In de wereld van fruit zijn er talloze soorten met elk hun eigen unieke kenmerken en smaken. Deze gids neemt je mee op een ontdekkingsreis langs diverse fruitsoorten, met een focus op hun Franse benamingen en bijzonderheden.
Exotische Vruchten
Feijoa (Feijoa sellowiana)
Feijoa is een ander eetbaar familielid van de guave. De vrucht heeft een glanzend groene schil. Het crèmekleurige stevige vruchtvlees heeft in het midden een vijfdelig soort klokhuis. De vrucht heeft een ananasachtige smaak.
De Feijoa groeit aan een struikachtige boom van 2 á 4 meter. De vruchten kunnen in lengte variëren van circa 4-12 cm. De vruchten zijn langwerpig ovaal van vorm. Variëteiten die voor export in aanmerking komen zijn onder andere Mammoth, Triumph en Coolidge. De vruchten zijn vrij groot. De schil is leerachtig en groen van kleur. Het vruchtvlees onder de schil is stevig en crèmekleurig, soms ook zalmkleurig. In het midden van de vrucht bevindt zich een al dan niet zichtbaar vierhuizig klokhuis. De pitjes die erin zitten kunnen zonder bezwaar gegeten worden. De vrucht is rijp als de schil bij de steelaanzet veerkrachtig aanvoelt.
Vers: De vruchten van de Feijoa schillen zoals een appel. In vier partjes verdelen, eventueel de pitjes verwijderen en dan vers consumeren. Feijoa wordt gebruikt als nagerecht. Aanvoerlanden zijn: Israël, Brazilië. en Nieuw-Zeeland.
De Feijoa is niet zo lang houdbaar. Circa 2 weken bij een RV van 90% en een temperatuur van 4 °C.
Goji-bes (Lycium barbarum)
De Boksdoorn komt van oorsprong uit China en is in 1730 ingevoerd in Engeland als “Duke of Argyll’s Tea Tree “. De plant is een lid van de nachtschade familie en bevat derhalve stoffen die voor de mens nadelig kunnen zijn. Ook het gebruik van de Goji samen met bepaalde medicijnen kan worden afgeraden.
Meer dan 5000 jaar geleden werden de besjes al gebruikt in de traditionele Chinese geneeskunde. Na verloop van tijd hebben mensen goji bessen gebruikt om veel voorkomende gezondheidsproblemen zoals diabetes, hoge bloeddruk en oogproblemen te behandelen. Sinds de boksdoorn in Nederland door het leven gaat als Gojibes en “Superfood” is de consumptie enorm toegenomen.
De Gojibes is in Nederland en België op verschillende plaatsen langs rivieren en in duingebieden te vinden. De struik neemt genoegen met een schrale grond. Ook in Noord Amerika is de verwilderde Gojibes te vinden.
De vruchten zijn rijk aan verschillende Vitaminen en andere organische stoffen als aminozuren, caroteen en rutine. De struik vormt lange ,tot 3 meter lange , takken die royaal bezet zijn met 3cm lange doorns. De rijpe bessen zijn ca. 2 cm groot ,ovaal van vorm en oranje-rood van kleur . De bessen zijn zéér saprijk, en het sap wordt in o.a. mix sappen verwerkt.
De verse bessen kunnen in de diepvries bewaard worden. Ook gedroogd zijn ze te koop. Sinds het begin van 21ste eeuw is er in Europa een toename van aanplant van de Gojibes. In Nederland en België zijn de plantjes ook tekoop bij de tuincentra.
Vers geplukt kun je ze rauw eten , het sap verwerken. In smoothies,of vruchtenmix. Veel studenten in de Verenigde Staten schijnen gojibessap te drinken nadat ze een avond zijn gaan stappen zodat ze vlugger herstellen en minder last hebben van een “kater”.
Gedroogd , verwerken in notenmix, sap, jam , gelei, in IJs en gebak. Als kleurstof in voedingsmiddelen.
Verse bessen ca. twee weken bij 3 °C. Gedroogde bessen luchtdicht verpakt tot enkele maanden.
Granaatappel (Punica granatum L.)
De granaatappel is een boom of struik met een maximale hoogte van 6 meter, die aan de basis vaak sterk vertakt. Aan het eind van de twijgen ontwikkelen zich geel/oranje bloemen. De ronde besvrucht (schijnbes) is geelgroen tot paars van kleur en heeft een doorsnede van 6 tot 12 centimeter.
De granaatappel is oorspronkelijk afkomstig uit een gebied van Zuidwest Azië tot India en van Iran tot de Himalaya. In Europa vindt de teelt vooral plaats rond de Middellandse Zee. Wereldwijd zijn er meer dan 1000 rassen bekend. Granaatappelen worden nog niet onder rasnaam verkocht.
De vrucht is een schijnvrucht en heeft de vorm en de grootte van een flinke sinaasappel. De harde, leerachtige en taaie schil kan van roodbruin tot geel gekleurd zijn. De granaatappel is helemaal gevuld met rode en/of gele zaden, die met vruchtvlees omkleed zijn. Het vruchtvlees is sappig, zeer aromatisch en kan worden gegeten. Het vruchtvlees moet rood zijn voor een goede eetrijpheid. Hoe groter de granaatappel des te fijner is de smaak en het aroma.
Voor consumptie moet de vrucht worden doorgesneden. Dan kunnen de zaden met het vruchtvlees uit de vrucht gelepeld worden.
Vroeger werd er veel grenadine (= limonade) op basis van granaatappelsap gemaakt. Deze limonade is grotendeels verdrongen door chemisch samengestelde limonades. Voor de bereiding van grenadine wordt het sap van de vrucht gewonnen. Er zijn ook talloze toepassingen van de vrucht in fruitsalades, sorbets en verfrissende drankjes.
De schil van de vrucht bevat een kleurstof, die toegepast wordt voor textiel en tapijten. Pas op met vlekken op de kleding als de schil beschadigd is.
De granaatappel is met zijn dikke en stevige schil een betrekkelijk eenvoudig te transporteren product. Bij temperaturen tussen de 5 ° C en 10 ° C kan de granaatappel enkele dagen onderweg zijn. In het Middellandse-Zeegebied: Spanje, in de provincie Granada rondom de hoofdstad Granada, is van oudsher de teelt van granaatappelen. Canarische eilanden.
Guave (Psidium guajava L.)
Guave, in Nederland ook bekend onder de naam djamboe kloetoek, behoort tot de familie van de Myrtaceae of mirteachtige genaamd. Deze familie kent meer dan 3000 soorten, met o.a. Weinig van de Myrtaceae produceren eetbare vruchten. Het geslacht Psidium is de belangrijkste met meeste eetbare vruchten.
De guave groeit aan struikvormige bomen in de tropische landen van Noord- en Midden Amerika, Zuid-Afrika en Z.O. De eetbare vruchten uit de familie Myrtaceae stammen voor een deel uit Amerika en voor deel uit Zuidoost-Azie de vruchten kunnen goed gedijen in de tropen. De guave komt van oorsprong uit tropisch Amerika en groeit aan struikvormige bomen. Guavebomen zijn in cultuur gebracht in Brazilië, Mexico, Florida, California, Afrikaanse landen en Oost-aziatische landen.
De vrucht is bol- tot peervormig. De vruchten hebben een groene of gele gebobbelde schil. De vruchtgrootte is 8 -15 cm. Het vruchtvlees is, afhankelijk van het ras, groen/wit, donkerrood of roze. Het vruchtvlees is door steencellen wat korrelig en de eetbare zaden, kleine witte pitjes, liggen in ringvorm en ingebed in een geleiachtige substantie in de vrucht.
Guave is geschikt om puur te eten als tafelfruit. Schil in dat geval de vrucht en snijd hem in vieren, verwijder de pitjes en snijd de partjes in plakjes. Of snijd de vrucht doormidden en lepel de helften uit. Voor het gebruik in vruchtensalades: vruchtvlees in stukjes snijden en de geleiachtige massa met pitjes door een zeef wrijven.
In de subtropische en Tropische gebieden van Midden en Zuid Amerika. De vruchten worden in het plukrijpe stadium geoogst. Ze zijn hard en daardoor goed vervoerbaar. Een guave is rijp zodra het speciale aroma waarneembaar is. De schil is in dat stadium in te drukken.
Eetrijpe vruchten zijn kwetsbaar, minder bestand tegen vervoer over zee. Guave wordt bijna altijd via luchtvracht getransporteerd. De beste omstandigheden zijn een temperatuur van ca. 10° C en RV van 90%.
Guave wordt nog niet onder rasnaam verkocht. Wel onderscheidt men in de handelskanalen verschillende soorten. De meeste zijn geel en groen gekleurd. Er bestaan tevens soorten met groen/wit, donkerrood en roze vruchtvlees.
Hala Fruit (Pandanus tectorius)
Frans: pandanus. Met eilandengroepen in Micronesie als de Marshalleilanden, Kiribati en Polynesie en de Hawaiiian eilanden.
De vele Pandanus soorten, er zijn er meer dan zeshonderd bekend, zijn in deze gebieden royaal vertegenwoordigd, elk eiland kent wel een soort die alleen op het eigen eiland voorkomt. Dat de internationale handel de naam Hala gebruikt is vanuit de marketing goed te verklaren, het is een korte naam die goed “bekt “. Inmiddels zijn er meer landen die deze bijzondere vruchten telen. o.a. door de Pacific Island Agroforestry institut zijn verschillende klonen van de P.
De historie van de Pandanus gaat terug tot ver voor onze jaartelling. Rots- tekenigen gevonden in Australië en opgravingen bewijzen dat. Maar het is de Schotse botanicus Sydney C. Op zijn rondreis door Australië en de pacific waar hij de eerste Pandanus tectorius boom en vruchten beschreef, hier ontdekte hij ook het gebruik van de schors en het blad van de Pandanus door de Aboriginals voor medische doeleinde.
De Pandanus tectorius, waarvan de vruchten hier beschreven, omvat een honderdtal varieteiten. Meestal het resultaat van mutatie, zaailingen en kruisingen, en komen in het gehele bovengenoemde verspreidingsgebied voor.
De vruchten zijn botanisch gezien, samengestelde steenvruchten en worden ca. 20 tot 35 cm. De vrucht bestaat uit veel dicht opeengepakte, vierkante tot onregelmatig gevormde wigachtige steenvruchten. De afzonderlijke segmenten bevatten soms een pit die ook wel noot, dus Pandanus- noot wordt genoemd.
Wanneer de vruchten rijp zijn, varieert Hala-fruit in kleur van felrood, oranjerood, goudgeel, groen tot geeloranje. Het feloranje vruchtvlees kan minimaal zijn, afhankelijk van de grootte van de vrucht, en heeft een enigszins houtachtig, vezelig en waterig karakter, vergelijkbaar met het kauwen op suikerriet of zoethout. Het vezelige vruchtvlees kan rauw of gekookt worden gegeten en geeft een zoet, tropisch sap af dat de voorkeur geniet vanwege zijn ongewone smaak en een mild, aangenaam aroma. De zaden bevatten 24 % tot 34 % eiwit en 44 % tot 50% vet, en zijn geroosterd een lekkernij.
Halafruit heeft een milde, zoete en tropische smaak, vaak vergeleken met de smaak van jackfruit of een mix van ananas- en mangonuances gecombineerd met suikerrietsap en subtiele kunstmatige bananenondertonen.
Naast de vruchten worden jonge pandan bladeren door sommige populaties gebruikt als smaak- en geurversterking voor sauzen, curries en stoofschotels. De bladeren worden ook gebruikt om vleesgerechten op smaak te brengen.
Het oude en stugge blad wordt gebruikt om o.a. matten, manden en visnetten van te vlechten. Ook worden de vezels van het blad geweekt in zeewater en verwerkt als textiel.
Johannesbrood (Ceratonia siliqua L.)
Engels: Carob, St. John's-bread. Frans: Caroube, Pain de St. Jean.
De Leguminosae of peuldragers vormen een van de grootste plantengroepen op aarde. De drie families binnen de groep omvatten in totaal zo’n 15 000 soorten, die alle worden gekenmerkt door de peulen waarin de zaden worden gevormd, ook al is die peul bij een aantal soorten moeilijk als zodanig te herkennen. Een peul is, botanisch gezien, een vruchtblad waarvan rechter- en linkerzijde aaneen zijn gegroeid.
Peulen van ongeveer 20 cm lang en 3 cm breed waarin zich 12 kleine, harde zaden bevinden die altijd 0,18 g wegen. De zaden werden vroeger in de klassieke oudheid gebruikt als weegeenheid voor goud en edelstenen. Het woord ‘karaat’ ( thans 0,20 g) is afgeleid van het Arabische kirat, wat ‘kern’ of ‘zaad’ betekent en verwant is aan het Arabische woord voor de vrucht van deJohannesbrood boom: charrûb.
De gewichtseenheid karaat moeten we niet verwarren met het karaat uit de goudhandel. De peulen zijn donkerbruin tot zwart van kleur bij de oogst , tijdens de opslag drogen de peulen in en worden hard.
Van oorsprong komt de Johannesbrood boom voor in het middenlandsezeegebied met een nadruk op Griekenland, Egypte en Turkije. Inmiddels royaal aangebouwd in o.a. Portugal, Spanje, Italië, Griekenland, Turkije en Israel. De aanvoertijd in Europa is van juli tot februari.
Gebruik: De peulen worden, vooral door kinderen, gegeten als een lekkernij, ongeveer op dezelfde wijze als zoethout. Bij het kauwen of malen komt namelijk de honingzoete smaak van de peul vrij. Van gemalen Johannesbrood, dan ook wel Carob genoemd, wordt ook wel imitatiechocola gemaakt, terwijl het ook als surrogaatkoffie wordt gebruikt. Een pluspunt in beide gevallen is het ontbreken in Johannesbrood van cafeïne en oxaalzuren en het geringe caloriegehalte.
In de keuken worden de gemalen peulen voornamelijk gebruikt om gerechten te kleuren en te zoeten. De onbeschadigde peulen zijn mits koel ( ca. De gemalen zaden, het Johannesbroodpittenmeel, wordt gebruikt als bindmiddel in o.a. baby voeding. Bevat verder : Vitaminen A.B en D.
Industriële verwerking in de voedingsindustrie o.a.
Jaboticaba (Myrciaria cauliflora)
Hoewel er ca. 50 cultivars of rassen bekend zijn wordt er enkel ondescheid gemaakt in gekweekte (C.s.Var. Edulis ) en de wilde (C.s.Var.
Jaboticaba, die al sinds de pre-Columbiaanse tijd in Brazilië wordt verbouwd en veel gevraagd is in het midden en zuiden van het land, is een veelbelovende vrucht van deze familie. Het wordt gekweekt in kleine commerciële boomgaarden van 500 tot 1000 bomen. De tijd dat we daar suikerriet plantages hadden. Een bomenkwekerij in Florida verkocht in de jaren 40 van de vorige eeuw al geëntte jabotica bomen.
Van de Jaboticaba bestaan meerdere verschillende nauwlijks van elkaar te onderscheiden soorten. De vruchten groeien aan struiken die tot 12 meter hoog worden, direkt op de takken en de stam. Uit zaad gekweekte bomen geven pas na 4 tot 8 jaar het eerste fruit, pas na 12 jaar is de boom volwassen en kan dan twee tot vier oogsten per jaar geven.
De vruchten worden 1 tot 4 cm. groot, kogelrond en bruinpaars tot zwart van kleur. De harde stugge schil is niet eetbaar. Daaronder bevindt zich het witte zachte vruchtvlees wat fris zoet van smaak is.
De houdbaarheid is zeer beperkt, twee tot vier dagen bij kamer temperatuur.
Taro (Colocasia esculenta)
Taro, zijn grote knollen met een lengte tot 30 cm. Eddo zijn de kleine knollen 8 tot 12 cm. Onder de naam Taro zijn meer dan 1000 verschillende landelijke en lokale type bekend.
De belangrijkste reden voor de consumptie van deze knollen is de neutrale smaak en de grote gebruikswaarde,o.a. Latijns Amerika, Afrika en Z.O.
Plum Mango (Bouea macrophylla)
Binnen de familie van de Anacardiaceae is de Mango het belangrijkste lid. Echter zijn er binnen deze familie nog meer leden die , hoewel een wat mindere rol , toch niet onbelangrijk zijn. In de AGF handel.
De schil is dun en zacht, en kleurt van onrijp groen tot rijp geel. De vrucht is mits rijp, zoet aromatisch en lijkt wel op mango. De vrucht is rijp als de schil bij zachte druk meegeeft. Het gele of oranje vruchtvlees is zacht en een beetje plakkerig en is, afhankelijk van de variëteit, zoet of zuur van smaak. Onrijpe en zure vruchten worden gebruikt in de chutney ,of er wordt samen met lombok een sambal van gemaakt.
Gebruik : Schil verwijderen, het vruchtvlees van de zoete variëteiten vers eten of verwerken als mango. Zure Soorten zijn voornamelijk geschikt voor het maken van chutneys en samballans.
De beste bewaar temperatuur ligt tussen de 4 en 6 ℃. voor rijpe vruchten.
Berichten in de Engelse pers ( Evening Standerd ) dat de Plum mango een kruising zou zijn van Pruim x Mango is klinkklare onzin.
Bekende Fruitsoorten in het Frans
Hieronder een lijst van bekende fruitsoorten met hun Franse benaming:
- Druiven: le raisin
- Aardbei: la fraise
- Mandarijn: le mandarin
- Kers: la cerise
- Kiwi: le kiwi
- Banaan: la banane
- Meloen: le melon
- Peer: la poire
- Citroen: le citron
- Framboos: la framboise
- Appel: la pomme
- Sinaasappel: l'orange
- Schil: la pelure
Woorden die handig kunnen zijn om te kennen:
- Rijp: mûr
- Rot: pourri
Invloed van Snoeien op Druiven
Het snoeien van de wijnstokken, dat het rendement beperkt, maakt een optimale rijping van de druiven mogelijk. La taille de la vigne, en limitant le rendement, permet une maturation optimale des grains de raisin.
Seizoensgebonden Fruit in Frankrijk
Frankrijk kent diverse seizoensgebonden fruitsoorten die populair zijn in bepaalde periodes van het jaar:
- Vijgen: De vijgenoogst begint al in augustus en loopt door tot half oktober. De bekendste Franse vijgen komen uit de Provence, uit de omgeving van het plaatsje Solliès, bij Hyères. Maar ook uit Zuidwest-Frankrijk komen mooie soorten: zoals de Ronde de Bordeaux en de Rouge de Bordeaux.
- Pompoenen: Grote glanzende potirons (pompoenen), kleine ronde potimarrons (kastanjepompoenen) of butternut (flespompoen): allemaal even lekker in de soep. In Frankrijk is ook onze vergeten groente pastinaak (panais) nog rijkelijk te krijgen.
- Girolles (Cantharellen): Tijdens de herfst kun je in Frankrijk niet om girolles (cantharellen) heen. In bistro’s krijg je die vaak als een poêlée forestière: simpelweg opgebakken met peterselie, knoflook en wat room, geserveerd met alleen wat stokbrood erbij. Zeldzamer en duurder zijn cèpes (eekhoorntjesbrood) en bolets (boleten).
- Coquilles Saint-Jacques (Sint-Jakobsschelpen): Het seizoen van de coquilles Saint-Jacques wordt op 1 oktober weer geopend. De periode waarin Bretonse en Normandische vissers deze schelpen mogen vissen is streng vastgelegd (van oktober of november t/m mei) en dat werpt zijn vruchten af: de hoeveelheid coquilles is in deze gebieden sterk gegroeid de afgelopen 3 jaar.
- Chasselas de Moissac (Druiven): Ze zien er een beetje zielig uit, met hun kleine bruine vlekjes. Maar schijn bedriegt: de Chasselas de Moissac is in Frankrijk de rolls onder de druiven! Deze beroemde tafeldruif uit de Tarn-et-Garonne heeft namelijk een heerlijk zoete, zelfs honingachtige smaak.
- Walnoten: Frankrijk is het grootste producent van noix (walnoten) in Europa. Die komen vooral uit de omgeving van Grenoble (AOC), de Dordogne en de rest van het Zuidwesten.
- Mirabelles: De oogsttijd van mirabelles duurt maar 6 weken en begint in augustus, maar toch kun je deze kleine gele pruimen tot half oktober nog volop vinden op de markt in Frankrijk. Een typisch Franse vrucht, want 70% van de wereldwijde mirabellenoogst komt uit de Lorraine.
- Kastanjes: Zelf kastanjes poffen! Op de barbecue, in de oven of in een pan met boter. Ook in Frankrijk zijn ze niet zo goedkoop, zelfs buiten Parijs kosten marrons vaak rond de €6 per kilo. Opvallend, want ooit was dit voer voor de armen.
- Poire Williams (Peren): Sommige Fransen zien de Poire Williams het liefste in de eau-de-vie verdwijnen, maar ook uit het vuistje is deze peer erg lekker. Of in het beroemde nagerecht poire Belle Hélène: peren in siroop overgoten met pure-chocoladesaus.
Franse Confiserie
De patissiers in Frankrijk verkopen naast gebakken patisserie ook veel (over het algemeen zelfgemaakte) confiserie. Confiserie wordt ook wel vertaald als suikerbakkerij. Het omvat snoepwaren waarbij suiker een belangrijke rol speelt. Deze Franse zoete delicatessen zijn zeker de moeite waard om te proeven!
Caramels
De bekendste caramel die je in Frankrijk tegenkomt is met gezouten boter. Het vleugje zout geeft de caramel een extra intense smaak! Superlekker! Maar naast deze klassieke smaak vind je de caramels in veel verschillende smaken en kleuren. Met fruit erdoor, met chocolade of met geroosterde noten.
Pâte de fruits
Pâte de fruits zijn eigenlijk gesuikerde fruitblokjes. Om ze te maken wordt een fruitpuree met suiker, pectine en citroenzuur gekookt tot een bepaalde temperatuur, zodat het mengsel bij afkoelen mooi opstijft. Daarna wordt de pâte gesneden en door de fijne suiker gewenteld. Doordat bijna elke soort fruitpuree gebruikt kan worden kun je deze delicatesse in heel veel verschillende smaken maken. Ook combinaties van verschillende soorten fruit leveren verrassend lekkere fruitblokjes op.
Maron glacé
Zo aan het eind van het jaar vind je in Parijs op bijna elke straathoek wel een verkoper van gepofte kastanjes. Je moet daar echt van houden; aan mij zijn ze niet echt besteed. Deze gekonfijte kastanjes daarentegen kom je veel tegen in delicatessenwinkels. Om ze te maken worden de kastanjes langdurig gekookt in een suikeroplossing, waardoor ze zacht en zoet worden.
Guimauve
Wij kennen ze vooral als marshmallows of spekkies, in Frankrijk heten ze guimauve. In Nederland heb ik ze nog nooit bij een bakker of patissier zien liggen, terwijl je ze in Frankrijk regelmatig tegenkomt. Wellicht is dit ook een manier om overgebleven eiwitten te gebruiken. Eén ding is zeker, met al hun verschillende smaken zijn ze erg lekker!
Calissons
Callisons zijn snoepjes die gemaakt worden met een pasta van gekonfijt fruit. Vaak wordt daar gekonfijte meloen voor gebruikt. Daarnaast zitten er ook gemalen amandelen door de pasta, die de basis vormt voor de callisons. Nadat de fruitpasta uitgestoken is in de kenmerkende vorm worden de callisons nog verrijkt met een laagje glazuur.
labels:
Zie ook:
- Soorten Pizza Beleg: De Beste Combinaties voor een Perfecte Pizza!
- Duitse Worst Soorten Overzicht
- Verschillende Soorten Taarten: Een Overzicht & Tips
- Ontdek de Lekkerste Fristi Cocktail Recepten voor Volwassenen die Je Moet Proberen!
- Ontdek het Ultieme Recept voor Gebakken Lever met Uien en Appel – Snel en Heerlijk!




