Een weelderige, productieve moestuin begint bij de basis: een gezonde, voedzame bodem. Moestuin mest speelt een cruciale rol in de gezondheid en productiviteit van je moestuin. Planten in je moestuin moeten in een relatief korte periode veel presteren en vruchten produceren die wij oogsten. Het is van belang dat deze voedingsstoffen, zoals stikstof, fosfor en kalium, regelmatig worden aangevuld om uitputting van de bodem te voorkomen en de groei en gezondheid van de planten te ondersteunen.
Waarom je een Moestuin Moet Bemesten
Planten halen voedingsstoffen om te groeien en bloeien voor een groot deel uit de bodem. Door te bemesten houd je de grond gezond en vruchtbaar. Bemesten helpt je planten sterk en gezond te blijven. Hierdoor groeien je planten beter en is je uiteindelijke oogst groter. Ook verbetert het de grootte, smaak en kwaliteit van je groenten en fruit.
Waarom heb je meststoffen nodig? Groenten en kruiden halen voedingsstoffen uit de bodem. Die hebben ze nodig om te kunnen groeien. De meeste grondsoorten voor moestuinbakken, moestuintafels en potten bevatten genoeg voeding voor zo’n drie tot vier maanden. Dat betekent dat als je in maart begint, je in juli nieuwe voedingsstoffen aan de grond moet toevoegen. Doe je dat niet, dan wordt de aarde steeds armer en kan uitgeput raken. En dat gaat natuurlijk ten koste van de kwaliteit van je oogst.
Met meststoffen voeg je voedingsstoffen toe aan de aarde. Zo verbeter je de vruchtbaarheid van de grond. De belangrijkste voedingsstoffen zijn stikstof (N), fosfaat (P2O5) en kali (K2O). Planten nemen deze elementen op als ze groeien. Daarnaast bevat goede grond ook calcium, magnesium, zwavel en sporenelementen zoals koper, mangaan, boor, zink en ijzer. De planten nemen er niet veel van op, maar ze hebben het wel nodig. Elk element heeft namelijk zijn een unieke functie tijdens de groei van de plant.
Als de grond niet genoeg voeding heeft, dan zie je dat aan de planten. Zit er te weinig stikstof in de grond, dan zijn de bladeren kleiner en wat geler van kleur. Te weinig kalium zorgt ervoor dat de bladeren bruine randen krijgen. Grond met te weinig sulfaat heeft een effect op de wortels van de plant. En je ziet het doordat de bladeren een paarse kleur krijgen.
Voedingsstoffen aanvullen: als planten groeien en vruchten produceren, onttrekken ze voedingsstoffen aan de bodem die essentieel zijn voor hun ontwikkeling.
Optimalisatie van de zuurgraad: de zuurgraad van de bodem beïnvloedt de opname van voedingsstoffen door planten. Een te zure bodem kan de opname van voedingsstoffen belemmeren. Test regelmatig de zuurgraad en pas deze waar nodig aan, zodat je planten de voedingsstoffen effectief kunnen opnemen.
Stimulatie van groei en opbrengst: regelmatige bemesting stimuleert de groei van planten.
Weerstand tegen ziekten en plagen: goedbemeste planten zijn over het algemeen gezonder en beter bestand tegen ziekten en plagen.
Door je moestuin voldoende te bemesten, draag je ook bij aan duurzamer tuinieren.
Soorten Moestuinmest
Wil jij je eigen moestuin beginnen? Dan is het goed om te weten welke voeding je het beste kunt gebruiken. In de wereld van moestuin mest er grofweg drie soorten meststoffen die men kan gebruiken: compost, organische mest en kunstmest.
Compost
Compost ontstaat door het natuurlijke afbraakproces van organisch materiaal, zoals plantenresten en voedselafval. Als je in je moestuin compost gebruikt, stimuleert dat het bodemleven. Dit draagt bij aan een gezondere plantengroei en een betere vochtretentie in de bodem. Het is vooral nuttig voor het verbeteren van de structuur van zowel zand- als kleigronden, waardoor deze beter water en voedingsstoffen kunnen vasthouden.
Organische Mest
Organische meststoffen zijn afkomstig van natuurlijke bronnen zoals dierlijke uitwerpselen (bijvoorbeeld kippenmest, koemest) en plantenmaterialen (zoals groenbemesters). Ze geven hun voedingsstoffen geleidelijk af, wat de kans op uitspoeling van voedingsstoffen vermindert en zorgt voor een stabiele groei van planten.
Wil je je grond extra voeding geven, dan kun je kiezen voor organische - en kunstmatige meststoffen. We gaan er voor het gemak vanuit dat jij kiest voor organische meststoffen. Organische mest heeft verschillende voordelen. De mest geeft de voedingsstoffen geleidelijk af aan de grond, waardoor jouw planten langer de tijd hebben om deze op te nemen. Hierdoor is de kans ook kleiner dat de meststoffen ‘wegspoelen’ en in het (grond)water terecht komen. En het resultaat is ook beter. Onder organische mest vallen o.a. dierlijke mest en compost.
Dierlijke Mest
Dierlijke meststoffen zijn eigenlijk niets anders dan poep van dieren, vermengt met stro. Vooral stalmest van koeien wordt vaak gebruikt voor moestuinen. Dat is mest die heel lang de tijd heeft gekregen om te verteren. Tijdens deze vertering komen belangrijke voedingsstoffen vrij. Er bestaat ook mest van kippen- of paardenpoep.
Als je kippenmest in de moestuin wilt gebruiken of paardenmest voor de moestuin bewaard, kun je dit het beste in de herfst gebruiken. Stalmest is qua samenstelling vrij intens.
Kunstmest
Kunstmest, ook bekend als minerale mest, bestaat uit synthetisch vervaardigde voedingsstoffen die snel beschikbaar zijn voor de planten. Het gebruik van kunstmest leidt mogelijk tot een overvloed aan voedingsstoffen. Dit kan een ontwrichting in het ecosysteem veroorzaken.
Wanneer Moet je Bemesten?
Je moestuin bemesten, doe je idealiter tweemaal per jaar: in het voorjaar en in het najaar. In het voorjaar, rond maart of april, wanneer de planten ontwaken uit hun winterslaap, hebben ze essentiële voedingsstoffen nodig om krachtig te kunnen groeien. Een tweede bemestingsronde in het najaar helpt de planten om voedingsstoffen op te slaan die ze gedurende de winter kunnen gebruiken.
Direct bij het planten van nieuwe gewassen, meestal tussen april en mei, is het aan te raden om je moestuin te bemesten. Voor specifieke planten, zoals eenjarige gewassen, is het zelfs aan te raden om een extra bemesting in juni toe te passen. Let altijd op de specifieke behoeften van je gewassen en pas de bemestingsfrequentie hierop aan.
Het najaar is de ideale periode om na te denken over het nieuwe moestuinseizoen. Wanneer ga je beginnen, met welke zaden en met welke grond?
Hoe Moet je Bemesten?
Begin met het verwijderen van onkruid en stenen. Spit de grond daarna om en meng de bodemverbeteraars, zoals compost en bemeste tuinaarde, grondig door de bovenlaag. Een laag van 5 tot 10 cm compost, gemengd met de bovenste laag grond, voorziet je moestuin van een rijke basis vol voedingsstoffen.
Na de voorbereiding van de bodem is het tijd om de meststoffen toe te passen. Gebruik een speciale moestuin mest en strooi deze gelijkmatig uit over de grond. Werk de meststoffen oppervlakkig in met een hark of cultivator. Na het inwerken van de meststoffen is het belangrijk om de grond goed te onderhouden.
7 Bemestingstips
Je weet nu wat de voordelen zijn van goede grond, maar hoe gebruik je de mest? We geven je 7 tips.
- Bemest jouw moestuin of moestuinbakken met een jaarlijkse basisgift. Geef de bak van de wortels en uien (en witlof) iets minder, en de bak van de vruchten, bladgroenten en koolgewassen wat meer.
- Bonen en erwten leven in symbiose met de Rhizobium-bacteriën en zijn in staat om stikstof uit de lucht te binden. Op deze manier verrijken ze de grond met stikstof en daarom is het niet nodig om deze moestuin(bak) te voorzien van een stikstofhoudende meststof.
- Maak eens brandnetelgier. Brandnetelblad bevat veel stikstof wat vrijkomt als het blad afbreekt in water. Dat water kun je vervolgens gebruik om snelgroeiende planten tijdens het seizoen bij te mesten.
- Veel vruchtgroenten en kolen hebben veel meststoffen nodig. Logisch want ze moeten ook aardig hard werken om die mooie vruchten of kolen voor jou te produceren. Zo zijn tomaten, courgette, pompoenen, komkommers, pepers, paprika’s en kolen dol op wat extra mest.
- Geef nooit te veel mest, overvoeren is niet gezond.
- Groenten die onder de grond groeien hebben meestal niet veel mest nodig. Om hun knol, bol of wortel lekker te laten groeien hebben ze wel iets anders nodig: kali. Voor een grote opbrengst geef je ui, knoflook, prei, bieten en wortelen dus halverwege het seizoen een handje kali (oftewel kalium).
- Teelt je op zuurdere grond? Dan kan het zijn dat sommige groentes het wat minder goed doen. Kolen houden bijvoorbeeld van een iets meer basische grond (het tegenovergestelde van zuur). Dat kun je prima oplossen door voor het planten of zaaien wat kalk door moestuin(tafel) te mengen.
Specifieke Behoeften van Gewassen
Sommige groentes zijn ontzettend makkelijk. Je zaait ze en hebt er geen omkijken meer naar. Ze zijn tevreden met een beetje compost en wat water bij droogte. Andere groentes zijn wat meer verwend en eisen af en toe een lekker hapje met extra voedingsstoffen.
Veel vruchtgroenten en kolen zijn behoorlijke veelvraten. Logisch want ze moeten ook aardig hard werken om die mooie vruchten of kolen voor jou te produceren. Deze groenten maak je blij met extra mest, zeker op het moment dat ze vruchten gaan maken. Maar ook tijdens de groei van de vruchten of kolen kun je ze tussendoor nog af en toe een klein handje geven.
Welk groenten zijn dol op wat extra mest in de moestuin? Zelf heb ik mijn komkommer, tomaat, peper en paprika in pot staan.
Groenten Onder de Grond
Groenten die onder de grond groeien hebben meestal niet veel mest nodig (aardappels overigens weer wel). Met een beetje compost zijn ze tevreden. Om hun knol, bol of wortel lekker te laten groeien hebben ze wel iets anders nodig: kali (oftewel kalium). Wil je een grote opbrengst? Heeft je radijs vooral veel loof en geen knolletjes? Probeer dan eens of wat kali helpt.
Grondsoort en Kalk
Teelt je op wat zuurdere grond? Dan kan het zijn dat sommige groentes het wat minder goed doen. Kolen houden bijvoorbeeld van een iets meer basische of alkalische grond (het tegenovergestelde van zuur). Dat kun je prima oplossen door-voordat je ze uitplant of zaait- wat kalk door je grond te mengen. Ik heb dat vorig jaar voor het eerst gedaan en mijn spruiten, boerenkool en broccoli groeiden als kool!
Belangrijke Voedingsstoffen en Hun Functies
De belangrijkste bouwstoffen voor je moestuinplanten zijn stikstof, fosfor en kalium. Op de verpakking van je mest zie je dit vaak terug als NPK met daaronder cijfers. Deze cijfers geven aan hoeveel procent van deze voedingsstoffen erin zit.
- Stikstof (N): Zorgt voor een goede groei van de plant. Een tekort kan leiden tot gele bladeren en een achterblijvende groei en opbrengst.
- Fosfor (P): Geeft je plant energie en speelt een belangrijke rol bij de wortelontwikkeling. Het bevordert de groei van de plant en de knolvorming bij knolgewassen. Bij een tekort kun je al vroeg een paarse verkleuring van het blad waarnemen.
- Kalium (K): Zorgt ervoor dat de wortels beter water opnemen en voorkomt dat de bladeren te veel vocht verliezen. Hierdoor zijn je planten beter beschermd tegen kou en droogte. Ook zorgt kali voor een goede bewaarbaarheid van het geoogste gewas.
Vaak zit er in moestuinmest ook magnesium en ijzer. Magnesium speelt een rol bij het omzetten van licht in energie. En ijzer zorgt voor de aanmaak van nieuwe bladeren.
Praktische Tips voor het Bemesten
- Gebruik liever geen kunstmest. Hoewel het snel werkt, is het effect van korte duur.
- Strooi de week voordat je gaat bemesten wat koemestkorrels in je moestuin. Je planten kunnen hierdoor de voedingsstoffen beter uit de bodem halen.
Extra Bemesting Tijdens het Seizoen
Na verloop van tijd is de meststof uit de grond. En is het tijd om opnieuw wat mest toe te voegen. De maand juni is een mooi moment hiervoor. Dan gaan veel warme groenten de grond in. Denk aan komkommers, tomaten en paprika's.
Ga je in het najaar spinazie, veldsla of een andere wintergroente kweken? Dan is het ook belangrijk om te bemesten.
Hoeveel Meststof Heb Je Nodig?
Hoeveel meststof je nodig hebt, hangt af van hoe groot je moestuin is, de staat van je bodem en het type gewassen dat je verbouwt. Op de verpakking staat hoeveel mest je nodig hebt per vierkante meter. Verdeel de mest gelijkmatig over je moestuin. Het liefst vanuit twee richtingen haaks over elkaar.
Omgaan Met Dierlijke Mest en Compost
Als je toegang hebt tot dierlijke mest, zoals koe-, geiten-, paarden- of kippenmest via een boer in de buurt, is dat ideaal. Veel moestuinverenigingen kopen gezamenlijk dierlijke mest en/of compost in, waar je vaak ook gebruik van kunt maken.
Let bij het werken met mest goed op dat deze goed verteerd is voordat je deze in het voorjaar opbrengt. Goede verteerde mest is rul en donker, bevat geen zichtbare gewasresten en stinkt niet naar rotte eieren. Te verse mest kan juist stikstof aan de bodem onttrekken, waardoor deze tijdelijk niet beschikbaar is voor je gewassen.
Als je geen dierlijke mest kunt verkrijgen, is compost een goed alternatief, mits het van goede kwaliteit is. Compost is te koop in zakken bij tuincentra en boerenbonden - bij voorkeur biologisch en liever geen GFT-compost, omdat de kwaliteit hiervan sterk kan variëren.
Een andere waardevolle optie is wormenmest, die je eenvoudig zelf kunt produceren met een wormentoren of kunt aanschaffen bij gespecialiseerde kwekerijen.
Bemestingsschema per Gewas
Samenvattend: ieder gewas vraagt zijn eigen hoeveelheid bemesting. En het is niet zo dat hoe meer je bemest, hoe beter je planten zich ontwikkelen. Tegelijkertijd moet het natuurlijk wel werkbaar blijven in de moestuin. Hoe pak je dat dan aan?
Spinazie, bijvoorbeeld, is een snelle en explosieve teelt die in korte tijd veel stikstof en kali nodig heeft. In dit geval kun je het beste een paar weken voor de teelt een snelwerkende meststof geven. Snelwerkend betekent dat de voedingsstoffen snel vrijkomen en direct beschikbaar zijn voor de plant. Een voorbeeld hiervan is droge kippenmest of kippenmestkorrels, die bij de meeste tuincentra verkrijgbaar zijn.
Bij wortels is het een ander verhaal. Wortels groeien langzaam en nemen gedurende het hele groeiseizoen geleidelijk voedingsstoffen op. Hiervoor kun je beter kiezen voor een meststof die langzaam vrijkomt, zoals goed verteerde paardenmest. De voedingsstoffen komen geleidelijk vrij, waardoor de wortels het hele seizoen door gevoed worden.
We adviseren om je tuin met een jaarlijkse basisgift te bemesten, en het vak van je peen en uien (en witlof) iets minder te geven, en het vak van je vrucht, blad en koolgewassen wat meer. Je hebt ook nog de zogenaamde vlinderbloemigen gewassen (bonen, erwten). Vlinderbloemigen leven in symbiose met Rhizobium-bacteriën en deze zijn in staat om stikstof uit de lucht te binden.
Gewassen die heel snel groeien kan je extra bemesten met snelwerkende mest (korrels) of vloeibare meststoffen. De hoeveelheid mest die je opbrengst per vierkante meter hangt af van het type mest. Als je deze koopt bij een tuincentra kan je de instructies aanhouden. Bij koemest kan je ongeveer aanhouden dat je een standaard kruiwagen zonder kop (ca. 30 kg) ongeveer 8 vierkante meter kan bemesten.
labels:
Zie ook:
- Stoofvlees met Rijst en Groenten: Het Perfecte Recept!
- Welke groenten passen bij de BBQ? Tips & lekkere recepten!
- Recept Kalkoenfilet met Groenten: Gezond, Lekker & Eenvoudig!
- BBQ Groot Stuk Vlees: Tips & Recepten voor de Perfecte Bereiding
- Mooie Taart Maken: Tips & Inspiratie voor Prachtige Taarten




