De geschiedenis van NSVV Heyendaal begint in 1967. De heren Goudbeek en Vrieler hebben aan het begin van de 21e eeuw een negendelige ‘anthology’ geschreven over de vereniging. Negen literaire werken over het wel en wee van NSVV Heyendaal in vroegere tijden.

Wegens gebrek aan archiefmateriaal bezondigen wij ons in deze aflevering nu aan het analyseren van het aanwezige beeldmateriaal. In de door ons bemachtigde database (de doos van Henk) vonden wij spelerskaarten vanaf begin jaren zeventig tot begin jaren negentig. Hoewel stellers deze al geruime tijd binnen de vereniging rondlopen, waren er maar weinig gezichten en namen die belletjes deden rinkelen.

Rick Brouwer deed dat bijvoorbeeld wel, net als Jeroen Kroeze, tegenwoordig actief bij de concurrent uit Nijmegen Oost, Pegasus. Bekende dames waren Astrid Donderwinkel, ITorganisator van het eerste uur en een Meike Brendel, oud dames 2.

Analyse van het beeldmateriaal

R. Eerst maar de cijfers. Binnen ons beperkte archief valt onmiddellijk het grote verschil in aantal tussen mannen en vrouwen op. Eénenzeventig (71!) procent van de brildragers is man, waardoor het percentage van negenentwintig (29) procent overblijft voor het vrouwelijke deel van de Heyendaalpopulatie.

Wanneer we een verdeling naar tijdvak maken, dan valt onmiddellijk op dat het brilgebruik goed te vangen is middels een parabolische kromme. Is het aantal brillen in het begin van het achtste decennium van de vorige eeuw nog magertjes, eind jaren zeventig is het al fors tot stevig, waarna de jaren negentig een lichte afname vertonen. De auteurs vermoeden dat dit wellicht in een bredere maatschappelijke ontwikkeling gezien moet worden.

Rechts zijn drie voorbeelden te zien van trotse brildragende volleyballers. De baardige jongeman (Frank Linthorst) is geboren in 1960 en kwam uit voor Heyendaal eind jaren zeventig (interpolatie van de auteurs). Behalve zijn opvallend giganteske bril heeft Frank een erg modieus (we schrijven 1978) Corduroy jasje aan.

Meer tot de verbeelding sprekend is de bril van Gé Groenewegen (*1954), de gebloesde jongeman van waarschijnlijk Limburgse afkomst. Hij volleybalde in ieder geval van 1980 tot 1982 bij Heyendaal, maar waarschijnlijk stamt zijn foto uit zijn tijd op de HBSA. Opvallend is het zware montuur en de dikke poten die tegenwoordig aan populariteit hebben ingeboet.

Uiterst rechts maken we kennis met Gerard Berendsen (*1959) uit Enschede, die voordat hij bij Heyendaal kwam spelen uitkwam voor Spirit Actief . Dan nu de langharige sectie van brildragend Heyendaal . Merk op hoe professioneel Hilbrand (*1951) zijn lokken rond zijn bril gedrapeerd heeft.

Wij vermoeden enige ambities in de richting van de showbizz. Het is niet John de Wolf die midden op de pagina prijkt (de auteurs moesten ook even het zand uit hun ogen wrijven), doch Marius Christiaans, geboren in 1956. Nieuw element in het Heyendaal brillenbestand is het getinte glas dat in Marius’ montuur geklemd zit.

Tenslotte is daar Rik Peeters (*1955) die zo vriendelijk is geweest zijn studieadres op Galgenveld te laten vermelden, waar hij gehemd zijn studie sociologie tussen de “axies” door in negen jaar afronde. Tot zover deze dwarsdoorsnede van de brildragende mannen binnen Heyendaal.

Uiteraard is deze verre van volledig, maar gepoogd is een beeld te geven van hoe de bebrilde helde het zouden hebben kunnen betreden in de decennia die achter ons liggen. Marjo Thijssen (*1952) oogt begin jaren zeventig tamelijk éénentwintigsteeeuws.

Het moderne straatbeeld wordt gedomineerd door dit type rechthoekige brillen met een zwaar montuur. Deze struise Cuijkse is wellicht familie van een van de langste voorzitters uit de historie van Heyendaal. Dat kan niet gezegd worden van Miek Lindelauf (*1951).

Zij is misschien wel de eerste oosterbuur die de gelederen van Heyendaal kwam versterken. Haar bril zou hier een indicatie van kunnen zijn. Richten wij de blik op Monique Bekkers, dan springt de grote vervorming die de bril veroorzaakt onmiddellijk in het oog.

Indertijd was het gebruikelijk aan het begin van het seizoen een medische sportkeuring te ondergaan. Bij goedkeuring werd je spelerskaart voorzien van een groene stempel, geldig voor een jaar. De kaart van Monique bevat echter voor het seizoen 1977-78 een rode “A”.

Curieus is de spelerskaart van Puiflijkse R. van Kruisbergen, geboren in 1957. Zowel bij Heyendaal als bij de NeVoBo is de voornaam van deze van de Flamingo’s afkomstige bebrilde onbekend gebleven. Als klap op de vuurpijl hebben wij de hand weten te leggen op de foto van waarschijnlijk de eerste Romy die onze vereniging rijk is geweest, namelijk Romy van den Broek (*1959).

De Brigitte Bardot lookalike heeft gespeeld bij Geldrop volgens een aantekening achter op de kaart. Voorts valt de perfecte symbiose op tussen de belichting, bril en haarkleur. Fotografie stond toentertijd duidelijk al niet meer in haar kinderschoenen.

De aandacht van de auteurs ging echter veel meer uit naar de schier onmogelijke toevalligheid van combinatie van voor en achternaam. Deze eerste aflevering van de Heyendaal Anthology vertoont uiteraard nogal wat giswerk en hiaten. De auteurs, wetenschappers in hart en nieren, zijn hier niet onverdeeld gelukkig mee.

Immers, gedegen onderzoek en reconstructie is gebaat bij een grondige analyse van aanwezig archiefmateriaal. Drs. Drs. M.B. Drs. J.A. Money!

Sponsoring bij Heyendaal

In de herfst van 1992 informeert Pascal Cramer of het mogelijk en wenselijk is om voor Heyendaal een sponsor te zoeken. Hiermee wordt een begin gemaakt met de volwassenwording van Heyendaal op financieel gebied. In de jaren die er op zouden volgen stond sponsoring diverse malen hoog op de agenda van het bestuur en diverse sponsorcommissies.

Reden voor de plotselinge interesse in het aanboren van externe gelden was het besluit van het bestuur over te gaan op het aanschaffen van verenigingsshirts. Tot dan had iedere Heyendaler gespeeld in zijn eigen strakke jadekleurig tenue dat hij eigenhandig had moeten aanschaffen en moeten voorzien van borst- en rugnummer.

De leverancier van deze shirts ging failliet in 1992, waardoor aan deze status-quo een bruusk einde kwam. Bijna een jaar na de vraag van Pascal komt het bestuur met een geheel ander geluid: “Sponsoring blijkt toch te zijn toegestaan door het Sportcentrum. mee akkoord dat elk team zelf naar een sponsor mag zoeken, onder de voorwaarde dat de reclame op de huidige Heyendaalshirts gedrukt wordt.

In deze periode werd de vereniging voor de eerste en laatste maal het pad van de ideële sponsoring opgestuurd. Heren 1, de handschoen van het bestuur opnemend, probeerde naar een idee van Walter van Eldijk ideële instellingen te interesseren. Eén voor één haakten die af.

Enthousiast reageerde de Stichting SOA op het verzoek om sponsoring (wij citeren het bestuur: “Iedereen met een condoom op zijn kop in het veld!”). De Stichting SOA wilde Heyendaal sponsoren voor een bedrag van fl. 3000,- (E 1359,-). Nu moest de NeVoBo nog overstag.

Heyendaalpraeses Corné Dingemans schreef de bond voortvarend aan en pleitte vurig voor het toestaan van deze vorm van sponsoring: “Het verbieden van ideële reclame van deze soort (anti-discriminatie, aids-preventie of anti-alcohol) door de NeVoBo zou een betreurenswaardige actie zijn.

Het zou de NeVoBo juist sieren dergelijke initiatieven te stimuleren en/of te belonen.” Op deze mooie brief antwoordde de bond korzelig: “In uw brief geeft u al aan dat de Nederlandse Volleybal Bond sponsoring van leuzen [Nou ja zeg! of ideële reclame niet kan goedkeuren.

Echter, in uw brief doet u een dringend beroep op ons, ons besluit te herzien en toch toestemming te geven voor uw sponsoring. .” Corné filosofeert in het Heyendaal Bulletin nog wat door, en vermoedt dat de bond zich graag verre houdt van niet-commerciële sponsoring om to voorkomen dat ze als een scherprechter moet oordelen over de inhoud ervan.

Waarom mag “Colourful Nijmegen” wel en “Eigen volk eerst”(3) niet? De reactie van de bond liet, en dit verbaast ons natuurlijk allerminst, lang op zich wachten. Na enkele maanden kwam de bond met de mededeling dat de “statuten en reglementen”(4) van de NeVoBo ook voor Heyendaal opgeld deden.

De conclusie was dat het voeren van ideële reclame niet toegestaan was. Het toenmalige bestuur, luchtkastelen bouwend als immer, nam op hoge poten contact op met een hoofdbestuurslid. Deze gaf hen een andere lezing dan de brief.

Corné: “Indien onze vereniging een leus in de trant van “Stop racisme” of “Ik vrij veilig, of ik vrij niet” op de borst zou zetten, dan zou dit ingaan tegen de regels van de NeVoBo. Echter, indien wij een sponsorcontract afsluiten met een anti-discriminatiebureau of met de Stichting SOA met daarin opgenomen dat wij als tegenprestatie voor de geleverde shirtjes deze zullen dragen tijdens officiële wedstrijden en dezelfde leuzen staan op deze shirts, dan is dit WEL toegestaan.

Het komt er dus op neer dat “Eigen volk eerst” best op het shirt mag, als Janmaat maar betaalt! Wij tekenden op uit de Heybul: “De vroegere stamkroeg van A.F.Th. van der Heijden. Onbegrijpelijk. Dat een toch zo hoog aangeslagen schrijver uitgerekend De Tempelier veelvuldig bezocht! Met stomheid geslagen, dat waren we.

Vooral Tonny, die een groot liefhebber van zijn werk is, was zwaar gedesillusioneerd. Alsof het allemaal nog niet erg genoeg was, viel een opdringerige barman ons almaar lastig. Of we geen interesse hadden door zijn café gesponsord te worden? Daar moesten we in eerste instantie toch wel hartelijk om lachen, maar toen bleek dat hij het serieus meende, verging ons het lachen snel.

Sterker nog: Tonny werd op een gegeven moment vreselijk agressief en als Tonny hem niet had tegengehouden waren er nog ongelukken gebeurd. Stel je eens voor: ‘De Tempelier’ prijkend op onze shirts. Na drie jaar sponsoring door De Tempelier was het feest voorbij en deed cafébaas èn neerlandicus Frans van de Fiets (6) zijn intrede.

Daarvoor heeft echter heel wat water door de Waal moeten stromen. Er waren contacten met de Rabobank, café ‘t Haantje en de URD, die echter op niets uitliepen. PrintOut was het eerste bedrijf waarmee de sponsorcommissie concreet praatte.

PrintOut wilde alleen in natura sponsoren, terwijl Heyendaal shirts èn geld wilde. De deal ketste hierop af. Frans van de Fiets kon deze wens wel inwilligen. Net als bij De Tempelier was een van de onderdelen van de overeenkomst de aanwezigheid van Heyendaal in het café.

Eén van de redenen voor het verbreken van de overeenkomst met De Tempelier was de gebrekkige aanwezigheid aldaar. Toen deze situatie ook na een klemmende oproep niet veranderde werd de sponsoring niet voortgezet.

In het contract met De Fiets verplichtte Heyendaal zich, naast cafébezoek, tot het organiseren van minimaal vijf feesten in De Fiets. Een wurgcontract, naar later bleek. Op de oproep van voorzitter Hein Fennema om toch vooral naar De Fiets te komen, antwoordde toenmalig enfant terrible Marco van Haaren met een verontwaardigd: “Dat is onzin.

Deze discussie is in de ogen van de auteurs illustratief voor de wijze waarop Heyendaal met sponsoring omgaat. Waarom kijkt men toch altijd naar wat Heyendaal een sponsor te bieden heeft, behalve vergroting van de naamsbekendheid van de sponsor via shirtsponsoring?

Het lijkt dat met de gang van zaken rond De Tempelier en zeker De Fiets een precedent geschapen is. Op de een of andere manier heeft dit geresulteerd in een benadering van sponsoring waarbij het sponsorgeld blijkbaar middels birella’s en taki-taki’s terug dient te vloeien in de sponsorkassa. Na drie fietsende jaren werd het tijd een en ander te herzien.

Wilde Heyendaal door, wilde Frans wel door? Een queeste naar mogelijke nieuwe sponsoren liep weer eens op niets uit, en Frans van de Fiets leek de enige gegadigde. Het zittende bestuur-Thijssen besloot te mikken op een structurele verbetering.

Vanwege de geslaagde pogingen om De Fiets op competitiedagen vol te laten lopen met Heyendalers, meende Heyendaal een gunstige onderhandelingspositie te hebben verworven. Daar kwamen de gestegen kosten voor de aanschaf van verenigingsshirts bij.

Het werd duidelijk dat De Fiets met een hoger bedrag dan de jaarlijkse fl. 1000,- (E 454,-) over de brug moest komen. Frans bleek daar niet aan te willen voldoen, waardoor De Fiets afviel als sponsor. Toch al de populairste kroeg binnen het Heyendaalse, leek De Fuik de gedroomde kandidaat.

En zo geschiedde. Noviteit was de introductie van de broeksponsoring van de mannelijke en vrouwelijke slaggenschepen door café De Opera, waarmee Heyendaal voor het eerst in haar roemruchte geschiedenis twee sponsoren had.

De sponsoring door De Fuik en De Opera kende echter een wat onplezierig einde. Faillissementen van beide etablissementen leidde tot onzekerheid over het nakomen van het sponsorcontract bij De Fuik en tot opzegging van de overeenkomst door De Opera.

Hoewel sponsoring binnen Heyendaal een relatief nieuw verschijnsel is, blijkt dat ieder bestuur het wiel opnieuw moet uitvinden. Uitpluizen van de bestuursnotulen leerde ons dat het ene bestuur zelden op de hoogte is van de acties en de strategieën van zijn voorgangers.

Dit is waarschijnlijk inherent aan het karakter van de vereniging, waarin bestuursleden doorgaans korte ambstermijnen kennen. Het studentenleven van de jaren negentig beidt ook nauwelijks nog plaats voor ‘dinosauriërs’ als Pieter-Paul Schellekens (twintig jaar lid, jawel).

Algemene Ledenvergadering

Drs. Drs. M.B. Drs. J.A. (4) Geesink 2002: p. ALV? Het is twee keer per jaar (en ook niet meer dan twee keer perjaar) de bedoeling dat alle leden van onze bloeiende NSVV zich tegelijkertijd in één ruimte bevinden om te vergaderen over haar verleden, heden (“de puinhopen”) en toekomst.

Dit gebeurt tijden de Algemene Ledenvergadering. In het verleden moest een gedeelte van de maandagavondtrainigen wijken voor deze serieuze aangelegenheid.

Nevenstaande tabel doet ons het volgende concluderen. Het moet enorm zweten zijn geweest in dat kleine stinkende vergaderzaaltje van het Sportcentrum (men groeide toendertijd al uit zijn jasje) als er om en nabij de 45 mensen in zaten.

Stel je voor, het angstzweet van het bestuur vermengd met de verhitte gemoederen van het Heyendaalvolk (let them eat cake). De opkomst doet ons democratische hart echter wel sneller kloppen, wat niet gezegd kan worden van de ontwikkeling van de laatste jaren.

Zodra de vergaderingen in Vivaldi’s (vanaf circa 1995) en De Fiets werden gehouden, neemt de opkomst af. Ook bij Heyendaal is het afschudden van ideologische veren blijkbaar bon ton (wij citeren demissionair premier Wim Kok).

Engagement bij de vereniging brokkelt tot onze spijt steeds meer af. Een van de eerste momenten waarop het bestuur probeerde de vergadering op te leuken betrof een ingelaste ALV in de uitbaterij “Tio Pepe” in de Bloemerstraat naast de Plak op 26 maart 1992 (In Tio Pepe kan de liefhebber van blues elke zondagavond zijn hart ophalen tijdens de daar gehouden jamsessies).

Het eten van gezonde hollandsche kost (boerenkool met worst) ging de vergade...

Jaar Locatie Aantal aanwezigen (circa)
Pre-1995 Sportcentrum 45
1995+ Vivaldi's & De Fiets Afname

labels: #Taart #Oven #Ei

Zie ook: