Al eeuwenlang vragen wetenschappers zich af wat er eerst was: de kip of het ei? De oud-Griekse filosoof Plutarchus stelde deze vraag al rond het jaar 100. Het ietwat flauwe antwoord op die vraag: het ei, want eieren ontstonden veel eerder dan kippen. Maar als je het specifiek over kippeneieren hebt, wordt het een ingewikkelder verhaal. Misschien was het toch de kip.
Het allereerste ei
Honderden miljoenen jaren voordat er kippen waren, legden vissen, amfibieën en reptielen al eieren. Het eerste ei verscheen ongeveer 500 miljoen jaar geleden bij vissen, die hun larven in een beschermend zakje legden met een dooier als voedsel. Op deze manier kon het jonge visje buiten het lichaam van de moeder groeien, totdat het groot genoeg was om uit het ei te komen en zelfstandig rond te zwemmen. Van een ei met een harde schaal was echter nog geen sprake.
Het eerste ei dat op het land werd gelegd, dateert van ongeveer 350 miljoen jaar geleden en is vermoedelijk afkomstig van insecten of reptielen. Dit ei zag er anders uit dan dat van zijn voorgangers in het water. Het had een vruchtvlies om uitdroging te voorkomen en was voorzien van een stevig omhulsel.
Later begonnen ook dinosauriërs eieren te leggen met een vruchtvlies en een leerachtige schaal. Uiteindelijk ontwikkelde dit zich tot een harde, kalkachtige eischaal.
De kip kwam veel later
Het ei bestond dus al voordat de eerste kip ten tonele verscheen. Vermoedelijk stamt hij af van het bankivahoen (Gallus gallus), een kip die nog altijd voorkomt in Azië. Het is lastig te bepalen wanneer de moderne kip (Gallus gallus domesticus) zijn intrede deed.
Er zijn aanwijzingen dat de domesticatie van bankivahoen tot kip ongeveer 10.000 jaar geleden in Zuidoost-Azië begon. De moderne kip zoals we die tegenwoordig kennen, is dus pas ontstaan na de komst van het ei.
Evolutie laat ei winnen
Volgen we de evolutie, dan is het logisch dat het ei er eerder was dan de kip. Daarbij hebben ze de evolutietheorie aan hun zijde. Ergens in de prehistorie moeten twee vogelachtigen (met bijna dezelfde genen als die van de moderne kip) gepaard hebben. Het vrouwtje legde vervolgens een ei dat zich ontwikkelde tot de eerste echte kip. De genen van het diertje weken genoeg af om het als nieuwe soort te kunnen betitelen.
Het maakt daarbij niet uit of dat gebeurde door een mutatie in het embryo, of dat al het genetisch materiaal direct afkomstig was van de ouders. De ouders van de eerste kip zijn namelijk per definitie zelf geen kippen: zij produceerden een ei waar de eerste kip uit kwam. Het kippenei waarmee het allemaal begon werd dus gelegd door een dier dat zelf volgens de definitie geen kip was.
Mens hielp evolutie een handje
Het is natuurlijk lastig om precies te bepalen wat de eerste kip was. De kip (Gallus gallus domesticus) stamt vermoedelijk af van het bankivahoen (Gallus gallus). Het is wel duidelijk dat de mens een hoop invloed op de huidige kippen heeft gehad. Deze vogel, die erg op onze kippetjes lijkt, loopt nog altijd in Azië rond. Vermoedelijk is de kip uit die vogel gedomesticeerd. Er zijn aanwijzingen dat dit al 10.000 jaar geleden in China begon. Mensen en gesnavelden hebben in die duizenden jaren een hechte band opgebouwd (waardoor we zelfs in staat zijn om kippen te verstaan!). We hebben kippen in allerlei vormen, kleuren en maten gefokt. Maar al die verschillende kippetjes kwamen dus na het ei.
De kip of het kippenei?
De Visser hakt de knoop door. In dit geval zouden twee vogelachtigen, waarvan de genen bijna identiek waren aan die van de moderne kip, een ei hebben gelegd waaruit de eerste Gallus gallus domesticus is ontstaan. “Ik zou zeggen dat beide, zowel kip als kippenei, eerst waren. Het ei ís de kip.”
De genen van de kip die hieruit voortkwam, verschilden voldoende om als een nieuwe soort te worden aangemerkt. Maar je zou ook kunnen stellen dat de kip en het ei samen zijn ontstaan. Het ei ís tenslotte de kip. Er zijn echter ook biologen die beweren dat een kippenei een specifieke harde eischaal heeft die een bepaalde calciumvariant vereist. Alleen een kip kan deze specifieke calciumverbinding produceren, wat de indruk wekt dat alleen een kip het eerste kippenei had kunnen leggen. Tsja, het wordt er niet minder ingewikkeld op.
Het ei was er eerst, dat staat vast. Maar de kip versus het eerste kippenei? Daarin is ruimte voor interpretatie. Wie was er eerder, de kip of het ei? Het blijft dus een lastige vraag om te beantwoorden.
Nieuwe studie werpt nieuw licht op de zaak
Vorig jaar stelden onderzoekers nog dat het de kip was. In een prehistorisch eencellig organisme is een celdeling ontdekt die lijkt op die van een dierlijk embryo. Maar een nieuwe studie komt nu tot een andere conclusie. De eerste levensvormen op aarde waren eencellig, zoals gist of bacteriën. Later evolueerden dieren, meercellige organismen, die zich vanaf één cel, de eicel, ontwikkelden tot complexe wezens. Deze embryonale ontwikkeling verloopt in verschillende stadia die opvallende overeenkomsten vertonen tussen dierlijke soorten en mogelijk al stammen uit een tijd vóór de eerste dieren.
Omdat dit eencellige organisme zich meer dan een miljard jaar geleden afsplitste van de dierlijke evolutielijn, verschaft het belangrijke inzichten in de processen die mogelijk geleid hebben tot de overgang naar meercelligheid. In een nieuwe studie hebben onderzoekers de eencellige soort Chromosphaera perkinsii bestudeerd. C. perkinsii werd in 2017 gevonden in zeesedimenten rondom Hawaï en is een voorouderlijke soort van protisten. De eerste aanwijzingen voor het bestaan van deze soort op aarde gaan meer dan een miljard jaar terug, lang vóór de opkomst van de eerste dieren.
Zo ontdekten de wetenschappers dat de cellen, zodra ze hun maximale grootte hebben bereikt, zich delen zonder verder te groeien. Vervolgens vormen ze multicellulaire structuren. Opmerkelijk is dat deze structuren ongeveer een derde van hun levenscyclus intact blijven en minstens twee verschillende celtypen bevatten, wat een verrassend fenomeen is voor dit soort organisme.
Nog verrassender is de manier waarop deze cellen zich delen en de driedimensionale structuur die ze aannemen. Dit lijkt namelijk sterk op de vroege stadia van de embryonale ontwikkeling bij dieren. Deze waarnemingen wijzen op twee mogelijke verklaringen: ofwel de genetische programma’s voor embryonale ontwikkeling bestonden al vóór de opkomst van dieren, of C. perkinsii ontwikkelde zich onafhankelijk om vergelijkbare processen te vertonen.
Al met al werpt de studie, gepubliceerd in Nature, nieuwe perspectieven op de overgang van eencellige naar meercellige organismen en kan de manier waarop we de evolutie van multicellulaire levensvormen begrijpen, fundamenteel veranderen. Vergeet dus de kip, want mogelijk was toch het ei er het eerste. Deze ontdekking zou overigens ook nieuwe inzichten kunnen bieden in een ander langlopend wetenschappelijk debat over fossielen van 600 miljoen jaar oud die op embryo’s lijken. Bovendien zou het sommige traditionele ideeën over meercelligheid kunnen uitdagen.
labels: #Kip




