Vermoedt u dat u iets verkeerds heeft gegeten? Omdat u hierdoor buikpijn of buikkrampen heeft? Dan is dit natuurlijk ontzettend vervelend. Heb je iets verkeerds gegeten waardoor je buikpijn of buikkrampen hebt? Je kan een voedselvergiftiging hebben. Ontzettend vervelend en je wilt er natuurlijk zo snel mogelijk vanaf.

De oorzaak hiervan kan een voedselvergiftiging zijn. In eten en drinken kunnen bacteriën, virussen, schimmels of parasieten zitten die je ziek kunnen maken. Zeker weten of je last hebt van een voedselvergiftiging? Een voedselinfectie wordt veroorzaakt door een bacterie, virus of parasiet in je maag of darmen. De meeste voedselvergiftigingen komen door bacteriën.

Oorzaken van voedselvergiftiging

Als u iets verkeerds heeft gegeten, kunt u een voedselvergiftiging oplopen. Meestal wordt u dan ziek door bacteriën in het eten. Denk hierbij aan salmonella, campylobacter, listeria of e-coli. Op rauw voedsel, zoals rauw vlees of rauw vis, zitten altijd wel bacteriën. De meeste van die bacteriën kunnen geen kwaad.

Hoe kunnen deze bacteriën u ziek maken? Door de volgende oorzaken:

  • U snijdt eerst rauwe kip op de snijplank en gebruikt vervolgens dezelfde snijplank voor de groente in uw salade. De bacteriën van de rauwe kip komen nu op de groente en deze eet u op.
  • U koopt biologische sla waar E-coli bacteriën op zitten, en u wast de sla niet goed.
  • U koopt sushi bij de supermarkt, maar zet die niet in de koelkast. Buiten de koelkast krijgen bacteriën de kans om te groeien. Laat de sushi bovendien ook niet te lang in de koelkast staan.
  • U bakt vlees, vis of schelpdieren niet goed. De bacteriën in deze producten zijn pas echt dood als het vlees, de vis of de schelpdieren helemaal gaar zijn.
  • U eet vlees, vis of schelpdieren na de houdbaarheidsdatum. Het voedsel is dan niet meer veilig.

Zo kunnen de bacteriën bijvoorbeeld in je maag en darm komen:

  • Je snijdt rauwe kip en bakt die gaar. Op dezelfde snijplank snijd je daarna tomaten voor een salade. De bacteriën van de rauwe kip komen nu op de tomaten en je eet tomaten met deze bacteriën erop.
  • Je koopt sushi bij de supermarkt en laat dit buiten de koelkast staan. Bacteriën krijgen zo de tijd om te groeien en door de warmte kunnen ze sneller groeien.
  • Je koopt biologische sla. Op de sla zitten E-coli bacteriën uit biologische mest. Je wast de sla niet goed. Daardoor blijven er wat bacteriën op de sla zitten.
  • Je barbecuet en er liggen wat kipsatés in de zon. De bacteriën die erop zitten kunnen goed groeien in de warmte. De kipsaté gril je daarna niet lang genoeg en je eet een halfgare saté op.
  • Je geeft iemand een hand. Die persoon is net naar de wc geweest en heeft de handen niet goed gewassen. De bacteriën uit zijn poep komen dan op jouw handen.

Symptomen van voedselvergiftiging

Door besmet eten en drinken kun je deze klachten krijgen:

  • meestal eerst buikpijn of buikkrampen
  • misselijk en overgevend
  • diarree
  • duizelig zijn

Sommige bacteriën geven hoofdpijn, spierpijn en koorts. Door sommige bacteriën kun je bloed in je poep krijgen.

Een voedselvergiftiging begint vaak met buikpijn of buikkrampen. De klachten beginnen meestal binnen acht tot 24 uur nadat je iets verkeerds hebt gegeten. Gelukkig is het meestal binnen één tot drie dagen weer over, maar in die tijd kun je je heel beroerd voelen. Houden de klachten langer dan drie dagen aan? Soms is het er na één of twee keer overgeven weer uit.

Wat te doen als u iets verkeerds heeft gegeten?

Denkt u dat u een voedselvergiftiging heeft opgelopen, omdat u iets verkeerds heeft gegeten? Wacht dan eerst rustig af hoe u zich voelt. Vaak gaat het al snel weer wat beter. Luister daarbij altijd goed naar uw eigen lichaam. Merk je dat je weer honger of dorst krijgt? Probeer dan gewoon wat te eten. In principe raden huisartsen aan om alles te eten waar je trek in hebt.

Als je veel moet overgeven en ook diarree hebt, dan verliest je lichaam veel vocht. Merk je dat je weer honger of dorst krijgt? Probeer dan gewoon wat te eten. Als je weer begint met eten, dan kun je snel buikkrampen krijgen; dat is normaal en hoort erbij.

Krijgt u dorst? Drink dan wat. Blijf ook veel water drinken. Als u veel overgeeft of diarree heeft, verliest uw lichaam vocht. Daarom is het belangrijk dat u voldoende water binnenkrijgt.

Drinken bij diarree en overgeven

Bij diarree en overgeven is het belangrijk dat je extra vaak drinkt (2 of 3 liter per dag). Hoe meer diarree of overgeven, hoe meer je moet drinken om niet uit te drogen. Drink bijvoorbeeld elke keer een glas water, thee of bouillon nadat je diarree had. Drink kleine beetjes tegelijk als je overgeeft. Bijvoorbeeld elke 5 tot 10 minuten 1 of 2 slokken. Zo hou je toch wat vocht binnen. Als je je wat beter voelt, kun je langzaam weer wat meer in 1 keer gaan drinken. Als je ook koorts hebt, is drinken nog belangrijker.

Drink geen zoete dranken als de diarree langer dan 1 week duurt of steeds terugkomt. Dus geen appelsap, melk, energie-dranken, frisdranken en light-dranken (zoals cola light). Soms kunnen de darmen tijdelijk minder goed tegen deze drank als je diarree hebt (gehad).

Eten bij diarree en overgeven

Een paar dagen niet of minder eten is niet erg. Je hoeft jezelf niet te dwingen om te eten. Als je weer trek hebt, kun je weer eten waar je zin in hebt. Begin met kleine beetjes. Als je kunt eten, voel je je meestal meteen wat beter. Helemaal niet eten of een speciaal dieet is niet nodig.

Bij buikkrampen kun je het beste kleine beetjes eten en drinken. Als er iets in je maag komt, merken je darmen dat ook. Soms krijg je dan weer een golf van diarree. Dat betekent niet dat je iets verkeerds gegeten hebt. Je maag en darmen zijn nog gevoelig. Ook als je in 1 keer veel drinkt, kun je meteen naar de wc moeten.

Medicijnen en hulpmiddelen

Er bestaan geen medicijnen om voedselvergiftiging te verhelpen. Het enige dat je kan doen, is wachten tot de giftige stoffen uit je lichaam verdwijnen. Bij overgeven of hevige diarree kun je ORS gebruiken om uitdroging te voorkomen. In dit drankje zitten speciale suikers en zouten die je vochtbalans op peil houden. Probeer elke vijf of tien minuten een eetlepel te drinken.

Eventueel kun je gebruikmaken van het stopmiddel loperamide, als je last hebt van diarree. Loperamide zorgt ervoor dat de ontlasting minder frequent wordt. Let op, dit kan wel verstopping veroorzaken en het versnelt de genezing niet. Gebruik het middel niet als je koorts of bloederige diarree hebt. Loperamide mag je niet gebruiken als je zwanger bent of borstvoeding geeft. Tegen erge misselijkheid wordt wel domperidon of metoclopramide gebruikt. Bij een voedselvergiftiging wordt zelden antibiotica gebruikt.

Er zijn 2 medicijnen die je soms kunt gebruiken.

  • ORS is een drankje met speciale suikers en zouten. Je koopt het als drankje of poeder waarmee je zelf het drankje maakt. Lees eerst de bijsluiter. Meng ORS met water, niet met eten of ander drinken. Neem ORS als je meer kans hebt op uitdroging of al uitgedroogd bent. Bijvoorbeeld:
    • als je minstens 6 keer per dag poep hebt zo dun als water
    • als je meer dan 4 keer per dag moet overgeven
    • als je door koorts veel zweet en je te weinig drinkt of veel dorst houdt
    • als je ouder bent dan 70 jaar
  • Loperamide: Medicijn om minder vaak te poepen. Ben je op reis? Of moet je lang doorwerken zonder naar de wc te moeten? gebruiken. Het zorgt ervoor dat je minder vaak moet poepen. Je wordt er niet sneller beter door. Een bijwerking is verstopping. Slik het niet langer dan 2 dagen. Gebruik loperamide niet:
    • als je koorts hebt
    • als je bloed bij je diarree hebt
    • als je zwanger bent of borstvoeding geeft
    • bij kinderen jonger dan 8 jaar

Wanneer contact opnemen met de huisarts?

Gaan uw klachten niet weg nadat u iets verkeerds heeft gegeten? Dan kunt u in de volgende situaties beter contact opnemen met de huisarts:

  • U voelt zich suf, raakt in de war of heeft het gevoel dat u gaat flauwvallen
  • U heeft waterdunne diarree (6 keer of vaker op een dag) en dit duurt al drie dagen of langer
  • U blijft braken en/of braakt heftig
  • U heeft voortdurend buikpijn
  • U drinkt (te) weinig
  • U heeft al een dag niet meer geplast
  • Er zit bloed of slijm bij de ontlasting
  • Als u plastabletten of medicijnen tegen een hoge bloeddruk gebruikt.
  • Bent u ouder dan 70 jaar en heeft u een voedselvergiftiging?

Voorkomen is beter dan genezen

Zeker tijdens warme dagen, ligt een voedselinfectie op de loer; mensen nemen de hygiëne met het warme weer helaas niet zo nauw. Houd je een voedselvergiftiging liever buiten de deur? En niet maar één keer per dag! Was je handen altijd na een toiletbezoek, voordat je begint met koken en voordat je begint met eten. Jij wilt toch ook dat alles wat je in je mond stopt, lekker schoon is?

De meeste voedselinfecties komen door bacteriën van rauw vlees en rauwe vis. Zorg dat deze bacteriën tijdens het koken dus niet ander eten besmetten. Dit klinkt logisch, maar wordt vaak niet goed gedaan. Na een lange werkdag heb je vaak zo’n honger dat je de hamburger al nét iets eerder van het vuur haalt dan eigenlijk zou moeten. Weet dat bacteriën waar je ziek van kan worden in vlees, vis of schelpdieren pas echt dood zijn als het helemaal gaar is.

Wil je van het weekend lekker sushi of carpaccio eten? Zorg dat je vlees, vis of schelpdieren die je rauw eet niet langer dan één dag in de koelkast bewaart. Die staat er niet voor niets! Vis, vlees en schelpdieren zijn niet meer veilig na de houdbaarheidsdatum, ook al is het product pas één dag over de datum. Twijfel je of je iets nog kan eten?

Soms ben je blij dat je eindelijk thuis bent en even op de bank kan zitten. Die boodschappentas komt zo wel, denk je. Dat kan gevaarlijk zijn, zeker op warme dagen. Net als bij gekoelde biertjes is het erg belangrijk om je vlees van de barbecue gekoeld te houden. Stop daarom alles wat bederfelijk is in een goede koeltas. Is de barbecue lekker in je achtertuin? Is niet al het eten opgegaan? Maak een bakje met het overgebleven eten en zet dit direct in de koelkast. Zorg dat je het binnen twee dagen opeet, langer is niet meer verantwoord.

Voorkom dat je anderen ziek maakt

  • Was je handen met water en zeep.
  • Droog daarna je handen goed af met een schone handdoek of papieren doekjes. Gooi de doekjes meteen weg.
  • Was en droog je handen elke keer als je naar de wc bent geweest. En voordat je eten of drinken klaarmaakt.
  • Was gebruikte glazen, borden en bestek goed af.
  • Leg uit aan de mensen om je heen dat ze dezelfde adviezen moeten volgen.

labels:

Zie ook: