In de bijbel én in de koran staat dat varkens onrein zijn. Waarom eten christenen dan wel varkensvlees en joden en moslims niet?
Religieuze achtergrond
Het verbod op varkensvlees gaat terug op bepalingen uit het joodse schrift. Rein zijn onder meer alle herkauwers met gespleten hoeven. Een varken heeft wel gespleten hoeven, maar herkauwt niet.
Net als Jezus waren de eerste leerlingen van joodse afkomst en dus hielden ze zich aan de joodse wet. Geleidelijk groeiden de twee godsdiensten echter uit elkaar en er ontstond zelfs regelrechte vijandschap. Daardoor verwaterde gaandeweg de naleving van joodse wetten.
Mogelijk heeft de tolerantie ten aanzien van varkensvlees ook te maken met de grote aantallen heidenen die zich in de eerste eeuw tot het christendom bekeerden. Zij aten van huis uit varkensvlees en gingen daar na hun bekering tot het christendom vermoedelijk mee door.
Visioen van Petrus
Volgens Luc Devisscher is er vooral een verklaring in Handelingen 10 te vinden. In dat verhaal bezoekt Petrus de niet-joodse plaats Poppe. Tijdens het middaggebed krijgt hij een visioen. Uit de hemel daalt een tafellaken neer met daarop de heerlijkste spijzen, rein en onrein door elkaar. Een stem uit de hemel gebiedt Petrus te slachten en te eten, maar de apostel weigert tot drie keer toe.
De stem zegt vervolgens ‘Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken'. Op dat moment begrijpt Petrus volgens Devisscher dat God geen onderscheid tussen mensen maakt, of ze nu varkensvlees eten of niet. ‘En zo wordt de ban op varkensvleesconsumptie in het Nieuwe Testament officieel verbroken', aldus Devisscher.
Voedingsregels in andere religies
In veel godsdiensten heeft voeding een symbolische betekenis. Zo symboliseren brood en wijn in het christendom het lichaam van Christus en is carnaval een katholiek feest dat voorafgaat aan de vastenperiode. Ook moslims houden een jaarlijkse vastenperiode: de ramadan eindigend met het Suikerfeest.
Islamitische voedingsregels
De islam kent veel voedingsregels. Zo eten moslims geen varkensvlees en moet het overige vlees afkomstig zijn van ritueelgeslachte dieren.
Joodse voedingsregels
Voor joden moet het voedsel koosjer zijn, dat is het Hebreeuwse woord voor ‘geschikt’. Ze eten geen dieren die niet herkauwen, zoals varkens, paarden en konijnen. Ook zijn 21 vogelsoorten verboden (allemaal roofvogels). Melk- en vleesproducten moeten afzonderlijk worden bewaard en gebruikt.
Hindoeïsme
Veel hindoes eten helemaal geen vlees. Zij geloven in reïncarnatie en een dier zou dus de ziel van een overleden familielid kunnen hebben.
Islamitisch perspectief op varkensvlees
Mensen verwachten vaak bij dit soort vragen een wetenschappelijke uiteenzetting van de redenen waarom varkensvlees verboden is gemaakt. Maar het antwoord is eenvoudiger dan gedacht: omdat Allah het heeft verboden en als onrein heeft verklaard.
In de religieuze teksten komen we niets tegen wat het precieze motief is van het verbod op varkensvlees, behalve de uitspraak: “Voorwaar, dit (d.w.z. varkensvlees) is onrein”. Het woordje ‘onrein’ slaat op datgene wat volgens onze religie verwerpelijk is. Deze omschrijving is voldoende voor een moslim om zich te onthouden van het eten van varkensvlees.
Veel moslims verwijzen tegenwoordig naar de wetenschap om het verbod op varkensvlees te verklaren. Vooral omdat de wetenschap vandaag de dag laat zien dat het eten van varkensvlees vele gezondheidsnadelen met zich meebrengt zoals toxines, virussen en een hoog vet- en cholesterolgehalte. Maar het nemen van de wetenschap als verklaring voor de geboden en verboden van Allah is niet de juiste weg.
Vooral omdat de wetenschap omtrent bepaalde zaken met de tijd verandert. Dit terwijl de Regelgeving van Allah nooit verandert. Vandaar dat moslims in de tijd van de Profeet (vrede zij met hem) die niets wisten van deze wetenschappelijke feiten, zich moeiteloos hielden aan het verbod. Zij hoefden niet perse te weten waarom. “Zij zeggen: “Wij luisteren en wij gehoorzamen.
Joods perspectief op varkensvlees
Als er iets is waar moslims en joden het over eens zijn, dan is het wel dat varkensvlees niet geschikt is om in je mond te stoppen. Voor joden en moslims is varkensvlees onrein.
Het verbod op het eten van varkensvlees staat bij de joden in het derde en vijfde boek van het Oude Testament. Dat is honderden jaren ouder dan het overeenkomstige verbod in de Koran, maar toch wordt aangenomen dat dezelfde factoren achter de verboden zitten.
Het varken wordt op veel plaatsen veracht omdat het zich in modder wentelt en uitwerpselen eet, en in de Thora wordt het als onrein beschouwd omdat het niet herkauwt, ofwel niet leeft van gras.
Protest tegen de oude religie
In Kanaän ten westen van de Jordaan werden echter al lang voor de komst van de Israëlieten varkens gegeten - er zijn 5000 jaar oude varkensbotten gevonden bij opgravingen en sommige daarvan wijzen erop dat het varken als offerdier werd gebruikt en daarom heilig was.
Het protest tegen de oude Kanaänitische religie kan een van de redenen zijn geweest waarom de joodse religieuze wetgevers zo fel gekant waren tegen varkens.
Bijbelse teksten over het zwijn
De geboden van de Tora laten er geen twijfel over bestaan: ‘Maar van de herkauwers of de dieren met gespleten hoeven mag u de volgende niet eten … (volgt een opsomming: kameel, klipdas, haas) … het varken, want het heeft wel gespleten hoeven, maar het herkauwt niet: het geldt als onrein. Het vlees van deze dieren mag u niet eten en hun kadavers niet aanraken: zij gelden als onrein’ (Lev. 11:7-8; vgl. Deut.
Het zwijn/varken mag niet worden gegeten. Het is bij uitstek een onrein dier. Naar de precieze reden kan men slechts gissen.
Historische context
Een oude verklaring is te vinden in het werk van de Romeinse historicus Tacitus die in het eerste decennium van de tweede eeuw naar aanleiding van zijn relaas over de verovering van Jeruzalem door Titus in 70 een uitvoerige beschrijving geeft van het joodse volk en zijn religieuze gewoonten en gebruiken: ‘Ze onthouden zich van het eten van varkensvlees ter herinnering aan een ramp, want de schurft waaraan dat dier vaak lijdt had hen zelf ook eens geteisterd’.
Op welke catastrofe de Romeinse historicus doelt, is niet duidelijk. Het woord ‘schurft’ zou op melaatsheid kunnen wijzen. De Tora is op dit punt ondubbelzinnig: wie melaats is, moet onrein worden verklaard en zal als onreine door het leven dienen te gaan, met alle consequenties van dien (Lev. 13-14).
Evenmin zeker is de veronderstelling dat in het oude Israël het zwijn onrein verklaard zou zijn, omdat het vlees als ongezond en inferieur werd beschouwd.
Zoals dat ook met andere oudtestamentische voorschriften (bijvoorbeeld besnijdenis) het geval is, staat de Tora beslist niet alleen in de negatieve waardering van het zwijn/varken.
Waardering voor zwijnen in andere culturen
Bij andere volken in de antieke wereld -Egyptenaren, Kanaänieten, Babyloniërs - bestond evenwel meer waardering voor zwijnen. Ze werden zelfs als heilig beschouwd. In de Griekse wereld meende men aan hun bloed een reinigende werking te kunnen toeschrijven. In de cultus van de Romeinen speelde het offer van zwijnen een centrale rol.
Na de Babylonische ballingschap en in het bijzonder als gevolg van de veroveringstochten van Alexander de Grote nam de invloed van de Grieks-hellenistische, en naderhand ook van de Romeinse, cultuur in het joodse land steeds verder toe.
De jood die zich aan de geboden van de Tora wenste te houden, liep in toenemende mate gevaar door varkens verontreinigd te worden (Jes. 65:4; 66:3,17). Tot een dramatisch dieptepunt kwam het in de jaren 167-164 v.Chr. toen de Syrische koning Antiochus IV pogingen deed het joodse geloof te helleniseren.
Besnijdenis en sabbat werden verboden, in de tempel te Jeruzalem werd een altaar opgericht ter ere van de Griekse oppergod Zeus -in de bijbel wordt dit alles aangeduid als ‘de gruwel der verwoesting’ (Dan. 9:27; 11:31; vgl. Mar. 13:14; Mat. 24:15). Vrome Joden werden gedwongen varkensvlees te eten.
Ter illustratie een fragment uit de beschrijving van de marteldood van een rechtvaardige: ‘Eleazar, een van de voornaamste schriftgeleerden, een man op leeftijd en een indrukwekkende verschijning, werd gedwongen om varkensvlees te eten. Maar hij verkoos een roemvolle dood boven een besmeurd leven; hij ging vrijwillig naar de pijnbank. Zo gaf hij een voorbeeld dat men moedig moet navolgen, door spijzen te weigeren waarvan het genot niet door de liefde voor het leven gewettigd kan worden’ (2 Makk. 6:18-20).
In de periode rondom het begin van de jaartelling woonde een groot aantal niet-Joden in het joodse land. Enkele steden kenden een overwegend Grieks-Romeinse bevolking - bijvoorbeeld Tiberias dat door Joden werd gemeden, omdat zij niet wensten te wonen in een stad waarvan de naam hen onophoudelijk aan de keizer te Rome (Tiberius) zou herinneren.
Uit verhalen in de evangeliën valt af te leiden dat met name in de Decapolis - het gebied aan de overzijde van de Jordaan en ten zuidoosten van het meer van Galilea - grote kudden varkens werden gehoed (Mar. 5:11-13; Mat. 8:30-32; Luc.
Afkeer van varkens
In hun speurtochten naar voedsel zijn varkens/zwijnen voortdurend bezig in de grond te wroeten. Daarbij schijnen ze een voorkeur te hebben voor modderige plekken en wentelen ze zich zelfs met genoegen in de modder.
Het was de Spreukendichter niet ontgaan en zijn waardering voor de snuit van het varken was dan ook niet groot: ‘Een mooie vrouw die onverstandig is, is als een gouden ring in de snuit van een varken’ (Spr. 11:22).
Een soortgelijke weerzin klinkt in een nieuwtestamentische tekst waarin een spreekwoord wordt geciteerd: ‘Een hond keert terug naar zijn eigen braaksel en een schoongewassen zeug naar de modderpoel (2 Petr. 2:22).
Christelijke perspectieven
In de tweede eeuw, nadat het schisma jodendom-christendom realiteit is geworden, wordt de christelijke kerk in toenemende mate geconfronteerd met de vraag naar de concrete betekenis van de geboden van de Tora. Is het geoorloofd varkensvlees te eten?
De heiden-christelijke kerk kostte het niet veel moeite op die vraag een bevestigend antwoord te geven (vgl. Hand. 10:918; 11:5-18). Maar wat is dan nog de betekenis van de geboden betreffende rein en onrein voedsel? Op die vraag geeft een vroeg-christelijk geschrift een verrassend antwoord: ‘Over het varken zei hij (Mozes): U moet niet omgaan met mensen die als varkens leven. Dus met mensen die wanneer ze in overvloed leven de Heer vergeten, maar wanneer ze tekortkomen de Heer erkennen.
labels: #Vlees
Zie ook:
- Ontbijtkoek bij Stoofvlees: Waarom is dat zo Lekker?
- Waarom Knakworsten Niet Koken: De Beste Bereidingswijze
- Peperkoek in stoofvlees: Het geheime ingrediënt!
- Honig Soep Niet Leverbaar: Wat Zijn de Alternatieven?
- Heerlijke Recepten met Saucijsjes: Makkelijk & Snel!
- Huis en Tuin Lekker Leven Recepten: Inspiratie voor Elke Dag!




