Kippen zijn door de mens geselecteerd en gekweekt om zoveel mogelijk eieren te leggen. Daarom leggen de meeste legkippen bijna het hele jaar door één ei per dag.

Andere vogels leggen enkel eieren in hun broedseizoen. Dit broedseizoen is bij de meeste vogels een bepaalde periode in het jaar. Sommige vogels leggen maar 1 ei, andere 2 of 3 en er zijn zelfs vogels die meer dan 10 eieren leggen. Voorbeelden hiervan zijn de kool- en pimpelmees.

Deze leggen echter normaal gezien vanaf de leg van het eerste ei elke dag 1 ei tot hun nest compleet is, waarna ze beginnen broeden. Bij kippen worden de eieren steeds weggehaald en ze krijgen dus geen tijd om rustig het ei uit te broeden.

Door kruising en selectie is het gelukt om kippen zover te krijgen dat ze het hele jaar eieren kunnen leggen indien aan de voorwaarden voldaan worden zoals goede voeding en voldoende daglengte. Doordat de eieren steeds verwijderd worden en eieren leggen primair gericht is op voortplanting blijft de hen dat doen totdat er voldoende eieren in het nest liggen, dit punt word nooit bereikt (meestal vanaf 10 eieren) waarna de hen begint te broeden (om ze allemaal tegelijk uit te laten komen begint de hen pas te broeden op het moment dat ze vind nu is het genoeg, het zijn nestvlieders dwz de kuikens lopen meteen uit het nest en vinden zelf eten.

Net als koeien gefokt zijn op melkproductie en varkens op spek. Bij veel rassen zoals het Twents hoen is de legkracht verbeterd door inkruising van deze leghorns.

Een vrouwelijke kip wordt een hen genoemd. Wanneer hennen 5 tot 6 maanden oud zijn, kunnen ze eieren leggen. Het maximaal aantal eieren dat de hen kan leggen is gelijk aan het aantal eicellen dat bij de geboorte in de eierstok zit.

De hen heeft, in tegenstelling tot de meeste dieren, slechts één werkende eierstok, de linker, die in de lichaamsholte vlakbij de ruggengraat zit. Wanneer de hen voor de eerste keer een ei moet leggen, worden kam en lellen wat roder van kleur.

Kip in de natuur

Een van de waarschijnlijke voorouders van de kip is het Bankivahoen, of rode kamhoen of boshoen, een in het wild levende hoenderachtige uit het geslacht Gallus die voorkomt in Zuidoost Azië. De wetenschappelijke/Latijnse naam voor deze vogel is Gallus gallus. Het Bankivahoen is niet groot, ongeveer zo groot als de gemiddelde krielkip. Deze vogel komt in India en Zuidoost-Azië nog steeds in het wild voor. De hen legt zo'n twaalf eieren per jaar.

Waarschijnlijk is de kip uit het Bankivahoen gedomesticeerd, maar de invloed van eventuele andere, in het wild levende hoenderachtigen kan niet geheel worden uitgesloten, maar het is inmiddels wel duidelijk dat het Bankivahoen de belangrijkste voorouder is.

Wel weten we dat in 3200 v.Chr. huishoenders werden gehouden in Azië, vooral in India. Ook zijn er aanwijzingen dat de Egyptenaren en Chinezen reeds kippen hielden vanaf het jaar 1400 v.Chr. De eerste gedomesticeerde kippen kwamen rond het jaar 700 v.Chr. in Zuid-Europa terecht. Tegenwoordig komen kippen vrijwel overal ter wereld voor.

In onder meer Nederland komt de kip voor als exoot. Het gaat hierbij om kippen uit gevangenschap die zijn verwilderd. Onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld door bijvoederen) worden het er zoveel dat ze gevaar voor het verkeer kunnen opleveren.

Anatomie en gedrag

Een kip kan goed hard voedsel zoals maïskorrels eten. Wat ze oppikt komt eerst in een zak terecht (de krop). Het wordt daar met speeksel geweekt. Daarna zijn er twee magen die meehelpen om het voer fijn te krijgen.

De kliermaag voegt maagsappen toe voor de verdere vertering. De spiermaag kneedt het voer en maalt het fijn met behulp van kleine steentjes die de kip oppikt. Daarom is het van belang bij kippen die op een beperkte ruimte leven om grit tot hun beschikking te stellen. Daarna wordt het voer verder verwerkt in de dunne darm. De reststoffen verlaten het lichaam via de endeldarm en de cloaca.

Kippen hebben de neiging om naar rode voorwerpen te pikken, wat opmerkelijk is omdat hun kam en lellen zelf rood zijn. Wanneer een kip eenmaal bloedt door het pikken, kan het hierdoor gebeuren dat kippen elkaar uiteindelijk doodpikken.

De kip heeft een intern kompas, dat gesitueerd lijkt in de ogen, waarmee ze zich kan oriënteren op het aardmagnetisch veld. De kip kan haar kop heel ver in alle richtingen draaien. Dat komt door het grote aantal halswervels: veertien. De mens heeft er maar zeven. De kip kijkt niet ver. Wat meer dan vijftig meter verderop gebeurt, kan ze niet zien. Een kip heeft geen oorschelp. Wat op meer dan vijftig meter afstand gebeurt, hoort ze niet. Een kip ziet kleuren ook anders. Voor een kip is roodgeel de helderste kleur. Daarna volgt geel. Overigens heeft de kip wel oorlelletjes. Meestal legt een kip met witte lelletjes witte eieren en één met roze lellen bruine.

De huid op de poten van de kip bestaat uit schubben, zoals bij reptielen. Reptielen hebben echter schubben op hun hele lichaam. Kippen hebben drie voortenen en een achterteen, behalve het zijdehoen en de houdan, die een extra teen hebben. Kippen hebben ook scherpe nagels om goed mee te kunnen graven en scharrelen.

Hiërarchie en intelligentie

In de groep heerst duidelijk een hiërarchie. Die rangorde wordt ook wel de pikorde genoemd. De plaats die een kip heeft in de pikorde bepaalt wie eten mag, en ook wanneer elke kip mag eten.

In een heel grote groep kippen kan een kip meer dan 100 andere soortgenoten herkennen op 'de ladder', en weten ook alle posities die elke kip op 'de ladder' heeft. Kippen hebben een zeer ingewikkelde hiërarchie en gaan dus ook op een zeer exacte manier met elkaar om. Wetenschappers hebben vastgesteld dat kippen daardoor dus een echte cultuur hebben, net als bij mensen.

Kippen zijn heel slimme dieren, en dat moet ook als ze van 100 andere soortgenoten hun posities kunnen onthouden. Kippen kunnen zelfs 'oorzaak en gevolg' relaties begrijpen, en ze zijn zich er ook van bewust. Hun verstandelijke vermogens zijn veel groter dan die van jonge kinderen, want kippen zijn er zich van bewust dat objecten bestaan, zelfs als objecten voor hen verborgen worden gehouden.

Kippen zijn ook tot zelfcontrole of zelfbeheersing in staat, en dat was eerder alleen aangetoond bij mensen en andere mensapen. Dit zijn bewijzen van een goed geheugen en ingewikkelde structuren in de sociale omgang, en dit is te vergelijken met de intelligentie van zoogdieren.

Communicatie

Net zoals bij mensen en vele andere dieren communiceren kippen door middel van spraak, met hun stembanden. De 'kippentaal' is uitgebreider dan de meeste mensen denken. Kippen hebben ruim 30 tot 40 verschillende kippenwoordjes, die allemaal verschillende betekenissen hebben.

'Praten' of tokkelen, zoals veel mensen het noemen, gebeurt zelfs al voor dat de kip geboren wordt. Een moederkloek (moederkip) geeft haar kennis door aan haar kuikens, en dat gebeurt zelfs al terwijl de jongen nog in het ei zitten. De kuikens antwoorden terug door gepiep dwars door het eierschaal heen.

De maximale leeftijd van een kip is afhankelijk van het ras. De 'gewone' bruine industriekippen, de hybriden, worden vaak niet ouder dan een jaar of 3. Maar sommige rassen kunnen wel 20 jaar oud worden. Verder spelen ook de levensomstandigheden van de kip een belangrijke rol. Gemiddeld worden de meeste rassen niet ouder dan 10 jaar.

Haan en Hen

Mannelijke kippen worden haan genoemd. Zij onderscheiden zich van de vrouwtjeskip doordat ze meestal groter zijn, een staart met langere en meestal sikkelvormige veren hebben, bij gekleurde rassen meer kleuren veren hebben dan de hen, een grotere kam op het hoofd hebben en (grotere) sporen aan de poten hebben.

Een vrouwelijke kip wordt een hen genoemd. Wanneer hennen 5 tot 6 maanden oud zijn, kunnen ze eieren leggen. Het maximaal aantal eieren dat de hen kan leggen is gelijk aan het aantal eicellen dat bij de geboorte in de eierstok zit.

Voortplanting

Een haan die met een hen wil paren, pakt eerst met zijn snavel een pluk veren achter haar kop, zodat zij niet kan weglopen. Dan duwt hij zijn cloaca tegen de cloaca van de hen aan. De haan drukt dan zijn penis iets naar buiten en spuit de zaadcellen in de hen.

Die bevruchten dan de eicellen in de eileider. De cloaca is een opening onder in de buik van een kip. Nadat de kip het bevruchte ei heeft gelegd, kan het ei op twee verschillende manieren worden uitgebroed.

Broeden

Het kan voorkomen dat een hen broeds wordt. Niet alle hennen worden broeds, maar als het gebeurt, gebeurt dit doorgaans in het voorjaar. De kip trekt zich dan terug op de plaats waar zij de eieren heeft gelegd en broedt ze uit. Dit duurt 21 dagen. Gedurende deze periode eet en drinkt de hen niet veel.

Tijdens de broedperiode stopt de kip met het leggen van eieren. Een broedse hen maakt typische geluiden (het zogenoemde klokken) en verlaat het nest zelden om te drinken, te eten of een stofbad te nemen.

Het Ei

Een hen doet er ongeveer 25 uur over om een ei te maken. Als de eicel bevrucht is door een zaadcel, vormt het ei een bescherming voor het kuiken. Het embryo voedt zich met het eigeel en het eiwit en na 21 dagen broeden komt het kuiken uit het ei.

Een eicel rijpt in zeven tot tien dagen tot dooier, deze bevindt zich later in het centrum van het kippenei. De dooier gaat door de eileider op weg naar buiten. Doordat het ei door de eileider wordt voortgestuwd, wordt de voorkant puntig, de achterkant blijft stomp.

De volgende dag gebeurt hetzelfde en zodoende legt een kip bijna elke dag een ei.

Eicel: Het proces begint met de enkele duizenden onrijpe eicellen die de kip bij haar geboorte in haar eierstok heeft (een kip heeft één actieve eierstok en een embryonale). Als de hen geslachtsrijp is, worden deze eieren één voor één rijp.

De ovulatie is het startsein voor de opbouw van de rest van het ei. De eicel, genesteld in de nu voltooide dooier, wordt afgestoten door de eierstok en komt terecht in de trechtervormige opening van de eileider.

Dooier: Na ongeveer 15 minuten verdikt het dooiervlies. De dooier is een kogelronde bal van 3 tot 4 centimeter doorsnee en draait in de eileider rond met de draai-as in de lengterichting van de eileider.

Eiwit: Na ongeveer een kwartier bewegen eicel en eidooier zich naar een ander gedeelte van de eileider, waar binnen enkele uren zich vier afwisselend dikke en dunne lagen eiwit over de eierdooier vormen.

Schaal: Als daarna de schaalafzetting begint, worden de vliezen strak gespannen, doordat het eiwit nog wat vocht opneemt. De vorming van de eischaal duurt ongeveer veertien uur. De schaal bestaat voor ongeveer 4% uit eiwit en voor 95% uit calcium-carbonaat.

Leg

Een hen legt in principe het hele jaar door, behalve als ze broeds is, in de rui is of ziek is. De energie wordt dan in het nieuwe verenpak of in het herstel van een ziekte gestoken. Kippen hebben een open bekken.

labels: #Kip #Ei

Zie ook: