Alleen van het woord krijgt u misschien al jeuk. Kunt u zich voorstellen hoe uw kat zich moet voelen als hij daadwerkelijk vlooien heeft? Voor de gezondheid van uw dier, maar ook voor uw eigen gezondheid, is het belangrijk om snel van vlooien af te zijn. Vlooien zijn de schrik van iedere dierenbezitter. Het lezen over vlooien is vaak genoeg om de meeste mensen de kriebels te bezorgen.

Wat zijn vlooien?

Vlooien zijn veelvoorkomende bloedzuigende parasieten van 1-3 mm groot. Ze komen veel voor bij honden en katten, maar kunnen ook op konijnen, fretten en zelfs mensen zitten. Er bestaan verschillende soorten vlooien, bijvoorbeeld de honden- en de kattenvlo.

In Nederland is de meest voorkomende vlo de kattenvlo (Ctenocephalides felis), die ook op mensen en honden kan voorkomen. De hondenvlo (Ctenocephalides Canis) bestaat ook, deze is 2 keer zo groot als de kattenvlo, maar komt in Nederland nog maar weinig voor ook de mensenvlo (Pulex irritans) wordt in West-Europa haast niet meer gezien.

Wat eten vlooien?

Vlooien blijven in leven door bloed te zuigen, dit is hun voedsel. Het bloed wordt uit een oppervlakkig vaatje van de gastheer gezogen. Om te voorkomen dat het bloed gaat stollen, spuugt de vlo wat speeksel uit waarin een bepaald eiwit zit. Dit eiwit zorg er voor dat het bloed makkelijk op te zuigen is. Helaas is dit speeksel de boosdoener van jeuk! Een vlooienallergie komt dus hier vandaan. Omdat een vlo bloed zuigt is vlooienpoep zwart. U kunt zwarte "puntjes" zien die lijken op zandkorrels.

De levenscyclus van een vlo

De cyclus van een vlo duurt onder normale omstandigheden ongeveer 3 tot 4 weken. De duur van de cyclus is erg afhankelijk van de temperatuur. Een temperatuur boven de 36°C en een vochtigheid lager dan 50% stoppen of vertragen de cyclus.

Er zijn 4 stadia: ei, larve, pop en volwassen vlo. Nadat een vrouwtje een bloedmaaltijd heeft gehad, legt zij enige tientallen eitjes in de vacht. Deze rollen uiteindelijk uit de vacht en komen zo in uw huis terecht. Na 2-4 dagen komen uit deze eitjes larven. De larven zijn een paar mm lang en zo dik als een haar.

Zij verstoppen zich op donkere plekjes en voeden zich onder andere met de uitwerpselen van de volwassen vlooien. Na 2-3 weken verpoppen de larven zich. Deze poppen kunnen tot wel 1½ jaar in leven blijven en zijn bestand tegen een hoop invloeden van buitenaf. Bij het niet goed bestrijden van vlooien, ontstaat er snel een vlooienplaag.

Volwassen vlooien springen op de kat en voeden zich met bloed. Daarna moeten ze en de eitjes in de vacht worden gelegd. Eén vlo legt per dag zo'n 50 eitjes. De eitjes van de vlo vallen van de kat en komen in de omgeving terecht. Daar ontwikkelen ze zich tot larven die zich verstoppen in kiertjes, plinten en tapijt.

Na 2-3 weken verpoppen de larfjes. Deze poppen kunnen zeker 1,5 jaar in de omgeving overleven! Als een gastheer (bijvoorbeeld uw kat) langskomt, komen de poppen uit en zullen de volwassen vlooien uw kat weer bespringen. Zo kan 1 vlo leiden tot 1000 nieuwe vlooien. We zien vlooien het meest in de lente en de zomer, maar ze kunnen het hele jaar door voorkomen.

De enige vlooien die dood gaan in de winter, zijn die nog buiten zijn. Maar de meeste zitten in huis en die gedijen heel goed bij een graad of 20. Als u aan het einde van de winter dus vlooien op uw huisdier heeft, weet u zeker dat de besmetting bij u in huis zit.

Ook na de vakantie is een vlooienplaag een veel voorkomend en ongewenst souvenir. Dan hebben eitjes in de vloerbedekking, het laminaat en kiertjes in huis, alle tijd gehad om tot ontwikkeling te komen.

Hoe raakt mijn kat besmet met vlooien?

Een kat wordt vooral besmet als ze in een omgeving komt waar vlooien zijn. Daar kunnen eitjes en larven liggen waaruit nieuwe vlooien ontwikkelen, die op uw dier springen. Ook kan uw dier vlooien oplopen via direct contact met andere honden, katten of andere dieren met vlooien.

Als uw kat of hond vlooien heeft, kunnen daardoor ook andere huisdieren besmet worden. Maar u kunt ook zelf vlooieneitjes mee naar binnen lopen, bijvoorbeeld als u ergens op bezoek bent geweest waar vlooien waren.

Symptomen van vlooien bij katten

Een vlooienbeet leidt tot jeuk. Vaak zien we de kat krabben, bijten en likken aan de vacht. Vlooien zitten vooral graag in de vacht rond de staart en tapijt. Sommige katten ontwikkelen een vlooienallergie.

Jeuk en irritatie Vlooien veroorzaken behoorlijk veel overlast bij de hond en kat. Hun beten zijn pijnlijk en je ziet een hond of kat dan ook vaak opspringen als hij of zij gebeten wordt. Een vlooienbeet geeft jeuk en irritatie waardoor uw huisdier kan gaan krabben en bijten.

Vlooienallergie

Sommige dieren zijn gevoelig voor het speeksel van de vlo. Na een aantal beten wordt een bepaalde grens overschreden waardoor een allergische reactie optreedt. Ook oudere beten worden dan geactiveerd waardoor het dier enorm veel jeuk krijgt. Ze krabben en bijten zichzelf tot bloedens toe.

Hoe herken ik vlooien?

Het is soms lastig om een vlooienbesmetting te ontdekken tussen de vacht van uw dier. Katten eten bovendien vaak de vlooien op die ze tegenkomen als ze zich wassen. Vaak ontdekt u een besmetting pas als er al aardig wat vlooien zijn, doordat uw dier jeuk heeft en veel krabt of door verdachte, jeukende rode plekjes (insectenbeten) op uw eigen onderbenen.

Als u uw huisdier vlooien heeft, kunt u het beste een vlooienkam gebruiken. Zo kunt u de vlo zelf gemakkelijk vinden. Met een vlooienkam kunt u ook vlooienpoepjes opsporen. Dit zijn kleine zwarte korreltjes. U kunt onderscheid maken tussen zand en vlooienpoepjes door de korreltjes op een witte tissue te leggen. Vlooienpoepjes geven dan een roodbruine kleur (bloed) af.

U kunt controleren of uw dier vlooien heeft door hem boven een lichtgekleurd oppervlak (bijvoorbeeld een laken) zorgvuldig te kammen met een vlooienkam. Kam het hele dier maar let extra op bij de plekken waar de vlooien het liefste zitten, zoals de oksels, lies en staartbasis.

Eventuele vlooien of vlooienpoepjes (zwart of donkerrood gekleurde korrels) herkent u eenvoudig op de lichte ondergrond. Bij twijfel: een vlooienpoepje laat op een vochtige tissue een kenmerkend rood spoor achter.

De risico's van vlooien

Vlooien kunnen ziektekiemen overbrengen naar uw dier, zoals bijvoorbeeld de eieren van de lintworm (Dipylidium caninum). Als uw dier een besmette vlo opeet, bijvoorbeeld tijdens het likken van zijn vacht, dan groeien de eitje in de darmen uit tot een volwassen lintworm. Ook kinderen kunnen op deze manier besmet raken.

Vlooien kunnen erg vervelend zijn voor uw dier, zeker als het er veel zijn. Hun beet is pijnlijk en veroorzaakt daarnaast veel jeuk. Dit komt doordat de vlo met de beet ook een beetje speeksel inspuit om te zorgen dat het bloed niet stolt.

Lintwormbesmetting Vlooien kunnen eitjes van de lintworm bij zich dragen. Als een hond of kat een besmette vlo opeet (door zich te wassen) kan daaruit een volwassen lintworm ontstaan. Ook kinderen kunnen zich op deze manier met een lintworm besmetten.

Bij pups en kittens kunnen vlooien zelfs zoveel bloed zuigen dat er bloedarmoede kan optreden. Ook mensen kunnen gevoelig zijn voor vlooien en vlooienbeten. Vooral de onderbenen zijn vaak het doelwit van vlooien.

Hoe voorkom ik een vlooienplaag?

Alle katten kunnen vlooien oplopen en een vlooienplaag in huis is erg lastig te bestrijden. Door middelen tegen vlooien te gebruiken kunt u een besmetting voorkomen. Er bestaan sprays, pipetjes, halsbanden en tabletten met een verschillende werking en werkingsduur. Deze variërend van een dag tot aan acht maanden.

Het ene middel werkt alleen tegen volwassen vlooien, terwijl het andere ook een omgevingswerking heeft. Enkele producten zijn online verkrijgbaar op www.dierapotheker.nl, andere kunt u alleen bij de dierenartsenpraktijk kopen.

Het beste is natuurlijk om te voorkomen dat uw huisdier vlooien krijgt. Waar u dan op moet letten en wat u kunt doen, hangt af van de situatie. Belangrijk is om te kijken naar hoe en waar uw dier leeft, of uw dier een vlooienallergie heeft en waar u zelf regelmatig komt.

Komt u dier niet of nauwelijks buiten en is uw dier niet allergisch voor vlooien? Dan kunt u besluiten om uw dier regelmatig te kammen met een vlooienkam. Als u een vlo of vlooienpoep aantreft, gaat u behandelen om de vlooien te bestrijden.

Komt uw dier wél regelmatig buiten? Of komt uw dier in contact met andere dieren, zoals in een pension? Of heeft u meerdere huisdieren waarvan sommige buiten komen? Dan is het aan te raden om preventief tegen vlooien te behandelen. Houd dat het hele jaar vol volgens de aanbevelingen op de verpakking van het middel dat u gebruikt.

Heeft uw dier een vlooienallergie? Dan is het belangrijk om elke vlo te voorkomen. Behandel preventief en herhaal dit volgens de aanbeveling op de verpakking.

Zorg ervoor dat u het huis vaak stofzuigt, vergeet daarbij ook de plekken waar uw huisdier vaak komt, niet mee te nemen! Het is binnenshuis warmer. In het najaar zetten we de verwarming aan en zorgen we voor een warme omgeving binnenshuis. Huisdieren brengen minder tijd in de buitenlucht door.

Stofzuig het hele huis als u merkt dat uw huisdier last heeft van vlooien. Denk bij het stofzuigen ook vooral aan plekken waar u moeilijk bij komt, dit zijn vaak de plekken waar vlooien zich nestelen. Kussens en naden van kussens op de bank, ook tussen de kussens van de bank in. Tapijten en de randen van het tapijt en tussen de zitting van stoelen moet u goed stofzuigen.

Stofzuig de katten- of hondenmand zeer nauwkeurig en vaak, zo krijgen vlooien minder de kans om hun eitjes te leggen en zal de vlo doodgaan. Klop hondenmanden of -kleden buiten eerst goed uit voordat u begint met stofzuigen. Heeft uw huisdier ook in de auto gezeten? Ook dan is het verstandig om de bekleding van de auto te stofzuigen.

Maak de stofzuiger of de stofzuigerzak schoon nadat u klaar bent met schoonmaken. Vlooien vinden gemakkelijk hun weg weer naar buiten via de slurf van de stofzuiger.

Hoe behandel ik een vlooienbesmetting?

Er zijn diverse producten op de markt om katten tegen vlooien te behandelen. Er bestaan vele middelen tegen vlooiensprays , shampoos , pipetjes , halsbanden en tabletten . Enkele producten zijn online verkrijgbaar op www.dierapotheker.nl , andere kunt u alleen bij de dierenartsenpraktijk kopen. Kom gerust langs in een van onze klinieken voor een passend advies.

Het is belangrijk om bij een besmetting alle dieren in huis te behandelen. Ook de omgeving moet worden beperkt. Bij een vlooienbesmetting zit slechts 5% van de vlooien op het dier en dus 95% in de omgeving! Dat betekent: goed stofzuigen; kledingjes, dekens en manden op 60°C wassen en gebruik maken van een omgevingsspray . Vergeet ook de auto niet. De behandeling moet vaak zeer langdurig worden toegepast!

Naast goede hygiëne in huis en het kammen van uw huisdier kunt u vlooienbestrijdingsmiddelen gebruiken. Er zijn veel middelen beschikbaar, vlo-bestrijdingsmiddelen voor huisdieren hebben vrijwel geen bijwerkingen en doden de vlo vaak al binnen enkele uren.

Er zijn diverse producten op de markt waarmee u de omgeving kunt be... Vlooien zijn een veelvoorkomend probleem bij huisdieren. Ze kunnen niet alleen uw huisdieren irriteren, maar ook uzelf en uw gezin.

Vlooienbestrijdingsmiddelen

Het aanbod aan vlooienbestrijdingsmiddelen is overweldigend. Er zijn druppels, tabletten, poeders, shampoos, sprays, bandjes en injecties. Het ene middel werkt beter dan het andere, sommige vullen elkaar aan terwijl andere elkaar tegen kunnen werken. Welk middel u het beste kunt kiezen is afhankelijk van de situatie én van uw diersoort.

Vlooienbestrijdingsmiddelen zijn giftige stoffen. Insectengroeiremmers (IGR’s) remmen de ontwikkeling en groei van de jonge stadia van insecten (eitjes en larven). Ze zijn al bij kleine hoeveelheden werkzaam en zeer veilig voor zoogdieren. De oudste en meest bekende IGR is methopreen.

Inmiddels zijn er nieuwere generaties IGR’s ontwikkeld die in nog kleinere hoeveelheden werkzaam zijn en stabieler blijven in een vochtige omgeving (bijvoorbeeld pyriproxifen). Deze IGR’s worden toegepast op het dier of in de omgeving. Een IGR die via de bloedbaan van het dier inwendig werkt, is lufenuron.

IGR’s zijn dus vooral bedoeld om de ontwikkeling van de vlo in de omgeving van het huisdier te doorbreken. Bij het regelmatig toepassen ervan op of in het huisdier, kan een omgevingsbehandeling achterwege blijven. Vaak wordt bij een bestaand vlooienprobleem of als start van een preventieve behandeling wel geadviseerd om te beginnen met een behandeling van de omgeving.

Middelen die op het dier gebruikt worden, zijn meestal middelen die de volwassen vlooien doden. Door de snelle en goede werkzaamheid van met name de nieuwere middelen is voor de eigenaar het resultaat direct zichtbaar.

Er is ook een product met als werkzame stof nitenpyram. Nitenpyram werkt zeer snel na toediening tegen volwassen vlooien (15 tot 30 minuten) terwijl na 24 uur alle werkzame stof uit het lichaam is verdwenen. Dit snelle en kort werkzame middel in tabletvorm kan gebruikt worden om dieren direct vlooienvrij te maken, bijvoorbeeld bij aankomst in of vertrek uit een pension, voorafgaand aan een bezoek aan een besmette omgeving of gewoon als continue vlooienbestrijding.

In het laatste geval wordt een behandelingsfrequentie van één tot twee keer per week geadviseerd, afhankelijk van de vlooiendruk. Het is overigens niet waar dat sommige anti-vlooienmiddelen zo snel werken dat de vlo de kans niet krijgt om te bijten, de vlo bijt altijd!

Spot-on

De zogenaamde 'spot-on' producten (druppeltjes in de nek) worden met een pipet op de huid aangebracht. Ze worden opgenomen en vervolgens uitgescheiden in de huidoliën van het dier. Deze middelen doden de volwassen vlooien op het dier en sommige bevatten ook ingrediënten die de eitjes en larven aanpakken.

Er zijn ook middelen die werken tegen zowel vlooien als teken. De middelen kunnen tegen water maar bij een hond of kat die u vaak in bad doet is het beter om een ander middel te kiezen, bijvoorbeeld een tablet. Meestal moet u de behandeling maandelijks herhalen.

De ‘spot-on’ formuleringen (druppeltjes in de nek) zijn zeker bij kat, konijn en knaagdier vaak makkelijker in gebruik dan tabletjes of sprays. Bij een spot-on is het belangrijk dat u de druppeltjes op de huid van het dier aanbrengt, dus niet op de vacht. Voor het aanbrengen moet dus de vacht goed uit elkaar duwen.

Tabletjes

Er zijn voor hond en kat tabletjes tegen vlooien die het uitkomen van eitjes tegengaan. Deze worden in de bek gegeven en hierdoor komt de werkzame stof in het bloed van de hond. Als een vlo bijt krijgt ze dit binnen, en als het vrouwtje daarna haar eitjes legt zijn deze vervolgens niet in staat om uit te komen.

Meestal moeten de tabletten eens per maand worden gegeven en over het algemeen kan maar één soort tabletten tegelijk worden gegeven. Deze tabletten werken niet tegen volwassen vlooien en larven die al aanwezig zijn. Voor katten kan zo’n middel ook in injectievorm worden toegediend en dan is het meerdere maanden werkzaam.

Vlooienbanden

Er zijn vlooienbanden op de markt voor honden en katten. De oudere types vlooienbanden zijn soms weinig effectief en niet altijd veilig. Nieuwere types vlooienbanden met onder andere imidacloprid zijn efficiënt en hebben een langere werkingsduur.

Een nadeel van de vlooienband is dat het dier er aan kan blijven hangen. Het is dus belangrijk dat de band een veiligheidssluiting heeft die dan breekt. Hoewel de nieuwste middelen vrij veilig lijken te zijn voor zoogdieren moet men toch opletten als dieren met elkaar spelen.

Daarbij bijten ze elkaar soms in de nek wat tot gevolg kan hebben dat ze wat van het bestrijdingsmiddel binnenkrijgen, en dat kan beter voorkomen worden. Voorkom ook contact van andere diersoorten met de banden.

Shampoo

Shampoos zijn geschikt om vlooien van het dier te verwijderen maar werken vaak niet erg lang. Als het dier dan wordt blootgesteld aan nieuw uitgekomen vlooien begint het hele verhaal weer van voor af aan. De shampoos zijn daarom meer geschikt als aanvulling op de vlooienbehandeling, bijvoorbeeld in combinatie met tabletten.

Poeder en spray

Poeders en sprays voor op het dier (en soms ook voor in de omgeving) beschermen vaak alleen tegen volwassen vlooien (soms ook tegen larven en eieren) en werken vaak maar kort. Daarnaast zijn sommige van deze middelen giftig voor vissen en reptielen en soms ook voor katten, dieren mogen elkaar na gebruik niet wassen en ook het behandelde dier zelf mag het niet oplikken van de vacht.

Let heel goed op voor welk dier het middel geschikt is en houd andere dieren uit de buurt als u een dier heeft behandeld. Niet elk bestrijdingsmiddel kan bij elk huisdier worden toegepast. Sommige stoffen zijn giftig voor de ene soort terwijl ze bij de andere soort wel gebruikt kunnen worden. Ook moet men rekening houden met leeftijd en met ras.

Zorg dus altijd dat u het juiste middel gebruikt en wissel nooit zomaar middelen uit tussen uw dieren. Niet alle producten zijn geschikt voor de behandeling van kittens en pups of voor drachtige of zogende poezen en teven. Niet alle hondenrassen kunnen tegen alle bestrijdingsmiddelen. Honden die een mutatie hebben in het MDR1 gen zijn gevoelig voor vergiftiging met bijvoorbeeld selamectine.

Dat kom voor bij onder andere collie-achtigen, Duitse herders, witte herders en bobtails. Sommige producten die bij honden gebruikt kunnen worden, zijn giftig voor katten. Zo kan het vlooiendodende middel permethrin prima gebruikt worden voor het bestrijden van vlooien bij de hond, maar is het uiterst schadelijk voor de kat. Zelfs in de lage doseringen die bij pups worden toegepast.

Het veroorzaakt schade aan het zenuwstelsel die zelfs kan leiden tot de dood. Gebruik daarom nooit permethrin of andere vergelijkbare insecticiden (zoals deltamethrin) bij de kat. Het gebruik van permethrin of een vergelijkbare stof bij honden die samenleven met katten is ook niet zonder risico.

Sommige producenten raden daarom aan om na de behandeling van uw hond gedurende enkele dagen elk contact tussen uw hond en kat te vermijden. Er zijn aanwijzingen dat men met diazinon extra voorzichtig moet zijn bij katten.

Alternatieve methoden en huisremedies

Veel mensen voelen weerstand om hun kat met bestrijdingsmiddelen te behandelen. Van oudsher wordt door sommige mensen aanbevolen de kat knoflook te geven. Dit zou goed werken tegen vlooien. Niets is echter minder waar. Er is geen bewijs dat knoflookvlooien doden kan voorkomen. Onze ervaring is dat veel katten die de praktijk bezoeken het laatst van vlooien hebben gehad (dankzij knoflook).

Aan bepaalde natuurlijk middelen, zoals etherische oliën (eucalyptusolie, neemolie, muntolie, theeboomolie, citrusolie, limoneem) of knoflook, wordt een vlooienwerende werking toegekend. Er zijn echter geen uitgebreide wetenschappelijke studies gedaan naar de veiligheid en werkzaamheid van deze middelen. Om die reden kunnen deze middelen ook niet geregistreerd worden als anti parasitair veterinair product.

Sommige natuurlijke stoffen kunnen giftig zijn voor uw dier.

Wat te doen bij resistentie tegen vlooienmiddelen?

Er gaan ook verhalen dat de stof 'fipronil', wat het samengestelde bestanddeel is van Frontline® , niet meer goed werkt. Vlooien zou resistent zijn. Hier is op dit moment echter geen duidelijk bewijs voor! Toch zien wij in de praktijk ook regelmatig vlooien bij dieren die behandeld worden met Frontline®. Mogelijk komt dit ook omdat de middelen niet voldoende frequent of niet op de juiste manier worden toegepast.

Misvattingen over vlooien

Er wordt wel eens gezegd: 'Als mijn dier vlooien heeft dan had ik dat wel gemerkt omdat ik dan ook word gebeten'. Dit is niet waar. Uw bloed is misschien best lekker maar de vlo heeft liever het bloed van uw huisdier. Uw huisdier lijkt zelf soms niet zoveel last te hebben van de vlooien.

labels:

Zie ook: