Tim Krabbé, geboren in 1943, komt uit een creatieve familie. Hij begon als journalist, maar werd al snel schrijver. Krabbé heeft 28 boeken geschreven, waarvan er vier zijn verfilmd, waaronder zijn bekendste werk ‘Het Gouden Ei’.

Het Boek: Een Beklemmende Ervaring

‘Het Gouden Ei’ is een boek dat je als lezer direct opslokt. Net zoals het personage Saskia erover droomde, stapte ik tijdens het lezen in een gouden ei dat me ver weg van onze aardbodem bracht. Het boek is opgedeeld in 5 hoofdstukken en doorheen heel het verhaal is er sprake van een auctoriële verteller.

In 1993 won hij ook de Diepzee-prijs voor ‘Het Gouden ei’. De eerste verfilming hiervan, ‘Spoorloos’, won in 1988 zelfs het Gouden Kalf voor de beste Nederlandse film. Hollywood zag zijn kans en maakte een remake ‘The Vanishing’, die zoals de meeste overgenomen Hollywood films, helemaal niet zo goed was als het originele.

Het boek begint met Rex en Saskia, een zeer verliefd koppel, die op weg zijn naar het zuiden van Frankrijk. Saskia is spoorloos verdwenen. Bij een benzinestation besluiten ze even te stoppen om te tanken en Saskia gaat zelf even snel iets halen om te drinken, maar dit is het laatste moment dat Rex haar ooit nog zal zien.

Acht jaar later gaat Rex met zijn nieuwe vriendin op vakantie, maar wordt hij nog steeds gekweld door de verdwijning van Saskia. Hierdoor wordt hij benaderd door een zekere Raymond Lemorne, die hem meer lijkt te kunnen vertellen over wat er daadwerkelijk gebeurd is. Rex besluit opnieuw aan een grote zoektocht te beginnen via de media. Maar Rex kan enkel te weten komen wat er met Saskia gebeurd is, als hij hetzelfde ondergaat.

Schrijfstijl en Thema's

In de schrijfstijl van Krabbé vinden we nog restanten van zijn vorig beroep als journalist. Hij schrijft kort en bondig zonder al te veel omwegen. Dit kan wederom voor een spannendere ervaring zorgen. Hij kan echter wel de gedachtes en acties van de personages gedetailleerd beschrijven.

We beginnen ook in medias res, we worden als lezer in het verhaal geworpen en krijgen niet eerst een mooie voorstelling van de personages. Doorheen het boek worden we ook meerdere keren door de tijd geslingerd. Wat ook voor meer spanning zorgt, zijn de vertragingen en versnellingen waar Krabbé gebruik van maakt. We beginnen in 1975 bij de vermissing van Saskia, in het volgende hoofdstuk zijn we ineens 8 jaar verder bij Rex en zijn nieuwe vriendin, dan springen we terug in de tijd om het personage Lemorne te kunnen doorgronden en voor de twee laatste hoofdstukken springen we uiteindelijk terug naar het heden voor een spannend einde.

De twee grote thema’s van dit boek zijn in mijn ogen eenzaamheid en oneindigheid. Het heelal, de ruimte en al de symboliek errond is dan ook goed uitgekozen door Krabbé. De titel van het boek komt dan ook van de droom van Saskia, waarin ze eindeloos door het heelal zweeft in een gouden ei waarin het helemaal donker is. Ze kan niet sterven en kan enkel gered worden door een ander gouden ei dat tegen haar aan moet botsen.

Er zit zeer veel symboliek in dit boek, vooral vergelijkingen die met ruimtevaart te maken hebben. Het boek begint dan ook met het vergelijken van al de toeristen op een autosnelweg met ruimteschepen die zich gelijkmatig voortbewegen. Het feit dat het lievelingsgetal van Saskia acht is, is ook geen toeval. Als we het cijfer acht omverduwen, krijgen we namelijk het oneindigheidsgetal.

Nog een voorbeeld voor waarom ik denk dat eenzaamheid een groot thema is, is het voorval waarover ze spreken in het boek. Bijgevolg bleef Saskia enkele uren alleen achter in de auto, in het donker met een claustrofobisch gevoel. Hun auto zat ooit eens in het midden van de nacht onverwacht zonder benzine, Rex moest in een stad verderop benzine gaan halen. Hetzelfde gevoel als het gouden ei teweegbracht in haar nachtmerrie. Dezelfde nachtmerrie die Rex later ook krijgt in het verhaal. Al is het in de dood. Deze wens om verenigd te worden met iemand die je liefhebt en de realisatie dat dit enkel mogelijk is in de dood, speelt ook sterk mee in dit werk van Krabbé. Nog een interessant aspect aan deze nachtmerrie is het feit dat de enige hoop op verlossing iemand anders is, een soort van geestverwant.

Ook in dit boek is Lemorne geobsedeerd door het idee van de perfecte misdaad en Rex kan er bijvoorbeeld niet mee leven dat hij niet weet wat er met Saskia is gebeurd, zelfs na 8 jaar nog niet. In de boeken van Krabbé vinden we vaak ook personages terug die obsessieve kantjes vertonen. Ik denk dat Krabbé met dit werk vooral zijn kunnen als schrijver wou tonen door een echt, tot op het bot, spannend verhaal te schrijven.

De Verfilming: Spoorloos

De eerste verfilming van ‘Het Gouden Ei’, onder de titel ‘Spoorloos’, werd geregisseerd door George Sluizer en won in 1988 het Gouden Kalf voor de beste Nederlandse film. Een bondige beschouwing dan wel recensie van Krabbé’s roman dreigt de lengte van het boek algauw te evenaren. De psychothriller Spoorloos werd zes weken geleden tijdens het Filmfestival van Montreal in wereldpremière gebracht en ontving toen een dusdanig enthousiaste bespreking van het filmvakblad Variety dat producent-regisseur George Sluizer de buitenlandse kopers voor het uitkiezen kreeg.

Het hoofdpersonage, Rex, verloor acht jaar geleden zijn bijna acht jaar jongere vriendin Saskia bij een tankstation op vakantie in Frankrijk. Ze werd nooit gevonden. Nu dreigt zijn relatie met Lieneke stuk te lopen omdat Rex nog altijd nachtmerries heeft over Saskia’s verdwijning. In de tussentijd maken we uit Rex’ belevingswereld op dat hij constant bezig is de macht te behouden.

De Fransman heeft de uitstraling van een brave familieman (een primeur voor de Fransen), maar fantaseert al sinds zijn jeugd over het overtreden van universele wetten. Toen hij zestien jaar oud was brak hij zijn been en arm omdat hij van een hoog balkon sprong, simpelweg omdat de mogelijkheid ertoe bestond. Wie erecties krijgt om evenzo ambigue redenen is Raymond Lemorne. ‘Hoe kon hij te weten komen of het waar was dat hij die mogelijkheid had - anders dan door te springen?’ De consequenties lijken hem niet te interesseren.

Alleen dramaturgisch gezien moet de film een uitdaging zijn geweest. Het vertelperspectief van het verhaal ligt zowel bij Rex als bij Lemorne, twee tegenpolen wier handelingen op dezelfde plek noch in dezelfde tijd plaatsvinden - op hun uiteindelijke ontmoeting na. Samen reizen ze af naar de plek waar Lemorne Saskia heenbracht. De identiteit van de dader is dus reeds onthuld! Niet gevreesd, want dit blijkt een doordachte zet van de makers. Regisseur George Sluizer opent de film met Rex en Saskia, maar toont al snel een shot waarin Lemorne zich voorbereidt op de ontvoering bij het tankstation.

Na de verdwijning van Saskia verschuift het vertelperspectief namelijk volledig naar dat van Lemorne - een gewaagde zet binnen traditionele filmvertellingen - die we in de persoon van de fantastische acteur Bernard-Pierre Donnadieu leren kennen als een onvoorspelbare, berekenende sociopaat met desondanks een vreemd soort charisma. Alleen al door de casting is het personage meer uitgewerkt dan de anonieme, afstandelijke variant in het boek. Daarbij wordt de relatie met zijn vrouw meer aandacht gegeven en worden zo kwesties over loyaliteit binnen het huwelijk aangestipt.

Daar tegenover staan toevoegingen die het verhaal juist versterken. Het sterkste toegevoegde detail is een subtiele: de sprong die de jonge Lemorne van het balkon maakt is exact hetzelfde als de sprong die hij op latere leeftijd maakt om een jong meisje uit het water te redden. Hoe Lemorne Rex teistert met brieven die hem vragen naar Frankrijk af te reizen, om vervolgens niet op te komen dagen, Rex tot wanhoop drijvend: het is een effectieve visuele manier om Rex’ obsessie met Saskia’s verdwijning te vertellen.

Ze is voor het oog van de wereld een brave huisvader en scheikundeleraar, nochtans schijnt hij iets met Saskia’s verdwijning te maken te hebben. In 1987 blijkt hij te hebben gereageerd op de oproepen van Rex en gaat hij hem opzoeken in Nederland. Hij belooft Rex het raadsel van Saskia’s spoorloze verdwijning te ontsluieren op voorwaarde dat de jongeman hem vergezellen zal mee naar Zuid-Frankrijk. Laat staan dat hij ook maar een sprietje bewijs in zijn vingers heeft. Rex heeft de kans om Lemorne bij de politie aan te geven, maar hij zou niet weten waarvan hij hem eigenlijk kan beschuldigen.

Onderweg komt het verhaal los van Lemorne die zich via enige incidenten uit zijn vroeger leven toelicht als een mens die gewend was zichzelf uit te testen om zijn eigen aard te ontdekken. Hij had al ooit vastgesteld in staat te zijn tot koelbloedig heroïsch gedrag (hij heeft eens een drenkeling gered) waarna hij nog steeds niets wist of dat hem tot een intrinsiek goed mens maakte. Want was hij wellicht in staat tot net zo goed een koelbloedige misdaad? De diabolische Lemorne plaatst Rex voor de keus: door gaan met leven en nooit te weten komen wat er drie jaar eerder is voorgevallen of zich volledig overgeven aan de genade van Lemorne, erop vertrouwend dat die de bevrijdende zekerheid inderdaad bieden zal.

Grandioos is bij voorbeeld de manier waarop het karakter van Lemorne wordt opgebouwd. Waarbij het bijna komisch overkomt als blijkt dat op zeker moment noch zijn boosaardigheid noch zijn intelligentie of koelbloedigheid de doorslaggevende factor voor het welslagen van de operatie zal vormen, maar zijn vermogen om met een wildvreemde vrouw aan te pappen. Iets waartoe hij nauwelijks geschapen schijnt. Uiterst doortrapt aan deze intrige is dat Sluizer voortreffelijk weet over te brengen hoe dicht de nominale held (Rex, gespeeld door de Vlaming Gene Bervoets) en de nominale schurk (Lemorne) psychologisch gezien verwant zijn. Bernard-Pierre Donnadieu maakt er een creatie van met echt De Niro-achtige precisie en allure. Een hyperintelligente, ijskoude empiricus die we op nu eens beangstigende dan weer fascinerende of zelfs amuserende wijze omstandig bezig zien met de voorbereiding van zijn macabere experiment als betrof het een scheikundeproef.

Verschillen tussen Boek en Film

Ondanks de trouw aan het bronmateriaal zijn er enkele significante verschillen tussen ‘Het Gouden Ei’ en ‘Spoorloos’. Het eerste verschil dat je tegen komt is wanneer ze in de film door een tunnel rijden en de benzine op is dit komt niet voor in het boek.Aan het eind van het boek plaatst Rex een advertentie in alle kranten, daar krijgt hij reactie op van een man. Maar in de film neemt de man zelf contact met hem op.

In Spoorloos kwam Saskia’s nachtmerrie hierover nog voor, maar in de Amerikaanse remake is het afwezig. De nachtmerrie moet te cryptisch zijn geweest voor de hamburgereters, een vermoeden dat bij mij bevestigd werd omdat het teken voor oneindigheid (∞) te pas en te onpas terugkeerde in de film.

In de film donderen bijvoorbeeld de rollende r’s zo hard van de tongen van de acteurs dat de Nederlandse dialogen geen enkel moment natuurlijk klinken - alleen op toneel spreken mensen zo zuiver. Verder blijven Sluizer en Krabbé - die samen het script voor de film schreven - relatief trouw aan het boek. Ook een toegevoegde scène waarin Rex achter een fantasie aanrent waarin het goed met hem en Saskia afloopt is te letterlijk, banaal bijna. Onbedoeld maken ze het hiermee aantrekkelijk voor scholieren en filmmakers om nóg minder hun best te doen: waarom lezen als de film het verhaal evengoed vertelt?

Hollywood Remake: The Vanishing

De regisseur had moeten meemaken dat Spoorloos in de race om de Oscars in kansrijke positie werd gediskwalificeerd omdat er - zo werd beweerd - voor een Nederlandse inzending te veel Franse dialogen in zaten. Om die reden besloot Sluizer dit compliment te eren door Spoorloos te vertalen naar The Vanishing. Het is verschrikkelijk betreurenswaardig dat de nagedachtenis van Spoorloos in 1993 (Indurain won voor de derde keer de Tour) werd bezwadderd door The Vanishing. Sluizers eigenhandige Hollywood-remake kon nog bogen op een sterke cast (Jeff Bridges, Sandra Bullock, Kiefer Sutherland) maar alle verdiensten vielen aan diggels door een geforceerd happy end in plaats van de pikzwarte mokerslag van het origineel.

Jeff Bridges, die heden ten dage vooral beroemd is om zijn rol als The Dude in de komedie The Big Lebowski. Wie die ontspannen, charismatische rol van hem kent, kan zich waarschijnlijk niet inbeelden dat Bridges een angstaanjagende vrouwenmishandelaar speelt. Lemorne heet ditmaal Barney en wordt gespeeld door Jeff Bridges, die heden ten dage vooral beroemd is om zijn rol als The Dude in de komedie The Big Lebowski. Vanaf het begin gaat het mis. Bridges kon dat ogenschijnlijk ook niet, want hij komt niet verder dan het opzetten van een bril en een vreemd glimlachje. Om dat probleem te verhelpen, is een volwaardig subplot opgezet waarbij Jeffs nieuwe vriendin Rita (zo heten Rex en Lieneke nu) probeert te achterhalen waar Jeff naartoe gaat wanneer hij zijn ontmoeting met Barney heeft.

In de film is de vraag: lukt het Rita om Jeff te redden uit Barney’s klauwen? Door deze inhoudelijke ingreep wordt een ander soort spanning opgeroepen dan in het boek. Over dat gouden ei gesproken: in Spoorloos kwam Saskia’s nachtmerrie hierover nog voor, maar in de Amerikaanse remake is het afwezig. Terwijl in het boek de lezer net als Rex twijfelt of hij wil weten wat er met Saskia is gebeurd - het antwoord is immers een gegarandeerd slechte afloop. En dus eindigt The Vanishing met een gevecht tussen Jeff, Rita en Barney dat zijn climax bereikt wanneer Barney’s hoofd wordt doorklieft met een schep.

Aspect Het Gouden Ei (Boek) Spoorloos (Film) The Vanishing (Remake)
Einde Pikzwarte mokerslag Trouw aan het boek Geforceerd happy end
Karakter Lemorne Anoniem, afstandelijk Uitgewerkt, onvoorspelbaar Verkeerd gecast (Jeff Bridges)
Nachtmerrie Saskia Aanwezig Aanwezig Afwezig

labels: #Ei

Zie ook: