Plastic zwerfafval in zee, ook bekend als plastic soep, is een groeiend probleem met negatieve gevolgen voor het mariene ecosysteem, maar ook met sociale, veiligheid-, economische en mogelijk gezondheidsaspecten. Al tientallen jaren komt er plastic afval in zee terecht en dit zal alleen maar meer worden. Wetenschappers schatten dat er nu al 150 miljard kilo plastic in de oceanen zit.
Mondiaal gezien wordt ervan uitgegaan dat 80% van het afval in zee vanaf het land komt. Voor de Noordzee lijkt dit percentage lager te liggen. Monitoring van strandafval op de Nederlandse stranden laat zien dat 44% afkomstig is van bronnen op zee (scheepvaart/visserij), 30% van land (vooral strandtoerisme) en 26% is onbekend. Driekwart van het afval is plastic, zowel grotere stukken plastic als ook microplastic.
Bronnen van Plastic Vervuiling
Plastic kan op verschillende manieren in de oceaan belanden. Het kan direct in de oceaan worden gegooid of er indirect terecht komen doordat het wordt meegenomen door rivieren, wind en golven. Het begrijpen hoe, en via welke wegen plastic de oceaan bereikt is erg belangrijk. Een deel van het plastic in zee wordt veroorzaakt door het dumpen en achterlaten van plastic in de oceaan. Schepen en recreatie op zee dragen hieraan bij. Er wordt geschat dat ongeveer 10% van alle zee vervuiling afkomt van de visserij. Ook de aquacultuur veroorzaakt vervuiling. Aquacultuur is het kweken van vissen en schelpdieren op zee. Ook de scheepvaart draagt bij aan de plastic soep. Vrachtschepen verliezen door slechte weersomstandigheden delen van hun vracht. Jaarlijks gaan zo’n 1700 containers verloren op zee. Een gemiddelde container is 2,4 bij 12 meter.
Onderzoekers onderzoeken plastic dat aanspoelt op stranden. Hierdoor weten ze dat veel van het plastic in de oceaan afkomstig is van land. Meer dan 80% van het plastic dat wordt gevonden bestaat uit verpakkingsmateriaal. Doordat plastic op veel verschillende manieren in de oceaan terecht kan komen is het lastig de plastic toevoer te stoppen.
Afval op straat of op de vuilnisbelt kan door regen en wind worden mee genomen, en kan zo in een rivier terecht komen. Doordat veel plastic blijft drijven neemt de rivier het gemakkelijk mee. Het merendeel belandt na enkele dagen in de oceaan. Wanneer rivieren snel stromen, kan plastic wel kilometers ver de oceaan in worden getransporteerd.
Wegwerpplastic en Microplastics
Het meest voorkomende plastic afval in zee zijn producten die je elke dag wel gebruikt. Een opvallend kenmerk van al deze producten is dat het single use plastic is: plastic dat na een keer gebruiken weer wordt weggegooid.
Een aparte categorie kunststof afval is de categorie microplastics. Microplastics zijn heel kleine stukjes kunststof (minder dan 5 millimeter doorsnee). Er wordt steeds meer bekend over de effecten van microplastics in zee en in de voedselketen. Effecten kunnen worden veroorzaakt door de deeltjes zelf of door chemische stoffen in het kunststof. Zeedieren krijgen microplastics binnen, bijvoorbeeld via hun eten. Toch is er nog veel onbekend. Onder andere over bronnen en verspreidingsroutes van microplastics, het effect van maatregelen en de invloed van (micro)plastics op de biodiversiteit en op de mens.
Plastic in zee breekt niet of heel langzaam af. Het valt uit elkaar in kleine stukjes, die steeds giftiger worden. Zeeschildpadden eten plastic zakken omdat ze die voor kwallen aanzien. Dieren raken erin verstrikt. Door al die kleine deeltjes plastic in het water veranderen de oceanen in een plastic soep.
De Nederlandse Aanpak
De Nederlandse inzet voor het aanpakken van mariene zwerfvuil vindt in verschillende kaders plaats: lokaal, nationaal, regionaal en mondiaal. Op dit moment vormt de Kaderrichtlijn Marine Strategie (KRM) het belangrijkste juridische kader. Het kabinet heeft in de Mariene strategie als doel voor 2020 gesteld om de hoeveelheid zwerfvuil op de kust (strandafval) en de impact in mariene organismen (“plastic deeltjes in magen van Noordse Stormvogels”) te reduceren.
De in de Mariene strategie geformuleerde GMT doelstelling is als volgt: “De eigenschappen van en de hoeveelheden zwerfvuil op zee veroorzaken geen schade aan het kust- en mariene milieu”. De beleidsinzet wordt aangescherpt door middel van aanvullende maatregelen om het probleem aan te pakken.
Bij het terugdringen van zwerfvuil richt Nederland zich op preventie, door middel van een integrale bronaanpak, communicatie en bewustwording en het sluiten van productketens (o.a. door Green Deals, producteisen en afvalbeleid). De uitwerking van de Nederlandse inzet krijgt haar beslag binnen het Nederland circulair in 2050 - Rijksbreed programma Circulaire Economie. De inzet dient het hogere doel om een transitie te bereiken naar een duurzame economie waarin productie en consumptiekringlopen gesloten worden, oftewel de transitie “van afval naar grondstof” en “cradle to cradle”. Hierin wordt o.a. het gebruik van wegwerpconsumptiegoederen (plastic tassen, plastic verpakkingsmateriaal) ontmoedigd en duurzame consumptie (‘niet-wegwerpcultuur’) gestimuleerd aan de hand van mogelijkheden.
Bedrijven in Nederland hebben een Nationaal Grondstoffenakkoord ondertekend, waarin zij verklaren minder primaire grondstoffen te gebruiken. Het grondstoffenakkoord wordt verder uitgewerkt in de transitieagenda’s van het Rijksbrede programma Circulaire Economie.
Een aantal van de nieuwe maatregelen in het KRM Programma van Maatregelen tegen zwerfvuil op zee zijn opgenomen in zogenaamde Green Deals: de Green Deal Scheepsafvalketen, de Green Deal Visserij voor een Schone Zee en de Green Deal Schone Stranden.
Internationale Samenwerking
Vanwege het internationale karakter van deze problematiek werkt Nederland actief samen met andere landen in het Noord Oost Atlantische oceaan gebied (in OSPAR verband). Ook in andere internationale gremia zoals de International Maritime Organisation (IMO) en het UNEP Global Partnership on Marine Litter (GPML) wordt aan dit probleem gewerkt. Verder staat het onderwerp op de agenda’s van de internationale rivierencommissies zoals Internationale Maascommissie (IMC) en Internationale Rijncommissie (IRC).
Op 28 juni 2014 heeft OSPAR het Regional Action Plan (RAP) Marine litter vastgesteld. Het plan beschrijft acties voor gemeenschappelijke maatregelen en doelen. Nederland heeft een trekkende rol in de ontwikkeling van een groot aantal OSPAR maatregelen.
De plastic productie zal in de komende 30 jaar verviervoudigen naar 1200 miljoen ton per jaar. Dit betekent meteen dat het gevaar van plasticvervuiling in de oceanen sterk groeit en de EU heeft met oog daarop maatregelen aangekondigd want Europa wil het schoonste continent worden. Statiegeld speelt een belangrijke rol in het terugdringen van plastic flesjes en doppen, en voor verpakkingen geldt dat ze in 2030 volledig recyclebaar moeten zijn. Ook voor het terugdringen van visserijafval komen er maatregelen, dit proces loopt tot 2020.
Wat Kun Je Zelf Doen?
Ook jij kan bijdragen aan een plastic vrije oceaan. Alles wat in afvalbakken verdwijnt kan niet meer in zee komen. Dan help je zeedieren overleven én zorg je voor een gezonde oceaan. Steun op een leuke manier het werk van WWF: adopteer symbolisch een zeeschildpad en krijg een knuffel cadeau! Met jouw aankoop beschermen we de zeeschildpad en zijn leefomgeving. Je moet als verantwoordelijke voor het beleidsdossier zwerfafval wel (vroegtijdig) een claim op leggen om dit geld voor zwerfafvalprojecten te reserveren.
Daan en Steef hebben met hun Beach Clean-up 'The Wave' in 11 dagen de hele Nederlandse kust afgeplogd, oftewel tijdens het joggen en flink doorstappen, zwerfafval opgeruimd.
Conclusie
De verwachte groei van plasticvervuiling in grote delen van onze oceanen heeft tegen het eind van deze eeuw onherstelbare ecologische gevolgen als nu geen actie wordt ondernomen om het gebruik en de productie van plastic terug te dringen. De productie van plastic zal rond 2040 naar verwachting meer dan verdubbelen, waardoor het plastic afval in de oceaan tegen 2050 verviervoudigd.
labels: #Soep




