In overleg met uw huisarts heeft u besloten om een plekje weg te laten halen, of om een andere ingreep te doen. De verrichting zal binnenkort bij de huisarts of huisarts in opleiding plaatsvinden. Hieronder vindt u informatie over wat u kan doen voor de ingreep, over de procedure zelf en over wat u erna kan verwachten.

Het gaat hier om een algemeen overzicht. In individuele gevallen kunnen er zaken anders gaan; uw arts zal dit dan met u bespreken.

Verschillende Aandoeningen en Redenen voor Verwijdering

Er zijn verschillende aandoeningen en redenen om iets weg te laten halen. Er zijn duizenden huidafwijkingen, goedaardig en kwaadaardig, zeldzaam of bij bijna iedereen aanwezig. Enkele voorbeelden zijn:

  • Naevus (moedervlek): Dit is een moedervlek die bestaat uit een verzameling pigmentcellen. Soms worden de cellen van een naevus onrustig en moet hij verwijderd worden.
  • Verruca seborrhoica (ouderdomswrat): Ook wel ouderdomswratje genoemd.
  • Fibroom (wildvlees): Een goedaardig bultje, soms op een steeltje. Ook wel wildvlees genoemd.
  • Lipoom (vetbult): Een onderhuidse vetbobbel.
  • Atheroomcyste (talgkliercyste): Dit is een onderhuidse opeenhoping van talg door een verstopte talgklier. De talg zit in een zakje (cyste) dat kan scheuren.
  • Unguis incarnatus (ingegroeide teennagel): Een ingegroeide teennagel, meestal van de grote teen. Dit kan hinderlijke pijnklachten en ontstekingen geven.

Met een door een arts uitgevoerd lichamelijk onderzoek zijn veel huidafwijkingen te diagnosticeren. Gelukkig hoeven de meeste plekjes helemaal niet weggehaald te worden. Indien dit wel nodig is, zal de arts het weggehaalde weefsel meestal opsturen naar de patholoog anatoom.

Dat is een arts die het huidmateriaal zorgvuldig onder de microscoop onderzoekt. Het kan ook zijn dat een plekje op het oog niet duidelijk te diagnosticeren is, of dat er twijfel bestaat. Hiervoor kan er een klein stukje van de huid worden weggehaald met een soort appelboortje. Dit heet een biopt.

Houdt u er rekening mee dat voor de kosten van de pathologische onderzoeken uw eigen risico wordt aangesproken.

Voorbereiding op de Ingreep

Voor de ingreep kunt u gewoon eten en drinken. Het is verstandig om paracetamol in huis te hebben voor het geval er pijn ontstaat na de ingreep. Omdat u de plek na de verrichting vaak een tijdje droog moet houden is het verstandig om van te voren te douchen.

Draag losse kleding, soms moet er namelijk een verband aangelegd worden. Verwijder sieraden die in de buurt van de plek van het ingreepje worden gedragen. Brengt u alstublieft geen make-up aan als de behandeling in het gezicht is.

Meld het ons als u allergieën heeft, bijvoorbeeld voor pleisters, leukoplast, jodium, verdovingen of adrenaline. Indien u bloedverdunners gebruikt willen wij dat graag weten. Soms is het nodig om deze tijdelijk te staken. Heeft u een pacemaker? Ook dat willen wij graag weten.

Bij bepaalde hartafwijkingen, en bij het hebben van een kunstgewricht in combinatie met diabetes mellitus of reumatoïde artritis, is het soms nodig om antibiotica te krijgen voor de ingreep.

Sommige mensen zien helemaal niet op tegen een ingreepje. Anderen zijn er wel gespannen of nerveus voor. Dat is een normale reactie. Het is goed om te beseffen dat de meeste mensen achteraf zeggen dat het ze erg meegevallen is. Als u van te voren een idee heeft van wat er gaat gebeuren kan dat ook al schelen.

De Procedure

Nadat de dokter u binnen heeft geroepen zal hij of zij vaak nog even willen kijken naar het plekje. Daarna wordt u gevraagd de plek waar het om gaat goed te ontbloten. Voor de meeste ingrepen wordt u gevraagd om op de onderzoeksbank te gaan liggen. Het kan zijn dat de arts met een afwasbare stift de plek die moet worden verwijderd aftekent.

De verdoving wordt met een zo dun mogelijk naaldje voorzichtig ingebracht in de huid. Dit kan een branderig of pijnlijk gevoel geven wat niet langer duurt dan een halve minuut. De verdoving werkt al snel, daarna voelt u geen pijn meer. U kunt nog wel voelen dat de arts bezig is op de plek, maar pijn zal het niet doen. Als dat toch het geval is, kunt u dat aangeven en kan er verdoving worden bijgegeven.

Het verwijderen kan op verschillende manieren plaatsvinden, afhankelijk van het soort afwijking. Bijvoorbeeld met een chirurgisch mes, een biopteur (een soort appelboortje), of een speciaal schaafmesje. Ook kan er met een penvormig apparaatje met elektriciteit een plekje worden weg- of dichtgebrand (coagulatie).

Als het plekje weg is gehaald en er is een wondje ontstaan moet het meestal worden gehecht. Om dit goed te kunnen doen wordt altijd iets meer huid weggehaald om het plekje zelf. Hechten kan met zelfoplosbare of niet-oplosbare hechtingen. Deze laatste moeten na enige tijd weer worden verwijderd. De arts zal u instructies hierover meegeven. Een klein wondje hoeft soms niet gehecht te worden en kan met hechtpleisters of coagulatie worden gesloten.

Als er iets uit de huid verwijderd wordt, gaat dit bijna altijd gepaard met (meestal geringe) littekenvorming. Uiteraard zal de arts er alles aan doen het resultaat cosmetisch zo fraai mogelijk te maken. Toch is het helaas zo dat bij de ene persoon het litteken mooier wordt dan bij de andere. Dit heeft vooral te maken met uw huidtype.

Littekens hebben soms de neiging dik en breed te worden (hypertrofisch litteken, of keloïd). Als u dit van uzelf weet laat dit dan aan de arts weten. Ook bij wondjes rond gewrichten of veel bewegende lichaamsdelen kan het litteken breder worden doordat er meer kracht op komt.

Mogelijke Complicaties

Aan elke ingreep zijn risico’s verbonden. Gelukkig zijn ze bij kleine ingrepen zoals in de huisartsenpraktijk gedaan worden erg zeldzaam en vrijwel altijd goed te verhelpen.

  • Als het wondje thuis weer begint te bloeden kunt u er zelf met een prop watten of een theedoek met gelijkmatige druk stevig op duwen. Doe dit gedurende minimaal 15 minuten, zonder tussendoor te kijken of het al gestopt is. Dit helpt in de meeste gevallen afdoende.
  • Als het wondje gaat ontsteken wordt het rood, dik, warm en pijnlijk. Er kan ook pus uitkomen, of koorts ontstaan (temperatuur meer dan 38.5 ⁰C).
  • Doordat een bloedvaatje beschadigd kan worden tijdens het weghalen van een plekje kan er een bloeduitstorting ontstaan, oftewel een blauwe plek. Dit is ongevaarlijk. Het lichaam zal dit zelf weer opruimen. Tijdens het opruimproces verkleurt de plek van blauw/rood naar groen/geel en kan wat verplaatsten.
  • Een allergische reactie op een van de bestanddelen van de verdoving is erg zeldzaam. Mensen die astmaklachten krijgen van aspirine hebben mogelijk een iets hogere kans. De klachten kunnen binnen enkele uren ontstaan. Vaak is er met name jeuk en roodheid ter plaatse, soms zijn er bulten of een zwelling. Neem in die gevallen contact op met een arts.
  • Zeer zeldzaam is een ernstige reactie met benauwdheid of bewustzijnsverlies, in welk geval er onmiddellijk 112 gebeld moet worden. Een allergische reactie kan ook pas ná enkele uren tot dagen optreden. Hierbij kunnen eveneens roodheid, zwelling of een branderig of pijnlijk gevoel optreden.

Nazorg

Enkele uren na het ingreepje zal het gevoel in de plek terugkeren. Soms is er daarna pijn voelbaar. Indien nodig kunt u hiervoor paracetamol gebruiken tot maximaal 3x per dag 2 stuks van 500mg.

Wij adviseren de eerste 24 uur de wond droog te houden. Daarna kunt u er gewoon mee douchen. Wees bij wonden op het behaarde hoofd wel voorzichtig met het wassen en kammen van de haren.

Ga de eerste twee weken niet zwemmen, in bad, of naar de sauna. De eerste week is het -afhankelijk van de locatie van de wond- soms beter om geen zware dingen te tillen, te sporten of diep te bukken. Dit om rek, druk en grote krachten op de wond te vermijden.

De pleister mag u na twee dagen verwijderen. Als de wond niet vochtig of nat is, kunt u deze eraf laten. Desgewenst kan hij er ook op blijven zitten, zolang hij niet te vuil is. Soms heeft de arts nog een aantal kleinere hechtpleisters aangebracht.

De hechtingen kunnen wat lokale roodheid door irritatie geven, dit is geen reden tot ongerustheid. De arts zal aangeven na hoeveel dagen u de hechtingen kunt laten verwijderen. Hiervoor kunt u een afspraak maken bij de assistente.

Als u de ingreep had in verband met een ontsteking wordt u mogelijk gevraagd de plek met de douchekop twee tot drie keer per dag uit te spoelen met lauw water.

Het onderzoek van de patholoog anatoom is meestal na 14 dagen bekend.

Kun je zelf wild vlees verwijderen?

Vrijwel niemand heeft een huid zonder onregelmatigheden. De één heeft last van littekenvorming door bijvoorbeeld acne, de ander heeft last van grote moedervlekken en sommige mensen hebben last van de groei van wild vlees. Veel mensen vinden dit niet prettig en willen hier vanaf.

Wild vlees ontstaat doorgaans nadat je een wondje hebt gehad en je lichaam dit niet helemaal goed laat genezen. Het vlees ontstaat door een te snelle celdeling en dit resulteert in de groei van wild vlees, ook wel fibroom genoemd. Hoe het zich uit kan verschillen, zo krijgt de één er bijvoorbeeld steelwratjes door.

Een reden waarom mensen vaak graag van de wildgroei van vlees af willen, is dat het meestal op plekken zit die goed zichtbaar is. Je zult niet snel midden op je been last krijgen van fibroom. Bepaalde plekken van de huid hebben veel meer kans om vleesgroei te ontwikkelen dan andere delen van het lichaam.

De groei van fibroom komt het meest voor in het gezicht, de hals, de borsten, liezen en oksels. Vooral als je er last van hebt in je gezicht of hals is het prettig als dit snel verwijderd wordt. Omdat de wildgroei van vlees doorgaans onschuldig is, gaan mensen er vaak niet mee naar de huisarts.

Toch storen veel mensen zich eraan en hierdoor proberen ze het vaak zelf weg te halen. Een populaire methode, vooral bij steelwratten, is door er strak een touwtje om te binden in de hoop dat het vlees afsterft. Ook zijn er mensen die het proberen weg te knippen.

Het is niet verstandig om zelf het vlees weg te halen. Door het weg te knippen, riskeer je de kans op ontstekingen en ook door afsterving heb je kans dat er complicaties optreden. Doordat je aanleg hebt voor fibroom is er ook een grote kans dat je er alleen maar meer last van krijgt, als je het zelf probeert weg te halen.

De celdeling van je huid verloopt te snel en door een nieuw wondje te maken, zal dit proces opnieuw optreden en kun je juist een grotere plek krijgen dan voorheen.

Wanneer je last hebt van wildgroei van vlees, kun je het best een dermatoloog of huidkliniek raadplegen. Zij hebben de kennis en kunde in huis om de vleesvorming medisch verantwoord te verwijderen, waardoor je niet alleen verlost bent van je plek met fibroom, maar de kans op littekenvorming ook gering is.

Daarnaast wordt de kans op ontstekingen geminimaliseerd en zal de klacht niet verergeren. Schakel dus een professional in wanneer je te kampen hebt met de groei van wild vlees en ga niet proberen het zelf te verwijderen.

Huisartsenzorg en Kosten

De huisarts is het eerste aanspreekpunt voor vragen over je lichamelijke of geestelijke gezondheid. Maar huisartsen doen meer. Zilveren Kruis vergoedt de kosten voor huisartsenzorg volledig. Dat geldt ook voor de kleine verrichtingen die hierboven benoemd zijn. Je betaalt hierover geen eigen risico.

Je betaalt wel eigen risico voor aanvullend onderzoek dat de huisarts laat uitvoeren. Zoals weefselonderzoek bij een laboratorium na het verwijderen van een moedervlek. Of als je op verzoek van de huisarts bloed laat afnemen voor een bloedonderzoek.

Let op: sommige kleine verrichtingen door de huisarts vallen niet onder de basisverzekering. Deze kosten betaal je zelf of worden uit de aanvullende verzekering vergoed.

Huisartsen nemen steeds meer taken van het ziekenhuis over. Hierdoor kun je voor een kleine verrichting vaak bij je eigen huisartsenpraktijk terecht. Je hoeft geen afspraak te maken met een specialist.

Niet elke huisarts voert alle kleine verrichtingen zelf uit. Je huisarts kan je eventueel doorverwijzen naar een collega-huisarts in de buurt. Soms is een verwijzing naar een specialist in het ziekenhuis medisch noodzakelijk. Bijvoorbeeld naar een chirurg, dermatoloog of gynaecoloog.

Als je verwezen wordt, bespreekt de huisarts dit tijdens het spreekuur met je. Je krijgt dan een verwijsbrief, waarin staat waarom je verwezen bent.

Over de diverse huidafwijkingen

Er zijn vele soorten huidafwijkingen. Moedervlekken, basaalcelcarcinomen, atheroomcystes (talgklieren) en fibromen komen het meeste voor. Daarnaast komen ook lipomen (vetbulten) voor. Deze afwijkingen zijn meestal niet gevaarlijk, maar kunnen wel hinderlijk en/of ontsierend zijn. De huisarts kan deze afwijkingen vaak zelf verwijderen, maar hij/zij kan de patiënt ook doorverwijzen naar de chirurg. Bijvoorbeeld als de afwijking groter is en/of op een lastige plek zit.

Lipomen zijn gezwellen van vetweefselcellen. Deze gezwellen hebben de vorm van ronde, meestal pijnloze, ovale bultjes. Ze zijn goedaardig. Lipomen komen meestal voor op de onderarmen, hals en romp en komen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Ook hierbij is meestal geen behandeling nodig. Het lipoom wordt pas chirurgisch verwijderd wanneer het hinderlijk en/of lelijk is.

Moedervlekken zijn goedaardige opeenhopingen van pigmentvormende cellen in de huid. Naast normale, rustige moedervlekken bestaan er ook onrustige en kwaadaardige moedervlekken. Als hiervan sprake is moeten deze worden verwijderd, omdat het voorlopers van een kwaadaardige huidtumor (=melanoom) kunnen zijn. Soms wil een patiënt uit cosmetische overwegingen een moedervlek laten verwijderen. Dat is ook mogelijk.

Het basaalcelcarcinoom is de meest voorkomende soort huidkanker. Het ontstaat meestal op plaatsen op de huid die veel aan de zon zijn blootgesteld. Een basaalcelcarcinoom zaait (vrijwel) nooit uit en is daarom zelden levensbedreigend.

Fibromen zijn veel voorkomende, goedaardige, huidkleurige gezwelletjes. Ze zijn gemaakt van bindweefsel. Andere termen zijn ook wel ‘wild vlees’ of ‘steelwratjes’. Er is geen medische noodzaak om ze te verwijderen. Vaak worden ze verwijderd uit cosmetisch oogpunt: de patiënt vindt ze dan lelijk en/of hinderlijk.

Een atheroomcyste is een talgklier met een afvoerprobleem van talg. Hierdoor hoopt een te grote hoeveelheid talg in de klier op , waardoor je een zwelling voelt. Deze kan soms ontstoken raken (of eerder geweest zijn) en een abces veroorzaken. Atheroomcystes kunnen overal in de huid voorkomen, maar het vaakst worden ze gezien op de behaarde hoofdhuid en romp.

Wat zijn steelwratjes?

Anders dan de naam doet vermoeden, zijn steelwratten geen echte wratten. Het zijn elastische uitstulpingen van de huid, die vaak huidkleurig of lichtbruin van kleur zijn. Steelwratjes bestaan uit bindweefsel en zijn niet besmettelijk. Ze kunnen enkele millimeters tot twee centimeter groot worden.

Steelwratjes komen vooral voor in huidplooien zoals de nek, oksels of onder de borsten. De huidafwijkingen zijn goedaardig en ongevaarlijk, maar kunnen wel verwijderd worden als u ze niet mooi vindt of als u er op een andere manier last van heeft. U kunt steelwratten zelf verwijderen of dit door de huisarts laten doen.

Steelwratjes worden ook wel fibromen genoemd, en in het Engels heten ze skin tags.

Hoe ontstaan steelwratjes?

Er is geen duidelijke oorzaak bekend van het ontstaan van steelwratjes. Ze ontstaan spontaan. Wel is bekend dat steelwratjes vaak voorkomen op plekken waar bijvoorbeeld kleding of sieraden schuren. Ook leeftijd kan een rol spelen: het aantal steelwratjes en de grootte kan toenemen als u ouder wordt.

Ook bij vrouwen in de overgang kan het aantal steelwratjes toenemen. Verder kunnen overgewicht, diabetes en zwangerschap een rol spelen bij het ontstaan van steelwratjes.

Waar zitten steelwratjes vaak?

Steelwratjes komen vooral voor in huidplooien zoals de nek, oksels, liezen of onder de borsten. Dit zijn typische plekken waar huidwrijving of schuring plaatsvindt door bijvoorbeeld kleding of sieraden. Maar steelwratjes kunnen ook voorkomen op de romp en rond de oogleden.

Kan een steelwratje kwaad?

Steelwratjes zijn goedaardig en kunnen geen kwaad. Ze zijn ook niet besmettelijk. Wel kunt u steelwratjes cosmetisch storend vinden, of u kunt last krijgen van jeuk.

Gaan steelwratjes vanzelf weer weg?

Steelwratjes gaan niet vanzelf weg. Ze kunnen wel groter worden en naarmate u ouder wordt kunnen er meer ontstaan.

Wanneer een steelwratje behandelen?

Het is medisch niet noodzakelijk om een steelwratje te behandelen omdat steelwratjes goedaardig zijn. Wel kunt u een steelwratje misschien cosmetisch onwenselijk vinden. Ook kunnen steelwratjes huidirritatie geven, zoals jeuk. Dit kunnen redenen zijn om steelwratjes toch te (laten) behandelen.

Hoe worden steelwratjes verwijderd bij de huisarts?

De huisarts of huidtherapeut kan steelwratjes op verschillende manieren verwijderen. Een optie is wegknippen: dit wordt met een steriele schaar gedaan, zonder verdoving. Bij een grotere steelwrat is lokale verdoving van de huid wel mogelijk.

De huisarts kan een steelwratje ook wegschaven met een mesje. Hierbij wordt de huid rondom het steelwratje verdoofd. Een andere manier om steelwratjes te verwijderen, is cryotherapie. Hierbij wordt het steelwratje aangestipt met vloeibare stikstof.

Ook kan de huisarts of huidtherapeut electrocoagulatie toepassen: hierbij wordt een naaldje ingebracht in het steelwratje. Dit naaldje geeft stroom af, waardoor de bloedtoevoer naar het steelwratje wordt gestopt. Hierdoor stoot het lichaam het steelwratje af.

Wat kun je zelf doen tegen steelwratjes?

U kunt ook zelf steelwratjes behandelen. Verwijder een steelwratje niet met een schaartje, mesje of touwtje. Dit kan leiden tot bloedingen, huidbeschadigingen of infecties.

U kunt bijvoorbeeld wel appelazijn gebruiken om een steelwrat te verwijderen. Reinig eerst het gebied rondom de steelwrat met water en milde zeep. Gebruik een wattenstaafje of watje waarmee u appelazijn aanbrengt op de steelwrat. Doe er hierna een pleister overheen. De steelwrat droogt vervolgens uit en valt er dan vanzelf af. Gebruik deze methode niet bij steelwratjes rondom uw ogen.

Steelwratjes zelf verwijderen

Nog gemakkelijker zijn natuurlijk de zelfzorgproducten waarmee u steelwratjes kunt behandelen. Er zijn verschillende producten verkrijgbaar voor het zelf verwijderen van steelwratten, bijvoorbeeld:

  • Heltiq Steelwratjes: dit middel maakt gebruik van cryotherapie;
  • Excilor Steelwratten behandeling: dit middel werkt met een pleister.

Hoe werkt een steelwratten behandeling thuis?

De behandeling met Heltiq maakt gebruik van cryotherapie. U kunt hierbij zelf de steelwratjes aanstippen, waardoor ze bevriezen. Eén behandeling is meestal voldoende; na tien tot veertien dagen zal het steelwratje er vanzelf af vallen.

De behandeling met Excilor werkt met een pleister. Deze pleister oefent druk uit op de steelwrat, waardoor de bloedtoevoer naar de steelwrat wordt gestopt. Hierdoor droogt de steelwrat uit en valt deze er binnen in de pleister af. Na zes dagen kunt u de pleister, inclusief het wratje, verwijderen. Bij deze behandeling worden geen chemische stoffen gebruikt.

Is een behandeling van steelwratjes thuis veilig?

De behandeling van steelwratjes thuis met zelfzorgproducten is veilig. Als u twijfelt of u een steelwratje heeft, neem dan contact op met de huisarts voordat u zelf aan de behandeling begint. Het is namelijk wel belangrijk dat u echt zeker weet dat het om een steelwratje gaat en niet om een ander type huidafwijking.

Lees ook altijd goed de gebruiksaanwijzing voordat u met de behandeling begint. De behandeling met Excilor is veilig als u zwanger bent of borstvoeding geeft. De behandeling met Heltiq is niet geschikt voor mensen met diabetes.

Vanaf welke leeftijd steelwratjes zelf thuis behandelen?

De behandeling van steelwratjes met Heltiq en Excilor is niet geschikt voor kinderen onder de 18 jaar.

Bijwerkingen van een steelwratten behandeling

De behandeling met Excilor heeft geen bijwerkingen. Wel kan er een lichte bloeding ontstaan na het verwijderen van de pleister. Ook kan er een kleine markering op de huid ontstaan, maar deze zal na verloop van tijd verdwijnen.

Cryotherapie (Heltiq) kan de volgende bijwerkingen hebben:

  • Hypopigmentatie (lichte plekken) of hyperpigmentatie (donkere plekken), deze zullen na verloop van tijd verdwijnen;
  • Bloeding;
  • Blaarvorming;
  • Littekenvorming, na het niet juist opvolgen van de gebruiksaanwijzing;
  • Tijdelijke pijn of een prikkelend gevoel.

Raadpleeg bij twijfel of bij het ontstaan van een infectie of complicatie uw arts.

labels: #Vlees

Zie ook: