Help, je dreumes wil niet eten! Herken je dit? Zonder duidelijke oorzaak kan je kleine opeens de hele dag alles weigeren wat je voorschotelt. Is dat erg? Nee hoor.

Soms gaat een kind door een ‘moeilijke fase’ met eten waardoor je dreumes op dat moment te weinig eet, maar dat is vaak maar een korte periode. Het is heel passend als je kind een dag of enkele dagen minder of nauwelijks avond eet. Als je kind bijvoorbeeld ziek wordt, is of is geweest, dan heeft dit grote invloed op het eetpatroon.

Problemen met eten komt bij bijna de helft van alle kinderen onder de 5 jaar voor. Het ene kind wil niet eten of eet heel weinig, sommige kinderen eten alleen brood, anderen willen geen groente eten en weer andere kinderen eten alleen één soort fruit of alleen yoghurt. In bijna alle gevallen gaan eetproblemen ook weer over. Het niet willen eten of veel niet lusten is bijna altijd een fase. Verreweg de meeste kinderen ontwikkelen zich normaal. Na de peuterfase gaan de meeste kinderen weer beter eten.

Als jouw kind niet wil eten, dan ben je dus zeker niet de enige ouder die hier dagelijks mee te maken heeft. Maar dat maakt het niet minder frustrerend. Eten is van levensbelang en je wilt dat je kind gezond is en goed groeit. Er is zeker iets wat je kan doen. In dit artikel vind je verschillende tips over hoe je ermee kan omgaan als je peuter of kleuter niet wil eten.

Waar ligt het aan?

Er zijn veel verschillende oorzaken voor problemen met eten. Ten eerste is het goed om te bedenken of het te maken kan hebben met een lichamelijk probleem, zoals een allergie, darmproblemen of een afwijking aan de slokdarm. Logisch dat je kind niet wil eten als het hier last van heeft. Maar al die andere kinderen dan? Waarom hebben zij zoveel moeite met eten?

Ook andere factoren zoals de nee-fase, spanningen thuis of de opvoedstijl van ouders spelen een rol. Iedereen wordt geboren met interne signalen die aangeven hoeveel eten je nodig hebt. Een kind weet dus zelf het beste wanneer het honger heeft en wanneer het genoeg gehad heeft. Na het eerste jaar groeien kinderen minder snel en daardoor hebben ze ook minder behoefte aan eten. Dit is wennen. Je kind is groter, maar eet minder.

In alle gevallen werkt het niet om te dwingen, maar om je kind te leren luisteren naar de signalen van z’n eigen lichaam. Als je kind goed kan luisteren naar z’n eigen signalen, dan zal hij daar de rest van zijn leven baat bij hebben. Kinderen zullen dan gezondere eetgewoontes ontwikkelen.

Veel peuters hebben eetproblemen. Ze weigeren te eten, of ze willen plotseling iets niet meer eten wat ze eerst heerlijk vonden. Ze gooien jouw zelfgemaakte maaltijd zo van tafel. En dat terwijl je je best hebt gedaan om iets lekkers voor ze te koken. Dit heeft allemaal te maken met de psychologische ontwikkeling van peuters. Peuters ontdekken dat ze een eigen individu zijn en daardoor willen ze graag alles zelf doen. Omdat eten zo belangrijk is, kan dit al snel tot een machtsstrijd leiden.

Stel je voor: jij als ouder vindt dat je kind moet eten, maar je kind weigert. Als ouder zul je deze strijd altijd verliezen. Je kunt nu eenmaal geen eten naar binnen krijgen als je kind zijn mond stijf dicht houdt. Je kan je kind niet dwingen om te slikken. Dwingen en dreigen werken averechts. Er ontstaat een gespannen sfeer en dan ben je nog verder van huis.

Merk je dat het langer aan de orde is? Dan is het tijd om dit eetgedrag te doorbreken. Zo weten we dat bij de kieskeurige eetfase van een dreumes of peuter de manier hoe je als ouder omgaat met dit gedrag invloed heeft op de duur en intensiteit van deze eetfase.

Tips om het Eten te Stimuleren

Wat kun je wel doen als je kind niet eet? Hoe ga je hiermee om?

  1. Creëer een rustige en ontspannen sfeer: Probeer een rustige en ontspannen sfeer te creëren. Veel leuke spelletjes zijn online beschikbaar zodat het proeven van nieuwe of onaangename smaken leuker en makkelijker wordt.
  2. Geef je kind de regie terug: ”Zelluf doen” is ook echt dreumes gedrag. Wat hierbij kan helpen is je kleine zelf de regie weer terug geven. Bied kleine stukjes aan die je kindje zelf kan pakken of geef kinderbestek.
  3. Wees alert op lichamelijke oorzaken: Een zere mond, keel of buik kan zorgen dat je dreumes niet wilt eten. Laat je kind wijzen naar een zere plek of check in de binnenkant van de mond op blaasjes of wondjes. Op het moment dat je kind ziek is, buikpijn heeft of zich gewoon niet lekker voelt, dan is het lichaam op dat moment druk bezig te herstellen.

Eet op gezette tijden en hou daarbij rekening met eventuele middagslaapjes. Naast de drie hoofdmaaltijden als ontbijt, lunch en avondeten, kun je je kind nog twee à drie gezonde tussendoortjes geven als een soepstengel, fruit of rozijntjes. Eet ’s avonds niet te laat.

De meeste kleine kinderen hebben rond zes uur echt zin in eten. Als je veel langer wacht met het avondeten, dan raakt hij misschien over zijn honger heen. Bovendien is het niet lekker om met een volle maag te gaan slapen. Het is dus prettiger als hij zijn avondeten nog even kan verteren voordat hij naar bed gaat.

Maak van de maaltijden een feestje! Grote kans dat als het gezellig is aan tafel dat jouw dreumes meer eet. Je kunt het eten op een leuke manier presenteren. Maak bijvoorbeeld een gezichtje van de aardappelen, vlees en groenten. De twee aardappelen zijn de ogen, het stukje vlees is de neus en de groenten vormen een grote glimlach.

Respecteer de voorkeuren van je kind en hou er zo veel mogelijk rekening mee. Je hoeft niet apart voor hem te koken, maar als je weet dat hij niets van spinazie moet hebben, terwijl broccoli er zonder pardon ingaat, dan kun je in een periode dat hij al wat moeilijker met eten is, beter geen spinazie voorschotelen. Je kunt het hem wel zo nu en dan aanbieden, want de smaak van kinderen verandert nog. Wat hij nu niet lust, is straks misschien zijn lievelingskostje!

Kinderen kunnen angstig worden als ze niet precies zien wat er op hun bord ligt. Geef controle aan je kind binnen jouw kaders: laat zelf bestek vasthouden, zelf een bordje uitkiezen, zelf bepalen op welke dag er iets nieuws geproefd wordt en hoeveel hapjes. Wees duidelijk en consequent: hierdoor weet je kind waar het aan toe is. Een vaste routine helpt hierbij. Voorspelbaarheid betekent minder angst.

Door maaltijdmomenten te observeren kun je veel leren over het gedrag van je kind en de oorzaak van het eetgedrag. Schrijf alles op wat je opvalt, zoals het tijdstip waarop jullie eten, wat jullie eten en waar jullie eten. Maar let ook op de onderstaande signalen van je kind.

De Belangrijkste Regels

De belangrijkste regel hierbij is dan ook: “Jij bepaalt wat en wanneer je kind eet, je kind bepaalt hoeveel hij eet.” Zorg verder voor een positieve sfeer aan tafel, regelmaat in de eetmomenten en betrek je kind bij het eten. Laat je kind eten ontdekken en proeven.

Je kind krijgt dus voor een groot deel zelf de controle over het eten. Doordat je kind deze controle krijgt, zal er minder strijd ontstaan en is er minder kans op eetstoornissen op latere leeftijd. Wat jij als ouder kan doen, is zorgen voor regelmaat en gezond eten. Jij bepaalt de eetmomenten en wat je kind te eten krijgt. Wacht zo lang mogelijk met het geven van snoepjes en zoetigheid.

Het is niet nodig om met een jong kind al naar een fastfoodrestaurant te gaan. Maak voor je peuter of kleuter ook geen apart eten klaar, maar laat hem mee eten met de rest van het gezin. Zorg dat dit eten gezond en gevarieerd is. En het allerbelangrijkste: je kind krijgt controle over wat hij eet.

Alle kinderen gaan wel door een fase waarin ze erg kieskeurig zijn en alleen willen eten wat ze al kennen. Biologisch gezien is dit logisch. Heel vroeger was het van levensbelang om alleen te eten wat je kende, anders kon je jezelf vergiftigen.

Praktische Tips voor een Fijne Eetsfeer

  1. Creëer een fijne sfeer aan tafel: Laat een maaltijd een gezellig, positief moment zijn. Ga samen aan tafel zitten en geef positieve aandacht. Praat over leuke dingen (ook iets anders dan over het eten), lach samen en geniet van het eten. Bespreek niet alleen volwassen zaken, want dat is saai voor kinderen. Zie het als een fijn moment van samen zijn met het gezin.
  2. Zorg voor regelmaat: Bied regelmaat in de eetmomenten op een dag. Een uitgerust kind eet beter. Is je kind vaak te moe om te eten, bekijk dan of je eettijden kan vervroegen. Laat je kind duidelijk weten wanneer je gaat eten, zodat hij of zij zich hierop kan voorbereiden en niet plotseling het speelgoed uit z’n handen moet laten vallen. Zorg voor rituelen, zodat je kind weet waar het aan toe is.
  3. Respecteer de autonomie van je kind: Je kind is de enige die kan voelen of hij vol zit of honger heeft. Zelfs een heel jong baby’tje kan dit al voelen. Laat je kind bepalen en dwing nooit. Ga ervan uit dat je kind zelf kan bepalen hoeveel eten het nodig heeft. Geef kleine porties. Wat ook goed kan werken is om je kind steeds zelf kleine hapjes op te laten scheppen. De winst is dat zijn bordje steeds weer leeg is (dat voelt goed) en je geeft je kind op deze manier veel controle.
  4. Betrek kinderen bij het eten: Kinderen vinden het leuk om mee te helpen met koken of mee te kijken. Ze voelen zich dan meer betrokken bij het eten. Neem ze mee boodschappen halen en laat ze een groente kiezen. Leg ze uit waar het eten vandaan komt en laat ze in de pan kijken. Hiernaast werkt het goed om je kind te laten helpen met koken. Dit kan al bij jonge kinderen door ze in de pan te laten roeren, het deeg te kneden of de sla te wassen. Bedankt ze voor hun hulp.
  5. Laat kinderen het eten ontdekken: Jonge kinderen ontdekken de wereld nog veel met hun tast. Laat je kind het eten voelen met z’n handen. Ze zijn geïnteresseerd in verschillende structuren. Het is goed om bij deze nieuwsgierigheid aan te sluiten en ze het eten zelf te laten voelen en ontdekken.
  6. Blijf nieuwe smaken aanbieden: Wist je dat mensen ongeveer 10x moeten wennen aan een nieuwe smaak? Kinderen dus ook. Als ze iets voor de eerste keer eten, is het dus normaal dat ze het niet lekker vinden. Het is juist belangrijk om dan door te zetten en ze meerdere keren hetzelfde te laten proeven. Combineer nieuwe dingen met iets wat ze lekker vinden.
  7. Eet samen: Door samen te eten creëer je een rustige sfeer en een goed voorbeeld. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat kinderen die samen aan tafel eten, later gezondere eetgewoontes hebben. Jonge kinderen zijn snel afgeleid en kunnen moeite hebben met eten en tegelijkertijd tv te kijken. Of met telefoons die afgaan of waarop geappt wordt. Zorg voor een rustige omgeving, zodat je kind zich kan focussen op het eten in plaats van op andere dingen. Geef het goede voorbeeld. Als jij geen groente eet, waarom zou je kind het dan wel doen?
  8. Maak je niet te druk: Hoe moeilijk het misschien ook is, maak je niet druk over hoeveel je kind eet. Een kind hongert zichzelf niet uit. Als een kind honger heeft, gaat het vanzelf weer eten. Vertrouw daarop. Een peuter heeft minder eten nodig dan een baby, want ze groeien lichamelijk veel minder hard. Ondanks dat hun lichaam groter is, is het normaal dat ze minder eten. Een kind heeft al snel voldoende voedingsstoffen binnen. Veel jonge kinderen eten de ene dag heel veel en de andere dag maar een klein beetje. Eén avond helemaal niks eten is echt niet erg.

Zolang je kindje alert en vrolijk is en normaal groeit, is er niets aan de hand. Anders wordt het als je kindje gaat afvallen.

Mocht het niet lukken, je dreumes wil echt niet eten, dan is dat voor een dagje geen probleem. Drinken is het belangrijkste, dus zorg dat er een flesje of glas water voor het grijpen is. Twijfel je toch of vind je het te lang duren?

Eet je kind weinig en twijfel je of die wel goed groeit? Neem dan contact op met het consultatiebureau om dit te bespreken.

Zorg er in ieder geval voor dat je dreumes uit de verschillende voedingsschijven producten eet. Zo krijgt hij toch alle vitaminen en voedingsstoffen binnen die hij nodig heeft om te groeien en komt je dreumes met eten niets te kort.

Werkt je kind met lange tanden drie doperwten naar binnen en merk jij dat je geïrriteerd raakt? Probeer dan toch rustig te blijven. Bied je kind gezonde dingen aan, maar laat je kind bepalen hoeveel hij eet.

Kinderen hebben soms een slechte dag. Laat los hoeveel er gegeten wordt of dat er iets nieuws geproefd moet worden. Geef geen ander eten als daarom gevraagd wordt. Kinderen onthouden dit en zullen dat later opnieuw vragen.

Zie jij een patroon bij je kind? Bijvoorbeeld: op elke dinsdag is je kind erg moe van twee lange dagen opvang of school achter elkaar? Zorg dan dat je iets klaarmaakt op de dinsdagen wat je kind lekker vindt.

Als je kind goed kan luisteren naar z’n eigen signalen, dan zal hij daar de rest van zijn leven baat bij hebben. Kinderen zullen dan gezondere eetgewoontes ontwikkelen.

Ieder kind ontwikkelt de behoefte om dingen zelf te doen. Dat hoort bij het proces van zelfstandig worden. Sommige kinderen voelen die behoefte al heel vroeg of heel sterk. Andere kinderen vinden het wel makkelijk als anderen alles voor ze doen. Als jouw kind alles graag zelf wil doen, geldt dat waarschijnlijk ook voor het eten. Je kind wil dan veel helpen tijdens het koken, het opscheppen en zelf eten. Ook als dat nog niet altijd lukt of goed gaat. Zodra jij het overneemt kan er strijd ontstaan.

Zorg dat je kind gedurende de dag veel kans krijgt om dingen zelf te doen. Dan wordt het makkelijker voor je kind om het soms ook los te laten. Je kunt je kind op allerlei manieren controle geven, binnen jouw kaders. Probeer wat werkt voor jullie.

Kinderen zijn van nature voorzichtiger en soms angstiger waardoor ze niet meer alles in de mond stoppen. Tafel is dat alleen wat minder handig, want kinderen kunnen echt bang zijn voor onbekend eten. Timing is belangrijk: iets nieuws proeven lukt alleen als je kind positieve signalen laat zien. Bied altijd iets aan bij de maaltijd dat bekend is en veilig voelt. Bied niets anders aan als je kind daarom vraagt of niet veel wil eten.

Werk met kleine stappen: elke aanraking met eten is van belang. Denk aan kijken, ruiken, likken en een knuffel voeren. Laat je kind het tempo bepalen. Schep kleine porties op, dat ziet er overzichtelijk uit voor je kind. Gebruik een vakjesbord.

labels:

Zie ook: