Eten en drinken zijn fundamentele behoeften die een centrale rol spelen in ons leven. Ze zijn niet alleen essentieel voor onze fysieke gezondheid, maar ook diep verweven met onze cultuur, religie en sociale interacties.

De Piramide van Maslow en de Basisbehoeften

De piramide van Maslow, een theorie van Abraham Maslow, brengt de behoeften van de mens in kaart. Maslow beschrijft in zijn theorie 5 universele behoeften van de mens en brengt hiërarchie aan in deze behoeften. Maslow stelt dat er in de bevrediging van deze behoeftes een volgordelijkheid zit. De mens gaat eerst op zoek naar eten & drinken voordat het op zoek gaat naar sociale erkenning.

Maslow doelt met de zogenaamde fysiologische behoeften op de meest basale behoeften van de mens om het menselijk lichaam te kunnen laten functioneren. Denk daarbij aan de lichamelijke behoeften als lucht, voedsel, slaap en de mogelijkheid om naar het toilet te gaan. Als voorzien is in de lichamelijke behoeften gaat de mens op zoek naar bestaanszekerheid. De mens gaat zich in groepen organiseren. Om zo fysieke veiligheid en economische zekerheid te creëren.

Maslow stelt dat als wordt voorzien in lichamelijke behoeften en in bestaanszekerheid de mens op zoek gaat naar sociaal contact. De mens wil ergens bij horen. De mens heeft behoefte aan liefde en sociale verbondenheid. Mensen zijn op zoek naar groepen waarmee ze zichzelf vereenzelvigen. Als voorzien is in de lichamelijke-, veiligheids- en sociale behoefte streeft de mens naar eigenwaarde en status binnen de groep. Waarbij Maslow bij eigenwaarde doelt op de zelfverzekerdheid waarin de mens in de wereld staat. Wat weer direct samenhangt met de waardering van anderen.

Als ook in de behoefte aan waardering en erkenning wordt voldaan streeft de mens naar persoonlijke groei. De mens streeft ernaar om haar talenten maximaal te ontwikkelen.

De behoeftepiramide van Maslow wordt breed toegepast. In de economie, psychologie, sociologie, organisatiekunde en marketing speelt de hiërarchie van de menselijke behoefte een belangrijke rol. Omdat met de behoeftepiramide duidelijk wordt van mensen motiveert. Zo wordt in economisch slechte tijden geadviseerd om te investeren in bedrijven die voedingsmiddelen produceren. Immers ook in economisch slechte tijden moeten mensen blijven eten en drinken. En proberen verzekeringsbedrijven hun verzekeringen te verkopen door in te spelen op de behoefte aan bestaanszekerheid.

De kracht van de piramide is dan ook dat Maslow met zijn piramide voorziet in een brede behoefte van marketeers, organisatiedeskundigen en economen om meer inzicht te krijgen in wat mensen nu motiveert. Maslow geeft met zijn behoeftepiramide een grote rol gespeeld in het ontstaan van de human relations beweging. Human relations is een stroming binnen het vakgebied Organisatie & Management die stelt dat het handelen van de medewerkers is te beïnvloeden door hen te motiveren. Door in te spelen op de behoefte van de individuele medewerker enerzijds en op de groepsdynamiek anderzijds. De behoeftepiramide van Maslow heeft daar een belangrijke rol in gespeeld.

In de human relations benadering wordt de medewerker als mens gezien en de organisatie als een verzameling van mensen met een gemeenschappelijk doel. Met deze zienswijze wordt het aansturen van organisaties ook lastiger. Met het ontstaan van de human relations benadering hebben begrippen als persoonlijke aandacht, persoonlijke ontwikkeling, arbeidsmotivatie, groepsdynamiek en samenwerking hun intrede gedaan. Aspecten die in de huidige tijd nog steeds een belangrijke rol spelen in het denken over de aansturing van organisaties.

De bijdrage van Maslow bestaat overwegend uit het formuleren van een persoonlijkheidstheorie, terwijl het accent bij Rogers meer ligt op de psychotherapie. Mensen worden gemotiveerd tot handelen vanuit behoeften die ze hebben. Het meest basaal zijn de lichamelijke behoeften (eten, drinken, slaap, seks, bescherming tegen extreme omstandigheden). De vervulling ervan is noodzakelijk voor lichamelijke overleving. Vervolgens hebben we de behoefte aan veiligheid, aan liefde en het gevoel ergens bij te horen en de behoefte aan waardering vanuit de omgeving. Maslow stelt dat psychoanalyse en behaviorisme zich ten onrechte tot deze behoeften beperken. We hebben immers ook de behoefte aan zelfactualisering, een groeibehoefte.

Meukvrij Eten en Drinken

Meukvrij eten en drinken is geen bepaalde eetwijze of stroming. Het is lekker en gezond eten en drinken, zonder meuk. Hoe iemand dit invult is geheel persoonlijk. Als je dit rijtje zo eens opleest, kun je denken dat er niet veel meer overblijft, want ik som hierboven zo’n beetje de inhoud op van vele supermarkten. Gelukkig kunnen we nog erg veel kanten op. Het ligt er zeer sterk aan, hoe iets wordt gemaakt en verpakt.

Velen vragen mij, of ik een speciaal programma heb om te “ leren” om meukvrij te eten en drinken. Dit heb ik niet. Omdat ik meukvrij eten niet zie als iets wat MOET. Iets wat je MOET volgen volgens bepaalde regeltjes. Meukvrij eten/drinken is een manier van leven. En hoe iemand dat invult, is geheel aan die persoon.

Als ik naar mezelf kijk, eet ik volledig meukvrij, maar ook niet altijd biologisch. En ik eet zuivel, maar dan wel biologisch/dynamisch. De definities van “ meukvrij” zijn daarom breed, TE breed om in een hokje te stoppen en daarom heb ik daarvoor niet gekozen. Ik wil dat iedereen lekker vrij kan omgaan met zijn of haar voeding. Geen regels. Geen “ ik MAG dit/dat/zus/zo niet” Want meukvrij eten is 100% gezond, en alles MAG.

Door meukvrij in de breedste zin van het woord te nemen, wordt het vanzelf toegankelijker. Meukvrij beperkt zich niet omdat het zich niet aan regeltjes hoeft te houden. HOE meukvrij jij wilt eten en drinken, ligt dus aan jouw wensen. Alles wat je feitelijk hoeft te doen is de juiste keuzes maken.

Als je pas begint lijkt het een enorme zoektocht. Maar je zult al erg snel merken, dat dit juist erg meevat omdat alles, eenmaal eens een keer geprobeerd, als vanzelf gaat en je niet eens merkt dat je een stronk broccoli koopt en bereid in plaats van een pot of blik groenteconserven. Ik maak er geen geheim van, dat ik iedere dag meer dan anderhalf kilo verse groente eet. Zowel rauw als kort gestoomd of gekookt.

Ik heb mijn voeding aangepast op mijn dagelijkse activiteiten. Ik sport veel. En vraag ookl geestelijk erg veel van mijn lijf. Voor mijn werk optimaal te kunnen blijven doen heb ik voor een zeer uitgebalanceerd voedingspatroon gekozen. Deze bestaat voornamelijk uit verse groente. Daarnaast vul ik het aan met de juiste vetten en eiwitten. Ik gebruik zuivere kokosolie en avocado olie. Soms zuivere olijfolie.

Qua groente eet ik iedere dag weer anders. Ik eet vrijwel elke dag wel zoete aardappelen, gewoonweg, omdat ik daar verslaafd aan ben 😉 Maar iedere dag variëren is ook ontzettend belangrijk om zo alle gezonde voedingsstoffen binnen te krijgen. Ik eet erg veel groente uit het seizoen en zo biologisch mogelijk. Ik bof enorm met een paar ontzettend lieve mensen om mij heen, met gigantische moestuinen. Ik krijg dagelijks verse biologische groenten rechtstreeks uit de moestuin. Verrukkelijk.

Ik verdeel de groente in porties. Dit doe ik in kommen of bakjes om in de koelkast te zetten als het warmer weer is. Steeds als er behoefte is aan energie, pak ik zo’n portie en smul daarvan. Ik verdeel de groente ook over de drie hoofdmaaltijden. Waarvan het meest wordt genuttigd tijdens het ontbijt. Ik heb iedere morgen als ik opsta altijd een enorme honger. Dus vraagt mijn lijf om energie.

Zoals je kunt lezen, eet ik als ik BEHOEFTE heb om te eten. Ik luister naar de signalen van mijn lichaam. Dit is heel erg belangrijk. Ieder mens heeft andere activiteiten op een dag, ieder lichaam is anders. Daarom is het van cruciaal belang om naar je lichaam te luisteren en niet naar de vele bloggers, dieet-goeroe’s en de talloze stromingen aan diëten . Vind een voedingspatroon, wat bij jou past. Waar je je fit en vitaal bij voelt, waarmee je op gewicht blijft. Dat kan geen enkel dieet-voorschrift voor jou oplossen, dat moet je zelf doen. Onthou, dat diëten een mooie richtlijn kunnen bieden, maar niet jouw persoonlijke voeding kunnen bepalen. Dat bepaalt jouw lichaam.

Eten en Drinken in Religieuze en Culturele Contexten

Eten en drinken is een belangrijk thema in verschillende religies en culturen. Binnen het boeddhisme verwijst het naar voedsel dat in rituelen wordt gebruikt, maar dat uiteindelijk nietig is omdat het lichaam terugkeert naar de aarde. In het hindoeïsme wordt het gezien als de essentiële benodigdheden voor het leven en Vedic rituelen. Jainisme benadrukt het belang van gematigdheid bij het consumeren door monniken. In Zuid-Azië en Tibetaanse boeddhisme zijn eten en drinken ook cruciaal voor rituelen en zorg voor de gemeenschap.

  • Boeddhisme: Het geven van voedsel en drank is een daad van vrijgevigheid. Het is essentieel voor het onderhoud van het lichaam.
  • Hindoeïsme: Het wordt gezien als een basisbehoefte, essentieel voor het welzijn. Het is ook verbonden met de eigenschappen die aan vrouwen worden toegeschreven.
  • Jainisme: "Eten en drinken" verwijst naar de consumptie door monniken en nonnen, waarbij zuiverheid en voorschriften centraal staan.

Breatharians: Leven van Lucht?

Breatharians houden er een aparte levensstijl op na. In plaats van op eten en drinken, leven ze op ‘levensenergie’, ook wel prana genoemd. Dat druist natuurlijk tegen elke vorm van gezond verstand in, maar zelf vinden ze het de normaalste zaak van de wereld.

Het woord prana komt uit het Sanskriet en betekent zoiets als 'levenskracht' of 'levensadem'. Wereldwijd zouden er enkele duizenden mensen zijn die zoals Brahman zeggen te leven op prana. Toch is er geen wetenschappelijk bewijs dat mensen energie uit lucht kunnen halen. Dr. Edwin M. Spithoven, internist-nefroloog aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht, gelooft er dan ook weinig van: ‘Als je kijkt naar basale lichaamsfuncties, is het simpelweg niet mogelijk om te leven zonder eten of drinken. Je lichaam haalt de energie en voedingsstoffen uit voeding die nodig zijn voor allerlei processen in het lichaam.’

Wat gebeurt er precies wanneer je ineens stopt met eten? Je lichaam verbrandt dan de eigen reserves aan suikers, vet en eiwitten. Mensen die zeggen te leven van prana, claimen dat dit bij hen niet gebeurt. Toch wijzen wetenschappelijke studies uit dat stoppen met eten en drinken, niet geheel verrassend, leidt tot verhongering, uitdroging en schade aan allerlei organen. Het lichaam kan in uiterste geval ongeveer 1 - 2.5 maanden zonder eten, echter niet zonder drinken. Zonder drinken droog je uit en op den duur zullen je nieren en andere organen het begeven. Uiteindelijk zal dit eindigen in de dood.

Volgens medici is deze mindset juist erg gevaarlijk, simpelweg omdat je lichaam absoluut niet langere periodes zonder voedsel en vocht kan. En Brahman? Die beweert dat je wel degelijk kunt leven van de lucht, als je het maar geleidelijk doet: ‘Als je ook zo wil leven, moet je je voeding rustig afbouwen. Het is niet zo dat als je veel minder eet, je al een eind onderweg bent. Je lichaam heeft dan nog steeds voeding nodig en dan doe je je lichaam tekort. Dan loop je op de lange termijn schade op. Doe dit alleen onder begeleiding.’

Gastronomie: De Kunst van Lekker Eten en Drinken

Lekker eten en drinken is in Nederland tot grote hoogte gestegen: chefkoks van restaurants De Librije en Rijks hebben een sterrenstatus, kookprogramma's op televisie rijzen de pan uit en naar de jaarlijkse Michelinsterren, de punten van Gault&Millau en de Lekker Top 100 kijken foodies reikhalzend uit.

Het woord ‘gastronomie’ komt van het Oudgriekse woord gaster (maag) en nomos (kennis). In een brede definitie slaat ‘gastronomie’ op de eetcultuur van een bepaald gebied, bijvoorbeeld de Franse of Japanse gastronomie. Alle kennis over eten, alle productiemiddelen, hoe voedsel door mensen wordt ervaren en wat het voor hen betekent komt in dit koepelbegrip samen.

De omschrijving wordt ook gebruikt in de betekenis van ‘met name door de Franse school geïnspireerde kookkunst’. Natuurlijk hebben andere windstreken ook hun eetculturen, maar de oorsprong van gastronomie in enge zin ligt (voornamelijk) in Frankrijk. Mensen die verzot zijn op gastronomie worden gastronomen genoemd: lieden ‘die grote waardering kunnen opbrengen voor de geraffineerdste voortbrengselen van culinaire kunst’.

Eten wordt in de loop van de geschiedenis niet louter meer een middel om onszelf te voeden, maar een manier van de elite om te koop te lopen met hun welvaart. Mensen die deze schaarse producten goed kunnen bereiden (koks) krijgen aanzien. Met het toenemen van de welvaart raakt in de loop der tijd haute cuisine ook beschikbaar voor lagere sociale klassen. Het genieten van hogere kookkunst wordt voor sommigen ‘a way of life’. Hedendaagse foodies (in een vroeger tijdperk gourmands genoemd) zijn hiervan een voorbeeld.

Eethuizen, oftewel plekken waar gegeten kan worden of waar gerechten kunnen worden afgehaald door hongerigen die zelf niet in de gelegenheid zijn voedsel te bereiden, zijn letterlijk zo oud als de weg naar Rome - en waarschijnlijk ouder. In de achttiende eeuw komen er in Parijs eethuizen die niet alleen een redelijk betaalbare maaltijd aanbieden, maar ook een veel duurder ‘restaurant’. De letterlijke betekenis hiervan is ‘opkikker’ of ‘hersteller’.

De Franse gastronomie raakt langzamerhand steeds meer in de ban van heldenverering. Grote chefs worden - tot op de dag van vandaag - vereerd en hun gerechten horen tot het culturele erfgoed. Vertegenwoordigers van de nouvelle cuisine willen eenvoud terug in de Franse keuken. Hun stijl van koken onderscheidt zich door het gebruik van zoveel mogelijk verse producten, het liefst uit de streek van het restaurant zelf. Sterke marinades wijzen zij af, net als de gewoonte gerechten te overgieten met zware sauzen. Nieuwe technieken als de magnetron schuwen ze niet en ze willen openstaan voor creativiteit en nieuwe smaakcombinaties.

De bovenlaag kijkt vooral richting Frankrijk. Decennialang laten Nederlandse koks zich scholen in Frankrijk, ze voeren Frans in als de voertaal in Nederlandse keukens en ze doen hun best zo goed mogelijke Franse gerechten na te koken. Oude menukaarten van Nederlandse restaurants - zowel van eenvoudige stationsrestauraties als chique tenten - zijn steevast in het Frans opgesteld, zelfs als het om simpele broodjes kaas gaat. Nog tot in de jaren negentig voeren Franse termen de boventoon.

Na de nouvelle cuisine met alle extreme versimpelingen komt uit Amerika fusion overwaaien, een culinaire stroming die het zoekt in combinatie van kookstijlen, tradities en technieken van verschillende windrichtingen, met name uit westerse en oosterse. Slow Food wordt gevolgd door de Spaanse chef Ferran Adrià en zijn moleculaire tovenaarsbende. Zij benaderen het koken vooral wetenschappelijk.

Uit Amerika komt de Raw Food-beweging, die in principe ingrediënten en voedingsmiddelen rauw verwerkt en Scandinavië verovert sinds de eeuwwisseling de culinaire wereld met hun New Nordic Cuisine (Det nye nordiske køkken), een zogenaamd heruitgevonden oerkeuken die gebruik maakt van obscure lokale natuurproducten. En Zuid-Amerika dient zich aan, met de Peruvian Cuisine als belangrijkste vertegenwoordiger. Ook in Frankrijk groeit een nieuwe tak aan de gastronomische boom: bistronomie, een stijl van koken zonder al te veel technische toeters en bellen, maar met een romantische hang naar de bistro’s van weleer. In Nederland wordt een vergelijkbare stroming door restaurantcritica Hiske Versprille ‘nieuw ruig’ genoemd. Het zal zonder enige twijfel niet de laatste tak zijn.

Gastronomie slaat op de eetcultuur van een bepaald gebied. Alle kennis over eten en hoe voedsel door mensen wordt ervaren komt in dit begrip samen. Haute cuisine: luxe gerechten van dure of schaarse ingrediënten. Door de toenemende welvaart later ook bereikbaar voor lagere sociale klassen.

Door gastronomie kan welvarendheid worden getoond, waardoor koks steeds inventiever worden en bereidingswijzen steeds complexer. De nouvelle cuisine wil eenvoud terug in de keuken. Restaurants gebruiken zoveel mogelijk verse producten, het liefst uit de eigen streek. Nederlandse koks laten zich decennialang scholen in Frankrijk en nemen Franse gerechten over. Andersom is de waardering veel minder groot. De invloed van andere landen op de gastronomie wordt steeds groter.

labels:

Zie ook: