Weinig planten spreken meer tot de verbeelding dan vleesetende planten. De naam alleen al! Er zijn meer dan 500 verschillende soorten vleeseters.
Waarom zijn ze carnivoor?
In de natuur vind je de vleesetende plant op stikstofarme bodems, zoals moerassen. Je ziet ze overal ter wereld, maar worden steeds zeldzamer. Ze helpen je graag af van vliegjes en muggen in je huis. Én ze zijn prachtig om naar te kijken. Maar waarom zijn ze carnivoor? Hoe komen ze in actie? En hoe verzorg je deze hongerige jagers?
Hoe vangen ze hun prooi?
Vleesetende planten vangen de insecten op verschillende manieren. De geur en kleur zijn de voornaamste factoren waar de insecten op af komen.
Meest voorkomende soorten vleesetende planten
Het grootste onderscheid tussen vleesetende planten zit in de manier waarop ze hun prooi vangen. Sommige halen hun maaltijd binnen met gladde, lange bekers, andere hebben een ingenieus plaksysteem. Hieronder vind je een beschrijving van de meest voorkomende soorten.
1. Trompetbekerplant (Sarracenia)
Je zult de naam Sarracenia of trompetbekerplant wel een paar keer langs zien komen in dit lijstje, omdat het een gemakkelijke plant is om hybrides van te kweken.
Enkele populaire varianten zijn:
- De roze en rode bekers van ‘Juthatip Soper’ kunnen 30 cm hoog worden.
- De hoge bekers van Sarracenia flava zijn limoengroen met rode nerven. Mogelijk nog opvallender zijn de gele bloemen, die zo’n 10 cm in diameter worden.
- Als je op zoek bent naar winterharde vleesetende planten, dan is Sarracenia purpurea subsp. venosa een goede kandidaat.
- Deze winterharde soort valt op door zijn golvende vorm en perfect limoengroene bekers. Sarracenia flava var. maxima kan wel 90 cm hoog worden.
- Meestal worden trompetbekerplanten maximaal zo’n 30 cm, maar de bekers van de winterharde ‘Okefenokee Giant’ kunnen wel 80 cm worden! De rug van elke beker heeft een tekening van witte vlekken.
2. Zonnedauw (Drosera)
Zonnedauw, dat klinkt idyllisch. Dat denken de insecten die afkomen op de glinsterende, zoete druppels vast ook, tot ze vast blijven kleven. De meeste soorten Drosera kunnen ook nog eens hun bladeren en tentakels om hun gevangen prooi heen buigen. Zo versnelt de spijsvertering, omdat meer verteringsenzymen in aanraking komen met de prooi. Het lijkt wel of deze winterharde plant een rozerode gloed heeft waar de dauwdruppels op zweven.
3. Vetblad (Pinguicula)
Dit kleine, gezellige plantje vangt heel wat vliegjes en muggen met zijn plakkerige blaadjes. Ideaal als je last hebt van rouwvliegjes bij je planten. Net als de zonnedauw rolt de Pinguicula haar blad op, waarna ze de prooi verteert. Het is een sierlijk plantje met elegante paarse bloemetjes op een dunne stengel. Vetblad houdt van veel licht, maar van direct zonlicht kunnen de bladeren verbranden. Er zijn zo’n 80 soorten Pinguicula bekend, waarvan verschillende winterharde soorten in Europa voorkomen.
4. Venusvliegenvanger (Dionaea Muscipula)
Dit is waarschijnlijk de plant waar je het eerst aan denkt bij ‘vleesetende planten’: de venusvliegenval, ook wel venusvliegenvanger of Dionaea muscipula. De bladeren die dichtklappen als kaken om hun prooi zijn een sensatie om te zien. De venusvliegenvanger vangt zoals de naam al zegt voornamelijk vliegen, maar ook van spinnen is hij niet vies. Deze plant heeft een ‘mond’ met voelhaartjes. Wanneer er binnen een aantal seconden twee haartjes worden geraakt, klapt de mond dicht. Zodra de mond dicht is wordt het insect verteerd.
5. Bekerplant (Nepenthes)
De hybride bekerplant Nepenthes x ventrata is een van de gemakkelijkste vleesetende planten om te kweken. Een warme, lichte omgeving met een paar uur per dag directe zon is de perfecte plek voor deze tropische soort. Zet ze bijvoorbeeld bovenop een kast en laat de stengels met bekers naar beneden hangen of gebruik een hangende bak.
Er zijn verschillende soorten bekerplanten:
- Deze vleeseter lokt de insecten met nectar in zijn ‘bekers’. Wanneer de insect in de beker is beland kan hij er niet meer uit door de gladde wanden van de bekers. Daarnaast zitten er in de bekers ook haartjes die naar beneden staan, waardoor de prooi niet kan ontsnappen.
- Monkey Jars of bekerplanten zijn hangplanten met ‘bekers’. Het proces van insecten vangen is gelijk aan die van de trompetbekerplant.
- De Australische bekerplant staat klaar met zijn mond open en de 24 banden hebben wel iets weg van rode tanden. De kap heeft een opvallend geaderd patroon.
Verzorging van vleesetende planten
Vleesetende planten komen voor in allerlei variaties met hun eigen voorkeuren wat water, standplaats, voeding en licht betreft. De meeste vleesetende planten kunnen zowel binnen als buiten staan. Sommige soorten, zoals Nepenthes, kunnen niet goed tegen lage temperaturen. Die hou je maar beter binnen. Bijna alle vleeseters zijn zonaanbidders.
Standplaats
De venusvliegenvanger voelt zich perfect op een lichte en zonnige plek. De Venusvliegenvanger heeft veel licht nodig om goed te kunnen groeien en zijn vliegenvangende werk te doen. Zet deze kamerplant op een plek waar hij direct zonlicht kan ontvangen. In de zomer is het belangrijk dat de plant elke dag voldoende zonlicht krijgt. In de winter, wanneer de zon minder sterk is, kan de plant ook in vol zonlicht staan. Het is niet nodig om de Venusvliegenvanger geleidelijk aan het zonlicht te laten wennen tijdens de winter. Deze plant houdt juist van veel licht het hele jaar door.
Ook de trompetbekerplant wil graag op een zonnige plek staan. Als het kan zelfs in de volle zon. Je merkt ook direct wanneer ze te weinig zon hebben, dan vallen de bekers om!
De Monkey Jars kun je beter niet in de volle zon hangen. Hij geeft de voorkeur wel aan een licht plekje, maar niet in direct zonlicht.
Water geven
Vanwege hun moerassige achtergrond hebben ze graag natte voeten. Zorg dus voor een vochtige bodem. Plantenvoeding hebben ze niet nodig, want ze halen hun voeding uit hun prooi. Geef winterharde soorten altijd regenwater in plaats van kraanwater en houd hun grond vochtig. Geef ze regenwater of gedestilleerd water, want in kraanwater zit te veel kalk. Zet een schoteltje onder de plant, want hij functioneert het beste wanneer er genoeg water op voorraad is. Eigenlijk is kraanwater niet geschikt door de hoeveelheid kalk die in kraanwater zit. Regenwater is het beste water voor deze plant.
De Venusvliegenvanger houdt van een omgeving met gemiddelde tot hoge luchtvochtigheid. Om dit te bereiken, kun je een bakje met water dichtbij de plant zetten. Het water zal verdampen en zo de luchtvochtigheid rondom de plant verhogen. Het is belangrijk om het bakje water regelmatig bij te vullen als het leeg raakt. Dit helpt om de juiste omstandigheden te creëren zodat de Venusvliegenvanger goed kan groeien.
De Monkey Jars houd je grond vochtig, maar laat geen water in de pot staan, dan verdrinkt hij. Zet de trompetbekerplant op een schoteltje want hij houdt van een watervoorraadje.
Anders dan winterharde moerassoorten hoeven tropische soorten niet constant in water te staan.
Potgrond
Bij Steck vind je speciale, onbemeste potgrond voor vleesetende planten voor als je gaat verpotten.
Winterrust
In de winter hebben ze rust nodig en gaan ze in winterslaap. Verder hebben ze veel direct zonlicht nodig en ook een koude periode in de winter.
Tropische vleesetende planten, zoals Nepenthes, vragen een andere verzorging dan winterharde soorten. Zo hebben ze geen winterrust nodig en houden ze van helder, indirect licht, veel warmte en hoge luchtvochtigheid. Dit zijn dan ook geschikte badkamerplanten, zolang de ruimtes voldoen aan deze voorkeuren.
Extra verzorgingstips
- Let er ook op dat er insecten zijn om te vangen!
- Het snoeien van de vleesetende plant, is niet echt nodig. Deze plant regelt grotendeels zelf zijn groei. De vallen van de plant, die lijken op kleine mondjes, gaan soms dood. Dit is een natuurlijk proces. Als je ziet dat een val bruin wordt en verschrompelt, kun je deze voorzichtig verwijderen. Doe dit door de dode val bij de basis vast te pakken en deze rustig weg te trekken van de plant.
- De Venusvliegenvanger kan soms ook een bloemstengel ontwikkelen. Hoewel de bloemen mooi kunnen zijn, kost het de plant veel energie om deze te laten groeien. Sommige mensen kiezen ervoor om de bloemstengel weg te knippen, zodat de plant zijn kracht kan gebruiken voor de groei van nieuwe vallen. Als je besluit om de bloemstengel te verwijderen, knip deze dan af bij de basis van de plant. Het is dus niet nodig om de Venusvliegenvanger regelmatig te snoeien. Let gewoon op de natuurlijke cyclus van de plant en verwijder de dode vallen wanneer nodig. Zo blijft de Dionaea Muscipula gezond en kan hij zijn werk als vliegenvanger blijven doen.
Bloei
De Venusvliegenvanger kan bloeien, maar dit is een zeldzaam gezicht in de huiskamer. De plant heeft specifieke omstandigheden nodig, zoals veel direct zonlicht en een constante temperatuur tussen de 18 en 24 graden Celsius. Als de verzorging optimaal is, kan de Venusvliegenvanger in het voorjaar bloeien met kleine witte bloemen. Let op: de bloei kan veel energie van de plant vragen. Sommige liefhebbers kiezen ervoor om de bloemstengels vroegtijdig te verwijderen, zodat de plant zijn energie kan gebruiken voor de groei van de vallen. Dit is een keuze die je zelf kunt maken, afhankelijk van wat je belangrijker vindt: de kans op bloemen of een plant met sterke en gezonde vallen.
Stekken
Hoe moet je een vleesetende plant stekken? Het is een nauwkeurig werkje, maar met wat geduld en zorg kun je de Venusvliegenvanger succesvol stekken. Het is belangrijk om dit alleen te doen als de plant gezond is en in de groeiperiode, dus in de lente of zomer. Haal de Dionaea Muscipula voorzichtig uit de pot en maak de aarde rondom de nieuwe scheuten los. Gebruik het scherpe mesje om de nieuwe scheut, inclusief de wortels, weg te snijden van de moederplant. Plaats de stek in een nieuwe pot met speciale potgrond voor vleesetende planten. Maak een klein kuiltje en zet de stek hierin.
Giftigheid
De Venusvliegenvanger staat niet bekend als een giftige plant voor mensen en dieren. Dat betekent dat deze kamerplant veilig in huis kan staan, ook als je nieuwsgierige huisdieren of kleine kinderen hebt. Toch is het slim om de plant buiten bereik te houden van huisdieren die graag aan planten knabbelen. De plant is tenslotte bedoeld als decoratie en niet om op te eten. Bovendien is het beter voor de Dionaea Muscipula verzorging als de plant niet beschadigd raakt door nieuwsgierige huisdieren.
Ziekten en ongedierte
De Venusvliegenvanger is over het algemeen een sterke kamerplant, maar kan soms last hebben van ongedierte zoals bladluizen of schimmels. Om dit te voorkomen, is het belangrijk om de Dionaea Muscipula verzorging goed op te volgen. Als je merkt dat deze kamerplant toch last heeft van ongedierte, kun je het beste snel handelen. Voor de Venusvliegenvanger zijn er speciale bestrijdingsmiddelen die veilig zijn voor vleesetende planten. Heeft jouw Venusvliegenvanger onverhoopt toch last van ongedierte? Bij ons vind je de juiste bestrijdingsmiddelen om je plant te helpen, zoals deze biologische insectenspray. Zorg er wel voor dat je een product kiest dat geschikt is voor vleesetende planten.
Alle bovenstaande soorten vleesetende planten zijn te koop bij Steck. Heb je er vragen over? Wanneer je nog meer informatie wil over deze planten, kun je dit vragen aan onze medewerkers.
labels: #Vlees
Zie ook:
- Steak Tartare Vlees: De Beste Keuze voor een Topgerecht
- Vlees bij Gebakken Aardappelen: De Beste Combinaties & Recepten!
- Bloemstuk van Vlees voor BBQ: Creatief & Smakelijk!
- Slowcooker Recepten: Aardappel, Groente & Vlees - Makkelijk & Heerlijk!
- Ontdek het Ultieme Vrijgezellenfeest: Cocktail Workshop Breda die je Niet Mag Missen!
- Ontdek Het Ultieme Pannenkoeken Recept Voor 4 Personen – Makkelijk, Snel & Heerlijk!




