Sucralfaat is een medicijn dat wordt gebruikt om maagzweren en andere maagklachten te behandelen. Het werkt door een beschermende laag te vormen op de beschadigde plekken in de maag en slokdarm, waardoor deze kunnen genezen. Hieronder volgt een uitgebreide uitleg over de werking en het gebruik van sucralfaat.
Wat is Sucralfaat?
Sucralfaat is een basisch aluminiumsaccharosesulfaat. In de zure omgeving van de maag vormt sucralfaat samen met weefseleiwitten een complex aan het oppervlak van ulcera, laesies en het maagslijmvlies. Dit complex biedt bescherming tegen de inwerking van pepsine, maagzuur en galzuur, wat de genezing bevordert.
Werking van Sucralfaat
Sucralfaat beschermt het maagslijmvlies tegen de inwerking van pepsine, maagzuur en galzuur, wat de preventie of regressie van ulcera bevordert. Na orale toediening wordt 0,5-2% binnen 96 uur met de urine uitgescheiden.
Gebruik van Sucralfaat
Sucralfaat kan worden gebruikt voor de preventie van stressulcera bij ernstig zieke patiënten en voor de behandeling van maagklachten en zweren.
Toediening
- Tablet: Bij slikproblemen kan de tablet op de breuklijn worden gebroken of verpulverd. Het poeder mengen in een half glas water (120 ml) en direct opdrinken of toedienen via een neusmaagsonde. Het glas naspoelen met nog een half glas water en ook direct opdrinken of de neusmaagsonde naspoelen met 10-15 ml.
- Granulaat: Innemen na omroeren in een glas water.
- Suspensie: Sachet goed kneden voor gebruik om de inhoud te homogeniseren. De inhoud van het sachet kan direct in de mond uitgeknepen of uitgedrukt op een lepel worden ingenomen. Bij toediening via een neusmaagsonde, deze naspoelen met 10-15 ml water.
Dosering
De dosering van sucralfaat varieert afhankelijk van de indicatie:
- Volwassenen: 1 g 4×/dag òf 2 g 2×/dag, gedurende 4-6 weken; zo nodig 12 weken.
- Preventie van stressulcera bij ernstig zieke patiënten: Tablet.
Voor een optimale werking is het belangrijk om sucralfaat op een lege maag in te nemen. Bij viermaaldaagse toediening: 1 dosis innemen (de tablet ½-1 uur) vóór het ontbijt, lunch, diner en bij het naar bed gaan. Bij tweemaaldaagse toediening: 1 dosis innemen 's ochtends bij het opstaan en 's avonds bij het naar bed gaan.
Bijwerkingen
Net als alle medicijnen kan sucralfaat bijwerkingen veroorzaken. De meest voorkomende bijwerkingen zijn:
- Vaak (1-10%): Obstipatie.
- Soms (0,1-1%): Misselijkheid, droge mond, exantheem, urticaria.
- Zelden (0,01-0,1%): (Draai)duizeligheid, vol gevoel, bezoar.
- Verder zijn gemeld: Anafylactische reacties (zoals huiduitslag, jeuk, oedeem, dyspneu), hoofdpijn, suf voelen, braken, flatulentie, hypofosfatemie, hyperglykemie bij diabetespatiënten.
Het is belangrijk om bijwerkingen te melden aan uw arts of apotheker.
Interacties
Sucralfaat kan de absorptie van andere medicijnen beïnvloeden. Houd daarom minstens 1 uur aan tussen inname van sucralfaat en de inname van zuurremmers en protonpompremmers. Niet gelijktijdig toedienen met citraatpreparaten, omdat aluminiumspiegel in het bloed kan stijgen.
Gelijktijdig gebruik van sucralfaat met tobramycine, colistine, amfotericine B, fenytoïne, sulpiride, digoxine, cimetidine, (fluor-)chinolonen, ketoconazol, theofylline, ursodeoxycholzuur, thyromimetica of tetracyclinen kan de absorptie van deze middelen verminderen; daarom sucralfaat ten minste 2 uur na deze middelen toedienen. De absorptie van vitamine K-antagonisten kan afnemen; nauwkeurig de stollingswaarden controleren bij beginnen, veranderen of staken van de behandeling met sucralfaat. Sucralfaat kan binden aan en interfereren met de opname van vet-oplosbare vitaminen (A, D, E en K).
Belangrijke Overwegingen
Er zijn een aantal belangrijke overwegingen bij het gebruik van sucralfaat:
- Niet gebruiken bij dialysepatiënten, vanwege aluminiumstapeling.
- Let op bij chronische nierinsufficiëntie. Controleer regelmatig de spiegels van aluminium, fosfaat, calcium en alkalische fosfatase.
- Sucralfaat kan bezoars vormen die voedingssondes kunnen verstoppen en maag- en slokdarmobstructie kunnen geven.
- Bij diabetespatiënten nauwlettend bloedglucosespiegel controleren.
- Symptomen van een maligniteit kunnen worden gemaskeerd.
Wanneer een arts raadplegen?
Het is belangrijk om een arts te raadplegen in de volgende situaties:
- Je hebt de adviezen 3 weken geprobeerd, maar ze helpen niet.
- Je klachten veranderen. Of je krijgt meer of steeds weer last van je maag.
- Je poep is plakkerig en zwart.
- Je geeft bloed over.
- Je blijft overgeven.
- De pijn gaat niet meer weg.
- De pijn is zo erg dat je het niet meer volhoudt.
- Je voelt je suf en valt steeds bijna flauw.
- Je hebt heftige buikpijn en koorts.
- Je hebt heftige buikpijn die erger wordt als je beweegt.
- De pijn wordt erger als je je buik aanraakt of loslaat.
- De pijn wordt erger als je hoest of lacht.
Alternatieve Maagmedicijnen
Er zijn verschillende soorten maagmedicijnen beschikbaar, waaronder maagzuur-binders, maagbeschermers en maagzuur-remmers. Hieronder een kort overzicht:
| Type Medicijn | Voorbeelden | Werking |
|---|---|---|
| Maagzuur-binder | Algeldraat, Magnesiumhydroxide | Neutraliseert maagzuur |
| Maagbeschermer | Sucralfaat | Vormt een beschermlaag op de maagwand |
| Maagzuur-remmer (PPI) | Omeprazol, Esomeprazol, Pantoprazol, Rabeprazol | Remt de productie van maagzuur |
| Maagzuur-remmer (H2-blokkers) | Cimetidine, Famotidine | Remt de productie van maagzuur |
Raadpleeg altijd een arts of apotheker voor het juiste medicijn en dosering voor uw specifieke situatie.
labels:




