Veel mensen houden van kippen, ook kinderen zijn dol op ze. Kippen zijn gezellige dieren die voor levendigheid zorgen en niet te vergeten voor eieren. Een groepje kippen dat over het erf scharrelt hoort voor veel mensen echt bij het beeld van het Nederlandse plattelandsleven.
De kip is een vogel die veel gehouden wordt, niet alleen voor de productie van vlees en eieren maar ook als hobbydier. Je wilt een kip, maar wat voor één? Want de ene kip is de andere niet. Wil je een knuffel- of een legkip, een grote, kleine of eentje die witte eieren legt? Het kan allemaal. Op deze pagina vind je wat meer informatie.
Kippenrassen: Welke Kip Past Bij Jou?
De belangrijkste voorouder van de gedomesticeerde kip (Gallus gallus domesticus) is het Bankiva hoen (ook wel Rode Kamhoen genoemd), een in het wild levende hoenderachtige die voorkomt in Zuidoost-Azië. Door de fokkerij zijn er vele verschillende rassen hoenders en dwerghoenders (of kippen en krielkippen) ontstaan. Nederland kent meer dan 85 hoenderrassen en evenzoveel dwerghoenderrassen.
Raskippen hebben een mooie, uniforme uitstraling en een specifiek karakter. Veel oude rassen worden met uitsterven bedreigd. Dus als je kiest voor raskippen help je mee om die rassen in stand houden. Laat je wel goed informeren over de verschillende rassen.
Europese rassen zijn niet moeilijk te vinden. Hier horen ook Nederlandse rassen zoals de Welsumer, de Barnevelder, het Twents hoen of de Nederlandse Sabelpootkriel bij. Verder zijn er Amerikaanse rassen zoals de Wyandotte, de Plymouth Rock en de New Hampshire. De Wyandotte komt in veel kleuren voor en is in krielvorm een populaire kip. Ze leggen goed en zijn snel tam.
Veel bolle, dikke kippen zoals de Aziatische rassen en de Wyandotte zijn rustig van aard. Bekende Aziatische rassen zijn de Cochin en Brahma. Een bijzonder Aziatisch ras is het zijdehoen. Dit ras staat bekend om zijn tamme en rustige karakter en ziet er bijzonder uit. Ze hebben rondom een soort donsveren, die pluizig en zacht aanvoelen.
De smalle landhoenders zijn vaak opvliegerig van aard. Houd rekening met de eigenschappen van je kippen. Zorg dat het kippenhok past bij het ras en koop de juiste benodigdheden. De grootste kip, de Brahma, heeft een heel ander hok nodig dan de kleinste, de Serama. Ook verschillen de voer- en drinkbak.
Krielkippen
Krielkippen zijn de dwergvormen van de grote rassen. Een paar typische krielrassen zijn vooral gefokt op grootte. Ze nemen dan ook weinig ruimte in beslag.
Pluimveetentoonstellingen
Door heel Nederland worden pluimveetentoonstellingen en kleindiershows georganiseerd. Op deze shows beoordelen keurmeesters de dieren op bepaalde kenmerken. Zo houden ze de specifieke eigenschappen van elk ras in stand. Wil je meer informatie?
Het Kippenhok: Een Veilige en Comfortabele Omgeving
Ieder kippenhok moet bestaan uit een nachthok en een buitenren. Het minimale oppervlak is voor de middelgrote rassen 1,5 vierkante meter per dier (0,5 m2 nachthok en 1 m2 buitenren). Voor een krielras is het minimale oppervlak tenminste 0,75 vierkante meter per dier (0,25 m2 nachthok en 0,5 m2 buitenren).
Kippen kunnen slecht tegen hitte en tocht, zorg daarom voor schaduw en zet het hok in de luwte. Zorg wel voor voldoende ventilatie. Werk de binnenzijde van het nachthok af met glad (plaat)materiaal en wit dit vervolgens met witkalk, dit gaat bloedluis tegen. De bodem van het nachthok bestaat bij voorkeur uit beton. Als bodembedekking is zaagsel (eventueel gemengd met schoon, scherp zand), vlas, hennepstro, koolzaadstro of gehakseld stro geschikt. Let erop dat de bodembedekking goed absorbeert en niet te stoffig is.
Plaats de toegang tot het nachthok vanuit de buitenren op 20 tot 60 centimeter hoogte; hiermee voorkomt u tocht langs de grond. Zodra de kippen op stok zijn, kunt u deze opening afsluiten.
Zitstokken
In het nachthok moeten zitstokken aanwezig zijn, rechthoekig tot ovaal van vorm, waarbij het breedste vlak boven ligt. Dit vlak varieert tussen vier (krielkippen) en zeven centimeter (zware kippen) breed. De stokken moeten zo dik zijn dat ze niet doorbuigen. De hoogte van de zitstokken is, afhankelijk van het ras, 15 (kortpotige en/of zware rassen) tot 80 (zeer lichte rassen die redelijk kunnen vliegen) centimeter van de grond.
Plaats geen zitstokken op verschillende hoogten: omdat een kip graag hoger zit dan zijn hokgenoten, kan dit gevechten opleveren om een plekje op de hoogste stok. Plaats de zitstokken zeker 30 centimeter van de wand om te voorkomen dat de staartveren beschadigen en tenminste 30 tot 40 centimeter uit elkaar. Gemiddeld passen er vier tot vijf krielkippen of twee tot drie zwaardere kippen op een stok van een meter.
Het is handig als u de zitstokken gemakkelijk uit het hok kunt halen om ze schoon te maken.
Verlichting en Verwarming
Zorg dat er in het hok een elektra-aansluiting aanwezig is. Hierop kunt u verlichting en een drinkbakverwarmer aansluiten. Voor de leg is tenminste tien uur licht per dag nodig en tenminste acht uur onafgebroken duisternis voor de slaap; als u dus ook in de winter eieren van uw eigen kippen wilt, zult u moeten bijverlichten. Gebruik in het kippenhok géén TL-verlichting: kippen kunnen het knipperen ervan waarnemen met stress tot gevolg.
Door bij vorst een kunststof drinkbak op de verwarmer te zetten, voorkomt u dat het drinkwater bevriest.
Legnesten
Plaats legnesten in een donkere hoek van het nachthok en lager dan de zitstokken, zodat ze niet gebruikt worden als slaapplek. Een legnest met een oppervlak van dertig bij dertig centimeter en een hoogte van ongeveer veertig centimeter voldoet voor een licht ras. Voor krielkippen mag het nest iets kleiner zijn. De hen moet zich in ieder geval in het legnest kunnen omdraaien.
Het legnest moet aan de voorkant open zijn, de bovenkant kan ook open gelaten worden of voorzien worden van een schuin aflopend dak zodat de kippen er niet op kunnen gaan zitten en er geen ontlasting op kunnen deponeren. Maak tenminste één legnest per drie hennen, allemaal op dezelfde hoogte, zo’n 10 tot 40 centimeter van de grond.
Buitenren
Maak voor de kippen een overdekte buitenren, om te voorkomen dat ontlasting van wilde vogels met daarin mogelijk ziekteverwekkers in uw kippenhok terecht komt. Het houdt bovendien roofdieren als katten en vossen buiten. De bodem van de buitenren bestaat bij voorkeur uit beton of tegels met daar bovenop een laag schoon zand van tenminste twintig centimeter dik. Als u ervoor kiest de buitenren niet te voorzien van een harde bodem, zorg er dan voor dat de grond in de ren wat hoger ligt dan erbuiten, zodat er geen regenwater in kan lopen.
Alle kippen hebben behoefte om zich te wassen door het nemen van zandbaden. Plaats daarom een bak met schoon wit zand op een zonnige plek in de buitenren. Zorg ervoor dat de bak een opstaande rand van ongeveer twintig centimeter hoog heeft.
Verzorging van Kippen: Hygiëne en Gezondheid
Bij de verzorging van kippen is vooral de hygiëne erg belangrijk. De mestplank moet elke dag afgekrabd worden, de eieren moeten geraapt worden en het water moet ververst worden. Was elke dag de waterbakken af. Verwijder regelmatig de uitwerpselen in binnen- en buitenhok.
Reinig de zitstokken als ze vies worden, maar minstens eens per twee weken, en behandel zitstokken en mestplanken ongeveer eens per twee weken met een desinfecterend middel. Maak dan ook de voerbakken goed schoon. Desinfecteer de legnesten in de zomer liefst maandelijks, in de winter is eens per twee maanden voldoende. Verschoon het stro in de legnesten eens per maand of eerder indien nodig. De bodembedekking van het nachthok moet eens per een tot vier maanden geheel verschoond worden.
Een goede vuistregel voor het verversen van de bodembedekking is dat het strooisel altijd droog moet aanvoelen en nooit een ammoniaklucht mag afgeven. Maak bij het verversen ook de vloer schoon met een geschikt desinfecterend middel. Het is verstandig om eens per jaar in de buitenren een laag van circa twintig centimeter af te graven en weer aan te vullen met schoon zand. De vuile grond kunt u in uw tuin verspreiden. Vervang het zand in het zandbad regelmatig.
Voor de verzorging is het fijn dat een kip niet bang is, maar vertrouwen heeft. Dit is nodig om de kip te kunnen controleren op conditie en verzorging. De nagels, sporen (aan de binnenzijde van de poten bij de haan) en snavelpunten moeten soms ingekort worden. De kam en lellen kunnen bij strenge vorst bevriezen en deze moeten ingevet worden met vaseline.
De kam en lellen kunnen bij strenge vorst bevriezen en deze moeten ingevet worden met vaseline.
Hoe Vang Je Een Kip?
De beste manier om een kip te vangen is door, liefst in de schemer, rustig op het dier af te lopen, een hand op de rug te leggen en zachtjes op zijn rug te duwen waardoor de kip gaat zitten. Vervolgens pakt u met uw andere hand van onderaf de beide poten vast. U kunt de kip nu oppakken terwijl u met de bovenste hand de vleugels tegenhoudt. Met wat oefening kunt u, bij kleinere rassen, van de hand die de poten vasthoudt de duim en wijsvinger vrijmaken en hiermee de vleugelpunten tegen het lichaam van de kip duwen. U kunt dan de andere hand van de rug afhalen. Bij grotere kippen kunt u de kip tegen u aan houden en/of onder uw onderarm ‘klemmen’.
Oefen niet te veel druk uit op het lichaam van de kip: dat belemmert de ademhaling. Til een kip niet op aan alleen de vleugels of de poten, daar is het lichaam te zwaar voor.
Kippen kunt u het beste apart vervoeren in kippenmanden of -kisten of in een stevige kartonnen doos met voldoende ventilatiegaten. Zet de kippen tijdens het transport haaks op de rijrichting, dus met de kop naar de zijkant, zodat de staart zo min mogelijk beschadigt.
Controleer regelmatig de nagels, sporen (haan) en snavelpunt van uw kippen en laat ze indien nodig inkorten door uw dierenarts. Nagels kunt u eventueel zelf knippen met een hiervoor geschikte nageltang.
Voeding van Kippen: Wat Eten Kippen?
De voeding van de kip bestaat uit een pluimveekorrel of -meel als basisvoer, aangevuld met wat graan en groenvoer als bijvoer. Het voordeel van een voer in meelvorm is dat de kippen er veel langer over doen om hun voer binnen te krijgen. Dit geeft de dieren iets te doen en kan verenpikken bij elkaar voorkomen. Een nadeel is dat er vaak ook meer van gemorst wordt. Gebruik daarom voldoende voerbakken met een naar binnen gebogen rand. Voor kippen met baarden of kuiven is meel niet zo geschikt, het kan namelijk in de baard en/of kuif blijven hangen waarna hokgenoten ernaar gaan pikken. Kies een korrel waarvan de grootte past bij het formaat van uw dieren.
Volwassen kippen eten gemiddeld 30 tot 100 gram voer per dag, maar dit is uiteraard afhankelijk van hun grootte, activiteit (bezigheid, broedsheid, leggen) en de omgevingstemperatuur. Wanneer u ’s ochtends voert, moet het voer helemaal op zijn voordat de kippen ’s avonds op stok gaan. Controleer regelmatig de conditie van de kippen; op het borstbeen mag een beperkte hoeveelheid vlees zitten en het achterlijf mag niet te vol aanvoelen.
Geef kuikens tot ongeveer zes weken een kuiken- of startmeel- of korrel (ook wel opfokvoer I genoemd). Daarna kan tot een leeftijd van ongeveer vijf á zes maanden een opfok- of jonge hennenvoer (of opfokvoer II) gegeven worden. Zodra de hennen zijn gaan leggen, moet overgeschakeld worden op een legmeel of -korrel. Geef kippen tijdens de ruiperiode zogenaamd onderhoudsvoer in plaats van een legkorrel of legmeel.
Kippen zijn dol op graan, maar kunnen er wel snel dik van worden. Gebruik het dus enkel als bijvoeding. Maximaal 10% van de totale voeding mag bestaan uit een graanmengsel. Graanmengsels voor kippen bevatten doorgaans haver, tarwe, maïs en gerst, soms aangevuld met kleine zonnebloempitten maar dit laatste is erg vet en daardoor minder geschikt. Voor de kleine rassen kunt u beter kiezen voor een graanmengsel dat gebroken granen bevat, want de zaden zijn anders te groot voor de kleine snavels. Geef kuikens speciaal kuikenzaad. Bewaar compleet voer en graanmengsels in goed afgesloten tonnen in een droge, koele ruimte.
Kippen eten ook graag groenvoer, zoals bessen (bijvoorbeeld bramen en frambozen), groenten (onder andere sla, boerenkool, broccoli, wortel), kruiden (bijvoorbeeld weegbree, jonge brandnetel, vogelmuur, herderstasje, gras, paardenbloem) en fruit (zoals appel, peer en banaan). Verwijder aan het einde van de dag niet opgegeten resten.
Tijdens de eileg hebben hennen voor de vorming van de eierschaal meer behoeft aan kalk. Extra kalk kunnen ze opnemen uit grit; bied het aan als bodembedekking in de legnesten of in een apart bakje. In de spiermaag van de kip zorgt opgenomen maagkiezel ervoor dat granen gekneusd worden en daardoor beter verteerbaar zijn.
Als u een klein aantal kippen houdt is een aardewerken voerbak met een naar binnen gebogen rand handig, bij grotere aantallen kippen is een hangend voersilootje of een staande roestvrijstalen trog aan te bevelen. Er bestaan ook voerautomaten, die volwassen kippen zelf kunnen openen door op een trede te gaan staan. Groenvoer kunt u het beste aanbieden in een ruifje.
Zorg altijd voor vers drinkwater. Plaats drinkbakken op een verhoging zodat de dieren er geen vuil in kunnen krabben en zorg ervoor dat de bakken niet om kunnen vallen. Hangende drinkklokken (plastic koepels met een bord eronder waarvan de dieren drinken) zijn erg handig. Kippen drinken gemiddeld ongeveer 250 milliliter per dag. Plaats de waterbak in de schaduw.
Voortplanting van Kippen
Het onderscheid tussen kip en haan is te zien aan de grotere kopversierselen (de kam en lel) en sierveren aan staart en hals van de haan. Een haan is vruchtbaar vanaf de leeftijd van gemiddeld zes maanden tot op een leeftijd van ongeveer zes jaar. Dit varieert per ras.
Hennen beginnen vaak al eieren te leggen als ze vijf of zes maanden oud zijn; meestal worden ze echter pas vanaf een leeftijd van een jaar of nog later broeds, afhankelijk van het ras, de weersomstandigheden en de voeding. De meeste hennen leggen geen eieren meer als ze de leeftijd van vijf jaar hebben bereikt.
Bij de paring springt de haan op de rug van de hen (treden genoemd) en houdt zich met zijn snavel vast aan haar nekveren. Voor de fokkerij is het aantal hennen per haan belangrijk. Teveel hennen geeft onbevruchte eieren, bij te weinig hennen paart de haan zo vaak met de hennen, dat ze te weinig rust krijgen en/of op de rug beschadigd raken door het treden. Alleen onbevuilde eieren met een normale vorm en een intacte schaal zijn goede broedeieren.
U kunt ervoor kiezen de hen zelf haar eieren uit te laten broeden (natuurbroed) of de eieren te bebroeden in een broedmachine. Broedmachines zijn kostbaar, maar er bestaan bedrijven waar u de eieren van uw kippen kunt laten uitbroeden. Broedse hennen hebben een kale plek op hun buik (waar ze de eieren tegenaan leggen), maken speciale geluidjes en worden soms wat agressiever. Zorg dat de broedende hen niet gestoord kan worden door de andere kippen en bied haar een graanmengsel aan. Let op of de hen regelmatig kortdurend het nest verlaat om te eten, te drinken en te ontlasten. Zo niet, haal haar dan dagelijks een keer van het nest af. Tijdens het broeden verbleken de kop en de kam van de kip.
Een probleem dat bij natuurbroed op kan treden is dat de hen vroegtijdig stopt met broeden of het broeden te vaak en/of te lang onderbreekt omdat haar gezondheid niet optimaal is. Ook kan het voorkomen dat de hen de kuikens niet of niet goed verzorgt. Preventieve behandeling tegen luizen en mijten voorkomt dat de hen onrustig wordt vanwege de parasieten en het nest verlaat.
Na 21 dagen bebroeden komen de eieren uit. De kloek (moederkip) kan het beste met haar kuikens apart worden gezet, bijvoorbeeld in een rennetje met een nachthok naast de grote ren. De kuikens worden warm gehouden door hun moeder, maar bij erg guur, kil weer kunt u als extra verwarming de eerste tijd in het nachthok een donkerstraler of rode lamp ophangen. Gebruik geen lamp die wit lic...
Gezondheidsproblemen bij Kippen
Gezondheidsproblemen bij (hobby)kippen hebben vaak als oorzaak maagdarmparasieten. Inwendige parasieten zijn grote en kleine (spoel)wormen, lintwormen, haarwormen en coccidiën. Dit uit zich in vermagering, lusteloosheid, bol zitten (buikpijn), diarree, bleek worden van kam en lellen en stoppen met de eiproductie.
Uitwendige parasieten zijn luizen, vlooien en mijten of een infectie met bloedluis (dit is geen luis maar een mijt). Uitingen van besmetting zijn onrustig gedrag door jeuk, slecht verenkleed door krabben en pikken, en bloedarmoede. Kalkpoten worden ook veroorzaakt door een mijt. De kip krijgt dan vuilwitte, droge korsten tussen de schubben van de poten. Preventief behandelen met witte kalk tegen bloedluis werkt het beste. De poten behandelen met een dikke laag vaseline zodat de mijten stikken.
Ziekte van het ademhalingsstelsel komt ook regelmatig voor. Door tocht, te veel kippen bij elkaar of een slechte hygiëne kunnen virussen, bacteriën of schimmels dit veroorzaken. Het uit zich door niezen, rochelen, neusuitvloeiing (snot) en benauwdheid (met snavel open ademen).
Vogelgriep (vogelpest of Aviaire Influenza) komt steeds vaker voor. Deze kan door verschillende virussen veroorzaakt worden en is zeer besmettelijk.
Waar Koop Je Een Kip?
Kippen kun je kopen bij fokkers, bij een boer of bij een dierenopvang. Maak eerst een keuze voor een ras of juist een rasloze kip. En overleg ook met uw buren of er bezwaar is. Kippen zijn niet duur in aanschaf. Voer en strooisel kosten enkele euro’s per maand. De bouw van een (kant-en-klaar) hok is een eenmalige aanschaf.
Bij handelaren, winkeliers en op Marktplaats is er veel aanbod. Mensen met plezier in hun hobby zorgen in het algemeen het beste voor hun dieren. Denk eraan als je jonge kuikens koopt van een paar dagen oud dat deze ook warmte nodig hebben.
Dieren welke niet fit lijken, in elkaar gedoken zitten en waarvan de veren overeind staan zijn waarschijnlijk ziek. Het vervoer kan bij normale temperaturen (5-25 graden) prima in een vervoerskist of in een kartonnen doos met flinke luchtgaten. Bij erg warm weer kun je beter een paar dagen wachten met ophalen. Bij thuiskomst worden de kippen het beste eerst in het nachthok geplaatst. Laat de schuif dicht zodat ze het nachthok niet uit kunnen. Zet de volgende dag de schuif open en wacht rustig af of de kippen de weg naar de ren vinden. Kippen zijn nieuwsgierig dus vroeg of laat waagt de eerste zich naar buiten, de rest volgt vanzelf. Controleer de eerste paar avonden of de kippen ook in het nachthok zijn gaan slapen, zo niet dan pak je de dieren op en zet ze op de stok in het nachthok.
Kippenrassen en Hun Eigenschappen
Er zijn ruim 400 kippenrassen, variërend van grote rassen tot dwergrassen (krielkippen). Het formaat bepaalt de grootte van het hok. Er is een verdeling tussen legkippen en sierkippen. Legkippen leggen veel eieren maar worden niet oud, terwijl sierkippen minder eieren leggen maar langer leven (5-8 jaar). Elk ras heeft zijn eigen karakter; oud-Hollandse rassen zijn afstandelijker, terwijl Aziatische rassen vaak tam zijn.
Hieronder een overzicht van enkele populaire kippenrassen en hun eigenschappen:
| Ras | Karakter | Eieren per jaar | Bijzonderheden |
|---|---|---|---|
| Witte Leghorn | Levendig | 340 | Bekend om de hoge eierproductie |
| Isa Brown | Rustig | 320 | Populaire bruine leghen |
| Sussex | Rustig | 260 | Goede legger met rustig karakter |
| Olijflegger | Rustig | 180 | Legt olijfkleurige eieren |
| Zijdehoen | Rustig | 100 | Bekend om het zachte, pluizige verenkleed |
| Brahma | Rustig | 150 | Groot ras met rustig karakter |
Naast deze rassen zijn er nog vele andere opties, zoals de Barnevelder, Zweedse Bloemenkip, Baardkuifhoen, Orpington en Cochin. Elk ras heeft unieke eigenschappen en kenmerken, waardoor er voor elke kippenliefhebber wel een geschikt ras te vinden is.

