Vijftig jaar geleden publiceerde de dwarse Franse uitgeverij Olympia Press The Naked Lunch, de tweede roman van de Amerikaanse beatschrijver William Burroughs, het vervolg op Junky.
Naked Lunch is een literair werk waarvan de mythe de inhoud zodanig heeft overschaduwd dat het een zelfstandige biografie verdient, waarin het ontstaan, de bedoelingen, structuur en effecten zorgvuldig worden geanalyseerd. Sinds 1959 verschenen niet alleen ontelbare drukken en vertalingen, tevens werden herhaaldelijk nieuwe, uitgebreidere versies aan het publiek gepresenteerd. Literaire coryfeeën als J.G. Ballard en Burroughs-biograaf Barry Miles schreven een voorwoord voor verschillende heruitgaven.
Olympia had twee poten. De voornaamste bron van inkomsten was de Traveller’s Companion Series, een reeks gewaagde erotische pockets - DBs, oftewel dirty books - vooral bedoeld voor Engelstalige toeristen en Amerikaanse GI’s in Parijs. The Naked Lunch (later Naked Lunch) was beide. Er werden tienduizend exemplaren van gedrukt, het dubbele van een normale DB-oplage. Voor die eerste druk wordt inmiddels ruim 750 dollar gevraagd, terwijl een door Burroughs gesigneerd exemplaar twintigduizend dollar moet opbrengen. Niet slecht voor een plotloos, ogenschijnlijk structuurloos boek over de abjecte menselijke aard, verslaving en controle, met sprekende aarzen en homoseksuele bavianen.
William Seward Burroughs (1914-1997) schreef Naked Lunch grotendeels in Tanger, waar hij in 1954 belandde. De titel, ooit geopperd door zijn vriend Jack Kerouac, was volgens Burroughs slechts voor één interpretatie vatbaar: ‘Een naakte lunch, een bevroren moment waarin iedereen ziet wat er aan het eind van de vork zit.’ De voornaamste plek van handeling, de Interzone, baseerde hij op de Noord-Marokkaanse havenplaats, die tussen 1945 en 1956 als een soort onafhankelijke stadstaat functioneerde en werd bestuurd door de consuls van acht Europese landen.
Corruptie, smokkel, geld witwassen, het was allemaal geen probleem in Tanger, net zo min als seks, drugs en homoseksualiteit. Burroughs worstelde met zijn homoseksualiteit en drugsverslaving en had diepe schuldgevoelens over de dood van zijn partner Joan, die hij in 1951 in Mexico-Stad tijdens een dronken, uit de hand gelopen Willem Tell-imitatie door het hoofd had geschoten. Voor het schrijven van Naked Lunch zwoer hij de harddrugs (tijdelijk) af, maar hij nam nog wel hasj en majoun (een zoete hasjpasta). Tanger stelde hem in staat een totale outsider te worden, die door zijn buurtgenoten el hombre invisible werd genoemd, de onzichtbare man.
In Hotel El Muniria werkte hij als een bezetene aan zijn gigantische ‘oerscript’ over drugsverslaving en ontaarding, dat niet alleen de basis voor Naked Lunch zou vormen, maar ook voor zijn volgende trilogie. De handgeschreven pagina’s vielen op de grond, op elkaar, naast elkaar en al snel door elkaar.
De Publicatie van Naked Lunch
In 1957 benaderde Ginsberg voor de eerste keer Olympia Press met een dik pak papier, het manuscript voor Naked Lunch. Girodias bekeek het, typeerde het als een ‘briljant, totaal iconoclastisch werk’ en weigerde het uit te geven omdat het te lezersonvriendelijk was. Pas nadat de Chicago Review in 1958 delen had afgedrukt en er een rel rond Burroughs en diens taalgebruik was ontstaan (Amerika was nog niet gewend aan ass en fuck), toonde Girodias interesse, want controverse verkoopt.
Beiles was net als vele andere vrijbuiters eind jaren vijftig via Tanger in Parijs aangespoeld. Hij had een dirty book voor Olympia geschreven en werkte nu als redacteur voor de uitgeverij. Burroughs had hij in Tanger ontmoet. Op een dag klopte hij op de deur van Burroughs’ kamer in een naamloos, smerig hotel op 9, Rue Gît-le-Coeur, dat dankzij de Amerikaanse schrijvers die er verbleven de bijnaam Beat Hotel had gekregen. Hij trof Burroughs aan in een strak zittend zwart pak vol kaarsvlekken, druk bezig met een vloeistof in een flesje.
Burroughs herkende Beiles niet. ‘Well son, ik ben blij dat je op tijd bent voor je psychoanalyse’, zei hij en vroeg welke behandeling Beiles wilde. ‘Zal ik dan met mijn eigen ervaringen beginnen?’ vroeg Burroughs. ‘Ja. Als je me dat manuscript daar kan geven’, zei Beiles en wees naar een stapel papier in een bak.
Beiles spoedde zich naar Girodias. Weldra brak er paniek uit. Burroughs had inmiddels zoveel versies van Naked Lunch geschreven dat hij totaal het overzicht kwijt was. Er waren delen die hij had herschreven en stukken die hij alsnog wilde invoegen. Er moest keihard worden gewerkt. Beiles pendelde tussen het Beat Hotel en Olympia Press. De pagina’s werden in een tamelijk willekeurige volgorde naar de drukkerij verzonden. Burroughs schrok: het zou maanden gaan kosten om dat allemaal op volgorde te leggen. Beiles keek naar de drukproeven, schudde zijn hoofd en zei dat de volgorde waarin het lag de juiste was. Het enige wat Burroughs hoefde te doen, zei hij, was een nawoord schrijven waarin hij de lezer vertelde dat het boek op elke gewenste volgorde kon worden gelezen.
Burroughs was tevreden met die oplossing: ‘Zo is het’, zei hij. ‘We hebben het niet op volgorde gelegd. Het was puur willekeurig. Maar hoe willekeurig is willekeurig? Precies, dat is de vraag die iedereen stelt, hoe willekeurig is willekeurig.
In juli 1959 kwam de eerste uitgave van The Naked Lunch. Het publiek kreeg een niet na te vertellen absurdistische, soms zieke, soms komische satire voorgeschoteld over de mechanismen (seks, drugs, taal, virussen) waarmee de maatschappij haar onderdanen onderwerpt. Burroughs schrijft over controle en onderdrukking en gebruikt daarvoor de chaotische, helse visioenen van een drugsverslaafde, het prototype van ‘de ongewenste’. Verknipte personages als Dr. Benway zouden in zijn andere werk terugkeren. Het taalgebruik is krachtig en onbarmhartig. Burroughs excelleert in zijn zogenaamde ‘routines’, situaties die tot in het surrealistische uiterste worden doorgevoerd. Het boek leest als free jazz: ongestructureerd, met terugkerende thema’s en daartussen veel improvisatie.
Naked Lunch's blijvende invloed
Ook bleek Burroughs over profetische gaven te beschikken. Burroughs en Naked Lunch lieten uiteindelijk diepe sporen na in de populaire cultuur, als een virus waar Burroughs zo dol op was. In 1991 werd het boek verfilmd door de Canadese regisseur David Cronenberg, die delen uit de roman verbond met biografische elementen uit het leven van de auteur, zodat er iets ontstond wat op een narratief leek.
Burroughs werd ook held voor talloze muzikanten. Kurt Cobain was een grote fan, en Patti Smith, Frank Zappa, Tom Waits, DJ Spooky, Laibach, David Bowie en Soft Machine (vernoemd naar zijn derde roman). Joy Division zette de song Interzone op de debuutelpee en Steely Dan ontleende zijn naam aan een dildo in Naked Lunch.
Bijna allen die aan de totstandkoming van The Naked Lunch meehielpen werden later beroemd. Behalve Sinclair Beiles. In een ongedateerde brief aan Burroughs schreef hij: ‘Het is een feit dat Naked Lunch zonder mij nooit gepubliceerd zou zijn. Ik was het die bij Girodias bleef doorzagen over Naked Lunch. Zo vermoeiend vond hij me dat hij me uiteindelijk naar het Beat Hotel stuurde om het manuscript op te halen.
David Cronenberg's Verfilming
David Cronenberg, regisseur van klassieke bodyhorrorfilms als The Brood en Videodrome, was dé man voor de verfilming van William Burroughs’ cultklassieker Naked Lunch. De regisseur van weirde vertellingen als The Brood en Rabid leek geknipt voor de verfilming van William Burroughs’ stream of consciousness-vertelling Naked Lunch.
Cronenberg gebruikte de geruchtmakende roman als startpunt voor een film over het leven van de intussen beroemde schrijver, in de roman aangeduid als 'Bill Lee'. Deze schetst een hallucinerend beeld van een samenleving waarin iedereen is onderworpen aan de autoriteit van Dr.
Cronenberg gebruikte de roman - een collage van satirisch-groteske routines die de beloftes van de Amerikaanse Droom fileren - als startpunt voor een vrije weergave van Burroughs’ (“Bill Lee”) biografie. Lee schetst een hallucinerend beeld van een samenleving waarin iedereen is onderworpen aan de autoriteit van Dr. - een internationale zone in Noord-Afrika, geënt op het Tanger van de jaren vijftig.
Cronenberg liet Weller de hoofdrol vertolken en wierp vervolgens de suggestie dat hij de roman had verfilmd ver van zich. Peter Weller speelt de schrijver in diverse staten van geestverruiming, Ornette Coleman matcht hem op de freejazzsaxofoon.
De regisseur vermengde droogkomische horrorsketches uit de roman - denk aan pratende anussen, reusachtige kakkerlakken met hilarische seksdrive en sadistische agenten - met het gekwelde levensverhaal van de hoogintelligente Burroughs, die zijn vrouw Joan per ongeluk doodschoot.
Muziek en Soundtracks
Howard Shore, sinds 1979 Cronenbergs vaste componist, slaagde erin om de gefragmenteerde structuur en paranoïde sfeer van Burroughs wereld te vangen in muziek. Bijzonder: Shore dook de opnamestudio in met freejazzgigant Ornette Coleman, die speciaal voor de film een aantal (solo)nummers maakte, met titels als ‘Bugpowder’, ‘Write Man’ en ‘Intersong’.
Jazz en fantasy, jazz en horror: zelden gaan de twee een combinatie aan, maar de soundtrack van Naked Lunch bewijst dat symfonische freejazz het middel kan zijn om de donkere en gekwelde kanten van het onbewuste vrij baan te geven. Chaos, angst en bevrijdende geestverruiming: je hoort het allemaal terug in de score van Shore en Coleman. Oftewel: “Save the Psychoanalysis for your grasshopper friends.”
Details van de film:
- Regisseur: David Cronenberg
- Productiejaar: 1991
- Productieland(en): GB, CA
- Originele titel: Naked Lunch
- Lengte: 115 min.
- Taal: Engels
- Ondertiteling: NLD
- Drager: 35mm
William Burroughs: Een Onconventioneel Schrijver
De naam van William S. Burroughs staat symbool voor de Beat Generation. William Seward Burroughs werd geboren in 1914 in St Louis, Missouri.
Burroughs was een excentriek en antiautoritair figuur. Homoseksueel, meermaals verslaafd aan heroïne, op de vlucht naar Mexico om een gevangenisstraf voor drugsbezit te ontlopen. Zijn werk had grote invloed op meerdere generaties rebelse en grensverleggende artiesten. Burroughs geldt dan ook als de ‘father of the Beats’ en ‘godfather of punk’: hij was bevriend met Allen Ginsberg en Jack Kerouac, en talloze punk- en rockiconen putten inspiratie uit zijn avantgardistische, dystopische en antiautoritaire boeken.
Ook voor Patti Smith, die zelf ook wel de ‘godmother of punk’ genoemd wordt, was Burroughs een belangrijk voorbeeld. Zij leerden elkaar kennen in 1975, op haar 29e verjaardag, en zijn daarna altijd bevriend gebleven. Tekenend voor zowel Burroughs als Smith is het advies dat Burroughs haar gaf: bouw een goede reputatie op, blijf bij jezelf, lever goed werk en maak de juiste keuzes.
De punkbeweging zette zich af tegen het idealisme en de softheid van de hippies, en maakte rauwe, politieke geëngageerde rockmuziek, die gericht was tegen het establishment. Burroughs was dan wel een van de helden van de punk, maar grappig genoeg strookt zijn verschijning daar totaal niet bij: op foto’s herken je hem steevast aan zijn rechte rug, keurige pak en stropdas. William Burroughs was niet alleen een rebel, maar ook een ouderwets galante en welgestelde southern gentleman.
Zijn naam als schrijver vestigde Burroughs in 1959 met zijn boek Naked Lunch. Dat is ook waarom de punkbeweging hem adoreerde: hij trad ver buiten de gebaande paden. Om exact dezelfde reden werd hij door andere literaire critici juist verguisd.
Dat Burroughs überhaupt schrijver werd, is volgens eigen zeggen een gevolg van een beroemd en tragisch ongeval: in een dronken bui probeerde Burroughs Willem Tell te imiteren, maar dat ging mis. Zijn vrouw Joan zette een glas op haar hoofd en Bill, die nuchter een goede schutter was, probeerde dat eraf te schieten, maar schoot Joan door het hoofd.
In dat schrijven werd Burroughs aangemoedigd Kerouac en Ginsberg, die hij leerde kennen in New York, ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Burroughs was een stuk ouder en het meest belezen. Als puber las hij Milton, Wordsworth en Shakespeare en tijdens zijn studies Engels en antropologie aan Harvard maakte hij gretig gebruik van de collectie klassieke Engelse en Franse literatuur in de universiteitsbibliotheek. Tijdens zijn militaire dienst las hij in een paar maanden het gehele oeuvre van Marcel Proust.
Kerouac en Ginsberg kregen aan Columbia University wel les in de klassieke Engelstalige literatuur, maar Burroughs liet ze kennis maken met een heel ander slag schrijvers: Hart Crane, T.S. Met Kerouac schreef Burroughs in die jaren het in 2008 voor het eerst uitgegeven And the Hippo’s Were Boiled in their Tanks, over de moord op hun gedeelde vriend David Kammerer door Lucien Carr. Kammerer stalkte Carr al jaren, en Carr kon er niet meer tegen.
Behalve dit voorval en een voorkeur voor schrijvers als Rimbaud en Baudelaire, deelden de vrienden een nieuwsgierigheid naar de zelfkant van de maatschappij en raakten ze al snel thuis in de onderwereld van New York. Dat er drugs in het spel zouden komen, was bijna onvermijdelijk.
Junky en Queer: Vroege Werken
In zijn debuut Junky beschrijft Burroughs als ervaringsdeskundige in een journalistieke, afstandelijke en haast antropologische stijl de wereld van de heroïneverslaafde: het scoren, het spuiten, de kick, de honger naar meer junk en het afkicken. Drugs waren voor hem geen doel op zich, maar net als voor bijvoorbeeld Aldous Huxley een middel om de werking van de menselijke geest te onderzoeken en toegang te krijgen tot het onderbewuste.
In Junky volgen we Lee van New York, naar New Orleans, via Texas naar Mexico. Mexico-Stad is de plaats van handeling van Queer, dat Burroughs na Junky schreef maar dat pas in 1985 gepubliceerd werd.
Anders dan bij Junky gaat er achter Queer een groot verdriet schuil, wat doorschemert in Lee’s nare dromen en dit soort ontroerende, trieste scènes. Toch is Queer absoluut geen sentimenteel boek. Junky en Queer vormen samen een soort tweeluik en behandelen thema’s die je ook in Burroughs’ latere werken tegenkomt, waaronder drugs, homoseksualiteit en het spanningsveld tussen overgave en controle. Stilistisch zijn beide boeken een mix van zowel autobiografische als journalistieke elementen, vergelijkbaar met het werk van Hunter S. Thompson en de hard-boiled detective van Raymond Chandler en Dashiell Hammett.
De Cut-ups en Literaire Collages
Een ander typisch burroughsiaans element is het gebruik van zogenaamde routines. Bepaalde personages, zoals de vreemde dokter Benway, komen in meerdere boeken voor. Burroughs plaatst zo’n personage in een vrij specifieke situatie en laat daar vervolgens zijn fantasie op los. Veel van dat latere werk bestaat uit zogenaamde cut-ups: een soort literaire collages, die Burroughs maakte met materiaal uit bestaande bronnen. Het was zijn manier om toegang te krijgen tot zijn onderbewuste en zich te onttrekken aan de controlerende werking van taal.
Burroughs’ faam berust voornamelijk op deze cut-ups, en op Naked Lunch. Met allebei rekte Burroughs de grenzen van de literatuur aanzienlijk op. Je kunt het lezen van die ‘verknipte’ teksten misschien nog het beste vergelijken met het bekijken van een abstract schilderij: je krijgt een reeks sterke, soms prachtige en soms tot walging aanzettende beelden voorgeschoteld, die je maar het beste gewoon over je heen kunt laten komen, zonder op zoek te gaan naar logica of een verhaallijn. De boeken kennen natuurlijk wel samenhang, maar op een andere manier.
labels:
Zie ook:
- Ontdek Het Geheim Achter "Het Gouden Ei" van Tim Krabbé: Een Onthullende Diepgaande Analyse
- Ontdek de Geheimen van Pizzamaffia: Khalid Boudou's Meeslepende Roman Ontrafeld!
- Ontdek Het Ultieme Naked Red Velvet Taart Recept Voor Een Verrukkelijke Traktatie!
- Van Stapele Koek Recept: Maak Zelf de Beroemde Chocoladekoek!
- Ontdek Verrukkelijke Recepten Met Witte Pens: Traditioneel en Creatief Koken!




