Antibiotica bieden een krachtige bescherming tegen bacteriële infecties. Ze kunnen echter voor vervelende bijwerkingen zorgen, zoals diarree en leverschade. Sommige voedingsmiddelen verminderen deze bijwerkingen, terwijl andere ze verergeren. Dit artikel legt uit wat je wel en niet moet eten tijdens en na een antibioticakuur.

Wat zijn antibiotica?

Antibiotica zijn medicijnen om bacteriële infecties te bestrijden. Ze werken door de infectie te stoppen of te voorkomen dat deze zich verspreidt. Er zijn veel verschillende soorten antibiotica. Sommige zijn breedspectrum, wat betekent dat ze bij een breed scala aan ziekmakende bacteriën kunnen worden ingezet. Andere soorten zijn gemaakt om specifieke bacteriën te doden.

Antibiotica zijn heel belangrijk en effectief in het behandelen van ernstige infecties. Ze kunnen echter ook voor negatieve bijwerkingen zorgen. Overmatig gebruik van antibiotica kan je lever beschadigen. Een studie heeft aangetoond dat antibiotica de meest voorkomende oorzaak kan zijn van leverschade.

De impact van antibiotica op de darmflora

Antibiotica kan ook negatieve effecten hebben op de miljarden bacteriën en andere microben in je darmen. Deze bacteriën staan bekend als de darmflora. Behalve dat antibiotica ziekmakende bacteriën doden, kunnen ze ook goede bacteriën doden. De inname van te veel antibiotica kan het aantal en type darmbacteriën drastisch veranderen, vooral als je jonger bent. Slechts een antibioticakuur van één week kan de samenstelling van de darmflora een jaar lang veranderen.

Sommige studies hebben aangetoond dat veranderingen in de darmflora door overmatig antibioticagebruik in de jonge jaren zelfs het risico op gewichtstoename en obesitas kan verhogen. Verder kunnen te veel antibiotica leiden tot antibioticaresistentie, waardoor ze niet langer op effectieve wijze ziekmakende bacteriën doden.

Kortom: Antibiotica spelen een belangrijke rol in de behandeling van infecties. Het nemen van antibiotica kan de darmflora veranderen en kan leiden tot antibiotica gerelateerde diarree, vooral bij kinderen.

Probiotica: Een bondgenoot tijdens een antibioticakuur

Het goede nieuws is dat een aantal studies heeft aangetoond dat het nemen van probiotica, of levende gezonde bacteriën, het risico hierop kan verlagen. Een review van 23 studies met bijna 400 kinderen ondervond dat het nemen van probiotica tegelijkertijd met antibiotica het risico op diarree met meer dan 50 procent kan verlagen. Een grotere review van 82 studies onder 11000 mensen ondervond gelijkende resultaten bij zowel volwassenen als kinderen. Vooral de probiotica Lactobacilli en Saccharomyces bleken effectief.

Aangezien probiotica zelf ook bacteriën zijn kunnen ze worden gedood door de antibiotica als je ze tegelijkertijd neemt. Houd daarom een aantal uren tussen het nemen van beide kuren in. Neem probiotica na de antibiotica zodat ze een aantal van de goede darmbacteriën die zijn gedood kunnen herstellen. Een studie toonde aan dat probiotica de darmflora naar de oorspronkelijke samenstelling kan herstellen na ontwrichting, zoals bij een antibioticakuur.

Kortom: Het nemen van probiotica gedurende een antibioticabehandeling kan het risico op diarree verlagen, alhoewel er een aantal uren tussen het nemen van beide moet zitten.

Voeding die helpt de darmflora te herstellen

Bepaalde voedingsmiddelen kunnen ook de darmflora helpen herstellen na schade door antibiotica. Gefermenteerde voeding is geproduceerd door microben en kan onder andere yoghurt, kaas, zuurkool, kombucha en kimchi zijn. Ze bevatten een aantal gezonde bacteriesoorten, zoals Lactobacilli, die de darmflora kunnen helpen herstellen na een antibioticakuur.

Studies hebben aangetoond dat mensen die yoghurt of karnemelk nemen meer Lactobacilli hebben in hun darmen en minder van de ziekmakende bacteriën, zoals Enterobacteriën en Bilophila wadsworthia. Kimchi en gefermenteerde sojamelk hebben gelijkende gunstige effecten en kunnen zorgen voor gezonde darmbacteriën, zoals Bifidobacteriën. Neem daarom gefermenteerde voeding om je darmflora na de antibiotica te verbeteren. Andere studies hebben ook aangetoond dat gefermenteerde voeding gunstig kan zijn tijdens en na de antibioticakuur.

Kortom: Gefermenteerde voeding bevat gezonde bacteriën, zoals Lactobacilli, die schade aan de darmflora door antibiotica kunnen herstellen.

Vezelrijke voeding

Vezels kunnen niet door het lichaam worden verteerd, maar wel door je darmbacteriën, wat hun groei helpt stimuleren. Studies hebben aangetoond dat vezelrijke voeding niet alleen de groei van gezonde darmbacteriën bevordert, het vermindert ook de groei van sommige schadelijke bacteriën. Vezelrijke voeding kan echter ook het legen van de maag vertragen. Hierdoor wordt de opname van medicijnen eveneens vertraagd.

Kortom: Vezelrijke voeding zoals volkoren granen, bonen, fruit en groenten kan de groei van gezonde darmbacteriën bevorderen.

Prebiotische voeding

In tegenstelling tot probiotica, wat levende microben zijn, voeden prebiotische voedingsmiddelen de goede darmbacteriën. Veel vezelrijke voeding is prebiotisch. De vezels worden verteerd en gefermenteerd door de gezonde darmbacteriën, zodat ze kunnen groeien. Andere voedingsmiddelen zijn echter niet vezelrijk maar werken prebiotisch door de groei van gezonde darmbacteriën te bevorderen, zoals Bifidobacteriën.

Rode wijn bevat bijvoorbeeld veel polyfenolen, die niet door onze cellen worden verteerd maar door de darmbacteriën. Een studie ondervond dat de consumptie van polyfenolextracten van rode wijn gedurende vier weken de hoeveelheid Bifidobacteriën aanzienlijk verhoogt en de bloeddruk en cholesterol verlaagt.

Cacao bevat eveneens polyfenolen die gunstige prebiotische effecten hebben op de darmflora. Een aantal studies heeft aangetoond dat polyfenolen van cacao ook het aantal gezonde Bifidobacteriën en Lactobacillus kunnen verhogen en ongezonde bacteriën verminderen, zoals Clostridia.

Voeding die je beter kunt vermijden

Terwijl sommige voedingsmiddelen gunstig zijn tijdens en na een antibioticakuur, moeten sommige worden vermeden. Studies hebben bijvoorbeeld aangetoond dat het schadelijk kan zijn om grapefruit en grapefruitsap te nemen als je aan bepaalde medicijnen zit, zoals antibiotica. Dit komt doordat grapefruitsap en veel medicijnen worden afgebroken door een enzym genaamd cytochroom P450.

Het eten van grapefruit tijdens een antibioticakuur kan ertoe leiden dat de medicijnen niet goed worden afgebroken. Dit kan schadelijk zijn voor je gezondheid. Een onderzoek met zes gezonde mannen wees uit dat het drinken van grapefruitsap terwijl je de antibiotica erytromycine neemt de hoeveelheid antibiotica in het bloed verhoogt, vergeleken met degenen die het met water dronken.

Voeding verrijkt met calcium kan ook de antibiotica opname beïnvloeden. Volgens onderzoek kan voeding verrijkt met calcium de opname van verschillende antibioticasoorten verminderen, waaronder ciprofloxacine en gatifloxacine. Andere studies hebben aangetoond dat voeding met calcium zoals yoghurt niet hetzelfde belemmerende effect heeft.

Kortom: Zowel grapefruit als voeding verrijkt met calcium kunnen invloed hebben op de opname van antibiotica in het lichaam.

Richtlijnen voor het innemen van antibiotica

‘Driemaal daags één tablet’. ‘Innemen met voedsel’. Of: ‘Maximaal 6 tabletten per 24 uur’. Elk medicijn heeft zijn eigen voorschrift op het doosje staan en in de bijsluiter. Een medicijn moet in de juiste hoeveelheid in je lichaam terechtkomen. Niet te weinig, want dan werkt het niet. Maar zeker ook niet te veel, want dan geeft het medicijn misschien weer vervelende bijwerkingen. Op die juiste hoeveelheid hebben we ook de werkzaamheid en veiligheid beoordeeld.

Omdat elk medicijn anders is, zijn de manieren en momenten van innemen anders. Dat staat uitgelegd in rubriek 3 van de bijsluiter. In de bijsluiter staat wanneer en hoe vaak je medicijnen moet innemen en soms ook hóe. Zo zijn er medicijnen die je met voedsel moet innemen. Sommige antibiotica neem je bijvoorbeeld het beste vlak voor het eten in. Je lichaam neemt de werkzame stoffen in die medicijnen beter op als ze met voedsel in je maag en darmen komen.

Andere medicijnen mag je juist weer niet samen met eten innemen. Bijvoorbeeld omdat bepaalde stoffen in voedsel ervoor zorgen dat je lichaam het medicijn niet goed opneemt. Daarom mag je bepaalde medicijnen bijvoorbeeld niet met zuivel innemen. Gebruik je meerdere medicijnen? Soms mag je die dan niet op hetzelfde moment innemen. Medicijnen kunnen elkaar in de weg zitten als je ze samen inneemt.

Het gebruik van het antibioticum verschilt per medicijn. Soms moet u het antibioticum 3 keer per dag innemen, soms maar 1 keer per dag. Dit hangt af van het soort antibioticum en hoe ziek u bent. Het gebruik van het medicijn staat op het etiket. Gebruikt u het antibioticum vaker dan 1 keer per dag? Dan is het belangrijk dat u de tabletten over de dag verdeelt. Hierdoor werkt het antibioticum de hele dag door.

Sommige antibiotica werken beter als u ze op een lege maag inneemt. Sommige antibiotica kunt u het beste innemen met wat voedsel. Tabletten of capsules kunt u het beste innemen met water als u staat of zit. Houd bij het doorslikken uw hoofd een beetje naar voren. Drink er een flink glas water achteraan. Zo gaat het medicijn snel door de slokdarm naar de maag. Oplostabletten lost u op in een beetje water. Wacht tot het medicijn is opgelost en drink het op. Kinderen krijgen vaak een antibioticum als drankje. Meestal is dit een drankje dat u van tevoren goed moet schudden: een suspensie. Dit schudden is nodig zodat het kind de juiste hoeveelheid medicijn binnen krijgt. Meet na het schudden de goede hoeveelheid af. Geef het kind daarna nog wat water of limonade als het kind dat lekker vindt. Sommige drankjes smaken niet zo lekker.

Gebruik je meerdere medicijnen? Soms mag je die dan niet op hetzelfde moment innemen. Medicijnen kunnen elkaar in de weg zitten als je ze samen inneemt. Heb je op een rijtje wanneer je welke medicijnen moet innemen? Er zijn natuurlijk handige medicijndoosjes waarmee je op dagdeel je medicijnen kunt klaarleggen. En dan is het belangrijk om er een gewoonte van te maken. Plak een briefje op de koelkast of zet een wekkertje in je telefoon. En zorg natuurlijk dat de medicijnen op een logische plek liggen waar je ze vanzelf tegenkomt.

Belangrijke punten bij het gebruik van antibiotica

  • Volg het voorschrift nauwkeurig: Neem antibiotica precies in zoals voorgeschreven door de arts of apotheker. Verander de dosis of het innamemoment niet op eigen initiatief.
  • Maak de kuur af: Stop nooit voortijdig met de kuur, ook al voel je je beter. Niet alle bacteriën zijn mogelijk bestreden, en de overlevende bacteriën kunnen resistent worden.
  • Let op wisselwerkingen: Sommige antibiotica kunnen een gevaarlijke wisselwerking hebben met andere geneesmiddelen, zoals cholesterolverlagende medicijnen of de anticonceptiepil. Informeer je arts over alle medicijnen die je gebruikt.
  • Gebruik de juiste vloeistof: Neem antibiotica zoveel mogelijk alleen met water in. (Fruit)sappen, melk en alcohol kunnen de werking verminderen.
  • Wees alert op bijwerkingen: Neem contact op met je arts als je overgevoelig reageert op antibiotica, bijvoorbeeld door jeukende uitslag, benauwdheid of buikpijn.

Dosering van Amoxicilline (als voorbeeld)

De dosering van antibiotica is afhankelijk van leeftijd, lichaamsgewicht, nierfunctie, de ernst en locatie van de infectie en de verwachte of vastgestelde veroorzakende bacterie. Hieronder enkele voorbeelden van doseringen van Amoxicilline:

Volwassenen

  • Oraal: 250-500 mg elke 8 uur óf 750-1000 mg elke 12 uur. Bij ernstige infecties 750-1000 mg elke 8 uur.
  • Intraveneus: 750 mg tot 2 g elke 8 uur óf 2 g elke 12 uur, maximaal 12 g/dag.

Kinderen

  • Oraal: 20-90 mg/kg lichaamsgewicht/dag in verdeelde doses.
  • Bij bacteriële infecties: 50 mg/kg/dag (range 40-60 mg/kg/dag) over 3 verdeelde doses, max. 1,5 g/dag.
  • Bij ernstige bacteriële infecties: 80-90 mg/kg/dag verdeeld over 3 doses, max. 6 g/dag.
  • Intraveneus: 20-200 mg/kg/dag, verdeeld over 2-4 gelijke doses van max. 25 mg/kg/keer of als infusies van max.

Zorg tijdens toediening van hoge doseringen (parenteraal) amoxicilline voor voldoende vloeistofinname en urineproductie om het risico op kristalurie te verminderen.

In het algemeen geldt: de therapie van acute infecties tot 48-72 uur na verdwijnen van de klinische symptomen voortzetten. Een behandelduur van 5-7 dagen zal in het algemeen voldoende zijn, tenzij binnen de indicatie anders is omschreven, bij β-hemolytische streptokokkeninfecties van groep A (GAS) moet deze echter ten minste 10 dagen bedragen om bepaalde complicaties te voorkomen, zoals acute reumatische koorts of glomerulonefritis.

De behandeling van chronische of ernstige infecties in het algemeen 48 uur voortzetten na verdwijnen van de klinische symptomen.

Voorbeeld van doseringen voor specifieke infecties

  • Acute rhinosinusitis (mei 2024):
    • Volwassenen: 500 mg elke 8 uur.
    • Kinderen: 40 mg/kg lichaamsgewicht per dag in 3 doses, maximale dosering 500 mg elke 8 uur.
  • Otitis media acuta bij kinderen (mei 2024): 40 mg/kg lichaamsgewicht in 3 doses.
  • CAP (2024): Bij een 'milde' pneumonie: 500 mg elke 8 uur, gedurende 5 dagen. Bij een 'matig-ernstige' pneumonie: 1000 mg elke 6 uur, gedurende 5 dagen.
  • Urineweginfectie (UWI) met systemische verschijnselen (2021): 1000 mg amoxicilline elke 6 uur, en in combinatie met een aminoglycoside i.v. 1×/dag. Behandel (niet-zwangere) vrouwen 10-14 dagen; alle UWI met systemische verschijnselen bij mannen gedurende 14 dagen.
  • Lymeziekte (2013):
    • Kinderen (1 maand - 18 jaar): 50 mg/kg/dag verdeeld over 3 doses (elke 8 uur), max. 1500 mg/dag.

Raadpleeg altijd de bijsluiter en volg de instructies van uw arts of apotheker voor de juiste dosering en toediening van uw medicatie.

labels:

Zie ook: