Herman Kochs roman "Het Diner" heeft een massaal succes gekend, ook bij de critici. De roman is goed geschreven, toegankelijk, spannend, geestig en het gaat ook nog ergens over. Ook over de compositie geen klachten.
Het hele verhaal beslaat één diner in een zogenaamd “toprestaurant”. Dat is overzichtelijk en grappig, met als rode draad de hedendaagse idioterie van zulke restaurants. Als satire misschien niet erg origineel, maar wel zeer herkenbaar. Toch vind ik het op een onbegrijpelijke manier mislukt, een schim van wat het had kunnen zijn.
Thematiek en Pijnlijke Vragen
Waar we het over moeten hebben, dat is over de thematiek. Daar ligt het probleem en wat mij betreft de bron van de mislukking. Het diner dringt de lezer een pijnlijke vraag op: wat doe je als ouder wanneer je ontdekt dat je zoon van vijftien een moordenaar is, een pleger van zinloos geweld die daar nog lol aan beleeft ook? Wat doe je als je erachter komt dat je kind een “monster” is?
Ik vermoed dat hier ook de bron van het succes ligt. Het lezerspubliek bestaat vooral uit ouders (want de jeugd “leest niet meer”), in meerderheid moeders, voor wie dit thema hun ergste nachtmerrie belichaamt. Dit kan iedereen overkomen, de rillingen lopen je over de rug bij de gedachte alleen al.
Maar het idiote is, en daarom komen succes en mislukking uit dezelfde bron: zoals Koch zijn thema presenteert, kan het juist niet iedereen overkomen. De kans dat iemand overkomt wat Paul en Claire overkomt, de ouders van de raddraaier van het tweetal dat uit baldadigheid een zwerfster heeft gedood, is zelfs minimaal.
Wat is namelijk het geval? De gewelddadigheid van hun zoon Michel blijkt het gevolg van een vreselijke - niet bij name genoemde - erfelijke ziekte. Vader Paul, zo wordt gaandeweg op vakkundige wijze onthuld, gedraagt zich bij gelegenheid al even gestoord en gewelddadig. Vader en zoon zijn allebei “monsters”.
Weg twijfel, weg martelende onzekerheid. En weg spanning - behalve dan de oppervlakkige spanning van de gemiddelde thriller. Zonder erfelijke ziekte kan zich een heel scala van lastige vragen aandienen, met de vraag naar een eventuele erfelijke afwijking als een van de mogelijkheden.
Heeft het aan de opvoeding gelegen? Is het huwelijk liefdeloos? Hadden we toch die andere school moeten kiezen? Is het wel mijn kind? Et cetera.
Corruptie en Erfelijkheid
Een mooi gegeven is dat zowel vader Paul als moeder Claire hun zoon hebben herkend op de video van Opsporing Verzocht, zonder het tegen elkaar te zeggen. Alle gelegenheid dus voor een dieptepeiling naar wat er met een echtpaar kan gebeuren dat bij zo’n calamiteit begint met elkaar te ontzien.
De corruptie sluipt al meteen in hun relatie. Maar de keuze voor een erfelijke ziekte en twee “monsters” haalt bij voorbaat de angel uit het verhaal. De leesclubs die Het diner uitkiezen kunnen het eigenlijk nog alleen hebben over de reactie van moeder Claire, die ook zonder erfelijke ziekte voor niets terugdeinst om haar gezin te verdedigen.
Zijn alle moeders zulke monsters van liefde? Het is een uitnodiging tot eindeloze introspectie, zou ik zeggen, met discussie na. Maar in de roman wordt er bijna niets over gezegd. Pas uit de ontknoping blijkt wat voor vlees we in de kuip hebben; tot die tijd maken we met Claire kennis via de liefdevolle, zij het niet erg betrouwbare blik van vader Paul, die als verteller optreedt.
Monsters nemen kennelijk geen monsters waar. Dat is leuk voor de plot, Koch zet de lezer op het verkeerde been. Maar zodra dat voorbij is, krijgen we zoveel vaste grond onder de voeten dat er nauwelijks vragen over blijven.
Vruchtwateronderzoek en Karakter
Achteraf blijkt dat Claire, buiten medeweten van Paul, een vruchtwateronderzoek heeft laten doen vóór de geboorte van zoon Michel. Waarom, dat is onduidelijk. Om te weten of het een jongen of meisje zou worden?
Als Paul in het laatste hoofdstuk het formulier met de uitslag ontdekt, blijkt dat de erfelijke ziekte daarop aangegeven staat, althans dat wordt gesuggereerd. Maar is dat niet vreemd? Claire kon op dat moment nog niet weten dat haar man zo’n erfelijke ziekte had; dat wordt pas duidelijk wanneer hij als leraar doordraait en op non-actief wordt gesteld - jaren na de geboorte van zijn zoon.
Claire is dus een moederdier. Een moederdier dat tot alles in staat is, als men haar kind te na komt. Wie identificeert zich nu met een gek? In Het diner komen we daar overigens pas zeer geleidelijk achter, want dat verteller Paul ernstig gestoord is wordt niet meteen onthuld.
Het Tweede Echtpaar
Blijft over het tweede echtpaar, Pauls broer Serge en diens vrouw Babette, de ouders van de andere dader, Rick, die wel last van zijn geweten zou hebben gekregen. Serge is een bekend politicus, zelfs de gedoodverfde nieuwe premier van het land, en hij heeft het hele diner georganiseerd om de kwestie eens en famille te bespreken.
Van buitenaf bezien is Serge de enige van het viertal die fatsoenlijk op de misdaad van hun kinderen reageert. Anders dan zijn echtgenote die het belangrijker vindt dat zij de vrouw van de nieuwe premier wordt, is Serge bereid er consequenties aan te verbinden die in zijn eigen nadeel uitvallen: hij wil terugtreden als lijsttrekker en ziet dus af van het premierschap dat hij al bijna in zijn zak heeft.
Dat is heel nobel, maar bij nader inzien ook een narrow escape voor de natie. Want, om een laatste onbegrijpelijk punt in Het diner te noemen, een premier die het in zijn hoofd haalt om zulke brisante materie te bespreken in een restaurant waar alle tafeltjes oren hebben, zou ik niet graag ’s lands staatsgeheimen toevertrouwen.
Satire en Werkelijkheid
Wie Het diner begint te lezen, zou kunnen denken dat het om een satirische roman gaat. In een later hoofdstuk wordt naar aanleiding van een bezoek aan het huis van Serge en Babette in de Dordogne het gedrag belachelijk gemaakt van Nederlanders die alles wat met Frankrijk te maken heeft ‘énig vinden’.
Maar in beide gevallen neemt het verhaal een onverwachte wending. Bij het voorgerecht ontspint zich een gesprek met de gerant over het woord ‘afgemaakt’ waarbij Paul zegt: ‘Ik weet dat dat niet betekent dat de olijven zijn “afgemaakt”. Zoals in “neergeknald” of “doodgeschoten”.’ Zulke gegevens ondersteunen de spanning die langzaam wordt opgebouwd.
De lezers weten dat er iets verborgen wordt gehouden, een geheim dat stukje bij beetje wordt onthuld. Heel vaak breekt ik-verteller Paul het verhaal af om pas veel later de informatie te geven waarop de lezers zitten te wachten.
Psychologische Roman en Betrouwbaarheid
Maar evenzeer heeft het boek trekken van een psychologische roman waarin motieven en houding van de vier volwassenen worden aangeduid. Hoofdpersoon is natuurlijk Paul, de ik-verteller. Zijn stemmingen, meningen, zijn ziekte, de afkeer van zijn broer en de liefde voor zijn zoon en zijn vrouw kleuren het hele verhaal.
Vanaf het begin lijkt het of hij zich rechtstreeks tot de lezers richt: ‘We gingen eten in het restaurant. Ik ga niet zeggen welk restaurant, want dan zit het er de volgende keer waarschijnlijk vol met mensen die komen kijken of wij er ook weer zitten.’ Met die zinnen wordt meteen een werkelijkheidsillusie opgeroepen.
Niettemin moet het een zorgvuldige lezer wel opvallen dat hij niet altijd eerlijk is. Een leugen, want hij heeft het apparaat in zijn zak gestoken om te controleren wat zijn zoon heeft opgeslagen en met wie hij contact heeft gehad.
Tegenover Claire verzwijgt hij informatie, hij doet of hij niets weet van wat er rond hem gaande is. Van de vier volwassenen kiest alleen zijn gehate broer voor de wet; hij moet als politicus aftreden omdat hij zich in die functie geen skelet in de kast kan veroorloven.
Het is Claire die haar zoon impliciet een vrijbrief geeft om Beau die hem chanteert te laten verdwijnen. En vervolgens verminkt ze het gezicht van haar zwager. Zo zorgt ze ervoor dat hun zoon niet in de gevangenis komt.
De slimheid van Paul ligt op een ander terrein: hij manipuleert het gezichtsveld van de lezers. Door zijn ogen zien we een broer die alleen maar als een irritante ijdeltuit wordt afgeschilderd.
Paul is een vlotte verteller die de lezers van het begin af aan bij het verhaal betrekt en met zijn ‘conferences’ over het gedrag van de obers in een chic restaurant en dweepzieke Hollanders in Frankrijk de lachers op zijn hand krijgt. Pas op het eind zullen die lezers zich realiseren dat ze in een dubieuze morele positie zijn gemanipuleerd.
Intertekstualiteit en Geluk
In de roman komen drie interessante gevallen van intertekstualiteit voor. En dat is precies de manier waarop Paul het incident interpreteert: ‘En toch was er iets gebeurd dat mij de hoop deed behouden op een explosie later op de avond.
Geeft het pistool-voorbeeld aan hoe de roman Het diner is gestructureerd, een ander citaat introduceert de thematiek van het boek. Voortdurend komt Paul op dat begrip ‘gelukkig gezin’ terug, in feite zijn al zijn handelingen (en die van Claire) erop gericht om het geluk van hun gezin te bewaren, tegen elke prijs.
Claire noemt het ‘de meest racistische film ooit gemaakt’: alleen aangepaste negers deugen. Claire destijds nog niets van de symptomen die Paul later zou vertonen. En ten tweede is niet duidelijk of Michel werkelijk aan dezelfde ziekte lijdt.
Zo is er ...
labels:




