Al sinds mensenheugenis wordt er over de hele wereld brood gegeten. Iedere cultuur heeft een eigen variatie op brood: plat, lang, dun, rond, dik, volkoren, wit, zacht, knapperig en ga zo maar door. Het spreekt dan ook iedereen aan dat Jezus in het gebed ons leert: "Geef ons vandaag het brood dat wij nodig hebben".

Sommige mensen kunnen beter geen brood eten in verband met een glutenallergie, andere mensen leven in zulke omstandigheden dat er gewoonweg geen brood is. Voor deze mensen is dit wel een lastige zin in het gebed. Maar ik denk dat er meer betekenis in deze zin zit en dat juist die rijkdom te vinden is in het brood.

Daarom zeg Ik jullie: bid, want dan zul je krijgen. Zoek, want dan zul je vinden. Klop, want dan zal er voor je worden opengedaan. Want iedereen die bidt, zal krijgen. En iedereen die zoekt, zal vinden. En voor iedereen die klopt, zal worden opengedaan.

Geen één vader geeft toch zijn zoon een steen als hij om een brood vraagt? Of een slang als hij om een vis vraagt? Of een schorpioen als hij om een ei vraagt? Dus ook al zijn jullie slecht, toch kunnen jullie goede dingen aan jullie kinderen geven.

De Verleiding in de Woestijn

Jezus vertelt ons hoe we moeten bidden: ‘Geef ons vandaag het eten (brood) wat we nodig hebben’. Daarna (na de doop van Jezus) stuurde de Heilige Geest Jezus naar de woestijn. Daar moest Jezus door de duivel op de proef worden gesteld. Hij bleef 40 dagen in de woestijn. Al die tijd at Jezus niets. Toen kwam de duivel. Hij zei tegen Hem: “Als U Gods Zoon bent, zeg dan tegen deze stenen dat ze in broden moeten veranderen.” Maar Jezus antwoordde: “In de Boeken staat: ‘Je kan niet alleen van brood leven."

De satan is listig, hij probeert Jezus hier uit te dagen. Hij pakt Jezus op zijn meest zwakke punt op dat moment: zijn honger. En wat houdt satan Jezus voor? Dit doet hij bij ons ook! Wij hebben allemaal een leegte in ons zitten. Vanaf het moment dat de scheiding tussen God en de mens ontstond hebben we als mensen een leegte, een onvervuld verlangen in ons zitten. En dat voelen we vaak op de momenten dat we moe of onrustig zijn, wanneer we spanning hebben.

Dan komt satan naar ons toegesneld. Hier kind, hier heb je wat stenen om de leegte die je voelt op te vullen. En weet je wat wij doen?! Wij nemen de stenen aan! Sommige stenen lijken zo onschuldig, een filmpje kijken om mijn gedachten te verzetten, een zak chips om dat lege gevoel te vullen, flink zweten op de sportschool om van de onrust af te komen. Een glas alcohol om al die gevoelens even tot zwijgen te brengen.

Jezus zegt wanneer Hij verleidt wordt door satan: In de Boeken staat: ‘Je kan niet alleen van brood leven. Dat is ons voorbeeld. Hij pakt de steen niet aan. Hij laat zich leiden door God, brood (of welk voedsel dan ook) is niet het meest belangrijkste wat je nodig hebt.

Jezus: Het Levende Brood

IK BEN dat levende brood dat uit de hemel gekomen is. Als je van dit brood eet, zul je eeuwig leven. Dat brood is mijn lichaam. Dit is zo’n waarheid. We hebben een leegte in ons hart die alleen Jezus kan vullen. Hij wordt het levende brood vanuit de hemel genoemd. Even een leuk Bijbels feitje: Jezus komt uit het stadje Bethlehem, wat broodhuis betekent, we krijgen ons brood direct vanuit de bron.

Hier komen we weer terug bij het gebed wat Jezus ons leert: Geef ons vandaag het eten (het brood) wat we nodig hebben. We hebben ontdekt dat het niet zomaar eten is waar we hier om vragen, we vragen of onze hemelse Vader ons elke dag opnieuw wil vullen met Jezus, het levende brood vanuit de hemel. We kennen allemaal de tijden van zwakte. Denk vandaag eens na over jouw zwakke momenten. Wat zijn voor jou stenen (verleidingen). Vraag aan de Heilige Geest of Hij je wil laten zien wanneer je stenen hebt gepakt.

Er zijn nog zoveel mooie verhalen over brood uit de Bijbel waarin de diepere betekenis ook weer te vinden is. Denk aan het manna dat in de woestijn uit de hemel kwam om het klagende volk te eten te geven (Exodus 16). In de tempel lagen de heilige broden (Leviticus 24). Het verhaal van de vijf broden en twee vissen (o.a. Johannes 6). Er zijn miljoenen mensen die elke dag brood eten. De kans is groot dat jij vandaag één of meerdere keren brood hebt gegeten.

Als de Heere Jezus de uitspraak doet: “Ik ben het Brood des Levens”, vergelijkt Hij Zichzelf met brood. In dit artikel gaat het over de betekenis daarvan.

De Tijdelijkheid van Aards Brood

Het antwoord op de vraag: “Waarom eten mensen brood?”, is een open deur. Je moet immers eten om in leven te blijven. Brood verzadigt en stilt de honger. Maar elke dag sterven mensen die wel brood gegeten hebben. Zo was het ook met de Israëlieten in de woestijn. Ze werden dagelijks met manna, hemels brood, verzadigd, maar zijn toch gestorven. Het eten van brood helpt uiteindelijk niet. Brood redt je niet van de dood.

Je bent misschien gewend aan het feit dat er een einde aan dit leven komt. Toch is sterven onnatuurlijk. De dood was er bij de schepping niet. De dood is gekomen door de zondeval. De zonde is onze (en mijn) opstand tegen de eeuwige God. Die opstand is zo erg dat het de dood heeft veroorzaakt.

Door onze ongehoorzaamheid houdt brood ons niet voor altijd in het leven. De Joden in Johannes 6 volgden Jezus vanwege de wonderbare spijziging. Ze hadden van de broden gegeten, maar hadden niet begrepen dat brood maar tijdelijk voedsel is. Daarom klinkt met klem de oproep: “Werk niet om het voedsel dat vergaat, maar om het voedsel dat blijft tot in het eeuwige leven!” (Johannes 6:27).

Het Levende Brood dat Eeuwig Leven Geeft

Naast het brood van de bakker is er ook ander Brood. Geen gewoon brood, maar levend Brood. Brood dat wel eeuwig leven geeft. Daarom heet het levend Brood. Jezus zegt: “Ik ben het Brood des levens” (Johannes 6:48). De Heere Jezus Christus is het levende brood. Natuurlijk bedoelt Jezus niet dat Hij een echt brood is, dat je bij de bakker kunt kopen. De Heere Jezus is geen brood om je lichaam mee te voeden. Hij is Brood voor de ziel.

Waarom vergelijkt Jezus Zichzelf met Brood?

Brood heb je dagelijks nodig om in leven te blijven. Zo is Jezus ook een eerste levensbehoefte. Iedereen zonder Hem zal eeuwig sterven. Als je niet van dit Brood eet dan heb je geen leven (Johannes 6:53). Jezus is hierin heel radicaal en eerlijk. Hij benadrukt dit extra door de woorden: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u”. Dit Brood is broodnodig en ongetwijfeld dé eerste levensbehoefte van ieder mens.

In ieder mensenhart, in iedere ziel zit een soort hongergevoel. Het is honger naar gerechtigheid, het is honger naar vrede met God. Tijdelijke pleziertjes kunnen die honger niet stillen. Zonder God blijft de knagende honger naar geluk bestaan. Anderen proberen de honger van hun ziel te onderdrukken door druk bezig te zijn met andere dingen. Daardoor lijken ze de honger naar gerechtigheid niet te voelen.

Verzadiging Door Jezus Christus

Alleen Jezus Christus geeft echte verzadiging, vrede en geluk. Zoals het eten van gewoon brood de maag vult, zo verzadigt Jezus het verlangen van het hart. Hij zorgt voor gerechtigheid zodat het weer recht ligt tussen God en je ziel. Degenen die een sterk verlangen hebben naar deze gerechtigheid zijn zalig. Ze zullen verzadigd worden. De Heere Jezus zegt in Johannes 6:51: “Het Brood dat Ik geven zal is Mijn vlees, dat Ik geven zal voor het leven van de wereld.”

De Voedingskracht van het Brood des Levens

Er hoeft niet getwijfeld te worden aan de voedingskracht van dit Brood. Jezus zegt het heel stellig: “die tot Mij komt zal beslist geen honger hebben” (Johannes 6:35). In vers 54 (zie ook vers 47) staat dat wie Zijn vlees eet, eeuwig leven heeft. Hij heeft het al. Dit Brood stilt niet voor even de honger, maar voor altijd, ja voor eeuwig. De voedingskracht van dit Brood gaat de voedingskracht van alle bakkersbroden ver te boven.

Brood Gegeven Door de Vader

Jezus zegt: “Mijn Vader geeft u het ware Brood uit de hemel.” (vers 32). Dit Brood komt van God. Het daalde uit de hemel neer (vers 33). God geeft geen stenen te eten in plaats van brood. God geeft het Allerbeste. Hij geeft het Liefste, Zijn Kind. Jezus geeft vervolgens ook Zichzelf. In vers 27 zegt Hij: “het voedsel dat blijft tot in het eeuwige leven, dat de Zoon des Mensen u geven zal.” En zie ook in vers 51: “Het Brood dat Ik geven zal, is Mijn vlees, hetwelk Ik geven zal voor het leven van de wereld.” God de Vader geeft Brood uit de hemel. Het is Zijn Zoon, Die Zichzelf geeft. Hij beloofde Zich te geven en Hij heeft Zich helemaal gegeven.

Het Eten van het Brood

De Joden begrijpen er niets van. Hoe kan Jezus nu Zijn vlees te eten geven? Misschien denk jij ook wel: ‘Hij is toch geen Brood, je kunt Hem toch niet eten?’ De betekenis achter de woorden dat Jezus het ‘Brood des levens’ is hebben de Joden gemist. Ze hebben één ding echter wel begrepen. Hij wil Zijn vlees te eten geven. Hoe? Dat begrijpen ze niet. Maar het is voor hen wel duidelijk: Hij wil te eten geven.

Brood is niet bedoeld om alleen naar te kijken of alleen aan te ruiken. Er moet niet slechts over brood gesproken worden. Dan heeft het Brood geen nut. Brood is bedoeld om opgegeten te worden. Alleen dan zal het immers voeden en verzadigen. Brood moet gegeten worden, anders voedt het niet.

Eten Staat Symbool voor Geloven

In Johannes 6:54 lees je: “Wie Mijn vlees eet, heeft eeuwig leven” en in vers 47 staat: “Wie in Mij gelooft heeft eeuwig leven.” Daaruit blijkt dat eten symbool staat voor in Hem geloven. In Jezus Christus geloven, is Hem vertrouwen. Instemmen dat je dit Brood nodig hebt. Vertrouwen dat Hij waarmaakt wat Hij belooft: Eeuwig leven voor ieder die in Hem gelooft. Door het offer van Zijn leven, door Zijn vlees te geven. Geloven is je laten voeden door een Ander, omdat alles wat je zelf probeert niet helpt.

Het eten van het Brood is volgens vers 35 tot Hem gaan. Op de uitspraak “Ik ben het Brood des levens” volgt: “Die tot Mij komt zal geenszins hongeren en die in Mij gelooft zal nimmermeer dorsten”. Alleen door tot Hem te gaan, wordt je ziel verzadigd. Omdat je eigen inspanningen je niet kunnen redden van de dood. Er is niemand meer te vertrouwen dan Hij.

Er is alle reden om Hem te vertrouwen. Jezus, de Zoon van God, beloofde Zich te geven. Heeft Hij dit niet gedaan? Jawel, geduldig en gehoorzaam, gewillig en volhardend heeft Hij Zich gegeven. Zijn vlees, Zijn leven heeft Hij geofferd voor de zonden van Zijn volk. En Hij was onschuldig.

Wanneer je alleen het brood van de bakker eet, kan je je hele leven blijven eten en toch zal het je niet voor altijd in leven houden. Het Brood echter dat “Jezus Christus” heet, zorgt ervoor dat je eeuwig leven hebt, en dat je de dood niet zult zien (Johannes 8:51). Voor eens en voor altijd.

Wat heeft ‘eten’ met ‘geloven’ te maken?

Iedereen weet wat eten is. Je stopt het brood dat je wordt aangeboden in je mond. Je proeft het, je kauwt erop en je slikt het door. Het geloof richt zich steeds weer op het Woord van God. Op de beloften van de Heere. Je hoort de woorden en je laat ze op je inwerken, je proeft ze als het ware. Een psalmdichter zingt: “Hoe zoet zijn Uw woorden voor mijn gehemelte, zoeter dan honing voor mijn mond.” (Psalm 119:103). Je smaakt de goedheid van God.

Eten is eenwording met Christus

Je proeft het niet alleen. Je denkt erover na, je mediteert erover, je herkauwt het. Het woord wordt één met je en het dringt door tot diep in je ziel. Zoals ook het voedsel door de spijsvertering in je wordt opgenomen. Zo woont het woord van Christus in je en zo wordt het waar: “Die Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, die blijft in Mij en Ik in Hem.” (Johannes 6:56).

Verzadiging Geeft Vreugde

Het geloof in de Heere Jezus zorgt dat voor een eeuwige verzadiging en vreugde. Een diepe blijdschap zal dan het hart vervullen. Dat is een blijdschap die dieper is dan al het geluk van deze aarde. Het is een blijvende verzadiging.

Jezus' "Ik Ben" Uitspraken

In het Evangelie van Johannes doet de Here Jezus zeven keer de uitspraak Ik Ben:

  • Ik ben het brood des levens
  • Ik ben het licht der wereld
  • Ik ben de deur
  • Ik ben de goede herder
  • Ik ben de opstanding en het leven
  • Ik ben de weg, de waarheid en het leven
  • Ik ben de ware wijnstok

De eerste keer dat hij zo’n uitspraak gebruikt is in hoofdstuk 6: ‘Ik ben het brood des levens’.

De Broodvermenigvuldiging

De aanleiding voor de Here Jezus om te gaan spreken over het Levende Brood is de eerste wonderbare spijziging. Hij had ongeveer vijfduizend man te eten gegeven van vijf broden en twee vissen. De volgende dag zoeken de mensen Hem op en stellen Hem allerlei vragen. Als Jezus zegt dat ze in Hem moeten geloven, zeggen ze: Joh. 6:30 Zij zeiden dan tegen Hem: Welk teken doet U dan, opdat wij het zien en U geloven? Wat voor werk verricht U?

Wat is de betekenis van de broodvermenigvuldiging?

Dat lijkt een bijzondere vraag omdat ze een dag eerder het teken hadden gezien van de broodvermenigvuldiging. Maar ze vragen niet om een nieuw teken, ze vragen naar de betekenis van dit teken. Dat blijkt ook uit het volgende vers waar ze zelf een link leggen naar het manna wat hun voorouders in de woestijn te eten kregen.

31 Onze vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn, zoals geschreven is: Hij gaf hun het brood uit de hemel te eten. Dan gaat Jezus uitleggen dat het manna, wat uit de hemel kwam en wat hun voorouders kregen een beeld is van het ‘Ware Brood’ dat God aan de wereld geeft.

Geef ons altijd dat brood!

Dat lokt de reactie uit: ‘Heere, geef ons altijd dat brood’. Maar als Jezus vervolgens zegt: ‘Ik ben het brood des Levens’, beginnen de Joden te mopperen. Hoe kan het dat Jezus van zichzelf zegt dat hij het brood is dat uit de hemel is neergedaald? ‘We kennen toch zijn vader en moeder’?

Dan gaat de Here Jezus opnieuw terug naar de opmerking die ze maakten over hun vaderen. Lees vers 49 maar eens direct aansluitend op ver 31.

31 Onze vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn, zoals geschreven is: Hij gaf hun het brood uit de hemel te eten.

49 Uw vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn en zij zijn gestorven.

Dit is het brood dat uit de hemel neerdaalt, opdat de mens daarvan eet en niet sterft.

Betekenis van het Manna

Het manna was in eerste instantie voedsel voor de Israëlieten waardoor hun lichaam gevoed werd. Maar in Deuteronomium lezen we al dat het manna symbool staat voor iets anders. Mozes zegt in Deut.8:3 tegen de Israëlieten:

Ook moet u heel de weg in gedachten houden waarop de HEERE, uw God, u deze veertig jaar in de woestijn geleid heeft, opdat Hij u zou verootmoedigen, en u op de proef zou stellen om te weten wat er in uw hart was, of u Zijn geboden in acht zou nemen of niet.

Hij verootmoedigde u, Hij liet u hongerlijden en Hij liet u het manna eten, dat u niet kende en ook uw vaderen niet gekend hadden, om u te laten weten dat de mens niet alleen van brood leeft, maar dat de mens leeft van alles wat uit de mond van de HEERE komt.

Het manna, wat in het Hebreeuws wat is dit? betekent, was een beeld van de Woorden van God, van Zijn geboden. God wilde de Israëlieten leren dat ze meer nodig hadden dan voedsel voor hun lichaam. En dat past de Here Jezus in Johannes 6 toe op Zichzelf. ‘Ik ben dat manna, Ik ben dat brood, Ik ben het Woord dat uit de mond van de Heere komt’.

Feitelijk begint het evangelie van Johannes hiermee:

Joh.1:1 In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God.

Wat Betekent Dit Voor Mij?

Als ik mijn geestelijke honger wil stillen, dan heb ik het Brood des levens nodig en dat is de Here Jezus.

56 Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem.

57 Zoals de levende Vader Mij gezonden heeft, en Ik leef door de Vader, zo zal ook wie Mij eet, leven door Mij.

58 Dit is het brood dat uit de hemel neergedaald is; niet zoals uw vaderen het manna gegeten hebben en gestorven zijn. Wie dit brood eet, zal in eeuwigheid leven.

Dat is niet eenmalig toen ik tot geloof kwam en ook niet alleen als ik het avondmaal vier. Deel hebben aan Christus is iets wat ik iedere dag nodig heb. Iedere dag kan ik het geestelijke manna oprapen en eten. Hoe kan ik dat doen? Door in het Woord van God te lezen over Wie Christus is en wat Hij doet. Wat zegt Gods Woord over Hem?

In het gesprek daarna vraagt hij om op hem te vertrouwen, met hem op weg te gaan. Hij zélf is het teken dat God zorg voor de wereld heeft. Hij is immers ‘uit de hemel’ neergedaald voor de mensen. Leg het oude leven af en ga moedig met Jezus Christus op weg, schrijft hij. Vertrouw op het teken!

Wij kunnen op het teken wachten maar we kunnen zelf ook een teken zijn, wij kunnen in ons leven laten zien dat Jezus ons bezielt met zijn geest.

En Jezus zei tegen hen: Ik ben het Brood des levens; wie tot Mij komt, zal beslist geen honger hebben, en wie in Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben. Maar Ik heb u gezegd dat u Mij wel gezien hebt, en toch gelooft u niet. Alles wat de Vader Mij geeft, zal tot Mij komen; en wie tot Mij komt, zal Ik beslist niet uitwerpen. Want Ik ben uit de hemel neergedaald, niet opdat Ik Mijn wil zou doen, maar de wil van Hem Die Mij gezonden heeft. En dit is de wil van de Vader, Die Mij gezonden heeft, dat Ik van alles wat Hij Mij gegeven heeft, niets verloren laat gaan, maar het doe opstaan op de laatste dag. En dit is de wil van Hem Die Mij gezonden heeft, dat ieder die de Zoon ziet en in Hem gelooft, eeuwig leven heeft, en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag.

Jezus had Zijn eigen wil opzij gezet en aan het eind verwijst Hij opnieuw naar de wil van Mijn Vader. Deze tekst, 'Ik ben het brood des levens…' kan ik nooit lezen zonder ontroerd te worden. Jezus zegt hier dus: Ieder die de Zoon ziet en in Hem gelooft, heeft eeuwig leven, en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag. Wat een geweldig aanbod van Degene die voeding en leven geeft aan een wereld die omkomt van de honger. Maar wat was de prijs? De prijs was dat Jezus niet Zijn eigen wil deed, maar de wil van Degene die Hem gezonden had.

Het is de uitdrukking van de manier waarop Jezus in dit evangelie verschijnt. Als degene die heel nadrukkelijk zichzelf presenteert, als de gevolmachtigde van God zijn Vader, als de belichaming van God zelf. Het Woord dat vlees - mens - geworden is. De Zoon die gekomen is, om de wereld te redden, leven te geven aan de wereld. Jezus stelt zichzelf in het middelpunt. Deze plechtige Ik-ben uitspraken, die niet toevallig herinneren aan de godsnaam uit het Eerste testament, Ik ben die ik zijn zal (JHWH), komen alleen in het evangelie van Johannes voor. In totaal zeven keer, ook dat is niet toevallig. En de eerste, horen we hier, tot drie keer aan toe. Ik ben het brood dat leven geeft.

Het gaat niet alleen om honger maar ook om dorst. En ook hier begrijp je al snel, dat het niet zozeer om de letterlijke betekenis gaat, maar om de symbolische, om de spirituele betekenis van de woorden honger en dorst.

In het Jodendom gelden de begrippen eten en drinken, als een aanduiding van het dagelijks bestuderen van de Tora en van het ‘doen van het goede’- dat is: het rechte pad van God volgen. Het woord van God is het voedsel voor iedere dag. Dat is ook de symboliek van het manna in de woestijn.

‘Wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal een bron worden waaruit water welt dat eeuwig leven geeft” (Joh. 4 vers 14).

Jezus zegt: “Iedereen die de Vader mij geeft zal bij mij komen, en wie bij mij komt zal ik niet wegsturen…” (vers 37). Het woord dat hier gebruikt wordt heeft zelfs een nog wat scherpere lading. Wie bij mij komt zal ik niet buitensluiten, of wegjagen, of uitwerpen -Dat dus niet. In het evangelie, waarin de verhoudingen soms op scherp worden gezet, is dit een uitspraak die je graag zo breed en zo open mogelijk wil laten klinken. ‘Jezus trekt geen scheidingslijn’.

Juist hier, als het over het brood dat leven geeft gaat, juist hier als wij als gemeente het avondmaal vieren, mag dat benadrukt worden.

De maaltijd is het teken van gemeenschap, die niemand of niets bij voorbaat buitensluit.

Het is het teken van verbondenheid, die de kloven en scheidingen tussen mensen kan overbruggen.

Welk een genot is het brood voor de hongerige! Het doet hem uit een toestand van flauwheid terugkeren tot de kracht, het maakt hem het leven weer tot vreugde, het stort levenslust uit in zijn hart. Wel, zo’n Brood wil de Heer Jezus zijn voor onze ziel. Hij heeft ook het bewijs geleverd dat Hij het werkelijk zijn kan. De Heer Jezus zegt het als het ware heel duidelijk tot ons: ‘U lijdt gebrek zonder Mij, maar u zult overvloed hebben door Mij’. Als u de eerste woorden in al hun kracht op u laat inwerken, dan moet u zeggen: ‘Het is de waarheid’. ‘Ik ben het levende Brood, Dat uit de hemel neergedaald is; als iemand van dit Brood eet, die zal leven tot in eeuwigheid’ (vs. 51a). Wie de Zoon des mensen ‘eet’, leeft - want de Zoon des mensen is het Leven Zelf.

Stelt u zich eens een grote menigte armen voor die de hele dag nog niet te eten gehad hebben en dat u dan ’s avonds roept: ‘Hier is brood voor u!’ Wat denkt u dan dat zij zullen doen? Onderzoeken hoe en door wie het brood is gebakken? Lange redeneringen over het brood houden? Het scheikundig onderzoeken? Welnee! Ze zullen met de meeste spoed naderen en proeven of het echt brood is. Dit zal u duidelijk genoeg zijn. Wel, doe met het Brood des levens hetzelfde. Redeneer niet, onderzoek niet, maar eet, en u zult verzadigd worden en nooit meer honger en dorst hebben.

labels: #Brood

Zie ook: