De vlinderstruik (Buddleja davidii) is een geliefde plant in veel tuinen. Deze bladverliezende heester bloeit lang en groeit snel, waardoor het een echte trekpleister is voor bijen en vlinders.

De vlinderstruik is er in verschillende grootten en kleuren, zoals roze, paars, rood, blauw en wit. Als je de vlinderstruik koopt, is het vaak een klein plantje, maar vergis je niet: binnen een jaar groeit deze uit tot een volwaardige struik. Als je de vlinderstruik niet snoeit, kan deze wel vier meter hoog worden.

Vlinderstruik Snoeien

Snoeien is noodzakelijk bij de vlinderstruik, omdat de struik zeer snel groeit. Het beste moment om de vlinderstruik te snoeien is het vroege voorjaar. Snoei de struik in maart sterk terug. Deze heester bloeit op eenjarig hout, dus meer snoeien betekent meer bloemen. Knip met een scherpe snoeischaar de takken af tot ongeveer twintig centimeter boven de grond.

Hoewel het vaak wordt afgeraden, kun je een vlinderstruik prima snoeien in het najaar, als je het maar niet te rigoureus doet. Let er ook op dat je niet te laat in de herfst met de snoeischaar aan de slag gaat. Nachtvorst ligt op de loer, en dat kan funest zijn voor je vlinderstruik. Bewaar de grootschalige knipbeurt voor het voorjaar.

Snoei tijdens de bloei, van juli tot september of oktober, af en toe de uitgebloeide bloemen eruit. De vlinderstruik maakt dan steeds nieuwe bloemen aan zodat je een veel langer bloeiseizoen met vlinders hebt.

Vlinderstruik Stekken

Als je dan gaat snoeien, gooi dat afval dan niet direct in de groene bak. De vlinderstruik kun je heel eenvoudig zelf vermeerderen (stekken) met snoeiafval. Bewaar stukjes van zo’n 20-30 centimeter lengte met een stevige stengel. Dunne takjes zijn minder geschikt om te stekken. Zorg dat de stengels op twee tot vier plekken knoppen of kleine zijtakjes hebben en verwijder groot blad.

Voor het stekken heb je twee opties:

  1. Stekken op water: Zet de stengels in het water om te wortelen. Ververs hierbij om de twee tot drie dagen het water om schimmelvorming te voorkomen. De stengels wortelen binnen drie tot vier weken. Daarna kun je de stengels in de potgrond zetten. Bij deze manier van stekken is de slagingskans het grootst.
  2. Stekken in de grond: Steek de stengel direct in de grond en zorg dat de stengel voldoende water en licht krijgt. Na enige tijd gaat de stengel wortelen.

De stekjes van je vlinderstruik kun je de eerste tijd in een pot zetten. Stek je in de winter? Dan is het raadzaam om de stekjes pas in het voorjaar in de volle grond te zetten. Je zult zien dat er dan al aardig wat groen aan de stengel zit. Wanneer je de vlinderstruik in maart gaat stekken, kan de stengel de volle grond in nadat deze voldoende wortels heeft gekregen.

Je hoeft een vlinderstruik niet in de volle grond te zetten, je kunt ‘m ook in een pot laten.

Vlinderstruik Verplanten

Staat je vlinderstruik (Buddleja) niet op de juiste plek in de tuin en wil je hem verplanten? De meeste soorten vlinderstruiken zijn zó sterk, die kun je het hele jaar door verplanten. De rustperiode van de struik is echter de beste periode, zoals in het najaar (september-november) of het vroege voorjaar (maart-april). Je kunt een vlinderstruik beter niet in de zomer verplaatsen. Van juni tot september gaat alle energie naar de bloei van de plant.

Verplaatsen van een vlinderstruik gaat een stuk makkelijker als je hem eerst snoeit. Het is handig om een vlinderstruik eerst te snoeien en dan pas te verplaatsen. De plant is dan een stuk makkelijker hanteerbaar. Door je vlinderstruik te snoeien voor het verplanten, voorkom je bovendien te veel verdamping via het blad. Zo kan je plant beter herstellen van de shock van het verplaatsen.

Stappenplan voor het verplanten:

  1. Een paar dagen voor het verplanten, mag je de plant op zijn oude plek ruim water geven.
  2. Met touw kun je de takken van de vlinderstruik bij elkaar binden.
  3. Steek met een scherpe spade een diepe geul rondom de wortelkluit, op minstens 20 cm afstand van de buitenste takken. Houd de wortels zoveel mogelijk intact.
  4. Nu kun je met een scherpe spade de wortels onder het midden doorsteken. Meestal moet je opnieuw een rondje maken voordat je de meest weerbarstige wortels door bent.
  5. Graaf een plantgat met dezelfde diepte als de wortelkluit, maar bij voorkeur twee keer zo breed als de kluit. De plant moet zo vrij eenvoudig in het plantgat passen.
  6. Met hulp van een spade of schop kun je de heester voorzichtig optillen en rechtop in het nieuwe plantgat zetten.
  7. Voeg compost toe aan het gat om de plant en vermeng dit met de tuinaarde.
  8. In de eerste weken na het verplaatsen geef je de vlinderstruik veel water, zodat hij goed kan wortelen. Doe dit vooral in droge perioden.

Na het verplanten geef je royaal water, maar de grond moet ook weer niet constant doorweekt zijn. Ook daarvan kan de plant slap gaan hangen.

Verzorging van de vlinderstruik

De juiste verzorging van struiken is belangrijk, dat is bij een vlinderstruik niet anders. Als je planten goed verzorgt, zullen ze gezond blijven en beter groeien.

De standplaats van de vlinderstruik is een belangrijke factor voor een gezonde groei en bloei. Voor deze zonaanbidder is het belangrijk om hem te plaatsen op een locatie met volle zon en een vochthoudende bodem. Omdat de vlinderstruik afkomstig is uit een gebied in Azië waar het klimaat warm en droog is, groeit hij het best op een warme en zonnige plek.

De bodem waarin de vlinderstruik geplant wordt, dient een neutrale zuurgraad te hebben met een pH-waarde van rond de 7. Let er op dat de bodem niet te vochtig is, want overtollig water kan leiden tot wortelrot of andere problemen. Vlinderstruiken groeien het beste in grond die vochtig blijft maar het water wel doorlaat.

Bij het aanplanten van vlinderstruiken is het belangrijk om een gat te graven dat twee tot drie keer zo breed is als de kluit van de plant. Je kan de bodem verbeteren met toevoegingen zoals: compost, zand en fijn boomschors. De vlinderstruik moet voldoende ruimte krijgen om te groeien en de wortels moeten volledig bedekt zijn met aarde.

Als je de vlinderstruik net hebt aangeplant, heeft deze in het eerste jaar na aanplant extra water nodig. Gedurende dit jaar moet je de plant wekelijks bewateren. Na dit jaar kan de frequentie van het water geven worden verminderd. Vooral in de zomermaanden moet je de vlinderstruik geregeld water geven.

Om jouw vlinderstruik een extra groeistimulans te geven kun je hem het beste in het voorjaar extra bemesten. Vlinderstruiken in pot vragen sneller om extra voeding dan vlinderstruiken die in de volle grond staan.

Veelvoorkomende problemen

De Buddleja kan last krijgen van bladluis. Dit kan snel gaan. Het zal de plant niet meteen enorm beschadigen, wel kan de tuinplant hierdoor minder volle bloemen krijgen en kunnen de bladeren gaan omkrullen door de bladluis.

Verschillende soorten Vlinderstruiken

Hieronder staan enkele verschillende soorten Vlinderstruiken:

  1. De Buddleja alternifolia krijgt sierlijke, lila-kleurige bloemen.
  2. De Buddleja davidii black knight lokt de meeste vlinders met zijn donkerpaarse bloemen.
  3. De Buddleja davidii empire blue krijgt kleine, paars/ blauwe bloemen.
  4. De Buddleja davidii nanho blue groeit vooral in de breedte.
  5. De Buddleja davidii pink delight krijgt roze pluimvormige bloemen. Deze vlinderstruik bloeit op 1-jarig hout.

labels:

Zie ook: