Braken is een natuurlijke beschermingsreactie van het lichaam. Het is een (meestal) een reflex van het lichaam. Misselijkheid en braken gaan vaak samen. Zien, ruiken en proeven kan de misselijkheid opwekken.

De maag krijgt het signaal om zich te legen en de stoffen die niet in het lichaam thuishoren, komen samen met de rest van de maaginhoud via de slokdarm en de mond weer naar buiten. Bij jonge kinderen, zoals zuigelingen, wordt bij braken vaker over spugen gesproken. Braken komt vaak voor bij kinderen: er zijn diverse oorzaken voor dit probleem. Het braken zelf is geen ziekte, maar een symptoom van een ziekte.

Wat is de oorzaak van braken?

Er zijn heel uiteenlopende oorzaken van braken bij kinderen. De ziekten die dit braken veroorzaken, verschillen ook in ernst. De onderstaande lijst is niet volledig, dit zijn wel de meest voorkomende oorzaken van braken.

  • Maagdarminfecties: Maag- of darminfecties komen het meest voor bij kinderen en zijn de bekendste reden om te braken. Voor, tijdens en na het braken kan misselijkheid, buikpijn en diarree optreden.
  • Koorts: Als je kind koorts heeft, geeft dit soms aanleiding tot maag-darmverschijnselen zoals misselijkheid en braken. Dit is vooral bij jonge kinderen het geval.
  • Wagenziekte: Sommige kinderen zijn erg gevoelig voor wagenziekte. Als je kind dan lang in een rijdende auto zit, treedt de misselijkheid op en is er kans op braken.
  • Zonnesteek: Overmatig sporten of spelen in de zon met oververhitting geeft kans op een zonnesteek. Dit kan een reden zijn voor misselijkheid en braken.
  • Voedselallergie: Braken kan ook een uiting zijn van voedselallergie. Het braken is dan bijna altijd in combinatie met huidverschijnselen, zoals galbulten of een andere jeukende huiduitslag.
  • Stress, zorgen of spanning: Soms moet een kind overgeven als het erg gespannen of bang is.
  • Hersenschudding: Als je kind op zijn hoofd is gevallen, dan is het braken vaak een uiting van een hersenschudding.
  • Migraine: Hoofdpijnaanvallen die gepaard gaan met misselijkheid en braken zijn vaak een uiting van migraine.
  • Reisziekte: Je kind kan misselijk zijn en overgeven door reizen in een auto, boot of vliegtuig.
  • Reflux: Bij baby’s komt vaak na het voeden een klein deel van de voeding weer omhoog. Dit noemen we spugen of reflux. Dit is normaal bij baby’s.
  • Oververmoeidheid en stress: Wanneer er van alles om je kind heen gebeurt, zoals een verhuizing, grote toetsen op school of een scheiding kan dit leiden tot spanningen bij je kind.
  • besmet eten: Overgeven komt soms door bacteriën in bedorven voedsel. Dan gaat het vaak samen met buikpijn en diarree. Soms ook met koorts.

Symptomen bij buikgriep

Buikgriep is meestal de oorzaak van misselijk zijn en overgeven bij kinderen. Je kind heeft dan ook vaak buikpijn en diarree, soms ook koorts. Buikgriep komt meestal door een virus in de maag en darm. Bij buikgriep heeft uw kind bijna altijd klachten van (waterdunne) diarree en/of overgeven. Deze klachten ontstaan vaak vrij plotseling.

Andere klachten variëren per leeftijd. Klachten die vaak voorkomen zijn:

  • Misselijkheid
  • Buikpijn of buikkrampen
  • Verminderde eetlust
  • Koorts
  • Hoofdpijn en duizeligheid
  • Spierpijn
  • Weinig energie, hangerig

Deze klachten houden vaak 3 tot 7 dagen aan.

Behandeling en adviezen

De behandeling van braken is gericht op de oorzaak. Omdat er verschillende oorzaken zijn, is er niet één aanpak. Er zijn medicijnen die bij braken kunnen worden gegeven, maar het is afhankelijk van de oorzaak of dit zinvol en effectief is.

Als een kind veel braakt, verliest hij veel vocht. Je kunt de vochttoestand in de gaten houden door te kijken naar hoeveel je kind plast. Als er niet binnen twaalf uur is geplast, heeft je kind waarschijnlijk een vochttekort opgelopen. Het is beter om dan vaker kleine hoeveelheden vocht te geven dan in één keer heel veel. Vermijd koolzuurhoudende dranken, erg gezoete drank of melkdrankjes. (Kleine beetjes) water is een veilige optie.

Tips en adviezen als je kind moet overgeven:

  • Geef je kind vaak te drinken. Geef je kind elke 5 minuten een paar slokjes te drinken. Geef je kind tussen de voedingen ook zo vaak mogelijk een paar slokjes water. Je kunt water in de speen van de fles doen. Geef water, thee, limonade of iets anders wat je kind lekker vindt.
  • Laat je kind niet veel in 1 keer drinken. Misschien moet je kind na een paar slokjes meteen weer overgeven. Blijf dan toch steeds drinken geven. Als het overgeven minder wordt, kan je kind weer wat meer tegelijk drinken.
  • Geef je kind dezelfde flesvoeding als normaal.
  • Blijf gewoon (borst)voeding geven. Het helpt soms om je kind wat vaker kleine hoeveelheden voeding te geven.
  • Een paar dagen niet eten of minder eten is niet erg. Krijgt je kind weer trek, maar is je kind nog niet helemaal beter? Begin dan met kleine beetjes eten.
  • Stel je kind gerust. Kinderen vinden overgeven vaak eng. Eten is nu even wat minder belangrijk. Als je kind dus even niet wilt eten, is dat prima. Zo gauw het trek heeft, kan het weer gaan eten.
  • Zorg voor goede hygiëne. Overgeven komt vaak door buikgriep. Virussen die zorgen voor buikgriep gaan makkelijk van je kind naar anderen. Laat iedereen in huis de handen goed wassen met water en zeep. Dit is vooral belangrijk nadat je de luier hebt verschoond of naar de wc bent geweest. Hou de wc goed schoon.

ORS-junior

Je kunt je kind ORS-junior geven om uitdroging te voorkomen. Je kunt ORS-junior kopen bij de drogist of apotheek. ORS is een drankje met een bepaalde combinatie van suiker met zout. Daarmee houdt het lichaam vocht beter vast.

Welke soorten ORS zijn er? ORS is er als een drankje. Het is ook te koop als zakjes met poeder. Daarmee kun je de drank zelf maken met water. Kijk goed op de verpakking hoe je dat moet doen. Op de verpakking staat ook hoeveel ORS je je kind moet geven.

Zo geef je ORS aan je kind:

  • Geef je kind ORS meteen na elke keer diarree of overgeven. Lukt dit niet? Geef je kind dan de hele dag door om de paar minuten een slokje ORS. Doe dit met een lepel of een rietje.
  • Geef baby's de ORS voor de borstvoeding of flesvoeding. Geef daarna de normale hoeveelheid flesvoeding of borstvoeding. Geef ook tussen de voeding steeds een slokje ORS. Je kunt bijvoorbeeld een beetje ORS in de speen van de fles doen, of op een lepeltje.
  • Ook als je kind vaak overgeeft, kun je toch ORS geven. Er blijft altijd wel iets in het lichaam van je kind.
  • Geef ORS zolang je kind overgeeft of diarree heeft.
  • Je kind mag naast ORS ook andere dingen drinken als het daar zin in heeft.

Wanneer naar de dokter?

Bekijk je kind goed en bepaal dan of er een doktersbezoek nodig is. Zieke kinderen kunnen zich, vooral als ze jong zijn, hun klachten moeilijk onder woorden brengen. Zeker bij een klacht als braken is het erg belangrijk om te kijken hoe je kind zich gedraagt.

Neem direct contact op met de huisarts bij één of meer van de onderstaande symptomen:

Kinderen jonger dan twee jaar

Neem direct contact op met de praktijk of huisartsenpost als een kind braakt en:

  • Erge buikpijn heeft.
  • Verward en suf is.
  • Eerder op zijn hoofd is gevallen.
  • Als er bloed bij het braaksel zit.
  • Ook diarree en koorts heeft.
  • Niet wil drinken.
  • Een halve dag niet heeft geplast.

Kinderen ouder dan twee jaar

Neem direct contact op met de praktijk of huisartsenpost als een kind braakt en:

  • Erge buikpijn heeft.
  • Verward en suf is en/of flauwvalt.
  • Eerder op zijn hoofd is gevallen.
  • Als er bloed bij het braaksel zit.
  • Een dag niet heeft geplast.
  • Bel je huisarts als je kind steeds overgeeft en veel minder drinkt dan normaal. Bel direct de huisarts als je kind suf is of niet goed wakker te krijgen.

Let op: denk je dat je kind misschien al is uitgedroogd? Bel dan direct je huisarts.

labels:

Zie ook: