Chocolade sigaretten, een snoepgoed dat ooit een onschuldig onderdeel van de kindertijd was, roept bij velen nostalgische herinneringen op. Ik was als 7-jarige gek op chocolade sigaretten. In Sinterklaastijd lagen ze altijd wel een keertje in mijn schoen. Vrijwel allemaal hadden ze er goede herinneringen aan. Maar achter dit ogenschijnlijk onschuldige snoepgoed schuilt een complexe geschiedenis, die uiteindelijk leidde tot een verbod in veel landen.

De Geschiedenis van Snoepsigaretten

De geschiedenis van snoepsigaretten begint eind 19e eeuw. Het loopt samen met die van sigaretten met tabak. Daarom eerst kort iets over die geschiedenis. Tot 1947 wordt er vooral onderzoek gedaan naar tabak. In 1828 ontdekten twee chemici de stof nicotine als onderdeel van tabak. Zij omschreven het als gif. Engelse soldaten nemen Russische en Turkse sigaretten mee van oorlogen op het vaste land van Europa. Een paar jaar later, in 1847, richt Philip Morris in Londen het gelijknamige bedrijf op. Hij begint met het importeren van sigaretten. Maar al snel gaat het bedrijf ze zelf maken. In Amerika worden in die tijd sigaretten vooral populair bij koeienjongens. In 1875 begint Richard Joshua Reynolds zijn tabaksfabriek, vooral om pruimtabak te produceren.

Vooral Amerikaanse snoepfabrikanten haken daar eind 19e eeuw voorzichtig bij aan met nieuwe producten, zoals kauwgum en chocolade sigaretten. Rond 1900 fuseren meerdere kleine snoepmakers tot grotere bedrijven. In diezelfde tijd openen Britse tabaksfabrikanten vestigingen in Amerika. Philip Morris bijvoorbeeld begint in New York een bureau voor de promotie van het merk Marlboro. In 1913 begint R.J. Reynolds met de verkoop van Camel sigaretten.

De Samenwerking tussen Snoep- en Tabaksfabrikanten

Geleidelijk ontstaat er een stilzwijgende samenwerking van snoepmakers met tabaksfabrikanten, die zien dat het ‘kinder’snoepgoed helpt bij de promotie van hun eigen producten. Rond 1925 bereikt de samenwerking een hoogtepunt. Snoepfabrikanten stoppen extra inpanning in de verkoop van hun producten. Ze vergroten het aanbod met namen op de verpakking die lijken op die van tabakssigaretten. De meeste tabaksfabrikanten maken geen bezwaar, die helpen zelfs bij ontwerpen. Slechts een enkeling begint een rechtszaak, zoals Britisch American Tabacco in 1928.

Weinigen zien in die tijd de gezondheidsrisico’s van roken. Mede daardoor heeft niemand problemen met de suikergoed imitaties waarmee kinderen kunnen doen alsof ze roken. In Nederland ligt het hoogtepunt van verkoop rond 1965. In dit tijd verschijnen de eerste rapporten over de schadelijke gevolgen van het roken van sigaretten. Vrij snel gevolgd door de vraag of je kinderen wel chocolade sigaretten zou moeten geven.

Herinneringen en Gebruik

Ik herinner me zelf voornamelijk hoe we omgingen met de chocolade sigaretten eind zestiger jaren. Na een paar keer doen alsof je rookte, verwijderde je het papiertje en at je de chocolade op. Later dan de chocolade sigaretten kwamen de kauwgom sigaretten. Mijn vader rookte in die tijd Roxy en Pall Mall sigaretten. In mijn herinnering hadden mijn sigaretten dezelfde naam als de echte. Maar wellicht was dat mijn kinderfantasie en heette ze Roksy, Poll Moll, Cammel en Marboro. Op een gegeven moment was ik de snoepsigaretten ontgroeit.

Weerstand en Verbod

In de vijfiger jaren gaan al de eerste stemmen op de snoepsigaretten en ander imitatiesnoep te verbieden. In Amerika zet alleen de staat Noord Dakota door. Zij verbieden het van 1953 tot 1967. De landelijke politiek probeert wel wat druk uit te oefenen op staten, maar zonder succes. De FTC, vergelijkbaar met onze Autoriteit Consument en Markt, boekt wel een paar succesjes. Twee grote Amerikaanse snoepproducenten, Necco en World Confections, buigen rond 1970 als eerste voor de groeiende weerstand. Zij veranderen de naam van de snoepsigaretten in snoepstaafjes. Verder gebeurt er nog niets. De verpakking blijft op die van echte sigaretten lijken.

Met de maatregelen tegen tabaksgoederen groeien de actie’s tegen snoepsigaretten. Het is ook een beetje uit de hand gelopen. Vanaf begin jaren negentig verschijnen onderzoeken en boeken over de risico’s rond roken. Het gaat daarbij om de gezondheidsrisico’s van roken, de invloed van meeroken door niet-rokers en de invloed op kinderen. Een ander belangrijk rapport is ‘Preventing Tobacco Use Among Young People’ uit 1994. Het is een uitgebreide sociologische studie rond tabak onder leiding van Joycelyn Elders. Het verhaalt over de werkwijze van tabaksfabrikanten.

Imitatie snoepgoed noemt de Europese politiek de chocolade sigaretten en ander snoepgoed dat volwassen producten nadoet. Het duurt na hun eerste pogingen dat snoepgoed te verbieden nog enige tijd voor ze het echt verbiedt. In de tussentijd zijn er wel enkele, soms lachwekkende, ontwikkelingen. In 2009 bijvoorbeeld neemt de Amerikaanse overheid een wet aan die alleen het toevoegen van metholsmaak toestaat aan gewone sigaretten. Tot die tijd voegden fabrikanten ook snoepachtige smaak- en geurstoffen toe. De overheid baseert zich daarbij op het rapport van Elders. En op het onderzoek ‘Do candy cigarettes encourage young people to smoke’ van Jonathan Klein uit 2000.

In 2002 wilde het Europees Parlement ze verbieden, omdat het snoepgoed jongeren zou aanzetten tot roken. In 2013 worden door het Europees Parlement enkele wetgevingsresoluties aangenomen. Inmiddels zijn chocolade sigaretten en andere sigaretimitaties in geheel Europa verboden. In veel landen buiten Europa bestaat er ook wetgeving tegen deze producten. In Amerika is het slechts in enkele staten verboden. Daar wordt danook nog volop geproduceerd.

De Huidige Status

Er zijn tegenwoordig veel soorten snoepgoed. Chocolade sigaretten zijn waarschijnlijk nauwelijks nog interessant voor jongeren. Maar zijn ze verdwenen? Het product heet sinds tientallen jaren ‘candy sticks’, oftewel snoepstaafjes. Ze zijn dus nog gewoon te koop, ook in Nederland. De aangepaste merknamen van tabaksfabrikanten zijn verdwenen. Maar in de omschrijving zijn de meeste aanbieders duidelijk: ‘Wie kent ze niet? Chocolade sigaretten!

Naast het genoemde rapport uit 1994 ‘Preventing Tobacco Use Among Young People’ verschijnt er in 1994 nog een rapport. Onderzoeken geven ongeveer dezelfde resultaten. De studie uit 1992, onder kinderen van 4 tot 11 jaar, liet zien dat sommigen snoepsigaretten als volwassen en illegaal beschouwen. De meesten zien het als eetbaar speelgoed en als leuke imitatie van het echte roken. Een onderzoek uit 2007, dat sterk leunt op dat uit 1992, ondervroeg 26.000 volwassenen Amerikanen. Van de rokers onder hen aten 22% in hun jeugd regelmatig snoepsigaretten. Bij de niet-rokers bleek dat 14% te zijn.

Conclusie

Chocoladesigaretten zijn chocoladestaven omhuld met papier, die eruitzien als echte sigaretten. Ze werden verkocht in een echt lijkend sigarettenpakje met een nagemaakte banderol.

Honeyrose Chocolade Sigaretten: Een Alternatief?

Hoewel traditionele chocolade sigaretten verboden zijn, zijn er alternatieven op de markt die geen tabak of nicotine bevatten. Een voorbeeld hiervan zijn de Honeyrose Chocolade Sigaretten.

Productkenmerken van Honeyrose Chocolade Sigaretten:

  • Smaak: Chocolade
  • Tips: Geen nicotine, geen tabak
  • Producteigenschappen: 1 doos = 10 pakken; 200 sigaretten
  • Ingrediënten: groene thee, chrysant, zoethout en andere natuurlijke bloemen.
  • Opslagomstandigheden: koele, geventileerde, droge en geurvrije omgeving.
  • Houdbaarheid: 3 jaar
  • Effectiviteit: verlicht angst, stabiliseert abnormale emoties, kan traditionele traditionele sigaretten vervangen en bevat geen verslavende ingrediënten.
  • 100% natuurlijk, 100% tabaksvrij, 100% nicotinevrij
Eigenschap Beschrijving
Smaak Chocolade
Nicotine Geen
Tabak Geen
Ingrediënten Groene thee, chrysant, zoethout en andere natuurlijke bloemen
Effectiviteit Verlicht angst, stabiliseert emoties

Sigaretten zijn gemaakt van ons klassieke kruidenmengsel. Een traditionele sigaretten met een bruine filtertip. Het heeft geen identificerend logo of band. Een universele sigaretten die in allerlei producties kan worden gebruikt.

labels:

Zie ook: