Je kent het misschien wel: je hebt net een heerlijk diner achter de kiezen en je hebt het idee dat je niks meer kunt eten, tot de dessertkaart verschijnt. Ineens heb je weer wat ruimte in je maag. Ofwel: als je verschillende gangen met gelijkaardige smaken en texturen en smaken consumeert, gaat dit je zintuigen op een gegeven moment vervelen. Hoe komt het toch dat we altijd nog plek hebben voor iets zoets?

In dit fenomeen herkennen ongetwijfeld heel wat mensen zich. Gek eigenlijk, dat we altijd plek hebben voor een toetje. Fruitsalade? Sticky toffee, maar met beleid. Eet tiramisu, maar met mate. Na iets te veel borrelhapjes, een voorgerecht én een hoofdgerecht zit je maag o-ver-vol. Totdat het toetje geserveerd wordt en je spontaan weer plek hebt voor een laatste zoete hap.

Het zit in onze natuur

Marieke de Witt, diëtist en lifestyle coach bij Voedingsgroep Utrecht, benoemt dat ons lichaam houdt van zoet en vet eten. ‘Als baby wordt je gevoed met melk, dat bestaat uit suiker en vet. Een bijzondere combinatie vanuit de natuur en bedoeld om een zuigeling snel te laten groeien. Ook zijn we geprogrammeerd met de gedachte dat groente bitter is en giftig kan zijn, waardoor we van nature niet graag groente eten', zegt De Witt.

Wat zegt de wetenschap?

Voor alle duidelijkheid: er is geen fysieke 'toetjesmaag'. Onze maag is één geheel en heeft geen aparte ruimte voor desserts. Toch voelen veel mensen dat ze altijd nog wel wat lekkers kunnen eten, ook als ze eigenlijk vol zitten. Wetenschappers hebben hier een verklaring voor, het draait allemaal om sensorische specifieke verzadiging.

Sensorische specifieke verzadiging

Dit betekent dat hoe meer je van hetzelfde eet, hoe minder trek je erin krijgt. Maar als je daarna iets totaal anders voorgeschoteld krijgt, zoals een zoet toetje na een hartige maaltijd, kun je ineens weer trek krijgen. Een dessert biedt precies waar je op dat moment naar verlangt: een nieuwe smaak, textuur en geur. Zelfs als je eigenlijk vol zit, kan het idee van een lekker toetje onweerstaanbaar zijn.

Hoe werkt dat?

Wanneer je eet, geven je maag en darmen signalen naar je hersenen om aan te geven dat je vol zit. Deze signalen worden mede gestuurd door hormonen zoals ghreline, dat je hongergevoel aanwakkert, en leptine, dat je een verzadigd gevoel geeft. Ook speelt cholecystokinine (CCK) een rol, vooral na een maaltijd met veel vet en eiwitten. Dit hormoon helpt bij de vertering en zorgt ervoor dat je je vol voelt.

Er is nog iets interessants: dopamine. Dit is een stof in je hersenen die je een goed gevoel geeft. Eten, en vooral lekker eten, kan ervoor zorgen dat je hersenen dopamine vrijgeven. Dit is hetzelfde systeem dat geactiveerd wordt bij andere prettige activiteiten, zoals sporten of muziek luisteren. Dus als je die tiramisu, crème brûlée of chocoladetaart ziet, reageert je brein meteen: 'Dat wil ik hebben!'

Je maagwand ontspant

De tweede reden waarom je altijd ruimte over hebt voor een zoet dessert heeft te maken met je maagwand. ‘Als je aan zoet eten denkt gaat je lichaam zich al voorbereiden op het eten ervan, onder andere door het aanmaken van speeksel. Je dacht dat je vol zat van je bord warm eten, maar de ontspanning van de maag zorgt ervoor dat het toetje altijd past. Je hoeft er alleen maar aan te denken,’ zegt De Witt.

Noorse onderzoekers hebben ook ontdekt dat je maagwand ontspant ter voorbereiding op suikerrijk eten. Zoetigheid Volgens De Witt hebben we dus enerzijds een aangeboren behoefte aan zoet en anderzijds zorgt ontspanning van de maagwand bij de gedachte aan een toetje dat er altijd plaats iets voor iets lekkers. Je toetjesmaag ontstaat dus eigenlijk wanneer de maagwand ontspant en er meer ruimte vrijkomt.

Wanneer we toetjes eten, zendt de suiker signalen naar de hersenen om de maagwand uit te stretchen. Grappig genoeg fungeert suiker (een ingrediënt dat heel vaak aanwezig is in toetjes) als een trigger voor je maag om zichzelf uit te rekken. Zodra je tong signaleert dat er een nieuwe belonende smaak geproefd is, gaat je lichaam zich voorbereiden op de komst van dit lekkers. En dit effect is extra groot wanneer er veel suiker in het eten zit.

De rol van suiker en hersenen

Onderzoekers hebben ontdekt dat een specifiek circuit in onze hersenen ervoor zorgt dat we trek krijgen in suiker, zelfs als we eigenlijk vol zitten. Toch is er nu een verrassende ontdekking gedaan: niet alle POMC-neuronen zorgen ervoor dat we stoppen met eten. Sommige van deze neuronen doen juist het tegenovergestelde, maar alleen als het om suiker gaat. Ze activeren een bepaald hersengebied dat betrokken is bij motivatie en beloning en gebruiken daarvoor een verslavend stofje, vergelijkbaar met opioïden.

Om dit te testen, bekeken onderzoekers deze hersenactiviteit bij muizen. Toen ze de specifieke opioïde signalen blokkeerden, viel op dat de muizen ineens geen trek meer hadden in suiker. Dit kan betekenen dat onze hersenen suiker anders behandelen dan andere voedingsmiddelen.

Dezelfde zenuwgroep die verantwoordelijk is voor het verzadigingsgevoel (POMC-neuronen) bij muizen, activeerde ook een beloningsreactie zodra ze suiker kregen. Dit zorgde ervoor dat ze nog steeds gingen eten, ondanks dat ze eigenlijk al vol zaten. Waar verzadiging normaal gesproken de eetlust afremt, lijkt het juist de trek in suiker te versterken.

Psychologische trucs

Naast de fysiologie is er ook een psychologisch aspect. Het is vaak een gewoonte om een maaltijd af te sluiten met iets zoets. En ja, de mens is een gewoontedier.

Evolutionair perspectief

Evolutionair gezien hartstikke handig: het zorgt ervoor dat je gevarieerd eet en dus verschillende soorten voedingstoffen binnenkrijgt. Een experiment waarbij er hersenscans werden gemaakt tijdens het eten van chocolade, liet zien dat vooral de orbitofrontale cortex - een hersengebied betrokken bij smaakverwerking - een rol speelt. Hoe meer chocolade de deelnemers aten, hoe minder hersenactiviteit er tijdens het proeven van chocolade werd gezien in het deel van de orbitofrontale cortex dat gelinkt wordt aan beloning.

Er was echter wel meer activiteit te zien in het gedeelte van de orbitofrontale cortex dat linkt aan afkeer. Zintuigelijke verzadiging is ook terug te vinden in de hersenen.

Praktische tips

Is dat erg? Ja en nee. Natuurlijk kan het geen kwaad dat je af en toe iets meer eet dan nodig. Toch is het ook weer goed om jezelf bewust te zijn van de effecten van overeating. Een mogelijke oplossing bestaat erin om de portie van je dessert te verkleinen of te kiezen voor een toetje met minder suiker. Wil je verstandig snoepen na het eten?

Maar je kan dit principe in het nieuwe jaar ook op een gezondere manier gebruiken: als je afwisselend gezonde snacks eet, zorgt dit ervoor dat je meer gezonde producten zult eten.

Begrijpen hoe dit systeem functioneert, kan mogelijk helpen bij het bestrijden van overmatige suikerconsumptie en obesitas. Het is dus niet per se een gebrek aan zelfbeheersing als je altijd nog ruimte hebt voor een toetje, het is gewoon hoe je brein werkt.

Dus de volgende keer dat je bij je vrienden zit en iemand een toetje aanbiedt, weet je dat je hersenen gewoon om een extraatje vragen. Houd je macro's in de gaten, dan kan een toetje nooit kwaad.

labels:

Zie ook: