Suriname is een tropisch land dat net boven de evenaar ligt. De meeste groenten die men eet, zijn in De Lage Landen niet makkelijk buiten te telen. Toch is het mogelijk om met de juiste aanpak en kennis een succesvolle Surinaamse moestuin te creëren.
Bezoek aan Biofood in Almere Buitenvaart
Op 5 augustus 2022 stond er een uitgebreid artikel over Guno Marengo in NRC Handelsblad. Het was min of meer spontaan dat Jan Velema belde en zei: “Ga je mee?” Als Jan dat zegt, hoef ik geen twee keer na te denken. En zo kwam het dat we bij Biofood in Almere Buitenvaart gingen kijken. Dat is een biologisch glastuinbouwbedrijf. Eigenaar Bob van der Voort staat open voor nieuwe dingen. Daarom heeft hij een deel van de kas beschikbaar gesteld aan Guno Marengo die typisch Surinaamse groenten teelt.
Sopropo (Bittermeloen)
Maar het eigenlijk doel van ons bezoek is sopropo, de bittermeloen. Zeer Surinaams, zeer Chinees en zo on-Nederlands. De les die we leren is dat je sopropo moet laten vertakken en groeien - niet verticaal leiden en snoeien als een komkommer, want dan wordt de opbrengst minimaal. Er zijn namelijk naar verhouding eerst veel mannelijke en enkele (late) vrouwelijke bloemen. Sopropo wordt meest ’s nachts bestoven door o.a. nachtvlinders. In een kas is de bestuiving (daardoor) minimaal.
Er zitten maar enkele zaden in de plant. De ene sopropo is de andere nog niet. De wratachtige schil is zacht en kan je gewoon eten. Een rijpe sopropo wordt geel en is niet meer eetbaar. Ze moeten groen zijn. Guno is bevlogen. Hij leidt ons door het tropische woud in de kas en praat honderduit over zijn gewassen.
Tips voor het kweken van Sopropo:
- Zaaien: Vanaf het vroege voorjaar in maart kan je sopropo zaaien. Dit doen we in potjes op een zonnige vensterbank, in een mini kweekkasje voor de warmte.
- Planten: Je kunt sopropo planten in een kweekkas vanaf half mei. Buiten kan je beter nog even wachten met sopropo planten. Tot begin juni, omdat het dan nog iets warmer is.
- Bestuiving: Het is vaak nodig om sopropo met de hand te bestuiven, maar er zijn ook rassen die zonder bestuiving vruchten kunnen maken.
- Oogsten: Sopropo oogsten we doorgaans in de late zomer tot vroege herfst. Kleinere rassen zijn eerder rijp.
- Verzorging: Je mag de grond steeds goed op laten drogen, waarna je weer een beetje water kunt geven. De grond mag licht vochthoudend zijn maar moet niet te lang nat blijven na het water geven.
Andere Surinaamse Groenten
Zo wijst hij ons op tayer (Xanthosoma sagittifolium), op fijne klaroen (Amaranthus lividus, hebben we, blijkt nu, ook geteeld in onze tuinen) en grove klaroen (Amaranthus dubius) en antroewa/antruwa (Solanum macrocarpon), dat veel van een aubergine heeft, maar het net niet is. Natuurlijk groeit er kouseband - “de mensen willen niet de lichte, ze willen de donkere groene” - en okra (Abelmoschus esculentus) die prachtige bloemen en erg grote bladeren heeft.
“De mensen willen dit,” vertelt Guno. “Het is biologisch, niet bespoten en komt niet met het vliegtuig uit Suriname. Okra kan je oogsten als het puntje van de vrucht fris, knapperig afknapt. Zo laat Guno het zien. En bij tayerblad mag je pas het blad snijden als het nieuwe uit de oksel van het oude komt.
Chayote
De chayote behoort tot de komkommerfamilie (Cucurbitaceae). Je teelt de chayote dus voor de eetbare groene vruchten; ze zien er bijna prehistorisch uit en de chayote heeft een heel bijzondere eigenschap: de verse zaden kiemen in de vrucht.
Teelt van Chayote:
- Starten: Je start met een vrucht die je in het voorjaar op een lichte en warme plaats langzaam uit laat lopen.
- Rassen: Er zijn chayotes met een geheel gladde schil, chayotes met een sterk stekelige schil. En tenslotte heb ik een chayote die slechts een beetje stekels heeft.
- Standplaats: Chayotes hebben een voorkeur voor een rijke, luchtige maar vochtvasthoudende grond.
- Oogst: De oogst van volgroeide chayotes begint ongeveer in september (uiteraard weer mede afhankelijk van het weer en andere omstandigheden) en loopt door tot in november (en als het niet te koud wordt zelfs december).
- Bewaren: Bewaar de chayotes op een koele plaats. Op een koele plaats zijn de vruchten zeker enkele weken tot enkele maanden bewaarbaar.
Kousenband
Deze klimplant staat bekend door zijn 30 cm tot soms 1 meter lange boon. Voor een hobbytuinder is 50 cm wel het maximum. Dit gewas is een kortedagplant en zet dus vrucht bij een daglengte van ongeveer 12 uur. Een beperkt aantal soorten vormt hierop een uitzondering.
Teelt van Kousenband:
- Voorzaaien: Het beste kan men deze éénjarige plant begin april bij een temperatuur van 20°C in huis voorzaaien en half april in de koude kas uitplanten.
- Uitplanten: Plant ze in de koude kas langs stokken uit. Wanneer de temperatuur geschikt is kan men ook ter plaatse zaaien.
- Oogst: Naast de klimmende zijn er ook hiervan stambonen in de handel. Men snijdt de jong geplukte peulen in kleine stukjes en bereidt ze als snijbonen. Maar ze worden soms ook geroerbakt.
Paksoi
Deze aan Chinese kool verwante plant is oorspronkelijk afkomstig uit Oost-Azië en waarschijnlijk door Chinezen over heel de aardbol verspreid. Van deze niet sluitende kool (het Chinese woord soi betekent kool) zijn de bladeren in een rozetvorm geplaatst. Er zijn korte (Tatsoi) en lange (Joysoi) rassen.
Teelt van Paksoi:
- Zaaien: Men kan dit gewas vroeg in het voorjaar voorzaaien in huis en later onder glas uitplanten.
- Zaaitijd: Hoewel men vanaf begin mei tot eind juli in de volle grond kan zaaien is het beter om doorschieten te voorkomen hiermee te wachten tot half juni.
- Bereiding: De bladeren en stelen van deze zoetig smakende kool worden in stukken gesneden en licht gestoofd geroerbakt of in soep gebruikt.
Kangkong (Waterspinazie)
Kangkong of waterspinazie is een van mijn favoriete Aziatische groenten en ik weet dat Surinamers daar ook dol op zijn. Zelf ken ik kangkong als Ong choy (Kantonees). In Suriname is het bekend als dagoeblad. In het chinees Mandarijn heet het kongxincai. Kangkong is de indonesische naam van deze groente. In Nederland kun je kangkong kopen bij de toko. Je vindt het ook vaak op het menu bij Chinese restaurants in de grote steden.
Teelt van Kangkong:
- Zaaien: Je kunt de zaden van kangkong zaaien van half maart tot eind juli.
- Standplaats: Kangkong heeft het liefst een warme zonnige plek, maar het kan ook prima bij halfschaduw.
- Water: Kangkong heeft veel water nodig. De grond moet continue nat blijven.
- Stekken: De stengels van kangkong kun je gebruiken om weer kangkong uit te laten groeien. Doe 15 tot 20 cm van de stengel in een glaasje water. Snij het net onder een knoop. Er zullen wortels groeien aan de knopen van de stengel. Verwissel het water elke vijf dagen.
- Verzorging: Snij de top van kangkong regelmatig af. Hierdoor gaat Kankong meer vertakkingen maken waardoor je een vollere plant krijgt. Deze topjes kun je alvast eten.
labels:
Zie ook:
- Surinaamse Macaroni Salade (Koud): Het Lekkerste Recept!
- Recept Surinaamse Roti met Kip: Authentiek en Heerlijk Zelfgemaakt
- Heerlijk Surinaamse Tjauw Min Recept: Makkelijk & Snel!
- Wat Kost Koken op Gas? Een Overzicht van de Kosten
- Ontdek het Ultieme Recept voor Italiaanse Tomatensoep met Pasta – Snel, Lekker & Gezond!




