Dit winterseizoen staat voor mij in het teken van experimenteren met boerenkool. Ik hou ontzettend van boerenkool stamppot. Vegetarisch, dat wel, dus zonder spekjes en worst. Dit seizoen wil ik echter ook eens wat anders. Zo heb ik een aantal salades gemaakt met boerenkool en deel ik vandaag het recept voor boerenkool risotto met je.
Zoals je inmiddels misschien wel weet is risotto een van mijn lievelingsgerechten. Risotto met pompoen, prei, zomerse groenten, mais, spinazie, ik vind het allemaal heerlijk! Dus boerenkool in risotto was voor mij een voor de hand liggend experiment. Het resultaat is heerlijk!
Boerenkool niet meer in het seizoen? Vervang ‘m dan door raapstelen, rucola of veldsla die je er op ’t laatst rauw doorheen roert. De taleggio kan je vervangen door een zachtere kaas zoals mozzarella of zachte brie.
Boerenkool kennen we natuurlijk allemaal van de stamppot - ouderwets lekker, maar deze krachtpatser kan véél meer! Boerenkool is misschien wel de stoerste groente die er is. Koud, regen, sneeuw? Deze groene krachtpatser overleeft het allemaal en wordt er zelfs lekkerder van. De licht pittige, nootachtige smaak geeft gerechten een heerlijke kick én het zit ook nog eens bomvol vitamines.
Door boerenkool en risotto te combineren, krijg je een gerecht dat zowel romig als fris is. De zachte risotto omarmt de stevige textuur en hartige smaak van de boerenkool, waardoor je een perfecte balans krijgt. En het fijne? Dit recept is niet alleen verrukkelijk, maar ook voedzaam en verrassend makkelijk te maken.
Ingrediënten:
- 2 el olijfolie
- 1 ui, fijngesneden
- 350 g arboriorijst
- 200 ml witte wijn
- 650 ml hete kippen- of groentebouillon
- 100 g blauwe kaas bijv.
Bereidingswijze
- Verhit 2 el olijfolie in een pan met dikke bodem. Fruit de ui met 2 tenen knoflook 4 min. Schep de risotto erdoor en bak 1-2 min. tot de korrels glanzend en glazig zijn.
- Schenk de wijn erbij en laat de rijst de wijn zachtjes kokend opnemen.
- Schep eenderde van de boerenkoolbouillon bij de rijst (alleen de bouillon, de boerenkool voeg je later toe). Leg ook het rozemarijntakje in de pan. Laat de rijst de bouillon zachtjes kokend opnemen.
- Voeg nog 2x bouillon toe en kook de risotto in 18-20 min. onder regelmatig roeren beetgaar.
- Neem de pan met risotto van het vuur en haal de rozemarijn eruit. Schep de boerenkool en taleggio erdoor en breng op smaak met peper. Laat de risotto afgedekt 5 min.
Voor deze risotto met boerenkool heb ik de traditionele manier van risotto maken toegepast, waarbij ik wel de witte wijn heb vervangen voor rode wijn. Dat doe ik vaker, als ik de risotto iets meer kracht wil geven. Let wel op dat je risotto dan gelijk een roestbruin-kleurtje krijgt, dat moet wel passen bij het eindresultaat wat je voor ogen hebt.
Terwijl de risotto rustig aan het garen was, bakte ik de rookworst uit in kleine blokjes en roerbakte ik de boerenkool. Ik hou meer van boerenkool met een bite dan kapot gekookt en besloot daarom om de roergebakken boerenkool pas op het laatst door de risotto te roeren. Zo behoud je de textuur, maar ook de kleur. En dan op het laatst nog de oude kaas hè, lekker veel.
Verhit een grote braadpan en smelt hierin circa 10 gram boter. Fruit hierin de ui op middellaag vuur voor 5 minuten, laat de ui niet verkleuren. Strooi de risottorrijst in de pan en bak 1 minuut terwijl je blijft roeren. Schenk daarna de rode wijn in de pan en roer rustig door tot de wijn verdampt is.
Zet een pan met de warme kippenbouillon ernaast en schep 2 soeplepels van de bouillon in de pan. Roer in het begin regelmatig terwijl de bouillon langzaam pruttelt, later in het proces hoef je wat minder te roeren. Als het vocht bijna volledig is opgenomen door de rijstkorrels schenk je er weer een soeplepel bouillon bij. Dit blijf je herhalen tot de rijstkorrels beetgaar zijn (af en toe even proeven) en de substantie van de risotto er mooi romig uit ziet.
Laat het niet droog koken, voeg dan gewoon nog wat bouillon toe. Roer halverwege ook de gedroogde tijm erdoor. In totaal ben je hier een half uurtje mee bezig.
Ondertussen snijd je de rookworst in kleine blokjes. Verhit een grote hapjespan en schenk er 1 eetlepel bakolijfolie in. Bak de blokjes in circa 10 minuten op middelhoog tot hoog vuur uit tot ze mooi bruin worden en licht knapperig. Schep ze daarna met een schuimspaan op een bordje.
Roerbak nu de gesneden boerenkool in het vet van de hapjespan, dat kan ook in twee delen als je pan te klein is. Breng de boerenkool tijdens het bakken op smaak met zout en kruidnagelpoeder. In circa 4 - 5 minuten is je boerenkool goed gebakken en heeft het nog steeds een mooie, groene kleur. Schep over in een kom.
Als je risotto bijna gaar is, roer je driekwart van de gebakken rookworst en boerenkool erdoor. Zorg dat het goed gemengd is en voeg nog wat extra bouillon toe, want er gaat een aardig volume aan ingrediënten bij. Laat daarna nog even rustig pruttelen om alles samen te laten komen.
Is de rijst gaar? Roer de geraspte oude kaas erdoor samen met wat blokjes boter. Mag prima nog 10 gram bij.
Heb je een kliekje over? Bewaar deze dan in de koelkast voor de volgende dag. Risotto warm je nooit op in de magnetron of oven, want dan wordt het een droge bende. Meng het in een pan met een beetje bouillon en laat het zo rustig warm en weer romig worden. De risotto zal dan niet meer beetgaar zijn, maar nog steeds heerlijk van smaak.
Verwarm een pannetje met 500 tot 600 ml water en laat hier het bouillonblokje in oplossen. Snipper de ui en knoflook fijn. Fruit aan in een pan met een beetje olie. Voeg na 2 minuten de risottorijst toe en roerbak even mee. Blus af met een scheutje witte wijn. Als deze is opgenomen voeg je ongeveer een soeplepel bouillon toe. Laat ook deze opnemen door de risottorijst en roer af en toe door.
Voeg dan de boerenkool toe en laat slinken door de rijst. Voeg tussendoor ook de bouillon beetje bij beetje toe. Het kan zijn dat je een beetje bouillon over houd. Na in totaal ongeveer 25 minuten zachtjes koken is de risotto klaar. Proef of deze gaar is maar nog een kleine bite heeft, je wil geen prutje. Roer dan een klontje boter en de kaas er door.
labels:




