Bij de meeste planten bevinden de wortels zich in de grond. Alle wortels van een plant samen noemen we het wortelstelsel van de plant. In de onderstaande afbeelding zie je dat het worteltje van de kiemplant naar beneden groeit.
Typen Wortelstelsels
Er zijn twee typen wortelstelsels:
- Een wortelstelsel dat bestaat uit een dikke hoofdwortel met vertakkingen genaamd zijwortels. De hoofdwortel groeit recht naar beneden.
- Een krans van wortels die allemaal ongeveer even dik en lang zijn.
Bij beide typen wortelstelsels zitten wortelharen vlak bij de uiteinden van de wortels. Wortelharen zijn heel dunne uitstulpingen. Je kunt ze alleen te zien krijgen als je de plant heel voorzichtig met een schop uit de grond steekt.
Functies van de Wortels
De wortels hebben verschillende cruciale functies voor de plant:
- Verankering: Door de wortels wordt een plant stevig vastgezet in de grond.
- Wateropname: De wortels dienen voor het opnemen van water uit de grond. In dit water zitten belangrijke voedingsstoffen voor de plant.
- Voedingsstoffenopname: De wortelharen nemen water en voedingstoffen op.
- Opslag van reservevoedsel: De delen onder de grond bevatten voor in de winter reservevoedsel. In de lente wordt dit reservevoedsel verbruikt voor de groei van de plant.
Zonder de wortel kan de plant niet leven, de bladeren worden slap en ook de stengel wordt slap.
Het Belang van Wortels in Verschillende Seizoenen
Van veel planten sterven in de herfst de delen boven de grond af. De delen onder de grond (de wortels) blijven ‘s winters in leven. Deze delen bevatten veel reservevoedsel. In de lente kun je in korte tijd weer veel paardenbloemen zien. De delen boven de grond groeien dan snel. Het reservevoedsel in de wortels wordt hierbij verbruikt.
Als het koud is, kunnen planten vrijwel geen water opnemen. Er kan dan nog wel water uit de bladeren verdampen. Als planten met bladeren lange tijd in een koude omgeving staan, kunnen de planten uitdrogen. En als de temperatuur onder 0 °C daalt, kunnen de bladeren gemakkelijk bevriezen.
Paardenbloemen kunnen ‘s winters blijven leven, doordat de delen boven de grond in de herfst afsterven. De meeste bomen en struiken laten in de herfst hun bladeren vallen. Hierdoor kunnen ook deze planten ‘s winters in leven blijven.
De Levenscyclus van een Plant
De levenscyclus van een organisme is de volledige opeenvolging van de fasen van groei en ontwikkeling van het moment vanaf het moment van de bevruchting. Elk organisme op aarde doorloopt zijn eigen levenscyclus van groei en ontwikkeling. Bij groei wordt het organisme alleen maar groter en zwaarder.
Als een zaad kiemt, groeit er een kiemplantje uit. Dat maakt deel uit van de levenscyclus van de bruine boon. Als het stengeltje een flink stuk is gegroeid, zie je dat de zaadlobben het eerste paar bladeren zijn van de boonplant. Bij de kieming wordt het reservevoedsel in de zaadlobben verbruikt. Ze worden daardoor kleiner. Als het reservevoedsel op is, verschrompelen die zaadlobben en vallen af, ondertussen heeft de plant weer meer bladeren. Zaadjes kiemen in de winter niet, omdat het dan te koud is. Zaadjes kiemen wel in de zomer en voorjaar.
Wortels en Voedselvoorziening
Mensen en dieren maken gebruik van het reservevoedsel dat de plant in zijn wortels heeft opgeslagen. Wij eten namelijk veel wortels van planten.
Stoffentransport in Planten
Het stoffentransport in een plant gebeurt via het vaatstelsel van de plant. Houtvaten (xyleem) vervoeren water en mineralen naar de bladeren, bastvaten (floëem) transporteren glucose naar de wortels.
Houtvaten (Xyleem)
De houtvaten bestaan uit verschillende houtcellen die bovenop elkaar zijn gestapeld. De wanden tussen de cellen verdwijnen langzaam en uiteindelijk zijn de cellen zelf helemaal weg. De cohesiekracht zorgt ervoor dat de watermoleculen door waterstofbruggen naar elkaar worden toegetrokken en dus bij elkaar blijven. De adhesiekracht zorgt ervoor dat de watermoleculen door de wand van de houtvaten wordt vastgehouden.
Bastvaten (Floëem)
De bastvaten bestaan, in tegenstelling tot houtvaten, uit levende cellen zonder celkern. De wanden van de cellen verdwijnen niet helemaal, maar er ontstaan gaten in. Doordat de celkernen weg zijn maar de cellen nog wel leven, gaat de cel snel dood. Als de bastvaten dood zijn, worden ze dichtgedrukt. De cellen rond de bastvaten geven koolhydraten af aan de bastvaten door middel van osmose. Doordat er steeds meer glucose binnenstroomt ontstaat er een bovendruk. Hierdoor gaat het sap stromen naar de plekken in de bastvaat waar minder glucose is: de sapstroom.
Bij grote bomen zoals een eik en berk gaat het transport om honderden liters per dag. In de Sequoia moet het water wel 115 meter omhoog om de jongste knoppen te bereiken!
Om water de cellen van de wortels in te krijgen, nemen de wortelcellen via actief transport mineralen uit de bodem op. Door deze mineralen wordt de osmotische waarde van de cellen van de wortel hoger. Doordat de osmotische waarde van de cellen nu hoger ligt dan de osmotische waarde van de omgeving, zal door osmose water de cellen van de wortels instromen.
In de bladeren verdampt het via de houtvaten getransporteerde water. Voor elk verdampt watermolecuul wordt er vanuit de houtvaten een nieuw watermolecuul naar boven getrokken.
Fotosynthese
Fotosynthese: water+koolstofdioxide+licht→Glucose+zuurstof. Hierbij wordt zuurstof afgegeven. Het kan voorkomen in alle groene delen van een plant. Groene planten maken voor mens en dier een suikerachtig stofje. Dit suikerachtige stofje noemen we glucose en het smaakt lekker zoet. Mensen en dieren eten de groene planten.
Overige Plantdelen
De stengels van een plant dragen de bladeren en de bloemen. Bij sommige planten zijn de stengels heel groot, zoals de stam en de takken van bomen. Bij andere planten zijn de stengels heel klein, zoals bij veel grassen. Aan een stengel (of een takje) kun je verschillende delen onderscheiden.
Een blad bestaat uit een bladsteel en een bladschijf. Met de bladsteel zit het blad aan de stengel vast. Het platte gedeelte van het blad heet de bladschijf. De vaatbundels van de stengel lopen via de bladsteel door tot in de bladschijf.
In de stengel lopen vaten in groepjes bij elkaar, vaatbundels, zij zorgen voor de transport van water en voedingstoffen.
labels:
Zie ook:
- Koken met Max: Ontdek alle heerlijke recepten!
- Verdampt Alle Alcohol Tijdens het Koken Echt? Feiten & Fabels
- Ontdek de Meest Fascinerende Woorden met 'ei' in het Nederlands – Verrijk je Woordenschat!
- Bevroren bloemkool koken? Zo doe je dat perfect!
- Ontdek het Geheim van Perfecte Bladerdeeg Broodjes met Ei – Simpel, Snel en Overheerlijk!




