Aardappels zijn ontzettend veelzijdig: heerlijk door een salade, als puree of vermengd door een plaattaart. Hoe leuk is het om die aardappels uit je eigen (moes)tuin te halen? Zelf aardappels kweken is leuk en niet moeilijk: het kan zelfs op een balkonnetje!
Waarom aardappelen in potten kweken?
Zelf heb ik een moestuin van 100m2. Dit is helemaal niet klein maar naar mijn mening te klein om een gedeelte te reserveren om er alleen aardappelen op te kweken. De tijd dat er dan niks gebeurt op dit stuk grond is best wel lang en dat vind ik zonde. Daarom zijn de aardappel potten ideaal.
- Je kunt ze op iedere plek zetten, zet ze daarom lekker in het zonnetje.
- Je kunt met een aardappel pot vaker aardappelen eten en ook door het hele jaar heen.
- Je hoeft namelijk niet de hele plant eruit te halen als je wilt oogsten want je tilt de plant eigenlijk op en oogst wat je op dat moment wilt eten.
Aardappels kan je op vrijwel elke grond kweken, zelfs in een grote pot met potgrond op je balkonnetje.
De juiste voorbereiding
Net als dat je bloemen al kunt voorzaaien voordat ze naar buiten gaan, kun je aardappels ook binnen laten ontkiemen. Bijvoorbeeld door ze in een eierdoosje te leggen (daar worden ze zelfs soms in verkocht). Zet je eierdozen met aardappels op een lichte plek met een temperatuur tussen de 10 °C en 15 °C en wacht tot de uitlopers gaan groeien.
Tip: gebruik geen aardappelen uit de supermarkt, maar koop pootaardappelen. Die worden namelijk speciaal gemaakt om te poten en zorgen vaker voor een betere oogst.Aardappelen laten voorkiemen
Laat de speciale pootaardappelen eerst kiemen op de vensterbank. Doe dit ca. 3 weken voordat je ze gaat poten. Laat ze kiemen op een plek waar het licht is maar niet te warm, houd ongeveer 10 graden aan. Ik kies de keuken, in de keuken is het bij mij vaak koeler dan in de woonkamer. Als de pootaardappelen op een te warme plek staan, schieten ze snel door en dat is niet de bedoeling. De scheuten moeten namelijk klein, sterk en compact blijven. Na 7 dagen zullen de ogen uit gaan lopen.
Wanneer aardappels poten?
Wanneer je aardappels kunt poten ligt aan de verschillende soorten die er zijn. Er wordt onderscheid gemaakt in vroege aardappels (die poot je van begin maart tot begin april), middelvroege aardappelen (poten van half maart tot eind april) en tot slot de middellate aardappelen (poten in april). Wanneer de uitlopers ongeveer 2 a 3 centimeter lang zijn kunnen de aardappels de grond in.
Wil je de aardappelen rechtstreeks in de grond poten? Houd dan een diepte aan van zo’n 8 tot en met 15 centimeter, ongeveer twee keer de grote van de aardappel die je poot. Aardappels houden van een lekker zonnig plekje en veel water.
Heb je een kleinere tuin of een balkon? Goed nieuws: je kunt aardappelen ook kweken in potten. Zorg voor een pot van een doorsnede (en hoogte) van minimaal 30 centimeter zodat de aardappels lekker de ruimte hebben. Doe een of twee pootaardappelen in de pot, met de uitlopers naar boven en zet de pot op een zonnig plekje.Het ras kiezen
Kies het juiste ras; er zijn zo ontzettend veel smaken en dan heb je ook nog verschil in vroeg, midden of late rassen. Kies dus vooral wat jij lekker vindt. Ga je voor een kruimige, vastkokende of speciale-smaak aardappelen? De vroege en midden rassen zijn heel goed geschikt om lang te bewaren.
Er zijn ongelofelijk veel soorten aardappels in alle maten en verschijningen: witte, gele, rode, gevlekte en zelfs diep paarse. Enorm leuk om mee te experimenteren in je tuin en keuken! De soortkeuze is geheel aan jou en wat je lekker en leuk vindt. Bestel echter je pootgoed wel op tijd, want de leukste soorten zijn meestal heel snel weg!
Koop schone, gekeurde, liefst ziekte resistente soorten pootaardappelen om ziektes te voorkomen.
Aardappels (Solanum tuberosum) zijn grofweg in drie soorten in te delen: vroege, middelvroege en late soorten. De vroege soorten doen er 90-100 dagen over om te groeien, middelvroege soorten 100-120 dagen en de late soorten wel 150 dagen. Door de bank genomen zijn de vroege soorten het kortst houdbaar; je haalt er net het nieuwe jaar mee. Late soorten kan je tot ver in het voorjaar bewaren. Het nadeel van latere soorten is dat ze vaak gevoeliger zijn voor ziektes die later in het seizoen de kop opsteken.
Poten in de aardappel pot
Poot de aardappelen altijd in grond met veel voeding. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor speciale moestuingrond. Aardappels zijn echte veelvraten en groeien dus op rijke grond. Poot vroege rassen van eind maart tot half april, middelvroege rassen van begin april tot eind april en de late rassen van half april tot half mei.
Doe eerst een laag grond in de pot van ca. 20 cm en poot 3 pootaardappelen per pot met de scheuten naar boven. De scheuten gaan zelf opzoek naar het licht dus als ze iets dieper zitten dan is dat geen probleem. Bedek de aardappelen met de rest van de moestuingrond en zet op een lekker warme en zonnige plek. Geef hierna wat water.
Verzorging van je aardappelplanten
Water geven
Nadat de aardappelen gepoot zijn, is het voornamelijk wachten geblazen. Vergeet geen water te geven; planten in potten hebben net wat meer water nodig omdat ze niet bij het grondwater kunnen komen en geef ’s avonds water zodat het niet meteen weer verdampt door de hoge temperaturen. Om mooie, grote knollen te krijgen, is het belangrijk om tijdens droge periodes extra water te geven.
De toevoer van water is namelijk heel belangrijk voor de dochterknollen. Daarbij moet je het juiste evenwicht zoeken : niet te veel, maar ook niet te weinig. We raden je aan om net voor de gietbeurt een vinger in de grond te stoppen om te voelen of bodem nog vochtig is. De waterbehoefte is afhankelijk van meerdere factoren : de weersomstandigheden, het substraat, de lichtinval en de vruchtvorming. De vruchten worden steeds groter tussen de tiende en veertiende week. Kort na het begin van de bloeiperiode heeft de aardappel de grootste hoeveelheid water nodig. Hoewel de gietbeurt de eerste drie weken kan worden verwaarloosd, heeft de plant tussen de derde en de zesde week voldoende water nodig. Vuistregel : een lichtrijke en vochtige bodem is ideaal.
Aanaarden
Als de eerste sprieten van ca. 10 cm zichtbaar zijn, bedek je deze opnieuw met een laag moestuingrond, dit heet aanaarden. Zo zorg je ervoor dat de plant wat extra voeding krijgt en de wortels worden versterkt. Ongeveer vier weken na het planten, wanneer het loof goed gegroeid is, is het tijd om de aardappelen aan te aarden. Dit houdt in dat de stengels bedekt worden met aarde om de vorming van ondergrondse stengels te stimuleren.
Hierdoor worden de knollen onder de grond gevormd waar ze niet blootgesteld worden aan licht. Zonlicht maakt de knollen echter groen en doet het giftige solaninegehalte toenemen. Het aanaarden kan beginnen wanneer de stengels 10 à 15 cm boven de grond uitsteken. Bij het aanaarden wordt elke rij met 10 cm grond opgehoogd, waardoor de jonge stengels grotendeels bedekt worden met aarde. Dat kan je makkelijk doen met een hak of een aanaardploeg. Deze handeling herhaal je best nog een tweetal keren, telkens na 3 à 4 weken.
Bemesten
Werk voldoende voeding in de grond. Aardappelen zijn sterk terende gewassen die veel voedingsstoffen nodig hebben om je aan het einde van de zomer van grote en smakelijke knollen te kunnen voorzien. Om dit te realiseren, kan je de bodem net voor de aanplanting verrijken met compost. Na acht tot twaalf weken kan je je aardappelplant voorzien van een verse portie meststof. Kies voor een aangepaste biologische meststof die alle belangrijke voedingsstoffen bevat.
Strooi de korrels rond de plant en werk ze lichtjes in de bodem in. Geef vervolgens rijkelijk water om de werking van de meststof te activeren. Wees voorzichtig met stikstofmeststoffen, omdat deze alleen maar zorgen voor meer bladgroei en een grotere kans op aardappelziekte.
Oogsten maar!
Als het loof begint te verkleuren en geel begint te worden dan zijn de aardappelen te oogsten. Maar je kunt voor dat moment natuurlijk ook gewoon al aardappeltjes eten, de maat zal dan wel een stuk kleiner zijn maar de smaak is precies hetzelfde. Zo kun je dus een langere periode eten van de aardappeltjes.
Het vroege ras kun je oogsten van juni tot augustus, het middelvroege ras van augustus tot september en de late rassen van eind september tot oktober. Mocht je na het oogsten de aardappelen wat langer willen bewaren, laat ze dan op een droge en donkere plek liggen, dit kan zeker een maand.
Is het loof bruin en dor? Dan is het tijd om je aardappels te oogsten. Een spannend moment, omdat je van buitenaf natuurlijk niet kunt zien of je een goede oogst hebt.
Hoe oogsten?
Oogsten kan op verschillende manieren: net wat jij fijn vindt. Steek je handen in de aarde en haal voorzichtig de aardappelen uit de bodem of help het proces een handje met een spitvork.
Wanneer aardappelen oogsten? Vroege aardappelen kunnen al geoogst worden in juni - juli, wanneer ze nog in volle bloei staan. Oogst ze pas als je ze nodig hebt of enkele dagen ervoor, zodat je altijd over verse aardappelen beschikt. Gebruik een oogstriek om de knollen voorzichtig omhoog te tillen en te voorkomen dat de knollen beschadigd raken. De halfvroege en late variëteiten worden pas geoogst als het loof is afgestorven, zodat de knollen meer tijd hebben om te rijpen en beter geschikt zijn om langer te bewaren. De opbrengst per plant varieert tussen de 1 en 2 kg, afhankelijk van het ras en de oogsttijd.
Aardappelen hoef je echt niet alleen maar te eten met groente en een stukje vlees erbij (al kan dat natuurlijk ook erg lekker zijn). We zetten een aantal andere recepten met aardappels voor je op een rijtje.
labels: #Aardappel
Zie ook:
- Vlees bij Gebakken Aardappelen: De Beste Combinaties & Recepten!
- Nieuwe Aardappelen Koken: Hoe Lang voor de Perfecte Garing?
- Recepten met Gerookte Zalm en Aardappelen: Snel, Simpel en Smakelijk
- Ontbijt met Bloemen Bezorgen: De Ultieme Feestelijke Verrassing voor Elke Ochtend!
- Recepten met Chicken Tonight: Snel, makkelijk en lekker!




