Waar denk je aan als je het woord ‘zouten’ hoort: de zoute zee of het zout dat je over je ei strooit? Als we zouten op een scheikundige manier gaan bekijken zit er wat meer achter dan je in de eerste instantie zou denken. Zouten zijn chemische verbindingen tussen positieve en negatieve ionen.
Wat zijn zouten?
Zouten bestaan uit ionen en zijn een samenstelling van een metaal en een niet-metaal. In de binding van zouten zijn de metalen vaak positief geladen en de niet-metalen vaak negatief geladen. Zoutmoleculen zijn op zichzelf ongeladen, omdat de negatieve lading van het niet-metaal de positieve lading van het metaal compenseert en andersom.
Ionrooster
In vaste zouten zitten deze ionen in een bepaalde structuur, genaamd het ionrooster. Het rooster zorgt voor een sterke binding tussen de ionen, waardoor ze op hun plek blijven zitten. Dit kun je in de afbeelding hierboven goed zien. Binnen het ionrooster kunnen de ionen zich niet verplaatsen.
Tussen de twee ionen bevindt zich de ionbinding, welke voortkomt uit de sterke elektrostatische interacties tussen de atomen. Ionbindingen zijn erg sterk. Omdat deze ionbindingen sterk zijn, hebben zouten over het algemeen een hoog smeltpunt.
Elektrische geleiding
Daarnaast zou je verwachten dat zouten stroom kunnen geleiden, aangezien we te maken hebben met geladen deeltjes. Echter is het geleiden van stroom in vaste zouten niet mogelijk, omdat de ionen vast op hun plek zitten. Opmerkelijk is dat er wel stroom doorheen kan lopen als zouten worden opgelost.
Het verschil met vaste zouten is dat zodra je een vast zout oplost in een vloeistof (bijvoorbeeld water), de ionen los van elkaar in de vloeistof zweven. In deze afbeelding zie je een voorbeeld van een opgelost zout. In de eerste instantie heb je vast NaCl. Maar zodra je dit oplost in H2O zal het NaCl zich opsplitsen in de losse ionen Na+ en Cl-. Nu de ionen zich los kunnen verplaatsen, kan de lading zich via de ionen verplaatsen. Dit maakt stroomgeleiding mogelijk. Ook is te zien dat de watermoleculen om de ionen gaan zitten. Dit voorkomt dat de ionen weer een binding aangaan.
Oplosbaarheid van zouten
Zouten kunnen goed of slecht oplossen in water. Een goed oplosbaar zout zal van een vaste vorm opsplitsen in losse ionen. Dat komt doordat de waterdeeltjes dus om de losse ionen heen gaan zitten. Een zout kan dus ook slecht oplossen in water. Hierbij zullen de ionen niet omringd worden door een dekentje van water en kunnen ze in het water bij elkaar komen. Hierdoor zal er een vaste stof worden gevormd, genaamd neerslag. De reactie noem je dan ook een neerslagreactie.
Neerslagreacties
De deeltjes die niet veranderen hoef je niet in de reactievergelijking op te nemen. Een zoutoplossing geleidt de stroom op dezelfde manier als een gesmolten zout: d.m.v. vrij ionen. Dat betekent dat de ionen (bij een zoutoplossing dus) los van elkaar komen, dit geef je bijvoorbeeld als volgt weer:
Ca2+Cl- 2(s) → Ca2+ (aq) + 2Cl- (aq)
s = vast, aq = vloeibaar, g = gas Je noteert dus de losse ionen.
Je kunt de losse ionen waaruit zouten bestaan vinden in Binas tabel 45A. Aan de linkerkant staan de positieve ionen en aan de bovenkant de negatieve ionen. De niet-metalen kunnen ook als samengestelde ionen voorkomen. Een voorbeeld is NO3-. Het samenstellen van de molecuulformule gaat op dezelfde manier als bij enkelvoudige ionen.
Zoutformules
Elke stof, dus ook een zout is altijd elektrisch neutraal. Bij een zout heb je een verhoudingsformule. In deze formule is de verhouding tussen positieve en negatieve ionen zo, dat de formule een elektrisch neutrale stof weergeeft.
Opstellen van een verhoudingsformule:
- Kijk welke ionen in het zout aanwezig zijn; bijvoorbeeld: bij ijzer(II)chloride heb je Fe2+ en Cl-
- Bepaal de verhouding waarin de ionen aanwezig zijn om een elektrisch neutraal zout te krijgen; bijvoorbeeld; om een elektrisch neutraal zout te krijgen moet je 2x zoveel Cl- ionen als Fe2+ ionen hebben. Dus: Fe2+ en Cl- = 1:2
- Schrijf de verhoudingsformule op met behulp van indexcijfers (= zo klein mogelijke, hele getallen); bijvoorbeeld: Fe2+ Cl- 2
Samengestelde ionen
Een samengesteld ion bestaat uit meerdere atomen, die samen een lading hebben. Zo bestaat NO3 - uit 1 stikstof atoom en 3 zuurstofatomen. Bij elkaar opgeteld is dit een lading van 1-
Het opstellen van een formule voor een zout met samengestelde ionen:
- Ga na welke ionen in het zout aanwezig zijn; bijvoorbeeld calciumhydroxide bevat de ionen Ca2+ en OH-.
- Bepaal de verhouding waarin de ionen aanwezig zijn om een elektrisch neutraal zout te krijgen; bijvoorbeeld voor een elektrisch neutraal zout is de verhouding tussen de ionen Ca2+ en OH- 1:2
- Schrijf de verhoudingsformule op. Wanneer het samengestelde ion meer dan één keer voorkomt, gebruik je haakjes om het samengestelde ion; bijvoorbeeld Ca2+(OH-)2
Als je bij de laatste stap de haakjes weglaat staat er Ca2+OH-2. Dan slaat de laatste 2 alleen nog maar op waterstof, en niet op zuurstof terwijl O en H in deze stof bij elkaar horen en dus samen 2x voorkomen.
Soorten zout en hun toepassingen
Zouten zijn essentieel voor de mens. Het zit in je bloed, in je eten en in je drinken. Het zout dat wordt gebruikt in de keuken is keukenzout (NaCl). Dit is het meest voorkomende zout. Ook zitten er verschillende zouten in je bloed. Dit moet in balans worden gehouden om gezond te blijven. Als je bijvoorbeeld te veel zout eet, kan je hartslag verhogen. De zouten die hier vooral verantwoordelijk voor zijn, zijn natrium (Na+) en kalium (K+). Ze worden in balans gehouden door natrium/kalium pompen.
Keukenzout (NaCl)
Natriumchloride bestaat uit twee delen. De chemische naam is NaCl, wat een verbinding is van de elementen natrium (Na) en chloride (Cl). Deze stof komt van nature voor in zeewater en in ondergrondse zoutlagen. In de meeste huishoudens wordt natriumchloride gebruikt als smaakmaker in voedsel. Maar de toepassingen reiken veel verder dan de keuken. Het wordt gebruikt als strooizout om wegen ijsvrij te maken, maar ook voor de productie van chemicaliën als chloor en je vindt het zelfs in schoonmaakmiddelen en cosmetica.
De chemische formule van natriumchloride
De chemische formule van natriumchloride, NaCl, heeft een krachtige betekenis. Natriumion (Na⁺) en één chloride-ion (Cl⁻) verbinden zich namelijk om samen een neutraal zoutkristal te vormen. Natrium is een zacht, zilverachtig metaal wat het een bijzonder reactief maakt dat normaal gesproken niet in zuivere vorm wordt gevonden in de natuur. Bij chloride is dat een ander verhaal. Dit is een negatief geladen ion welke giftig is in zijn zuivere vorm. Natriumchloride is dus op zich geen gevaarlijke formule. Daarbij is het een essentieel element in ons lichaam.
Hoewel we allemaal zout nodig hebben, om verschillende redenen, is het wel belangrijk dat je op de hoogte bent van gevaren die gepaard gaan met een overmatig gebruik van NaCI of onzorgvuldig gebruik van de stof. Natriumchloride komt ook in de vorm ‘voedingszout’ en is een belangrijk element voor het regelen van de vochtbalans in ons lichaam en die van dieren. Het zorgt ervoor dat spieren en zenuwen optimaal kunnen functioneren. Het is belangrijk om te beseffen dat een te hoge zoutinname voor ernstige gezondheidsproblemen kan zorgen. De gezondheidsproblemen kunnen zich uiten in een te hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten. Ook een beschadiging aan de nieren is een gevolg van te veel zout.
Strooizout
Als het gesneeuwd heeft in de winter, kan het ijs voor gladde wegen zorgen. Om wegen ijsvrij te maken, wordt er gebruik gemaakt van enorme hoeveelheden zout. Dit zout noemt men strooizout. Het strooizout bestaat uit zouten die goed oplossen in water. Aangezien ijs eigenlijk een vorm van bevroren water is, zal het strooizout in het ijs oplossen. Er is nu eigenlijk een nieuwe samenstelling van water en zouten ontstaan, waardoor het vriespunt van het ijs daalt. Het ijs zal hierdoor smelten.
Strooizout is een onmisbaar product welke overal ter wereld wordt gebruikt. Wegen, straten en stoepen worden erg glad in de winter en strooizout is noodzakelijk om de wegen ijsvrij te maken. Hoewel het effectief is in het smelten van ijs, kan overmatig gebruik van strooizout schadelijke gevolgen hebben voor het milieu. Wanneer het smeltwater dat verzadigd is met zout in rivieren en meren terechtkomt, kan dit leiden tot verzilting van waterbronnen en schade aan het ecosysteem. Corrosie aan auto-onderdelen en de infrastructuur is ook een gevaar dat strooizout kan veroorzaken.
Natriumchloride gevaren in de industrie
Voor de productie van chloor en natronloog wordt natriumchloride gebruikt. Dit zijn uiteraard bekende en essentiële stoffen in de schoonmaakindustrie. Om chloor te produceren moeten er serieuze veiligheidsprotocollen nageleefd worden om schade en risico’s te voorkomen. Het gebruik van natriumchloride is in de meeste situaties veilig. Maar, het is wel essentieel om je bewust te zijn van hoe je het gebruikt en wat de juiste formule is. Vermijd volop bewerkte voedingsmiddelen en gebruik zout spaarzaam bij het koken.
Zeezout versus keukenzout
U bent ongetwijfeld op de hoogte van het feit dat er verschillende soorten zouten zijn. Zo bestaat er bijvoorbeeld Himalayazout, koosjer zout en lavazout, maar in deze tekst spitsen we ons toe op misschien wel de meest bekende van de twee: ‘normaal’ zout, dat in de volksmond ook wel keukenzout wordt genoemd, en zeezout. Maar is er eigenlijk wel een verschil tussen zeezout en keukenzout? En wát is dan daadwerkelijk het verschil tussen zeezout en gewoon zout?
Al hebben we het over de smaak van de beide zoutsoorten, dan zit er ieder geval weinig verschil tussen keukenzout en zeezout. “Als u met uw ogen dicht beide soorten zout proeft, zult u niet snel merken welke soort zout u in uw mond heeft”, is iets dat men vaak zegt. Maar zit er dan überhaupt wel verschil tussen keukenzout en zeezout? Dat is eigenlijk niet te vertellen. Keukenzout kan namelijk - naast steenzout en vacuümzout - (ook) van zeezout zijn gemaakt, waardoor u hier een toepassing (keukenzout) met een productiemethode (zeezout) vergelijkt.
Als we echt naar de de feiten kijken is in principe al het zout over de hele wereld zeezout. Echter, de productie en de mijning van de verschillende soorten zouten is hetgeen wat hier het onderscheid in maakt. Zo wordt zeezout gewonnen door zeewater te laten verdampen, terwijl ‘gewoon’ zout of keukenzout gewonnen wordt uit ondergrondse zoutlagen.
Beide zoutsoorten bestaan grotendeels uit natriumchloride, terwijl er wel een verschil tussen keukenzout en zeezout zit als u kijkt naar de hoeveelheid mineralen. Zeezout beschikt over wat meer mineralen dan keukenzout. Kalium en magnesium zijn voorbeelden van mineralen die we daarmee bedoelen. Deze toegevoegde mineralen zorgen er bovendien voor dat u het verschil tussen zeezout en gewoon zout minder goed proeft.
Wat u waarschijnlijk wel aan verschil tussen zout en zeezout merkt wanneer u het eet, is dat zeezout een stuk grover is dan keukenzout. Daarmee is de kans groot dat u een stuk meer zout binnenkrijgt wanneer u zeezout over uw eten strooit dan wanneer u keukenzout gebruikt. Toch hoeft dit niet altijd het geval te zijn. Zeezout wordt namelijk vrijwel altijd geraffineerd tot een Foodgrade keukenzout en is bovendien zeer fijn verkrijgbaar.
Is er dan ook een verschil tussen keukenzout en zeezout als het gaat om welke van de twee er gezonder is? Dat maakt feitelijk gezien niet zo heel veel uit. Beide soorten zout hebben dezelfde chemische samenstelling en dus is het niet zo dat één van de twee zouten ‘beter’ of gezonder is dan de andere. Toch wordt zeezout wel vaak als ‘beter’ gezien als het gaat om het verschil tussen zout en zeezout.
Eigenschappen van stoffen
We hebben van verschillende stoffen bepaalde eigenschappen verklaard. Heel kort samengevat: stoffen kunnen alleen elektriciteit geleiden wanneer ze geladen deeltjes bevatten die vrij kunnen bewegen. De vervormbaarheid van stoffen valt vaak te verklaren vanuit het kristalrooster. Zouten zijn door de ionbindingen in hun kristalrooster niet vervormbaar en metalen door de metaalbinding in het metaalrooster juist wel.
Elektrisch geleidingsvermogen
Laten we kijken naar elektrisch geleidingsvermogen. Daarbij gaat het erom dat er elektronen door een stof kunnen stromen. Dat is namelijk wat elektrische stroom is: bewegende elektronen. Dat is alleen mogelijk als er geladen deeltjes in de stof zitten die zich kunnen verplaatsen. Dat zijn de twee belangrijke voorwaarden: er moeten geladen deeltjes in de stof zitten en die geladen deeltjes moeten zich vrij kunnen bewegen.
Elektrisch geleidingsvermogen: voorbeelden
Laten we kijken naar wat voorbeelden. Een moleculaire stof is een stof die bestaat uit moleculen zonder metaalatomen. Een moleculaire stof bevat dus geen geladen deeltjes. Daarom geleidt het ook geen stroom. Neem bijvoorbeeld kunststof. Dat zijn moleculaire stoffen, en deze geleiden dus geen stroom, want er zijn geen geladen deeltjes in aanwezig.
Er moet dus een geladen deeltje in de stof aanwezig zijn. Zoals metaalatomen, die positief geladen zijn en daarom in een metaal zitten als ionen.
Zoals je weet, bestaan zouten uit ionen. Geleiden zouten dan wel stroom? Nou, dat hangt er vanaf in welke vorm een zout is. Als het zout in vaste toestand is, kunnen de ionen niet vrij door de stof heen bewegen. De ionen zitten dan vast in een kristalrooster. Als een zout smelt, kunnen de ionen wel vrij bewegen. In vloeibare fase geleiden zouten dus wel stroom. Ook als zouten opgelost zijn in water, kunnen de ionen vrij bewegen en daarmee stroom geleiden. Daardoor kan het lijken alsof water (wat een moleculaire stof is) stroom kan geleiden. Maar dat kan het dus alleen wanneer er een zout in opgelost is, wat bijna altijd het geval is. Alleen heel sterk gezuiverd, puur water geleidt geen stroom.
Voorkomt de organisatie in een kristalrooster dan altijd dat een stof stroom kan geleiden? Niet helemaal. Ook metalen zijn in namelijk vaste toestand georganiseerd in een kristalrooster: het metaalrooster. Daarin vormen de positief geladen metaalionen een raster waar de negatief geladen elektronen vrij doorheen bewegen. Door die vrij bewegende elektronen kunnen metalen ook in vaste toestand stroom geleiden. In vloeibare toestand natuurlijk ook; daarin is alles natuurlijk nog vrijer.
Vervormbaarheid van stoffen
De vervormbaarheid is van een aantal dingen afhankelijk. De vervormbaarheid van zouten en metalen in vaste vorm, wordt bepaald door de roosteropbouw van de stof. Terwijl het bij kunststoffen gaat om de structuur van het polymere materiaal en om de aanwezigheid van weekmakers.
Roosteropbouw zouten
We beginnen met de roosteropbouw van zouten. In een zout zitten de positieve en negatieve ionen netjes gerangschikt volgens een bepaalde structuur. Zoals je in de video hierboven ziet bij gewoon keukenzout, natriumchloride. Zo’n regelmatige rangschikking heet een kristalrooster, en in het geval van zouten gaat het dus om een ionrooster. De positieve kationen en negatieve anionen trekken elkaar aan, en die aantrekkingskracht heet een ionbinding. Deze structuur verklaart de mooie kristallen die zouten maken. Deze structuur verklaart ook de vervormbaarheid, of beter gezegd het feit dat zouten niet bepaald vervormbaar zijn. Door de sterke ionverbindingen binnen hun kristalrooster zijn zouten stoffen bros, en niet vervormbaar of kneedbaar. De bindingen kunnen wel breken als er geprobeerd wordt het zout te vervormen, maar daarbij brokkelt het zout ook echt af in plaats van dat het van vorm verandert.
Vervormbaarheid van metalen
Bij metalen is dat anders. Die kunnen wel vervormd worden. Vaak is daar veel kracht voor nodig, bijvoorbeeld met grote machines die platen metaal plat walsen. Of hoge temperatuur, wat de vervormbaarheid vergroot. De metaalbinding tussen de metaalionen en de elektronen wordt niet verbroken wanneer het metaal vervormd wordt. Niet alle metalen hoeven trouwens verhit te worden om heel vervormbaar te zijn. Vast natrium is bijvoorbeeld zo vervormbaar dat je het bijna kan kneden. Daarbij verplaatsen de natriumionen natuurlijk wel, maar de structuur van het metaalrooster, met de vrije ionen, verandert hier niet door.
Vervormbaarheid van kunststoffen
We gaan verder met de vervormbaarheid van kunststoffen. Hoe goed kunststoffen te vervormen zijn, heeft alles te maken met hoe de polymeerketens in de stof liggen. Grofweg zijn er hiervoor twee opties:
- De polymeerketens kunnen los in de stof liggen, onderling niet verbonden. Dan spreken we van een thermoplast. Je kunt je voorstellen dat de moleculen in zo’n thermoplast ten opzichte van elkaar nog wel wat bewegingsruimte hebben. Ze worden alleen bij elkaar gehouden door de zwakke Vanderwaalsbindingen. Als een thermoplast verhit wordt, zal hij dan ook smelten.
- Heel anders is dat bij thermoharders. In een thermoharder zijn de ketens namelijk wel onderling verbonden. Met covalente bindingen. Zulke dwarsverbindingen worden crosslinks genoemd. Deze moleculen zitten dus echt goed aan elkaar vast. Bij verhitting smelten thermoharders dan ook niet. Thermoharders zijn sowieso stevige, moeilijk vervormbare stoffen. Daarvan worden dus producten gemaakt die echt hard moeten zijn, zoals putdeksels, terwijl je van thermoplasten zachtere producten zoals speelgoed kan maken.
Weekmakers
Een andere belangrijke factor voor de vervormbaarheid is de aanwezigheid van weekmakers. Weekmakers doen eigenlijk precies wat je ervan zou verwachten. Ze maken kunststoffen wat weker, wat meer vervormbaar dus. Bij het productieproces van, meestal een thermoplast, worden kleine moleculen toegevoegd. Die kleine weekmaker moleculen wurmen zich dan tussen de polymeerketens. Hierdoor zitten die verder van elkaar af. Dit zorgt ervoor dat de aantrekking tussen de moleculen zwakker wordt. Hierdoor kunnen de polymeerketens makkelijk over elkaar glijden. Het polymeer is nu zacht en flexibel. Van kunststoffen die gemaakt zijn met weekmakers kan je dus producten maken zoals kleding. Als er aan zo’n zelfde thermoplast geen weekmaker toegevoegd is, zitten de moleculen veel dichter bij elkaar. Dan kun je er producten van maken die dus juist stevig moeten zijn, zoals regenpijpen.
UV-gevoeligheid
We gaan door met de volgende eigenschap: de gevoeligheid voor UV licht. Dit geldt met name voor plastics. Dat heeft er alles mee te maken dat polymeren voor hun vorm afhankelijk zijn van lange moleculen. UV licht kan zulke polymeerketens breken. Daardoor wordt het materiaal bros en kan het uiteindelijk zelfs uit elkaar vallen, waardoor er microplastics kunnen ontstaan. Zo is UV licht de belangrijkste factor van het verweren van plastics. Kijk maar eens naar deze plantenpot (in de video). Je zou denken dat er vuur bij gehouden is, maar het gaat hierbij dus alleen maar om UV-straling. Om die reden zijn sommige kunststoffen verstevigd met UV-stabilisatoren, zodat het langer meegaat. Andere stoffen zijn juist gevoeliger gemaakt voor UV licht, zodat ze makkelijker afbreekbaar zijn om te recyclen.
Hoe werkt dat dan? Nou UV-licht is in staat om meervoudige verbindingen open te breken. Als zo’n binding ‘open klapt’, kan de polymeer reageren met andere atomen. Vaak is dat zuurstof. Daardoor ontstaan nieuwe groepen in de polymeerketen. Dat kan je ook zien doordat de kunststof een beetje gelig wordt. En het wordt dus kwetsbaarder. Wanneer de ketens over elkaar heen schuiven door beweging, kunnen ze breken.
Dit proces kan tegengegaan worden wanneer het vrije elektron van de opengebroken meervoudige binding reageert met een andere polymeerketen in de stof. Hierdoor ontstaan natuurlijk cross links, die dwarsverbindingen tussen polymeerketens die we zien in thermoharders en de stof juist verstevigen.
Corrosiegevoeligheid
Corrosie is de natuurlijke chemische aantasting van materialen door invloeden uit de omgeving. Het gaat dan met name om het aantasten van metalen door oxidatie. Bij oxidatie van een zuiver metaal is er een reactie met zuurstof uit de lucht. Daarbij wordt dat zuivere metaal omgezet in een metaaloxide. Dat metaaloxide is vervolgens minder reactief, en daardoor is dat metaaloxide zelf minder gevoelig voor corrosie.
Corrosiegevoeligheid metalen
Hoe gevoelig een metaal is voor corrosie, is dus afhankelijk van hoe reactief het is. Dit wordt ook wel de edelheid van metalen genoemd. Heel edele metalen zoals goud, zilver en platina, zijn totaal niet reactief. Ze kunnen blootgesteld worden aan lucht zoveel als je wil, maar het zal niet oxideren. Aan de andere kant van het spectrum zijn de metalen die helemaal niet edel zijn, zoals natrium, dat bij blootstelling aan de lucht direct zal reageren. Als je een stukje natrium in het water gooit, ontstaat er ook een heel heftige reactie.
Standaard elektrodepotentiaal
Wat bepaalt dan het verschil tussen een metaal als goud en een metaal zoals natrium? Dat zit hem in de standaard elektrodepotentiaal. Die wordt ook wel de redoxpotentiaal genoemd. Dat is de neiging van een deeltje om elektronen op te nemen (reductie) of elektronen af te staan (oxidatie). Hoe positiever die standaard elektrodepotentiaal is, hoe groter de neiging om elektronen op te nemen. Andersom is ook waar. Hoe negatiever de standaard elektrodepotentiaal, hoe groter de neiging om een elektron af te staan.
Wat heeft dat dan te maken met corrosie? Nou, zuurstof is een heel goede oxidator, dus het trekt elektronen van andere stoffen aan. Zo goed zelfs dat het opnemen van elektronen naar zuurstof vernoemd is. Zuurstof wil dus een elektron hebben, en metaal wil het kwijt. Ze gaan dus samen reageren. Daarbij ontstaat dan een binding tussen het metaal en zuurstof. Dat is het metaaloxide. Bij ijzer noemen we dat roest.
Goed, metalen met een heel negatief elektrodepotentiaal willen dus graag hun elektronen kwijt aan zuurstof en dat resulteert in de oxidatie van het metaal, corrosie dus. Daarmee is de elektrodepotentiaal een van de factoren die de gevoeligheid voor corrosie bepaalt.
Beschermende laag
De tweede factor is de aanwezigheid van een beschermde laag. Zo’n laag schermt het reactieve metaal af van zuurstof zodat de oxidatie niet kan gebeuren. Dat kan uit verschillende dingen bestaan. Het kan een verf of een laklaag zijn, er kan rubber overheen zitten, of een glasachtige laag. Bij sommige metalen, zoals bijvoorbeeld aluminium, ontstaat de metaaloxide door de reactie met zuurstof, waardoor het zélf de beschermende laag vormt. Omdat die hecht aansluitend is. Bij ijzer is dat bijvoorbeeld helemaal niet zo. Roest is namelijk helemaal niet hecht, en daardoor kan zuurstof gewoon nog bij het zuivere ijzer komen.
labels: #Ei
Zie ook:
- Hennep Koken met Zout: Tips & Recepten voor Thuis
- Zoutloze soep: Gezond genieten zonder zout!
- Gebakken Aardappelen Kruiden Zonder Zout: Heerlijke Alternatieven
- NPO Taarten van Abel: Ontroerende verhalen en heerlijke taarten!
- Ontdek de Fascinerende Geschiedenis van Van Doorn Koekjes die je Niet Mag Missen!




