Bert Visscher is een bekende naam in de Nederlandse cabaretwereld. Zijn shows staan bekend om de totale gekte zonder enige structuur, uitgevoerd in een moordend tempo. Maar wie is Bert Visscher, en wat drijft hem?
De liefde voor Italië en de keerzijde
Bert Visscher houdt van Italië. Natuurlijk is Italië wonderschoon, vond Bert Visscher ook altijd. Sole, mare, ristoranti, vino, limoncello - onbezorgd genoot hij tijdens vakanties van alles wat dit land te bieden had.
Maar toen hij er een tweede huis kocht, kwamen er wat scheurtjes in de liefde. Zat hij tijdens het programma Ik vertrek nog op de bank te lachen om het gestuntel van landgenoten over de grens, nu was hij zelf zo’n lachwekkend geval. Dag, terrasjes op het strand in de zon, hallo, bezwete ritten van het ene kantoor naar het andere kantoor, panisch op zoek naar verdwenen makelaars, banken en postkantoren.
Kalm blijven als openingstijden ineens veranderd zijn, en rustig opnieuw aanwijzen waar de ramen wél geplaatst hadden moeten worden. Langzaam maar zeker ontdekte hij ook de charme van deze chaos, want ach, misschien zijn wij wel bovenmatig georganiseerd.
"Dat zie je een ander niet doen": Een afscheidscompilatie
In zijn voorlopig laatste soloprogramma Dat zie je een ander niet doen komt een estafette aan oude bekenden voorbij. Cabaretier Bert Visscher wil niet stoppen op zijn hoogtepunt, maar stoppen mét zijn hoogtepunten. Zijn publiek mocht verzoekjes insturen voor deze onstuimige afscheidscompilatie.
Bert Visscher werkt in zijn programma’s met een vast recept: hij bedenkt een (flink uitwaaierende) rode draad die volstrekt uiteenlopende sketches losjes met elkaar verbindt. Doorgaans staat daarin een andere variant van dezelfde in de steek gelaten antiheld centraal, die tegen beter weten in toch voortploetert en daardoor even komisch als tragisch is. De ene keer is dat een circusartiest zonder publiek (Jammer, 1992), een andere keer een eenzame stationschef op een perron waar nooit een trein stopt (Voor ons hoeft het niet, 1999).
In Dat zie je een ander niet doen is die voortploeterende antiheld een veel te drukke cabaretier die sinds de corona-uitbraak in maart 2020 in de kleedkamer van een theater gekooid zat en nu ineens een uitverkochte zaal voor zijn neus heeft: Bert Visscher zelf, dus.
Dat is een mooie slotconclusie van veertien soloprogramma’s en ruim veertig jaar podiumervaring: achter plaksnorren, pruiken en de meest absurde kostuums schuilt natuurlijk gewoon een komiek die een publiek wil ontmoeten, die wil ploeteren en pas bestaansrecht heeft als zijn kolder wordt beantwoord met een goeie lachsalvo. Dat zie je een ander niet doen is daarmee ook een ode aan dat publiek.
Dus projecteert Visscher, onder het motto ‘u vraagt wij draaien’, nog één keer Petersons vogelgids op een diascherm (Voor ons hoeft het niet), kijken we via een online-inburgeringscursus naar typisch Hollandse belachelijkheden (Afijn, 2010) en neemt hij de zaal weer mee in zijn legendarische bloemschikcursus (Fijne nuances, 1994). Het zijn iconische koldersketches, die moeiteloos de tand des tijds hebben doorstaan. Visscher weet op het oog onbeduidende zaken in mum van tijd uit proportie te trekken, waardoor we haast niet doorhebben dat we vaak eigenlijk ook om onszelf lachen.
Een personage als de oorlogsveteraan (Geluk zit in hele grote dingen, 1999) wordt door de zaal onthaald als een oude vriend.
Visscher wordt ook even persoonlijk, als hij vertelt over de prostaatkanker die vorig jaar bij hem werd geconstateerd en de behandeling die hij daarvoor ondergaat. Het levert het mooiste nummer van de avond op: als hij vertelt hoe hij tijdens een MRI-scan met een arts een potje zit te mikado-en met zijn geslachtsdeel, toont Visscher zich kwetsbaar zonder dat hij zijn voorliefde voor uitzinnige kolder verliest.
Dat zie je een ander niet doen begint en eindigt met een truc, en tussendoor trekt Visscher zijn hele trukendoos open.
Vallen en opstaan
Als puber al speelde hij het vuur uit z’n sloffen tijdens cabaretavonden op school. Zinloze ritten naar zaaltjes diep in de klei voor vier man, of voorstellingen waarbij het publiek zich nu nog afvraagt wat die man daar op het podium stond te doen. Om daarna tijdens de terugreis diep in de nacht in een truckerscafé boven een gehaktstaaf te hangen met maar één gedachte: dat wordt nooit wat.
In dit boek beschrijft Bert op zijn eigen onnavolgbare manier welke fratsen hij heeft moeten uithalen om nu te verzuchten: TOCH NOG IETS GEWORDEN...?
De verdeeldheid van humor
Humor is als eten. Smaken verschillen, zo is het nou eenmaal en in sommige smaken zijn er nou eenmaal geen compromissen mogelijk.
En van Bangkok naar Bert Visscher is het natuurlijk maar een kleine stap. Ook voor deze cabaretier geldt de zwart-witte gedachtegang dat je hem ongelooflijk grappig vindt of dat je niet naar hem kan kijken zonder je kapot te ergeren aan hem.
Misschien ligt het aan mij dat ik Bert Visscher niet grappig vind. Of het is genetisch bepaald. Dat kan natuurlijk ook.
labels: #Koken
Zie ook:
- Bakkerij Bert van Voorden: Ambachtelijk Brood en Banket in Uw Buurt
- Schokkende Incidenten met Loodsen: Van Verwoestende Branden tot Onthullende Misdaadzaken
- Ontdek Bert Visscher's Verrukkelijke Vegetarische Recepten die Je Moet Proberen!
- Dr. Oetker Yes It's Pizza Bloemkoolbodem Review: Ontdek Of Deze Gezondere Pizza Echt Zo Goed Is!
- Ontdek Hoe Je Fruit Stap voor Stap Kunt Tekenen als een Pro!




