Als we het groene keurmerk ‘biologisch’ zien, denken we meestal aan duurzaamheid. Milieuvriendelijk geproduceerd eten, met respect voor de leefomstandigheden van het dier. In dit artikel wordt de vraag beantwoord of biologisch vlees ook slecht is voor het milieu.

Wat is de impact van vleesproductie op het milieu?

Bij vleesproductie komen diverse gassen vrij die een bijdrage leveren aan het zogenoemde broeikaseffect en dus bijdragen aan de verandering van het klimaat. Dit zijn onder meer de gassen CO2 (kooldioxide), CH4 (methaan) en N2O (lachgas). Deze gassen worden door herkauwende dieren (zoals koeien) geproduceerd wanneer ze voedsel aan het verteren zijn. Deze gassen komen daarnaast ook uit hun mest vrij. De geproduceerde gassen dragen bij aan het broeikaseffect.

Ook het voer dat de dieren te eten krijgen heeft impact op het milieu. De productie en het transport van veevoer veroorzaakt ook veel uitstoot van de genoemde gassen.

In Nederland is vleesproductie voor ongeveer 40% van de broeikasuitstoot verantwoordelijk. In ons land heeft de productie van vlees dus in verhouding veel invloed op de totale uitstoot. Wereldwijd is dit echter lager, ergens tussen de 10 en 15%. Daar komt ook bij kijken dat broeikasuitstoot door herkauwers onderdeel is van een natuurlijke cyclus en herkauwers juist belangrijk zijn voor het milieu. De grond waar zij van eten neemt namelijk ook weer CO2 op en zorgt voor een kringloop effect, omdat het gras hierdoor opnieuw kan groeien.

Wat doet de biologische vleesindustrie anders?

Om het biologisch keurmerk te krijgen, dient een boer aan strenge eisen te voldoen. Deze eisen zijn door de Europese Unie opgesteld en overgenomen in de Nederlandse wet. Voorbeelden van eisen zijn genoeg leefruimte en bewegingsvrijheid om naar buiten te gaan. Ook dient het voer dat de dieren te eten krijgen biologisch te zijn. Daarnaast mag de boer geen synthetische bestrijdingsmiddelen gebruiken. Verder is er veel meer ruimte nodig voor de dieren. Er moet dus veel grond worden opgeofferd voor de dieren.

Bij de biologische vleesindustrie wordt veel in kringlooplandbouw ingezet. Zoals hierboven beschreven zorgen herkauwers voor een natuurlijke cyclus. Ze eten gras en bemesten de grond vervolgens. Daarna trekken ze door naar een nieuw stuk gras. Ondertussen zorgt de bemesting ervoor dat het gras weer kan groeien. Als de herkauwers hun rondje rondom het land gemaakt hebben, begint de cyclus weer opnieuw. Deze kan zichzelf dus in stand houden.

Doordat herkauwers veel gras eten, krijgen ze ook meer regenwater binnen. Hierdoor hoeft de boer geen gezuiverd water te gebruiken en kan energie bespaard worden.

Voordelen van biologisch vlees

  • Dierenwelzijn: Dieren op een biologische boerderij krijgen meer ruimte, gaan vaker naar buiten en krijgen de mogelijkheid om natuurlijk gedrag te vertonen.
  • Biodiversiteit: Biologische productie is beter voor de biodiversiteit op en om de boerderij. Zo is de bodemkwaliteit, waterregulatie en het voorkomen van plagen beter op de biologische boerderij.
  • Geen chemische bestrijdingsmiddelen: Er komen geen resten van chemische bestrijdingsmiddelen in het milieu.

Nadelen van biologisch vlees

  • Meer landgebruik: Er is meer land nodig om even veel voedsel te verbouwen.
  • Broeikasgasuitstoot: Hoewel uit onderzoek blijkt dat biologisch gehouden koeien minder CO2 uitstoten, zorgt hun natuurlijke dieet ervoor dat ze wel meer methaan en lachgas (N2O) uitstoten.
  • Waterverbruik: Het slachtrijp groeien van biologische dieren duurt langer, waardoor theoretisch meer water verbruikt wordt.

Biologische landbouw versus gangbare landbouw

Om biologisch uit te leggen kun je biologische landbouw vergelijken met gangbare landbouw. Een belangrijk verschil met gangbaar is dat biologische boeren geen kunstmest en synthetische bestrijdingsmiddelen gebruiken. Omdat kunstmest maken veel energie kost, scheelt het bij biologische landbouw energie en broeikasgasuitstoot. Bestrijdingsmiddelen, doden niet alleen de plaag, maar ook soorten in de omgeving.

Biologische boeren doen er veel aan om de bodemkwaliteit goed te houden, bijvoorbeeld door wisselteelt (niet elk jaar hetzelfde gewas op dezelfde plek). En ze proberen plagen en ziekten te bestrijden door bijvoorbeeld onkruid te wieden en hun land aantrekkelijke te maken voor vijanden van plaaginsecten. Als de biodiversiteit op en rondom de akker op orde is, is het ecosysteem meer in balans en krijgen ziekten en plagen minder snel een kans.

Keurmerken

Als het keurmerk EU-biologisch op je melkpak, courgette of een ander voedselproduct staat, dan volgt de boer de biologische landbouwmethode met Europees vastgelegde regels. Producten met het Nederlandse EKO-keurmerk zijn ook biologisch.

Gezondheidsaspecten

In het algemeen is niet aangetoond dat biologisch voedsel gezonder is dan gangbaar voedsel. In sommige biologische producten zijn hogere gehaltes gemeten aan vitamine C, mineralen en bioactieve stoffen. Ook kan de vetzuursamenstelling van biologische melk en vlees anders zijn. Het bevat meer meervoudig onverzadigde vetzuren (omega-3). Er zijn studies die een relatie laten zien met het eten van biologisch voedsel en gezondheidsaspecten, zoals eczeem en overgewicht. Verder bepaalt niet één product, maar de samenstelling van het totale pakket eten en drinken dat je neemt, hoe gezond je eetpatroon is. Voor je gezondheid is het niet noodzakelijk om biologisch te eten.

Een studie van onderzoekers aan de Montana State University toont belangrijke verschillen aan tussen de gezondheidseffecten van biologisch grasgevoerd rundvlees en traditioneel graangevoerd rundvlees. Graangevoerd rundvlees leidt tot hogere concentraties van het aminozuur L-valine in het bloed. Dit is zorgwekkend omdat verhoogde L-valine-waarden in verband worden gebracht met verhoogde oxidatieve stress in het lichaam, een grotere kans op ontstekingen en mogelijke negatieve effecten op hart- en vaatgezondheid. De wetenschappers ontdekten dat de voedingsmethode van runderen niet alleen de voedingswaarde van het vlees beïnvloedt, maar ook grote invloed heeft op hoe ons lichaam het vlees verwerkt.

Biologische producten zijn over het algemeen duurder dan gangbare producten. Deze meerprijs is te verklaren doordat de productie anders verloopt. Biologische boeren gebruiken geen kunstmest en synthetische bestrijdingsmiddelen. Bovendien is de biologische landbouw arbeidsintensiever en maakt ze gebruik van gewassen en dieren die vaak minder snel groeien. Dieren leven langer en hebben dus langer onderdak en voer nodig.

Duurzaamheid

Het is lastig om één antwoord te geven op de vraag: is biologisch voedsel duurzamer? Hoe biologisch voedsel scoort hangt namelijk af van de factoren waarnaar je kijkt. Voor bijvoorbeeld dierenwelzijn, gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en biodiversiteit is een biologische keuze beter. Bij energieverbruik en de uitstoot van broeikasgassen varieert het tussen en binnen productgroepen. En het gebruik van land bij biologische productie is juist weer een stuk hoger.

De milieu-impact van een product kan op verschillende manieren worden gemeten. Je kunt kijken naar de impact per kilogram product, maar het is ook mogelijk om de impact te berekenen per hectare. Vergelijk je biologische met niet-biologische producten, dan zie je een verschil tussen deze twee. De milieu-impact per hectare is voor biologische producten lager. Dit komt doordat er geen kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt mogen worden en er meer aandacht is voor de bodem en biodiversiteit.

Wanneer je kijkt naar de impact per kilogram product is deze vaak hoger voor biologische producten. Dat komt doordat er een lagere opbrengst per hectare is. Het energieverbruik en de broeikasgasuitstoot verschilt erg tussen en binnen de verschillende productgroepen. In Nederland is het energieverbruik en de broeikasgasuitstoot voor landbouw hoger bij biologische productie. Er is ook verschil tussen de Nederlandse cijfers van landbouw en het wereldwijde gemiddelde. In het buitenland ligt het energieverbruik voor biologische productie lager dan bij niet-biologische producten.

Het is van belang dat duurzamere productiesystemen altijd samengaan met duurzamere consumptie. We moeten anders gaan produceren, minder verspillen en anders gaan eten. Als we minder dierlijk en meer plantaardig gaan eten, kan de landbouwgrond die wordt gebruikt voor productie van vee(voer) ingezet worden voor productie van biologische producten. Op die manier ontstaat er meer ruimte voor biologische productie, zonder dat er natuur wordt omgezet in landbouwgrond.

labels: #Vlees

Zie ook: