De moestuin heeft een voorraad aardappelen opgeleverd waar je maanden mee vooruit kan. Maar hoe zorg je ervoor dat je oogst zo lang mogelijk goed blijft? Hieronder vind je tips en adviezen over hoe je aardappelen het beste kunt bewaren.
De ideale bewaaromstandigheden
Aardappelen moeten bewaard worden op een koele, donkere plaats met goede ventilatie. De ideale bewaartemperatuur is 7-10 ºC. Bij deze temperaturen kunnen aardappelen vele weken bewaard worden.
- Koele omgeving: Bewaar aardappelen op een koele plek, zoals een kelder of garage.
- Donker: Dek de aardappelen af met een kleed, zodat er geen licht bij komt. Licht kan ervoor zorgen dat de aardappelen gaan uitspruiten en groen worden.
- Ventilatie: Zorg voor voldoende ventilatie om rotting te voorkomen.
Bewaar aardappelen niet in de koelkast! Wanneer aardappelen onder de 7°C bewaard worden, ontwikkelen ze een zoete smaak, dit komt door de omzetting van zetmeel naar suiker. Dit verhoogde suiker gehalte veroorzaakt donkere plekken wanneer de aardappelen gekookt worden.
Regelmatige controle
Denk er vooral aan om ze regelmatig allemaal even te controleren op rotting.
Bewaren in zand: Wel of niet?
Bewaren in droog zand is nergens voor nodig. In nat zand moet je zeker niet gaan doen.
Veel groentesoorten bewaar je vrij lang in een luchtige, koele en droge ruimte zoals een schuur of kelder. Dat geldt zeker voor schorseneren, pastinaken, winterwortels, rode bieten, knollen, rapen en koolrabi. Was de groenten niet voor het bewaren, haal wel het overtollige loof eraf. Begin met een laag vochtig zand, in een kist of emmer en leg de groenten (per soort apart) er in lagen op. Iedere laag afdekken met zand.
Ook ui, knoflook en droge bonen bewaar je prima in een vorstvrije schuur, maar die hoeven niet in zand.
Inkuilen van aardappelen
Heb je geen geschikte schuur of kelder? Je kunt wortels, knollen en bieten ook inkuilen. Graaf een gat in of bij je moestuin en stapel de groente daar zonder loof op elkaar. Bedek het met een flinke laag aarde, stro, een deken en dek af met een zeil of vliesdoek. Bewaar aardappels altijd koel, donker en vorstvrij. In het licht worden ze groen en spruiten ze snel.
Inkuilen in kisten
Inkuilen kan in kisten. Leg de groenten op een laag zand in een kist, bedek ze met zand en leg de volgende laag er bovenop. De wortelen kun je tot vijf maanden in kisten op een droge, koele plek bewaren.
Buiten onder stro
Gronden met een lage grondwaterstand: Graaf een kuil en leg hier een laag stro of zand in. Leg hier vervolgens een laag wortels in. Breng over deze laag weer een laagje stro of zand aan en zo doorgaan totdat alle wortels in de kuil gebracht zijn. Brengen daarna nog een 25 cm dikke laag stro over het geheel aan en sluit de kuil af met planken. Breng tenslotte op de planken ook nog een laagje grond aan.
Op natte gronden: Spreidt een stuk geperforeerd plastic uit. Om dit plastic graven we een greppeltje. Leg een laagje stro of zand op het plastic en leg hier vervolgens een laag wortels in. Breng over deze laag weer een laagje stro of zand aan en zo doorgaan totdat de stapel ongeveer 25 cm hoog is. Plaats dan in het midden van de stapel een verticale buis (bijvoorbeeld een draineerbuis). Stapel vervolgens de groenten op dezelfde manier als hierboven beschreven. Brengen daarna een 25 cm dikke laag stro over het geheel aan en bedek dit met een laagje grond. Zorg dat de buis boven de stapel uitsteekt en sluit de buis af bij vorst door middel van bijvoorbeeld een prop.
De groenten zijn ongeveer vier tot vijf maanden houdbaar.
De aardappelbelt methode
Er is een oude boeren methode om aardappels op het land te bewaren. In de zogenaamde ‘aardappelbelt’. Aardappels worden dan niet ingekuild, maar ‘opgekuild’. Bovenop het maaiveld.
De aardappelen worden op de grond gestort en afgedekt met stro. Je stort je oogst gewoon op de vrijgekomen grond en dekt die berg af met stro. Het mooiste is als je over lange ongebroken stro-stelen kunt beschikken waardoor de afwatering onder het zand optimaal is.
Als je al het stro rond de aardappelen hebt getast krijg je een soort kleine hooiberg en zie je geen enkele aardappel meer liggen. Dit dient ter isolatie van de aardappelberg eronder. Het stro zorgt voor voldoende ventilatie en isolatie voor zomer en winter.
Met je hand graaf je een gat uit dat net groot genoeg is om er je hand doorheen te kunnen steken om er aardappelen uit te kunnen halen. Het gat dicht je af met een dot stro en daar leg je dan een dikke kluit grond op.
In de winter is het in de belt warmer dan buiten. Dat komt enerzijds door de isolerende werking van het stro maar ook omdat de aardappelen warmte vasthouden.
Tips van een ervaren moestuinier
Na een moestuinseizoen vol handige trucs is het in de moestuin van Sjef van der Loo tijd voor de oogst. Behandel aardappelen tijdens en na de oogst als eieren. “Je mag er absoluut niet mee gooien of een kist in 1 keer leeggooien”, zegt Sjef. Oogst bij voorkeur op een droge dag.
- Drogen: Laat aardappelen na de oogst drogen op droge tuingrond of op kranten onder een afdak.
- Opslag: Sjef gebruikt voor de opslag opvouwbare boodschappenkratten, omdat er lucht bij de knollen moet kunnen blijven komen. Luchtdicht afgesloten aardappelen kunnen gaan rotten.
- Bescherming tegen licht: Aardappelen worden onder invloed van licht groen en daarmee giftig. Houd licht daarom zoveel mogelijk weg bij je aardappelen.
- Regelmatige controle: Na enkele weken kunnen enkele aardappelen donkerder zijn dan de rest. Dit zijn aardappelen die toch aangetast blijken door phytophthora. Controleer af en toe op uitlopers.
Oogsten van aardappelen
Na al dat wachten, mag je jouw piepers eindelijk oogsten! Maar wanneer & hoe oogst je de aardappelen? Vroege aardappelen kunnen geoogst worden van zodra je de knollen groot genoeg vindt. Afhankelijk van het ras en wanneer je ze geplant hebt, kan de eerste oogst al eind mei/begin juni plaatsvinden. De laatkomers in september en oktober, altijd voor de eerste vorst. Bij de middelvroege en late soorten wacht je tot het loof afgestorven is.
Opgelet: verwijder alle aardappelen uit de grond, ook de kleine knolletjes. Wil je de aardappelen zo lang mogelijk bewaren? Zorg er dan voor dat alle beschadigde aardappelen, hoe klein ook, uit de stapel gehaald worden. Leg de goede aardappelen voorzichtig op een donkere, koele en vorstvrije plaats. Zorg er ook voor dat ze zeker niet nat kunnen worden! Kies ook aardappelen uit met een goede houdbaarheid.
Aardappels kweken in pot of zak
Als je net zoals ik een kleine moestuin hebt of moestuiniert in bakken en potten, wil je zuinig omgaan met je ruimte. Maar dat betekent niet dat je aardappels kweken meteen moet afschrijven. Ik reserveer altijd een klein stukje in mijn moestuin voor de aardappels. En aardappels kweken in pot of een zak is ook een leuke optie.
Je kunt ook aardappels uit de winkel proberen. Je hebt namelijk vroege, midden en late aardappels. Vroege aardappels doen er zo’n 90-100 dagen om te groeien, late wel tot 150 of meer. Hoe later de aardappel, hoe langer je ‘m kunt bewaren. De vroege aardappels kunnen vanaf begin maart de grond in, de late vanaf begin/half april.
Ongeveer 3-4 weken voor het poten, leg ik ze in een eierdoos op een lichte (maar geen zonnige) onverwarmde plek. 10 graden is ideaal. Voordat ik de aardappels de grond instop, gaat er in onze moestuin in het vroege voorjaar paardenmest door de grond heen. Daarna gooi ik er nog lekker wat compost overheen.
Officieel moeten aardappels op minimaal 50 centimeter van elkaar in de rij en 40 centimeter tussen de rijen gepoot worden. Bij late rassen is dit zelfs 70 centimeter bij 40 centimeter.
Dan kan aardappels kweken in pot of zak ook prima. Je stopt dan 2- 3 aardappels per pot of zak in de grond. Juten zakken werken prima, maar er bestaan ook speciale aardappelemmers van Elho. Ook in een pot of zak is het belangrijk dat de aardappels genoeg voeding hebben.
Het is belangrijk om de grond vochtig genoeg te houden. Let er bij een pot of zak goed op dat het water wegkan. Net zoals de tomatenplant, houdt de aardappelplant er niet van om natte bladeren te krijgen. Probeer dus zoveel mogelijk bij de wortels water te geven en niet van bovenaf. Zodra de planten de lengte in groeien, kun je ze om de zoveel tijd aanaarden (de bodem wat ophogen rondom de stengel). Hiermee voorkom je later dat de aardappels bloot komen te liggen en groen worden.
Nadat de aardappelplanten zijn uitgebloeid, beginnen ze langzaam af te sterven. Dat is het moment dat ik altijd even een greep in de aarde doe om te voelen of er aardappels in zitten. Als de plant wat dor en geel wordt, kun je de aardappels oogsten. In de volle grond, kun je dat het beste doen met een riek of spitvork. Houd voldoende afstand van de plant zodat je de aardappels niet beschadigt en wip dan de plant omhoog. Voel goed of je geen aardappels in de grond laat zitten. In een pot of zak is het een kwestie van de hele boel er voorzichtig uitschudden.
Na de oogst was ik de aardappels en laat ik ze in het zonnetje drogen. Je kunt ze ook met zand en al bewaren, maar ik vind dat niet handig als ik ze later wil schillen. Voor de verschillende soorten gelden verschillende bewaartermijnen. Hoe later de aardappel hoe langer je ze kunt bewaren.
labels: #Aardappel
Zie ook:
- Vlees bij Gebakken Aardappelen: De Beste Combinaties & Recepten!
- Nieuwe Aardappelen Koken: Hoe Lang voor de Perfecte Garing?
- Recepten met Gerookte Zalm en Aardappelen: Snel, Simpel en Smakelijk
- Frituur Cadzand Bad: De Beste Snacks aan Zee!
- Ontdek het Ultieme Koolhydraatarme Courgetti Recept met Kip en Pesto!




