Als je gaat kamperen met een caravan of camper, heb je elektriciteit nodig. Zowel onderweg als op de camping. En voor steeds meer elektrische apparaten: de waterkoker, de mover, om je laptop en telefoon op te laden en meer.

Het elektriciteitsnetwerk van een caravan

Het elektriciteitsnetwerk van een caravan bestaat meestal uit twee voltages:

  • 230 volt voor op de camping - zodat de airco, de stopcontacten en de koelkast het doen.
  • 12 volt (het 'boordnet') voor onderweg - zodat de belangrijkste dingen werken, zoals de waterpomp van de kraan, de verlichting en het chemisch toilet.

De koelkast kan meestal op 12 volt, 230 volt en op gas. Onderweg zorgt de dynamo van de auto dat de koelkast blijft werken op 12 volt. Met een boordaccu ben je minder afhankelijk van het 230 volt-netwerk op de camping (die de transformator voorziet van de nodige 12-volt). Deze accu moet je wel op tijd via dat netwerk opladen, anders kom je onderweg zonder stroom te staan.

Aansluiting op het 230V-netwerk

Je sluit je caravan via de stroompaal of stroomkast van de camping aan op het 230 volt-netwerk. Dat doe je het best met een neopreen-stroomkabel. Je herkent deze kabel aan het opschrift H07RN-F (of 07RN) en de blauwe contrastekker aan het einde. Je sluit de kabel via de (blauwe) CEE-aansluiting aan op de caravan, die je achter een klepje in de zijwand vindt. Sommige buitenlandse campings hebben geen CEE-aansluiting, neem in dat geval een verloopstekker mee.

Het 12V-gedeelte

De stroom voor het 12 volt-gedeelte komt meestal uit een aparte boordaccu. De stroom hiervoor kan uit de autoaccu komen, maar als deze te lang wordt gebruikt, blijft er te weinig energie over om de motor te kunnen starten. Als boordaccu wordt over het algemeen een AGM-accu, gel-accu of een (lichtgewicht) LiFePO4-accu gebruikt. Die laatste is een soort lithium-ion batterij, vaak met eigen interne accu-lader. Eenmaal aan de stroompaal van de camping zorgt de transformator of acculader dat de caravanaccu geladen wordt. Maar ook tijdens het rijden kan de accu opgeladen worden, bijvoorbeeld om de mover op te laden die je bij aankomst nodig hebt. Dat kan via de dynamo van je auto, als je auto en caravan een goed werkende constante stroomvoorziening hebben. Je kunt ook een zonnepaneel op je caravandak monteren als duurzame lader.

Soms wordt er door de fabrikant een acculader bij de caravan geleverd. Als dat niet zo is, is het goed te weten dat je niet elke accu met elke acculader kunt opladen. Dus is je accu stuk en wil je een ander soort accu dan je normaal gesproken koopt?

Stroomverbruik en zekeringen

Als je te veel stroom tegelijkertijd gebruikt, kunnen de stoppen doorslaan. Maar wanneer gebruik je te veel stroom? Je kunt dit zelf eenvoudig berekenen. Vraag bij de receptie van de camping wat de stroomsterkte daar is, of zoek dit op in de campinggids. Meestal is dit 2 of 4 ampère of hoger. Als je deze waarde vermenigvuldigd met de spanning (230 volt) krijg je het aantal watts. Tel de watts van alles wat je wilt gebruiken bij elkaar op (haarföhn, waterkoker, koelkast en andere elektrische apparaten) om te weten of dat tegelijkertijd kan.

Caravans zijn beveiligd met een zekeringautomaat met één of meer zekeringen. Deze beschermen de elektrische installatie tegen overbelasting en kortsluiting. Als dit systeem niet goed werkt, zorgt een extra aardlekschakelaar ervoor dat de caravan niet onder stroom komt te staan. Op dit moment zijn veel caravans al uitgerust met een aardlekbeveiliging, maar dat is (nog) geen verplichting. In de caravan kunnen drie of vier circuits voorkomen.

Wie geen verstand heeft van elektriciteit doet er verstandig aan storingen aan de 230V-installatie door een vakman te laten verhelpen. Het 12V-circuit is op zichzelf ongevaarlijk, maar omdat het door middel van een transformator met gelijkrichter gekoppeld is aan de netspanning van 230V, is het ook hiermee uitkijken geblazen.

7-polige en 13-polige stekkers

Algemeen gebruikelijk is de bekende 7-polige contactdoos aan de trekhaak en de overeenkomstig 7-polige stekker aan de caravan. Deze elektrische verbinding is ontwikkeld in de tijd dat met zeven aansluitingen kon worden volstaan. Uit oogpunt van veiligheid zijn in de meeste gevallen het linker- en rechterachterlicht van auto en caravan onafhankelijk van elkaar aangesloten. Is er kortsluiting in het ene circuit, dan blijft het achterlicht van het andere circuit gewoon branden. Door het scheiden van de lichtpunten neemt het aantal draden in de stekker toe van vijf naar zeven.

De beveiliging tegen kortsluiting gebeurt in de meeste gevallen door de autozekeringen. Slechts enkele merken brengen 12V- zekeringen aan in de caravan. Dit zijn dus de aansluitingen van de gestandaardiseerde 7-polige verbinding, zoals ze nog steeds zijn te vinden op de zgn. stekker-sticker.Bij oude systemen bestaat geen norm voor de draadkleur.

Nieuwe auto's en caravans zijn bijna allemaal uitgerust met de 13-polige Jeager stekker. De Jaeger stekker is een 13-polige stekker die niet uitwisselbaar is met de andere stekkers. Toch is deze van oorsprong Duiste stekker de nieuwe 'standaard' stekker aan het worden voor auto's en caravans (DIN norm). De7-polige stekker bevat alleen de belangrijkste functies voor de verkeersverlichting van caravans van voor 2013.

  • Bij oudere auto's of caravans is de 2/54G vaak aangesloten als permanente stroomdraad. Bij een nieuwe aanhanger (of fietsdrager) zal dan de mistlamp permanent branden.

Multicon stekkers

De Multicon is een 13-polige stekker op basis van de 7-polige stekker. Eerst als Mulicon Feder op de markt gebracht en later en nu meer gebruikt als Multicon WeST. Wel is het mogelijk een 7-polige stekker (bij de Multicon alleen van plastic en niet van metaal!) in een Multicon (Feder) of Multicon WeST stopcontact op de auto aan te sluiten.

De Multicon WeST en Multicon (Feder) stekker hebben 13 polen waardoor de veelal verplichte mistlamp aangesloten kan worden.

Niet elke fabrikant gebruikt exact dezelfde kleuren. Ook zijn er fabrikanten die zich niet voor 100% aan boven vermelde schama's houden. Om een goede werking van de koelkast en het opladen van de accu te garanderen is een voldoende dikte van de draad van belang. Voor gewone verlichting (nrs: 1-2-4-5-6-7-8) is een draaddikte van 1,5 mm2 voldoende. Voor de massa en de permanente stroomdraden (nrs: 3-9-10-11-13) is de draaddikte 2,5 mm2.

Bij moderne auto's is het belangrijk dat de boordcomputer bij montage juist wordt ingesteld. Zodra de caravanstekker ingeplugd wordt moet de boordcomputer weten dat een aanhanger getrokken wordt en worden bijvoorbeeld de achteruitrij sensoren uitgeschakeld, trailer esp ingeschakeld en/of de automistlamp uitgezet.

Het gebeurt nog wel eens dat als de caravan is uitgerust met LED-verlichting de elektronica in de auto van slag raakt. Dit omdat LED-lampen zo weinig stroom verbruiken dat de auto dit niet kan dedecteren.

Permanente spanning

Spanning voor de koelkast en de binnenverlichting is niet verplicht (en vaak niet standaard!). Om tijdens het rijden de koelkast te kunnen gebruiken wordt de geschakelde voeding op pen 10 (en massa op 11) gebruik en voor de binnenverlichting de permanente stroomdraad op pen 9 (met massa op 13). Ook bij een volledig aangesloten 13-polige stekker kan het voorkomen dat de stroom die de caravan vraagt te veel is.

Een grote (moderne) koelkast verbruikt heel veel stroom, soms wel 14 Ah. Heb je dan ook nog een ATC-systeem in de caravan of een accu dan schakelt de stroom zichzelf uit. Bovendien is bij sommige nieuwe auto's (euro6d) is de spanning bijvoorbeeld bij stilstand te laag om de koelkast te laten werken of de caravanaccu te laten opladen.

Tip

Om te voorkomen dat de kabel over de grond sleept kan je de kabel over de trekhaak leggen. Op deze foto is een verloopstekker gebruikt van Jeager naar Muticon West.

Mistachterlicht en achteruitrijlichten

Een mistachterlicht is verplicht op caravans van na 31 december 1997. Sinds 1 januari 2005 is op caravans een mistachterlicht verplicht op caravans boven 750 kg (toegestane massa) die na 31 december 1997 in gebruik zijn genomen. Dit mistachterlicht moet vanuit de auto te bedienen zijn en mag* alleen branden als het zicht minder is dan 50 meter.

Vaak zit er een schakeling in de auto die er voor zorgt dat de mistlamp van de auto niet brandt als de caravan is aangekoppeld. Caravans die na 31 december 2012 op kenteken zijn gezet moeten tenminste één achteruitrijlamp hebben.

In de meeste gevallen voldoet een caravan van meer dan 750 kg wel aan de eisen als alle verlichting van de caravan ook daadwerkelijk werkt. Een derde remlicht is niet verplicht, maar wél uiterst zinvol. Voor caravans onder de 750 kg is het wat ingewikkelder, omdat daar een aantal aanvullende eisen aan gesteld zijn. Een werkend mistachterlicht is verplicht (tenzij de auto geen mistachterlicht heeft). Markeringslichten aan de zijkant zijn verplicht op caravans langer dan 6.00m en als de caravan breder is dan 2.10m dan zijn 2 markeringslichten aan de voor- en achterzijde verplicht. Bovendien, bij een aanhanger breder dan 1.60m, dienen er witte stadslichten op te zitten max. 15cm voor het breedste punt en voor de as. Dit geldt met name voor aanhangers, vanwege hun 'uitgebouwde wielkasten'.

  • Past in de meeste gevallen, maar als de auto een constante stroomdraad heeft, let dan op dat niet het mistlicht permanent brandt.

labels: #Kip

Zie ook: