De avonturen van Asterix en Obelix eindigen steevast met een groot dorpsfeest, waar vers gebraden everzwijnen worden geserveerd. Bij de onverschrokken Galliërs zien we een beeld van een dorpsgemeenschap die vrolijk feestviert met veel gelach en gedans op tafel.

Historisch gezien klopt dit beeld wel, want de klassieke schrijver Posidonius van Apameia (ca. 135 - 51 voor onze jaartelling) zegt daarover: “Als ze een feestmaal eten, zitten ze op de grond op huiden van wolven of honden, in een cirkel aan lage houten tafels. De jonge kinderen dienen op. Dicht bij de plek waar ze eten zijn vuren waar ketels met vlees op staan en waar speren met vlees boven hangen.” Bij Asterix zijn dat bankjes, en Obelix zou het gebruik van hondenhuiden niet hebben toegestaan.

Het Dorpsfeest als Centraal Element

Het doel van dit feestmaal aan het eind van een avontuur is in eerste instantie om te vieren dat de helden veilig en wel terug zijn gekeerd in het dorp, mission accomplished. Het gezamenlijke maal dient ook om hen weer op te nemen in de dorpsgemeenschap en hen terug te brengen naar de hiërarchie zoals die ter plaatse geldt, met Abraracourcix (met de korte armpjes) als stamhoofd.

Ook al hebben ze veel opgestoken in den vreemde, hier in het dorp is alles hetzelfde gebleven en ze passen zich (graag) weer aan. Culinair bezien is dit boeiende kost.

In het album ‘Asterix chez les Breton’, in Nederland verschenen als ‘Asterix en de Britten’, laten René Goscinny en Albert Uderzo zich op vele plekken duidelijk uit over het Engelse eten. Zo heeft ook Obelix medelijden met het stuk vlees van een wild zwijn dat op zijn bord ligt, omdat het is gekookt en wordt geserveerd met muntsaus. En een Romeinse officier heeft medelijden met de leeuwen als hij te horen krijgt dat hij mogelijk gekookt en met muntsaus aan die leeuwen wordt gevoerd.

In die versie komen de eetgrappen nog beter tot hun recht. Het album is ook in het Engels verschenen met als titel ‘Asterix in Britain’ (met weer een subtiele wijziging in de titel).

Variaties op het Thema Eten

In Asterix en de Britten nuttigen Asterix en Obelix hun eerste maaltijd na de oversteek over het Kanaal op Britse grond in herberg ‘Het lachende everzwijn’ (The Jolly Boar).

Zoals te zien is in het album Asterix en de Belgen, uit 1979, waar het Nervische stamhoofd Vandendomme het gerechtje uitvond. Patat-friet was overigens al eerder te zien in het album Asterix en de Gothen, uit 1963.

Album Gebeurtenis
Asterix en de Belgen Vandendomme vindt patat-friet uit.
Asterix en de Gothen Druïde Tachtix haalt frieten uit een ketel met kokend vet.

labels:

Zie ook: