Eieren zijn niet alleen lekker, maar ook perfect voor leuke en leerzame proefjes! Hieronder vind je een aantal experimenten die je thuis kunt uitvoeren om meer te leren over luchtdruk, chemische reacties en de unieke eigenschappen van eieren.

Proef 1: Het Ei in de Fles

Krijg jij een ei zonder moeite door de iets te smalle opening van een fles? Met deze truc is dat appeltje-eitje.

Benodigdheden:

  • 15 minuten
  • Hardgekookt ei (maat XL)
  • Glazen fles met een brede hals
  • Lucifers
  • Volwassene

Aan de slag:

  1. Pel het hardgekookte ei en zet het op de opening van de fles.
  2. Haal het ei van de fles. Vraag een volwassene om drie brandende lucifers in de fles te gooien.
  3. Zet het ei snel weer op de fles. Kijk wat er gebeurt!

Wat gebeurt er?

Lucifers hebben zuurstof nodig om te branden. Wanneer de zuurstof in de fles op is, dan gaan de lucifers uit. De brandende lucifers verwarmen de lucht. Als ze uit gaan, koelt de lucht in de fles af.

De lucht krimpt en de luchtdruk in de fles wordt lager dan buiten de fles.

Lucht is een gas en het duwt alle kanten op. Dit duwen of drukken van de lucht heet luchtdruk. Als lucht opwarmt dan wordt de luchtdruk groter en als lucht afkoelt dan wordt de luchtdruk kleiner.

Als de lucifers in de fles branden, dan warmt de lucht in de fles op en wordt de luchtdruk in de fles groter. De luchtdruk buiten de fles blijft ongeveer gelijk.

Er ontstaat een luchtdrukverschil: de lucht in de fles drukt harder tegen het ei dan de lucht erbuiten. Daardoor wordt het ei omhoog gedrukt en kan het een beetje gaan stuiteren. Er ontsnapt ook een beetje lucht uit de fles.

Voor het branden van de lucifers heb je zuurstof nodig. Tijdens het branden verdwijnt zuurstof (O2) en ontstaat koolzuurgas (CO2) die beide ongeveer evenveel ruimte innemen.

Er kan er geen nieuwe zuurstof in de fles komen doordat het ei de opening van buiten afsluit. Na korte tijd gaan de lucifers uit door een tekort aan zuurstof.

Als de lucifers uitgaan, dan koelt de lucht in de fles af en wordt de luchtdruk in de fles kleiner. De luchtdruk buiten de fles blijft weer ongeveer gelijk.

Er ontstaat weer een luchtdrukverschil: de lucht buiten de fles drukt nu harder tegen het ei dan de lucht erin.

Proef 2: Het Doorzichtige Ei

Onderzoek wat er gebeurt als je een ei in azijn legt.

Wat moet je doen?

  1. Leg een ongekookt ei voorzichtig in een glas.
  2. Giet er azijn bij tot net boven het ei. Tip: leg een schotel op het glas.
  3. Giet na 2 dagen de azijn uit het glas.
  4. Voel aan de schil van het ei. Wat voel je?
  5. Giet weer azijn over het ei en wacht…
  6. Kijk na 10 dagen hoe het ei er uitziet en voel aan de schil.

Wat gebeurt er?

De schaal van eieren bestaat uit kalk. Kalk kan aangetast worden door een zuur zoals appelsap of azijn. Daarbij ontstaat een gas, daarom zie je belletjes verschijnen.

De schaal van een ei bestaat uit kalk, daarom is de schaal hard. Azijn is een zuur en reageert met de kalk. Hierbij ontstaat een gas. Dit gas heet koolstofdioxide (CO2). Door de reactie wordt de schaal eerst zacht en verdwijnt daarna zelfs helemaal.

In kraanwater zit ook kalk, kraanwater met veel kalk noemen we hard water. Hard water geeft aanslag op apparaten zoals bijvoorbeeld waterkokers, koffiezetapparaten en wasmachines.

Proef 3: De Sterkte van een Ei

Je kunt het gebarste ei met één hand stuk knijpen. Een ei is sterk door de ronde vorm van de schaal. Als je in een ei knijpt, wordt de kracht goed over de ronde schaal verdeeld.

Daardoor kun je een ei niet zomaar stukknijpen. Bij een ei met een barst wordt de kracht een stuk minder goed verspreid.

De schaal van een ei is hard en kan daardoor niet goed bewegen. Als de schaal te veel beweegt dan breekt het ei. Maar een ei kan toch tegen een klein stootje, doordat de ronde vorm ervoor zorgt dat krachten over de schaal worden verdeeld.

Als je een gaaf ei probeert stuk te knijpen, houd je je hand een beetje om het ei heen. Hierdoor wordt de kracht van het knijpen goed over het ei verspreid. De knijpkracht is daardoor niet groot genoeg om de ronde schaal te breken.

Als je een gaaf ei op tafel tikt, dan werkt de kracht van het tikken op één plek. Doordat de kracht niet goed over het ei wordt verspreid, lukt het om een barst in de schaal te maken.

De schaal van een gebarsten ei is veel minder sterk dan van een gaaf ei. De schaal loopt niet meer goed door rondom het ei, waardoor de krachten minder goed verdeeld kunnen worden.

Proef 4: Rauw of Hardgekookt?

Eén ei draaide makkelijker en sneller rond. Toen je op het ei tikte dat makkelijker en sneller ronddraaide, kwam het ei bijna direct stil te liggen.

Een hardgekookt ei is hard van binnen. Als je dat ronddraait, dan beweegt het hele ei in een keer. Een rauw ei is vloeibaar van binnen. Als je dat ronddraait, dan kan de vloeistof los van de schaal bewegen.

De vaste inhoud van het hardgekookte ei komt makkelijker in beweging dan de losse inhoud van het rauwe ei. Daardoor draaide het hardgekookte ei makkelijker en sneller dan het rauwe ei. De vaste inhoud van het hardgekookte ei komt ook makkelijker tot stilstand dan de losse inhoud van het rauwe ei.

Een kippenei bestaat uit een dooier en eiwit met daaromheen een harde schaal. De dooier en het eiwit van een rauw ei zijn grotendeels vloeibaar. Als je het rauwe ei voldoende verhit, dan wordt eerst het eiwit hard (zachtgekookt ei) en daarna ook de dooier (hardgekookt ei).

Bij een rauw ei kunnen de dooier en het eiwit los van de schaal bewegen. Bij een hardgekookt ei kunnen ze dat niet, want ze vormen één vast geheel.

Als je een ei met je vingers laat ronddraaien, dan duw je tegen de schaal. Een hardgekookt ei, waarvan de inhoud aan de schaal vast zit, draait daardoor makkelijker en sneller dan het rauwe ei, waarvan de inhoud niet aan de schaal vast zit.

Bij het rauwe ei komen de dooier en het eiwit niet zomaar in beweging. Als je het ei laat ronddraaien, dan draaien ze niet direct mee met de schaal. Maar als ze eenmaal in beweging zijn gekomen, dan komen ze ook niet zomaar tot stilstand wanneer je op het ei tikt.

Veiligheid

Uiteraard is door C3 veel zorg aan dit proefje besteed. Centrum JongerenCommunicatie Chemie aanvaardt echter geen aansprakelijkheid voor schade die eventueel is ontstaan bij het uitvoeren van deze proef. Bekijk ook de pagina Veiligheid voor meer informatie over het veilig werken met proefjes.

labels: #Ei

Zie ook: