Carnaval is een feest van traditie en cultuur, diep geworteld in de Nederlandse samenleving. Het is een tijd van uitbundigheid, creativiteit en muzikale expressie. In het verleden waren er regelmatig carnavalshits in de Nederlandse Top 40 te vinden met de jaren ‘70 als uitschieter.

De Geschiedenis van Carnaval

In het hedendaagse carnaval komen drie elementen terug die al in de oudheid aanwezig waren: het omkeren van de slaaf-meesterrol, het kronen van een schertskoning (Prins Carnaval) en het rondrijden van een (narren)schip. In Mesopotamië werd 2600 jaar geleden al een vijfdaags lentefeest gehouden. Op kleitabletten is een tijdelijk tot koning gekroonde slaaf op een pronkschip te zien. De slaaf belandt later op de brandstapel. Ook bij Grieken en Romeinen is een soortgelijk feest beschreven. Bij laatstgenoemden werd de wereld tijdens de zevendaagse Saturnaliafeesten op z’n kop gezet. Slaven verkleedden zich als meesters en bespotten hun meerderen.

De katholieke kerk heeft deze volkse feesten lang trachten te verbieden. Het zich te buiten gaan aan drank en losbandig gedrag was een doorn in het oog van de geestelijke leiders. Pas met de Synode van Benevento in 1091 werd een officiële vastentijd van veertig dagen vastgelegd en het lentefeest min of meer gedoogd als laatste verzetje voordat de broekriem moest worden aangehaald. Uit die tijd stamt ook de huidige naam voor deze christelijke versie van het feest: carnaval.

Door de Reformatie en het Protestantisme kwam carnaval weer onder vuur en werd het van de officiële kalender afgevoerd, om voorlopig een ondergronds bestaan te leiden. De heropleving in de lage landen begon in het Rijnland, waar na de terugtrekking van Napoleon in 1814 de vrijheidsdrang werd gekoppeld aan romantiek en pracht en praal. In navolging van Goethes Italienische Reise blikte men naar het Venetiaanse Commedia dell’arte en nam daar elementen van over. Genoemde vorm veroverde ook Limburg en de zuidelijke provincies van de Nederlanden.

In 1840 beleefde Maastricht haar eerste carnavalsoptocht, onder leiding van de stichting Momus, genoemd naar de Griekse god van zottigheid en bespotting. Een van de elf (!) verordeningen die de stichting in een reglement aan de bevolking oplegde was het verplicht spreken van het Maastrichtse dialect tijdens het carnaval. Daarvan waren alleen de officieren van het in de hoofdstad gelegerde garnizoen uitgesloten. Eigenbelang, want de militairen zorgden in hoofdzaak voor de muziek tijdens de drie dagen voor vastenavond.

De arbeidersbevolking had ondertussen een geheel eigen anarchistische versie van carnaval ontwikkeld. Armoedig als ze waren, trokken zij zich kussenslopen over het hoofd en liepen achter de harmonicaspelers aan, sjokkend van café naar café waar in flinke mate sterke drank van hoofdzakelijk eigen brouwsel werd genuttigd. Carnaval fungeerde voor deze bevolkingsgroep als uitlaatklep. Vanwege de in het zuiden sterk verankerde feodale verhoudingen en het feit dat de katholieke kerk het socialisme onderdrukte, was het vrijwel onmogelijk misstanden aan de kaak te stellen, en was de carnavalsperiode eigenlijk het enige moment om de gal te spuien.

De verplaatsing van café naar café legde de basis voor het latere straatcarnaval. In 1936 ontstond De Boonte Störm: duizenden bont verklede carnavalsvierders trokken door de straten en de cafés in en uit. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd carnaval door de bezetters verboden, maar na de oorlog keerde de Boonte Störm terug. De nieuwe carnavalsvereniging De Tempeleers nam de taak van de ter ziele gegane Momus over. Het carnaval werd echter, op de stoet na, steeds meer een ‘binnengebeuren’.

In 1959 leidde dat tot de oprichting van de eerste Zaate Hermenie, een blaaskapel die zonder enige schroom valse noten en scheve maten tolereerde.

Ria Valk: Een Icoon van de Nederlandse Carnavalsmuziek

Eén van de artiesten die enkele malen meeliftte op commerciële carnavalshits was Ria Valk. Ria Valk werd tijdens de Tweede Wereldoorlog geboren op 11 februari 1941 in Eindhoven.

Ria Valk was nog maar 18 jaar oud toen ze in 1959 tweede werd uit 339 kandidaten bij een Elvis Presley-imitatiewedstrijd, georganiseerd door het blad Tuney Tunes. In zwart-oranje gestreepte lange broek, met laarzen en een cowboyhoed deed Ria een uitvoering van Tutti Frutti.

Haar definitieve doorbraak is in 1960 als ze een hit scoort met ‘Hou je echt nog van mij, Rocking Billy?’. Het is een vertaling van het Zweedse nummer 'Är du kär i mej ännu Klas-Göran'. Stig Anderson, de schrijver van het lied en later vooral bekend door zijn rol als manager van ABBA, reikt Ria in 1960 een gouden plaat uit voor haar versie.

Aan haar samenwerking met Tony Vos kwam in 1973 een einde, om samen te gaan werken met Peter Koelewijn. Dit resulteerde in Moeder Ik Ben Zo Bang. Tijdens haar optredens wisselde Ria haar liedjes af met een komische act, en liet zich inspireren door de Amerikaanse comédienne Lucille Ball.

Kort daarna nam Ria met Peter Koelewijn haar eerste carnavalssingle op: Is er hier een dokter in de zaal. Deze single uit ‘74 werd geen hit.

De Liefde Van De Man Gaat Door De Maag ("Worstjes op mijn borstjes")

Van cabaretière/tekstschrijver Marijke Phillips, die o.a. met Wim Sonneveld en Seth Gaaikema had gewerkt, kreeg Ria een tekst aangereikt die ze graag wilde opnemen. De muziek was van theatermaker Wiebe Cnossen. Peter Koelewijn hoorde hier een geheide hit in en hij maakte Job Maarsse verantwoordelijk voor het arrangement, net als in Moeder Ik Ben Zo Bang.

Op 11 januari 1975 startte de carnavalssingle op nummer 34 in de Top 40 en kwam tegelijkertijd binnen met carnavalsconcurrent Marietje (Want In Het Bos Daar Zijn De Jagers) van Hydra. De zangeres verscheen in Toppop en Op Losse Groeven in een outfit met overal groente en fruit er op, wat voor een verkoopboost van de single zorgde. In de week voordat het carnaval losbarstte piekte De Liefde Van De Man Gaat Door De Maag naar de tweede plaats en had enkel Voulez Vous Coucher Avec Moi Ce Soir? (Lady Marmalade) van Labelle nog voor zich, ook een hit met een pikante tekst.

Een week later stond Marietje op nummer 2, en dit werd uiteindelijk de grootste carnavalshit van 1975. Twee jaar later sloeg Ria Valk opnieuw toe met carnaval, nu al in december. Met haar laatste Top 40-hit Leo (ditmaal in samenwerking met producer Eddy Ouwens) piekte ze opnieuw tot nummer 2, maar Queen was met Somebody To Love haar nu te sterk af. Ria Valk is de enige artiest in de Top 40 geschiedenis met twee carnavalshits op nummer 2.

Evenals haar vrouwelijke collega’s Adèle Bloemendaal en Corrie Van Gorp is de zangeres/comédienne/actrice een vaste waarde in de carnavalsliedjescultuur geworden. Ria zelf gaf echter niets om carnaval en na de hit Leo was ze klaar met feestelijke repertoire. In de jaren 80 werd zij opnieuw populair door de sitcom Zeg ‘ns Aaa. Bijna 30 jaar later, in 2014 kwam de zangeres toch weer eens met een zelfgeschreven carnavalssingle: Oma Wil Een Toyboy.

De Liefde Van De Man Gaat Door De Maag stond vanaf 8 februari 1975 een week op nummer 2 achter Voulez Vous Coucher Avec Moi Ce Soir?

Discografie (selectie)

Titel Jaar Opmerkingen
Dans de bambamboe 1959 Eerste single
Hou je echt nog van mij, Rocking Billy? 1960 Doorbraak
De liefde van de man gaat door de maag 1975 Carnavalshit
Leo 1977 Top 40 hit
Oma wil 'n toyboy 2014 Carnavalssingle

Carnaval Vandaag

Het carnavalsseizoen komt er weer aan en dat betekent dat vele carnavalsvierders weer op zoek gaan naar een unieke outfit voor carnaval. Het mag duidelijk zijn: carnaval vergt een gedegen voorbereiding. Dat betekent onder meer carnavalskrakers als “’s Nachts na tweeën”, “Schatje, mag ik je foto”, “Worstjes op mijn borstjes” en “Bij ons staat op de keukendeur” oefenen.

Oeteldonk, Kruikenstad (Tilburg), Lampengat (Eindhoven), Tullepetaonestad (Roosendaal), Kielegat (Breda) en ga zo maar even door. Soms hebben sommige steden een thema, bijvoorbeeld Roosendaal heeft dit jaar het thema Europa.

labels: #Worst

Zie ook: