Stoofvlees, een favoriet gerecht in de winter, vereist weinig actieve bereidingstijd, maar wel geduld. Het vlees moet lang genoeg sudderen om mals en smaakvol te worden. In dit artikel delen we essentiële tips om stoofvlees perfect te bereiden in een gewone pan.

De Basis van Goed Stoofvlees

Het fijnste van een stoofschotel is dat je er maar weinig werk aan hebt. Alle ingrediënten gaan bij elkaar in de pan en daarna mogen ze samen uren pruttelen. Maar hoe zorg je er nu voor dat je stoofvlees perfect wordt bereid? Je wilt na al dat wachten natuurlijk wél beloond worden met heerlijk zacht draadjesvlees en niet met taaie stukjes. Daarom is het belangrijk dat je op een aantal dingen let.

Kies het juiste vlees

Zonder goed vlees, krijg je nooit een mooie stoofpot. Zorg dus dat je vlees van goede kwaliteit hebt. En gebruik ook vooral geen mager vlees, want juist dat vet zorgt voor lekker veel smaak en een zachte structuur. Vlees dat een flink percentage vet bevat is het beste geschikt om te stoven. Door het lange garen smelt het vet weg, terwijl het ’t vlees sappig houdt. Magere stukken vlees zijn dus minder geschikt. Wanneer je dit stooft, wordt het resultaat een stuk minder mals.

Vlees dat in een stoofschotel gaat hoeft overigens niet duur te zijn. Juist de goedkopere stukken vlees zijn hier uitermate geschikt voor. Ze zijn namelijk zo goedkoop, omdat ze een lange bereidingstijd nodig hebben. Vlees van intensief gebruikte spieren is dus perfect! Ik gebruik zelf riblappen, maar je kan ook runderlappen of sukade gebruiken. De riblappen (en ook de runderlappen) snijd ik van tevoren in blokjes. Sukadevlees is juist mooi om in zijn geheel te stoven. Wij aten dit vroeger heel vaak, in de vorm van draadjesvlees.

Stooftijden per type vlees

De gaartijd is ook per type vlees verschillend. Runderlappen zijn na ongeveer 1,5 uur wel klaar, terwijl je voor riblappen rustig 2 tot 3 uur kunt uittrekken. En sukade die houdt er helemaal van om lang te garen, na 3 tot 4 uur is het klaar. Mijn vader had de sukadelappen ook rustig de hele middag op het vuur staan.

Hieronder een overzicht van de stooftijden per type vlees:

Type vlees Stooftijd
Runderlappen 1,5 uur
Riblappen 2-3 uur
Sukade 3-4 uur

De kunst van het aanbraden

Je kunt stoofvlees het beste eerst aanbraden voordat je de rest van de ingrediënten in de pan doet. Dit doe je met vlees dat al op kamertemperatuur is. Verhit ’n flinke klont boter in de pan en bak de stukjes vlees hier rondom in aan. Alle kanten mogen even goed dichtschroeien en kleur krijgen. Het vlees wordt het lekkerste als je het eerst kort op hoog vuur aanbraad.

Snijd de riblappen in blokjes en breng ze op smaak met peper en zout. Verhit een flink klont roomboter en een scheutje olijfolie in een stoofpan en laat de pan goed heet worden. Voeg het vlees toe en braad het rondom aan totdat het goudbruin is. Doe dit kort en snel. Hierna mag je het vlees ‘afblussen’ met wijn, bier of bouillon. Pas daarna gaan de andere ingrediënten in de pan en kan het stoven beginnen…

Smaakmakers voor je stoofvlees

Met goed vlees kom je al een heel eind. Maar je hebt ook smaakmakers nodig. Ik gebruik zelf graag uien, wortel, laurier en kruidnagel. Heel klassiek, maar altijd lekker. Maar je zou ook tijm en rozemarijn kunnen gebruiken. Snijd de uien in halve ringen en de wortel en de champignons in plakjes. Doe dit vooral niet te dun, want anders blijft er niets van over.

Voeg genoeg smaak toe aan je stoofschotel. Om je vlees extra mals te maken en een lekkere smaak te geven kun je ’t beste gebruik maken van een zuur, zoals rode/witte wijn, azijn of bier. Verder is het natuurlijk het lekkerste als je het vlees op smaak brengt met kruiden en specerijen. Zelf gebruiken wij altijd laurier, ui, prei en kruidnagel. Ik voeg altijd iets zurigs toe, zodat het vlees nog malser wordt. In dit geval tomatenpuree, maar je zou ook een scheutje azijn kunnen toevoegen.

Ook tomatenpuree is een geliefd ingrediënt in onze stoofschotels. Doordat deze ingrediënten in het begin al aan het vlees worden toegevoegd, krijgen ze urenlang de tijd om smaak af te geven. Het resultaat is dan een supersmaakvol stoofpotje!

Houd je vlees mals

Doe nu het vlees terug in de pan. Wanneer je het vlees gaat garen, moet je er altijd op letten dat het niet te had kookt! In de pan mag je hooguit af en toe een bubbel omhoog zien komen. Als je het vlees écht kookt wordt het namelijk taai. Dit willen we natuurlijk niet hebben.

En de belangrijkste tip is, laat het vlees nooit koken. Zet de stoofpan op je kleinste pit en laat hem rustig sudderen. Het is dus de bedoeling dat je het vlees op een laag vuurtje laat sudderen met de deksel schuin op de pan. Zo kan het vlees langzaam garen waardoor het vet en bindweefsel langzaam wegsmelt en het vlees heerlijk mals blijft. Door de pan niet helemaal te sluiten, krijgt de saus de kans om in te dikken. Zo ben je verzekerd van een boterzachte stoofschotel met een heerlijke saus!

Laat je vlees lang genoeg stoven

De truc bij stoofvlees is dat je het lang laat garen. Meestal laat je het vlees 2-3 uur staan, terwijl het zachtjes staat te pruttelen. Het vlees wordt het lekkerste als je het eerst kort op hoog vuur aanbraad. Nog een paar tips voor lekker stoofvlees: met deze tips kan je stoofvlees niet meer mislukken.

Extra tips voor smaak en binding

Wil je bijvoorbeeld, tijdens de feestdagen zoals Sinterklaas dit gerecht maken? voeg dan eens kruidnoten toe. Huh? Ik hoor je denken. Ja echt, dat is lekker! Misschien ken je het principe van een plakje ontbijtkoek toevoegen aan je stoofschotel? Nou dit werkt eigenlijk hetzelfde. De kruidnoten zorgen voor binding en een lekker zoetje.

labels: #Stoofvlees #Vlees

Zie ook: