Erwtensoep is voor velen de essentie van de winter: een heerlijke dampende kom soep vol groenten, vlees en erwten waar je urenlang op vooruit kunt. Zelfgemaakte erwtensoep is helemaal niet moeilijk. Erwtensoep, niets lekkerder als het buiten winters weer is en je lekker wilt opwarmen.

Hoe je het ook noemt, het is een heerlijk kommetje comfortfood, koek en zopie, waarmee je kunt opwarmen tijdens een koude winterse dag, na de nieuwjaarsduik of op de ijsbaan. Dat is eigenlijk hetzelfde soepje met het grootste verschil dat als je de erwtensoep een dag later eet dat het snert genoemd wordt.

Deze klassieke erwtensoep, ook wel 'snert' genoemd, is het perfecte winterse comfort food. Deze dikke soep gemaakt van spliterwten is een echte winterse traditie. Het is ook zeker een hoofdrolspeler tijdens de koek en zopie en Nieuwjaarsduik.

De Basis Ingrediënten

In erwtensoep zit standaard spliterwten, prei, knolselderij, wortelen, selderij en rookworst.

  • Spliterwten: Voor erwtensoep heb je spliterwten nodig, die kun je niet vervangen. Je kunt ook hele erwten gebruiken maar spliterwten (de naam zegt het eigenlijk al) zijn gespleten en koken veel sneller stuk na het koken.
  • Rookworst: Ik vind zelf deze van de Hema een van de lekkerste. Rookworst is natuurlijk echt een traditioneel Nederlands product: het gemalen vlees wordt vermengd met specerijen en zout. De worsten worden tegenwoordig ook nog maar zelden gerookt. Er wordt steeds vaker rookaroma gebruikt voor de rooksmaak.
  • Knolselderij: Knolselderij voeg je toe aan erwtensoep voor de frisse (ietwat aardse) smaak. Als je het onderstaande recept volgt houd je waarschijnlijk wel een flink stuk van de knolselderij over. De knolselderij die je overhoudt kun je gebruiken voor een heerlijk mager soepje.
  • Overige ingrediënten: Naast de basis zijn er nog andere belangrijke ingrediënten. In erwtensoep zit vaak laurier en selderijblad.

Bereidingstips

Mits je natuurlijk de lekkerste erwtensoep wilt… en tijd betekent bij dit soepje trouwens niet meer werk. De tijd ben je kwijt aan het vooraf weken van de spliterwten en het koken van de soep. Heel veel ‘werk’ heb je er niet aan.

In dit soep recept maak je de soep namelijk niet glad met een staafmixer, maar kook je het lang zodat er een lekkere dikke soep ontstaat. De pollepel mag gerust rechtop in de erwtensoep staan.

Traditioneel gezien eet je er vaak roggebrood met spek of met roomboter en (basterd)suiker bij. De erwtensoep wordt traditioneel geserveerd met rookworst, roggebrood en katenspek.

Stap-voor-stap Recept

  1. Wel de spliterwten een nacht van tevoren door ze in een pan te doen met 1 liter koud water. Dek af en laat het staan. Giet de spliterwten af voor je verder gaat met de soep. Voor het wellen reken ik 1 liter water, na het wellen giet je dat water af en spoel je de spliterwten eventueel even af.
  2. Doe de spliterwten in een grote soeppan met de runderschenkel, schouderkarbonade en 2 liter water. Breng dit aan de kook. Wanneer het kookt zet je het vuur laag en laat je dit zachtjes een uur/ anderhalf koken. Daarna haal je het vlees uit de pan en schuim je de soep af met een schuimspaan. Indien nodig schep je het schuim op de soep tijdens het koken af en toe af.
  3. Nu mogen de aardappelen samen met de witte bonen, prei, winterpeen, knolselderij en de worst in de erwtensoep en dit breng je weer aan de kook. Als het kookt mag het vuur laag en laat je de soep nog zo'n 2 uur zachtjes koken zodat de spliterwten helemaal zacht zijn.
  4. Haal het vlees van de runderschenkel en schouderkarbonade af en snij of pluk hier kleine stukjes van. Dit mag bij de soep samen met het selderijblad.
  5. Je kunt wat extra water (of bouillon) toevoegen als de soep iets te dik is geworden. Breng de erwtensoep op smaak met versgemalen zwarte peper en zout naar smaak.

Variaties en Bewaren

Zodra je varkenspootjes of krabbetjes aan de erwtensoep toevoegt én de soep een dag laat, mag je het trouwens pas snert noemen. Je kunt dit halen bij de slager, maar mocht dit er niet zijn, kies dan voor schouderkarbonade.

Erwtensoep kun je bewaren in de pan in de koelkast voor ongeveer 2-3 dagen. Maar wist je dat je erwtensoep ook heel goed kunt invriezen? Als je verse soep wilt bewaren na bereiding, laat hem dan eerst goed afkoelen. Giet afgekoelde soep in één of meerdere vershoudbakjes en zet deze in de vriezer. Bij minimaal -18˚C kun je de soep zo’n drie maanden bewaren.

Als je de soep weer opwarmt, doe dit dan in kleine porties, of verwarm het geheel rustig terwijl je roert. De soep is vaak de volgende dag dikker van structuur en nog lekkerder. Wanneer je de soep te dik (bijvoorbeeld de dag erna) of te stevig vindt dan schenk je er gewoon iets water bij totdat je de gewenste dikte hebt.

labels: #Soep

Zie ook: