Borstvoeding of zuigelingenvoeding vormen de belangrijkste melkbron voor kinderen jonger dan 1 jaar. Borstvoeding is de beste voeding voor je baby. Het kan zijn dat je door bepaalde omstandigheden geen borstvoeding kunt geven. Dan is flesvoeding (kunstvoeding) een betrouwbaar en veilig alternatief.
Sinds kort adviseert het Voedingscentrum om tussen de 4 en 6 maanden te starten met oefenhapjes. Niet ervóór, maar ook niet erna stellen de richtlijnen van de Jeugdgezondheidszorg. Oefenhapjes zijn ook goed voor de ontwikkeling van de mondmotoriek en de smaak. Een kind moet er echter motorisch gezien wel aan toe zijn.
Introductie van vaste voeding
Als je baby zo’n 6 maanden oud is, heeft hij niet genoeg meer aan alleen (moeder)melk. Vanaf dan ga je vaste voeding introduceren bij je baby. Het is verstandig om het eten van de eerste hapjes langzaam op te bouwen en daarbij goed naar je baby te kijken. Ieder kind is immers anders!
Misschien smult jouw lekkerbek zo van zijn worteltjes dat het bordje in een mum van tijd leeg is. Het kan ook zijn dat jouw baby wat meer tijd nodig heeft om aan de nieuwe smaken en de textuur te wennen.
Eerste hapjes
Als je met 6 maanden de eerste hapjes bij je baby introduceert, dan mag hij al best veel hebben. Het beste kun je beginnen met groenten koken en die vervolgens pureren. Geschikte groenten zijn bijvoorbeeld aardappel, wortel, broccoli en bloemkool.
Met een maand of 7 is je baby waarschijnlijk gewend aan het eten van een lepeltje. Vanaf nu kun je zijn eten wat minder fijn pureren zodat er wat grovere stukken inzitten. Misschien heeft je baby nu ook al zijn eerste tandje waar hij mee kan gaan kauwen. Hoewel een baby eigenlijk helemaal geen tanden nodig heeft om mee te kauwen, hij kan ook met zijn kaken malen.
Je kunt je baby nu ook zetmeelrijke voedingsmiddelen geven als aardappelen, pasta, brood en rijst. Je baby vindt het vast ook een enorme uitdaging om als tussendoortje een soepstengel te krijgen. Naast pasta, aardappelen en rijst heeft je baby nu ook voedsel nodig waar eiwitten inzitten. Je kunt hem bijvoorbeeld een gekookt ei (wel hard koken), stukjes kipfilet of gehakt geven. Het eetpatroon van je baby gaat steeds meer op dat van volwassenen lijken.
Als je je baby nog borstvoeding geeft, dan merk je misschien dat hij minder vaak wil drinken. Geef je je baby kunstvoeding, dan zul je misschien ook merken dat je baby minder behoefte heeft aan melk.
Vanaf 8 maanden kan de borstvoeding of opvolgmelk langzaam worden vervangen door vaste voeding, waarbij maximaal één melkvoeding per week minder wordt gegeven. Vanaf 7 maanden mogen zuigelingen sabbelen op een broodkorst en vanaf 8 maanden mogen ze stukjes brood eten. Dit brood kan met smeerkaas besmeerd worden.
Kwark en yoghurt: wanneer mag het?
Een klein beetje magere of halfvolle yoghurt of kwark kan vanaf 8 maanden als toetje of tussendoortje worden gegeven. Als je kleintje 8 maanden is, kan een beetje naturel yoghurt of kwark wel, zolang borstvoeding of opvolgmelk maar de melkbasis blijft.
Het Voedingscentrum adviseert voor kinderen ouder dan 1 jaar dagelijks melk en zuivelproducten in het dagmenu. Melk en melkproducten hebben een hoge ‘nutriëntendichtheid’. Dit betekent dat ze veel belangrijke voedingsstoffen als eiwit, vitamines en mineralen leveren en relatief weinig energie.
De vitamines en mineralen in zuivel zijn belangrijk voor de gezondheid. Zo zijn calcium en fosfor nodig voor de normale groei en ontwikkeling van de botten van kinderen en van belang voor het gebit. Vitaminen B2, B12 en kalium ondersteunen de normale werking van het zenuwstelsel en vitamine A helpt het immuunsysteem en zorgt mede voor een goede weerstand.
De aanbevolen hoeveelheden melk(producten) worden gemiddeld genomen gehaald door kinderen. Dit blijkt uit de laatste Voedselconsumptiepeiling 2012-2016. Zo krijgen kinderen van 4 tot en met 8 jaar gemiddeld 310 gram melkproducten per dag binnen. Jongere kinderen tussen 1 en 3 jaar consumeren gemiddeld 320 gram melkproducten per dag.
Voedingsmiddelen om te vermijden
Gedurende het eerste levensjaar zijn er een aantal voedingsmiddelen die je je kindje liever nog niet of slechts met mate geeft, omdat die relatief vaak een overgevoelige reactie geven, of omdat je kindje die nog niet verwerken kan. Hieronder een overzicht:
- Honing: Kinderen tot 12 maanden kun je beter geen honing geven, omdat honing besmet kan zijn met een bacterie waar die kleintjes heel ziek van kunnen worden.
- Zout: Te veel zout is slecht voor de ontwikkeling van de nieren. Voeg daarom liever geen zout toe als je eten klaarmaakt. Dat betekent ook koken zonder bouillonblokjes en kinderen geen kant-en-klare sauzen, soepen en maaltijden geven. Deze bevatten namelijk vaak veel zout. Maaltijden die speciaal voor baby’s, dreumesen en peuters zijn gemaakt, zijn zonder zout bereid.
- Suiker: Wist je dat baby’s aan zoete smaken wennen? Als ze er eenmaal aan gewend zijn, drinken ze (later) het liefst zoete dranken als limonade, (vruchten)sap, diksap en thee met suiker, willen ze alleen maar vruchtenyoghurt en kindertoetjes in plaats van gewone naturel yoghurt en hoor je de hele tijd mag ik een snoepje? Dat is allemaal niet zo gezond. Liever laat je je baby (ook) aan andere smaken wennen. Probeer het gebruik van suiker en gezoete producten dus te beperken.
- Gewone melk: Tot je baby 1 jaar is, heeft borstvoeding de voorkeur. Als je geen borstvoeding wilt of kunt geven, is flesvoeding een goed alternatief. Als je baby 6 maanden is, verandert de voedingsbehoefte. Als je flesvoeding geeft, is dit het moment om over te stappen op opvolgmelk. Met gewone melk kun je beter nog even wachten. Borst- en flesvoeding (opvolgmelk, en vanaf 1 jaar dreumesmelk) passen beter bij de behoefte die je kind nu heeft. Er zitten bijvoorbeeld gezonde vetten in. En: gewone melk bevat veel eiwit wat nu nog te veel belasting voor die kleine baby-niertjes kan geven.
- Rauw vlees, rauwe vis en rauwe eieren: Zorg wel altijd dat vlees, vis en ei helemaal gaar zijn. Dat doodt namelijk de bacteriën. Jonge kinderen zijn daar extra gevoelig voor.
Veiligheid bij de bereiding
Om een voedselinfectie te voorkomen bij je baby is het belangrijk om bepaalde producten te mijden, maar is het ook extra belangrijk dat je hygiënisch werkt bij het koken en klaarmaken van eten.
- Rauw vlees en producten van rauw vlees, zoals filet américain, ossenworst, carpaccio of niet-doorbakken tartaar. Hierin kunnen ziekmakende bacteriën zitten. Jonge kinderen zijn daar extra gevoelig voor.
- Rauwe schaal- en schelpdieren.
- Rauwe of voorverpakte gerookte vis zoals sushi en gerookte zalm. Hierin kunnen ziekmakende bacteriën zitten. Jonge kinderen zijn daar extra gevoelig voor.
- Rauwe eieren en producten met rauwe eieren, zoals zelfgemaakte mayonaise. Hierin kunnen ziekmakende bacteriën zitten. Jonge kinderen zijn daar extra gevoelig voor.
Overige aandachtspunten
- Het beste is om geen zout aan het eten toe te voegen. Producten hebben vaak al veel smaak van zichzelf.
- Maak je niet ongerust als je één keer een product uit de 'geef niet'-categorie hebt gegeven. De kans dat het ook echt schadelijk is voor je baby is klein.
labels:
Zie ook:
- Ei Koken Vanaf Koud Water? De Perfecte Tijd!
- Ei Koken Vanaf Koud Water: Perfect Gekookt!
- Pannenkoeken voor Baby's: Vanaf Welke Leeftijd Mag Het?
- Hoeveel Deeg Per Pizza? De Ideale Hoeveelheid voor de Perfecte Pizza!
- Ontdek het Ultieme Pompoen Tomaat Linzensoep Recept voor een Gezonde en Smaakvolle Maaltijd!




