereiden. De toppings (verkruimelde kroepoek, emping en gebakken uitjes) doe je er pas op net voor het serveren anders wordt het zacht. Het is juist de bedoeling dat het knapperig blijft.
Een heerlijke Indonesische salade van geblancheerde groenten met petjelsaus en kentjoer!
labels: #Ei
Zie ook:
- Steak Tartaar Culinair: Bereiding & Perfecte Recept Tips!
- Tip Culinair Recepten: Inspiratie & Kookideeën!
- Culinair koken voor vrienden: Tips & Recepten voor een onvergetelijke avond
- Ontdek Verrukkelijke Lasagne met Romige Ricotta in Plaats van Bechamel - Simpel en Snel!
- Ontdek de Verleidelijke Wereld van Chinese Zoete Rode Wijn: Alles Wat Je Moet Weten!




